Werkverslaving of workaholisme (een porte-manteauwoord van werk en alcoholisme) is een onweerstaanbare of niet te stuiten innerlijke drang tot excessief hard werken en veel aan het werk denken als men niet werkt.McMillan, L. H. W., & O’Driscoll, M. P. (2006). Exploring new frontiers to generate an integrated definition of workaholism. In R. Burke (Ed.), Research companion to working time and work addiction (pp. 89-107). Cheltenham, UK: Edward ElgarNg, T.W.H., Sorensen, K.L., & Feldman, D.C. (2007). Dimensions, antecedents, and consequences of workaholism: a conceptual integration and extension. Journal of Organizational Behavior, 28, 111-136 Werkverslaafden werken vooral hard om aan de verwachtingen van anderen te voldoen en daarmee waardering van hen te ontvangen, een onzeker of negatief zelfbeeld te compenseren, uit schaamte voor zichzelf of omdat ze zich anders slecht voelen.Van Beek, I., Taris, T. W., & Schaufeli, W. B. (2012). Demographic and occupational correlates of workaholism. Psychological Reports, 110, 547–554 De innerlijke drang als interne factor staat tegenover externe factoren, zoals betalen van hoge hypotheeklasten, ontvluchten van een slecht huwelijk of nastreven van een loopbaanambitie. Werkverslaving heeft negatieve gevolgen voor zowel de werkverslaafde als voor diens omgeving, waaronder gezondheidsklachten en relatieproblemen. Werkverslaving behoort tot gedragsverslavingen, zoals gokverslaving, eetverslaving, koopverslaving enzovoorts.

Oorsprong Het eerste gebruik van de term workaholic of werkverslaafde werd volgens velen toegeschreven aan de Amerikaanse Wayne Edward Oates (1917-1999), professor in de godsdienstpsychologie en pastorale zorg. Oates zou deze term bedacht hebben, omdat hij deze in 1968 gebruikte in zijn artikel in het vaktijdschrift Pastoral Psychology om zijn eigen verhouding tot zijn werk te duiden.Oates, W. (1968). On being a “Workaholic”. Pastoral Psychol 19, 16–20 In zijn succesvolle boek Confessions of a workaholic uit 1971 omschreef hij een werkverslaafde als iemand wiens behoefte om te werken zo overheersend is, dat dit merkbare verstoringen in zijn gezondheid, geluk en relaties teweegbrengt.Oates, W. (1971). Confessions of a workaholic: the facts about work addiction. New York: World Toch was Oates niet de eerste die dit fenomeen beschreef. Zo sprak de Franse schrijver Gustave Flaubert al in 1852 van zijn "bezeten, geperverteerde liefde" om te werken. In zijn pamflet Das Recht auf Faulheit (1883) bestempelde Paul Lafargue "Arbeitssucht" als de oorzaak van de "Erschöpfung der Individuen und ihrer Nachkommenschaft". De Hongaarse psychiater Sándor Ferenczi, een volgeling van Sigmund Freud, beschreef in 1919 de zondagsneurose: het verschijnsel dat gezonde mensen op zondag, destijds voor werkenden de wekelijkse rustdag, geestelijke en lichamelijke onrust ervaren, uit angst dat het ontbreken van hun normale, drukke routines ertoe zou leiden dat zij hun impulsen niet meer kunnen onderdrukken.

In 1992 kwamen de eerste vragenlijsten beschikbaar, die werkverslaving anders in beeld brachten dan het aantal gewerkte uren: WART (Work Addiction Risk TestRobinson, B.E. (1999). The Work Addiction Risk Test. Development of a tentative measure of workaholism. Perceptual and Motor Skills, 88, 199-210) en WORKBAT (Workaholism BatterySpence, J.T. & Robbins, A.S. (1992). Workaholism: definition, measurement, and preliminary results. Journal of Personality Assessment, 58, 160-178). Sindsdien groeit het aantal wetenschappelijke publicaties en vragenlijsten over werkverslaving en leidt de groeiende aandacht voor burn-out voor meer aandacht voor werkverslaving, maar werkverslaving wordt op dit moment niet beschouwd als een grootschalig en ernstig probleem. DSM-5 erkent werkverslaving niet als een psychisch probleem.Schaufeli, W & Bakker A (red) (2020). De psychologie van arbeid en gezondheid, 4th edition,

Kenmerken Wetenschap vat werkverslaving vooral op als een verschijnsel met negatieve gevolgen voor zowel de persoon zelf als diens omgeving. Moderne definities van werkverslaving richten zich niet alleen op de extreem hoge tijdsbesteding aan werk, maar ook aan de onderliggende motivatie om hard te werken.

