Philadelphia is een stad in de Amerikaanse staat Pennsylvania, in het oosten van het land. Met ruim 1,5 miljoen inwoners (2024) is het de grootste stad van Pennsylvania en de op vijf na grootste van de Verenigde Staten. Philadelphia vormt het hart van de metropoolregio Delaware Valley, die in totaal 7,2 miljoen inwoners huisvest.

De stad werd in 1681 gesticht door de quaker William Penn en speelde een belangrijke rol in de vroege geschiedenis van de Verenigde Staten. Zo werd de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring er ondertekend in 1776, was het de plaats waar in 1787 de Constitutional Convention plaatsvond en fungeerde Philadelphia tussen 1790 en 1800 als hoofdstad van de Verenigde Staten. Historische gebouwen als de Independence Hall, het Liberty Bell Center en het stadhuis van Philadelphia herinneren aan het rijke verleden van de stad. In de 19e eeuw werd Philadelphia een belangrijk centrum voor industrie en spoorwegen en trok de stad veel Europese migranten aan. In de eerste helft van de 20e eeuw kwamen er vooral veel Afro-Amerikanen uit het Zuiden wonen. Na de teloorgang van de plaatselijke industrie maakte Philadelphia een periode van verval mee, maar sinds de late jaren 90 is in veel buurten een gentrificatieproces op gang gekomen. Sinds de jaren 1960 wordt de stad bestuurd door Democraten. In januari 2024 werd Cherelle Parker burgemeester.

De informatietechnologie, gezondheidszorg en papierindustrie zijn belangrijke economische sectoren voor de stad en enkele grote Amerikaanse bedrijven zoals Comcast Corporation, Aramark en FMC Corporation zijn in de oude hoofdstad gevestigd. De belangrijkste onderwijsinstelling in de stad is de Universiteit van Pennsylvania. Op sportgebied is de metropool vertegenwoordigd in alle grote Amerikaanse sporten. Ze heeft eveneens een oude roeitraditie. Het prestigieuze Philadelphia Orchestra is afkomstig uit de stad en daarnaast zijn de Pennsylvania Academy of the Fine Arts, het Philadelphia Museum of Art en het Rodin Museum binnen de stadsgrenzen gevestigd.

In de volksmond staat de plaats ook bekend als Philly. Andere bijnamen van de stad zijn The City of Brotherly Love (Philadelphia betekent Broederliefde), Quaker City en The Big Scrapple.

Geschiedenis Inheemse bevolking De eerste bewoners in het gebied waar Philadelphia gesticht zou worden waren de paleo-indianen. In de benedenloop van de Delaware, bij het huidige Philadelphia, leefden al zo'n tienduizend jaar voor de Europese kolonisatie van Amerika indianen. Omdat de Delaware- en de Susquehanna-rivieren natuurlijke barrières vormden, leefden de inwoners, voornamelijk stammen van de Lenni-Lenape-indianen, vrij geïsoleerd van andere stammen en volken.

De voormalige Lenape-nederzettingen Nitapèkunk, Pèmikpeka en Shackamaxon lagen aan de Delaware, op plaatsen die thans gelegen zijn binnen de stedelijke conglomeratie van Philadelphia. De stammen die in het gebied woonden waren Armewamese, Cohanseys, Mantes en Sickoneysincks. Zij spraken Unami, een Algonkische taal.

De Lenape hadden door hun leefgebied lange wandelpaden lopen. Volgens tellingen liepen er in heel Pennsylvania 131 van dit soort paden. Verschillende daarvan liepen ook richting Philadelphia en werden later gecultiveerd door de kolonisten.

In de 17e eeuw liep het aantal van de Lenape-indianen flink achteruit door de introductie van Europese ziektes zoals de mazelen en de pokken. De meeste indianen werden in de 18e eeuw uit het gebied verjaagd door de oprukkende kolonisatie. Bovendien ging hun bevolkingsaantal achteruit door onderlinge conflicten.Alvin M. Josephy (1961): The American Heritage Book of Indians, American Heritage Publishing Co, blz. 188-189.

