Hipposideros cervinus is een vleermuis uit het geslacht Hipposideros.
Kenmerken Deze soort heeft een grijze tot grijsbruine of zelfs oranje vacht. De oren zijn klein en trechtervormig. De vorm van het neusblad onderscheidt deze soort van andere soorten. Deze soort roest in grotten of mijnen en foerageert in allerlei habitats, van regenwoud tot struiksavanne.Menkhorst, P. & Knight, F. 2001. A Field Guide to the Mammals of Australia. South Melbourne: Oxford University Press, x+269 pp.
Leefwijze Deze soort komt vaak voor in enorme kolonies in grotten, waarvan het dan vaak de enige bewoner is. Soms deelt hij grotten met andere vleermuizen, zoals Miniopterus- en Emballonura-soorten.Flannery, T.F. 1995. Mammals of the South-West Pacific & Moluccan Islands. Chatswood: Reed Books, 464 pp. Deze soort eet middelgrote insecten, die hij op kleine hoogte vliegend vangt. Het is een zeer wendbare vlieger.
Voortplanting In november of december wordt één jong geboren.
Afmetingen In onderstaande tabel zijn de maten van H. bicolor uit verschillende gebieden opgenomen: Maat Australië Nieuw-Guinea Vanuatu CelebesHill, J.E. 1983. Bats (Mammalia: Chiroptera) from Indo-Australia. Bulletin of the British Museum (Natural History), Zoology Series 45(3):103-208. Kop-romplengte (mm) 41-51 49-54 44,6-48,0 - Staartlengte (mm) - 28,5-32 28,6-33,0 - Voorarmlengte (mm) 45-48 48,7-49 47,4-49,6 45,0-49,1 Tibialengte (mm) - 17,9 - - Achtervoetlengte (mm) - 7,5-9 - - Oorlengte (mm) 13-15 12,9-15 12,5-16,8 - Gewicht (g) 5,6-8,5 8,8-13 6,8-8,6 -
Verspreiding Deze soort komt voor van het schiereiland Malakka en Mindanao tot Vanuatu en Noordoost-Australië. Deze soort werd tot het begin van de jaren 80 tot H. galeritus gerekend, die in het westen van het verspreidingsgebied met H. cervinus overlapt.Simmons, N.B. 2005. Order Chiroptera. Pp. 312-529 in Wilson, D.E. & Reeder, D.M. (eds.). Mammal Species of the World: a taxonomic and geographic reference. 3rd ed. Baltimore: The Johns Hopkins University Press, 2 vols., 2142 pp. Er zijn vier ondersoorten: H. c. batchianus Matschie, 1901 (Batjan) H. c. cervinus (Gould, 1854) (Celebes tot Vanuatu en Australië), H. c. labuanensis (Filipijnen, Maleisië, Borneo, Sumatra) en H. c. misorensis (Biak-Supiori).Flannery, T.F. 1995. Mammals of New Guinea. Chatswood: Reed Books, 568 pp.
Categorie:Dier uit het Australaziatisch gebied Categorie:Dier uit het Oriëntaals gebied Categorie:Dier uit Wallacea Categorie:Bladneusvleermuizen van de Oude Wereld Categorie:IUCN-status niet bedreigd