thumb|Een aantal voorbeelden van de letter C De letter C is de derde letter in het moderne Latijnse alfabet. Oorspronkelijk gebruikten de Romeinen de letter C voor zowel Later voegden ze een horizontaal streepje toe en ontstond de letter G. Het is mogelijk maar niet zeker dat C in vroegere tijden alleen voorstelde, terwijl K gebruikt werd voor
In het latere Vulgair Latijn, omstreeks de vierde eeuw, veranderde de uitspraak in als C gevolgd werd door E of I. Een dergelijke klankverandering is vaker voorgekomen, bijvoorbeeld in château (uit castellum), Charles (uit Carolus), Norrköping. In de moderne tijd worden Latijnse woorden daardoor vaak met een uitgesproken, zoals Caesar, Cicero, hoewel deze politici zelf hun naam niet zo uitspraken. In het huidige onderwijs in klassieke talen streeft men er weer naar de Latijnse C als uit te spreken.
Wordt het Grieks met Latijns schrift geschreven, dan transcribeert men vanouds de kappa als C, met de ongriekse uitspraak Zo hoort men een in narcis (van Narkissos), oceaan (van Okeanos) en Macedonië (door Grieken Makedonia genoemd).
De uitspraak van de C in het Vulgair Latijn is overgenomen in veel westerse talen, waar men /s/ (of /ts/, /tsj/ of als de Engelse hoort als de C wordt gevolgd door E. I, AE of Y. Voor elke andere letter wordt de C als uitgesproken. Hierop kunnen uitzonderingen bestaan (zoals het Engelse Celt, dat als wordt uitgesproken en Cyste, dat als klinkt). Vaak is het daardoor nodig dat de spelling verandert als de klinker verandert, terwijl de uitspraak van de C niet verandert: diacones/diaken, France/français, confiscatie/confisqueren.
Er zijn veel talen waarin de uitspraak van de C niet afhankelijk is van de erop volgende letter.
In het internationale spellingsalfabet wordt de C weergegeven met het woord Charlie. In het Nederlands telefoonalfabet wordt de C weergegeven met behulp van het woord Cornelis.
Het uiterlijk van de gimel uit het Hebreeuws alfabet geldt als de oervorm van de letter. Vroeg-Latijnse CEarly Latin
Categorie:Latijns alfabet