Nederlandse en Zweedse kolonisatie miniatuur|links|Kaart van Nieuw-Nederland met daarop ook de monding van de Delaware waar Philadelphia gesticht zou worden, Nicolaas Visscher II. De Europese kolonisatie begon in 1609 toen kapitein Henry Hudson, in dienst van de VOC-Kamer Amsterdam, de Amerikaanse kust verkende op zoek naar de Noordwestelijke doorvaart. De vallei waarin nu Philadelphia gelegen is, werd in 1623 deel van de kolonie Nieuw-Nederland onder leiding van gouverneur Cornelius Jacobsz May.Hampton L. Carson (1909): Dutch and Swedish Settlements on the Delaware, in: The Pennsylvania Magazine of History and Biography, Vol. 33, No. 1, blz. 4. De kolonie was negen jaar eerder gesticht om handel te drijven met de lokale bevolking. Ten westen van de Delaware Bay stichtten de kolonisten onder leiding van Samuel Godin in 1631 het fort Swaanendael. In 1638 vestigden ook Zweedse kolonisten zich in het gebied, onder leiding van de Nederlander Peter Minuit. Zij stichtten de kolonie Nieuw-Zweden om het Nederlandse handelsmonopolie in Noord-Amerika te omzeilen en bouwden in hun kolonie Fort Christina, de eerste Europese nederzetting aan de Delaware.Carson, blz. 9.

De eerste Engelse nederzetting in het gebied werd gesticht in 1642 door een vijftigtal puriteinse families die afkomstig waren uit New Haven in Connecticut. Zij vestigden zich aan de monding van de Schuylkill River. In 1646 werd er tussen de verschillende partijen geruzied over landrechten. Iedere partij wilde toegang hebben tot het gebied van de indianen, om er bont op te halen. Na enkele Zweedse invallen in de Nederlandse kolonie gaf gouverneur Willem Kieft aan Andries Hudde de opdracht om inheemse gronden te kopen en er permanente nederzettingen te bouwen, de eerste sinds het uitmoorden van de bewoners van Swaanendael in 1632. Hudde verkreeg het gebied dat de indianen Wigquachkoing Scituated noemden en de nederzetting die hier gebouwd werd, zou later deel gaan uitmaken van Philadelphia.

Zowel de Zweedse als de Nederlandse kolonisten duldden de aanwezigheid van de Engelse puriteinse nieuwkomers niet. Ze brandden hun gebouwen af en verdreven hen uiteindelijk. Hierbij opereerden Nederlanders en Zweden als bondgenoten.Carson, blz. 10. In 1655 organiseerde Peter Stuyvesant echter een militaire expeditie tegen Nieuw-Zweden nadat de Zweden het Nederlandse Fort Casimir hadden veroverd. De Nederlanders veroverden de kolonie en plaatsten die onder het gezag van Nieuw-Nederland.Carson, blz. 14. Negentien jaar later ruilden de Nederlanders met de Engelsen bij de Vrede van Westminster, na afloop van de Derde Engels-Nederlandse Oorlog, hun grondgebied in Noord-Amerika voor de kolonie Suriname.