Werkverslaving is een concept van meerdere kenmerken, waarover nog geen wetenschappelijke overeenstemming bestaat. De Work Addiction Risk Test (WART) kent vijf kenmerken: dwangmatig gedrag, controle, communicatieproblemen/zelfabsorptie, onvermogen tot delegeren en resultaatgerichtheid. De Workaholisme Battery (WORKBAT) gaat uit van drie kenmerken: werkbetrokkenheid (hoeveelheid tijd), gedrevenheid (interne drang) en werkplezier. Schaufeli & Bakker stellen dat de conceptuele basis van deze instrumenten zwak is. Volgens Andreassen zijn de meeste instrumenten opgebouwd volgens een schijnbaar a-theoretische benadering, missen ze een stevige theoretische verankering en vertonen een geringe onderlinge betrouwbaarheid.Andreassen CS - Workaholism: An overview and current status of the research - 2013

Scott et al.Scott, K.S. Moore, K.S., & Miceli, M.P. (1997) An exploration of the meaning and consequences of workaholism. Human Relations, 50, 287-314 komen tot twee kenmerken van werkverslaving:

Onophoudelijk werken (excessive work): werkverslaafden werken meer, als zij daartoe de kans krijgen, dan redelijkerwijs nodig is om aan de verwachtingen van de organisatie te voldoen. Ze stoppen pas als ze alles gedaan hebben wat ze zouden hebben kúnnen doen. Omdat altijd meer werk gedaan kan worden breekt het moment van stoppen maar zelden aan, waardoor ze in feite de beheersing over hun werkgedrag verliezen.Van Wijhe, C., Peeters, M., Schaufeli, W., & Van den Hout, M. (2011). Understanding workaholism and work engagement: The role of mood and stop rules. Career Development International, 16, 254–270 Dit is het gedragsmatige onderdeel van werkverslaving. Dwangmatig werken: (compulsive work): werkverslaafden zijn geobsedeerd door hun werk, "ze kunnen niet anders". Werkverslaafden denken hardnekkig en vaak aan werk, zelfs als ze niet werken, staan altijd "aan", zien vrije tijd als verloren tijd en hebben weinig behoefte aan vrije dagen, kunnen alleen over het werk praten en "malen" 's nachts in bed over het werk. Werkverslaafden zetten zichzelf onder druk door hoge eisen aan zichzelf te stellen en werk op te zoeken.Johnstone, A. & Johnston, L. (2005). The relationship between organizational climate, occupational type, and workaholism. New Zealand Journal of Psychology, 34, 181-188 Dit is het cognitieve onderdeel van werkverslaving.

McMillan & O’Driscoll en Ng, Sorensen & Feldman komen tot de conclusie dat excessief hard werken en onweerstaanbare of niet te stuiten innerlijke drang (drive, urge or drift) tot hard werken de kern van werkverslaving uitmaken. Deze kern vindt zijn oorsprong in een persoonlijkheidstrek van werkverslaafden: ze werken vooral hard om aan de verwachtingen van anderen te voldoen en daarmee waardering van hen te ontvangen, een onzeker of negatief zelfbeeld te compenseren, uit schaamte voor zichzelf of omdat ze zich anders slecht voelen. De innerlijke drang als interne factor staat tegenover externe factoren, zoals betalen van hoge hypotheeklasten, ontvluchten van een slecht huwelijk of nastreven van een loopbaanambitie.Snir, R. & Zohar, D. (2008). Workaholism as discretionary time investment at work: An experience-sampling study. Applied Psychology: An International Review, 57, 109-127

Oorzaken van werkverslaving Wetenschappelijk bewijs voor het ontstaan van werkverslaving vanuit een persoonlijkheidstrek is relatief sterk.McMillan, L.H.W., O’Driscoll, M.P. & Burke, R.J. (2003). Workaholism: a review of theory, research, and future directions. In C.L. Cooper & I.T. Robertson (Eds.), International Review of Industrial and Organizational Psychology, Vol. 18 (p. 167-189). New York: Wiley Werkverslaving hangt samen met:

Neuroticisme (gevoel van angst en onzekerheid).Burke, R.J., Matthiesen, S.B., & Pallesen, S. (2006a). Personality correlates of workaholism. Personality and Individual Differences, 40, 1223-1233 Hoog neuroticisme is de sterkste persoonlijkheidsvoorspeller voor laag subjectief welbevinden.De Neve, K., Cooper, H. (1998). The happy personality: A meta-analysis of 137 personality traits and subjective well-being. Psychological Bulletin 124 (2): 197–229. DOI: 10.1037/0033-2909.124.2.197 Hinderlijk (maladaptief) perfectionisme (hoge standaard voor jezelf: alles wat niet perfect is, is onacceptabel).Clark, M.A., Lelchook, A.M., & Taylor, M.L. (2010). Beyond the Big Five: How narcissism, perfectionism, and dispositional affect relate to workaholism. Personality and Individual Differences, 48, 786-791Spence, J.T. & Robbins, A.S. (1992). Workaholism: Definition, measurement, and preliminary results. Journal of Personality Assessment, 58, 160-178Taris, T.W., Van Beek, I., & Schaufeli, W.B. (2010). Perfectionism, workaholism, and burnout: A mediational analysis. Romanian Journal of Applied Psychology, 12, 1-7 Neuroticisme en perfectionisme zijn onderling nauw aan elkaar verwant.Stoeber, J., Otto, K., & Dalbert, C. (2009). Perfectionism and the big five: Conscientiousness predicts longitudinal increases in self-oriented perfectionism. Personality and Individual Differences, 47, 363-368. Grote moeite met delegeren van taken naar anderen.Killinger, B. (2006). The workaholic breakdown syndrome. In R.J. Burke (Ed.), Research companion to working time and work addiction (pp. 61-88). Cheltenham (UK): Edward Elgar Extraversie en type A persoonlijkheid (gedreven, hardwerkend en vastbesloten om succes te behalen).Aziz, S., & Tronzo, C. L. (2011). Exploring the relationship between workaholism facets and personality traits: A replication in American workers. The Psychological Record, 61, 269–286 Obsessiviteit, compulsiviteit, prestatiemotivatie en slecht kunnen delegeren.Porter, G. (2001). Workaholic tendencies and the high potential for stress among co-workers. International Journal of Stress Management, 8, 147-164 Energie/hypomanie.McMillan, L.H.W., Brady, E.C., O’Driscoll, M.P. & Marsh, N. (2002). A multifaceted validation study of Spence and Robbins’ (1992) Workaholism Battery. Journal of Occupational and Organizational Psychology, 75, 357-368

Werkverslaafden zijn geneigd tot dwangmatig gedrag, zijn perfectionistisch ingesteld, willen graag presteren, kunnen slecht delegeren en beschikken over veel energie.Taris, T., & Schaufeli, W. (2003). Werk, werk en nog eens werk: de conceptualisering, oorzaken en gevolgen van werkverslaving. De Psycholoog, 38, 506-512 Aannemelijk is dat het stellen van hoge eisen aan zichzelf, een kenmerk van perfectionisme dat wellicht voortkomt uit een fundamenteel gevoel van angst en onzekerheid (neuroticisme), het hard en dwangmatig werken bij werkverslaafden veroorzaakt.

Symptomen (verschijnselen) die wijzen op werkverslaving Werkverslaafden geven zichzelf onvoldoende kans te herstellen van inspanningen, waardoor ze een verhoogde kans lopen op vermoeidheid, slaapklachten, stress, gezondheidsklachten, depressiviteit en burn-out.Balducci, C., Avanzi, L., & Fraccaroli, F. (2018). The individual ‘costs’ of workaholism: An analysis based on multisource and prospective data. Journal of Management, 44, 2961–2986Maslach, C. (1986). Stress, burnout and workaholism. In R.R. Killberg, P.E. Nathan, & R.W. Thoreson (red.), Professionals in distress: Issues, syndromes and solutions in psychology (pp. 53-73). Washington (DC): American Psychological AssociationAndreassen, C.S., Ursin, H., & Eriksen, H.R. (2007). The relationship between strong motivation to work, ‘workaholism’, and health. Psychology and Health, 22, 615-629 Om te werken geven ze allerlei niet-werk gerelateerde (ontspannende) activiteiten op.