Stichting door William Penn thumb|William Penn (rechts, staand) ontvangt het koninklijk charter van Karel II (links), geschilderd door Jean Leon Gerome Ferris In 1681 droeg de Engelse koning Karel II een groot gedeelte van zijn grondbezit in de Amerikaanse koloniën, met daarin onder meer de huidige staten Delaware en Pennsylvania, over aan William Penn, leider van de quakers. De overdracht werd vastgelegd in een charter, waarin de schulden die de koning had aan Penns vader vereffend werden verklaard en waarin de koning het recht behield op een vijfde van de opbrengst van goud- en zilvermijnen. Het charter was erg in het voordeel van Penn, vermoedelijk omdat de koning er belang bij had om quakers en andere 'onruststokers' een woonplaats te bieden op grote afstand van het vaderland. Penn werd hierdoor de grootste privé-grootgrondbezitter ter wereld van dat moment, met in totaal 120.000 km².Randall M. Miller & William Pencak (2002): Pennsylvania: A History of the Commonwealth, Penn State University Press, blz. 59. Volgens de legende sloot hij, onder een iep in Shackamaxon, een aantal verdragen met de Lenapehoofdman Tamanend om de vrede in zijn gebied te kunnen waarborgen.R.F. Weigley (1982): Philadelphia: A 300-Year History, New York and London: W. W. Norton & Company, , blz. 4-5. Penn respecteerde de claims die de indianen hadden op het land en kocht grond van hen voordat hij het uitgaf om ontgonnen te worden.

Penn wilde een nederzetting bouwen aan de oevers van de Delaware en ontwierp een stad met een dambordpatroon. Ook hield hij in de stadsplannen rekening met ruime tuinen en boomgaarden rond de huizen. Door de ligging aan de Delaware hadden de inwoners toegang tot de Delaware Bay en de Atlantische Oceaan. Uit religieuze overtuiging liet Penn de stad onverdedigd.Jeffrey Dorwart (1998): Fort Mifflin of Philadelphia: An Illustrated History. University of Pennsylvania Press. , blz. 9. Hij noemde zijn stad Philadelphia naar de gemeente te Filadelfia uit Openbaring 3:7-13 - van de zeven gemeenten was dat de gemeente waarover het gunstigst werd geoordeeld. De stad zou een eigen commercieel centrum krijgen met een markt en allerlei openbare gebouwen. Penns tolerantie leidde tevens tot een goede relatie tussen de kolonisten en de indianenstammen in de nabije omgeving.Ron Avery (1999): A Concise History of Philadelphia, Philadelphia: Otis Books, , blz. 19.

Britse periode Tussen 1683 en 1702 groeide de bevolking van Philadelphia van enkele honderden naar 2500 inwoners. Voordat William Penn de stad in 1701 definitief verliet vaardigde hij een charter uit waarin hij aan de stadsleiding de macht gaf om wetten uit te vaardigen, verordeningen uit te vaardigen en markten en jaarmarkten te reguleren.Weigley, blz. 26. In 1702 brak de Oorlog van koningin Anna uit die ertoe leidde dat de handel met West-Indië werd afgesneden. Hierdoor raakte de stad een decennium lang in een depressie. Philadelphia wist door middel van de export van vlas en timmerhout uit de malaise te komen.Weigley, blz. 34-37.

In 1741 en 1742 braken er rellen uit in de stad vanwege de hoge broodprijzen, en in oktober 1742 werden de quakers en pacifistische Duitse kolonisten door zeelieden aangevallen vanwege hun vredespolitiek in de Oorlog om Jenkins' oor. Rond 1750 groeide Philadelphia uit tot een van belangrijkste steden van de dertien koloniën. In deze periode werden de Christ Church en het latere Independence Hall gebouwd. Ook werden de straten beter bestraat en voorzien van olielampen.Weigley, blz. 60. Benjamin Franklin richtte in die tijd de lokale brandweer op en was daarnaast ook verantwoordelijk voor het opzetten van postroutes tussen Philadelphia, New York en Boston.Weigley, blz. 61.

Amerikaanse onafhankelijkheid thumb|De Independence Hall rond 1770 In navolging van de Boston Tea Party weigerden ook de kolonisten in Philadelphia in 1773 een lading importthee te lossen, als protestactie tegen de belastingdruk uit Engeland.Weigley, blz. 118. Het jaar daarop werd het eerste Continental Congress gehouden in Carpenters' Hall in de stad. Tijdens het tweede congres in 1776 werd in de Independence Hall de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring ondertekend. Volgens Robert Morris speelde Philadelphia een belangrijke rol in de oorlog voor de Amerikanen:

miniatuur|Kaart van het Philadelphia van 1777