thumb|Stempas in Amsterdam De Tweede Kamerverkiezingen 2006 waren verkiezingen in Nederland voor de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Zij vonden plaats op 22 november 2006.

De verkiezingen werden gehouden na de ontbinding van de Tweede Kamer als gevolg van de val van het kabinet-Balkenende II.

Aanleiding

Op 30 juni 2006 bood premier Jan Peter Balkenende het ontslag aan van zijn kabinet. Deze stap was nodig omdat D66, de kleinste coalitiepartij, een dag eerder het vertrouwen in het kabinet had opgezegd en haar drie bewindslieden had teruggetrokken. De coalitie verloor hiermee haar meerderheid.De ontbinding van de oude Tweede Kamer geschiedde op grond van een koninklijk besluit van 4 september 2006 in combinatie met een koninklijk besluit van 15 november 2006. In dit laatste besluit werd bepaald dat de ontbinding mede zijn grondslag vindt in de aanvaarding door beide Kamers van voorstellen tot verandering van de Grondwet. Deze zogenaamde verklaringswetten werden echter pas na de kandidaatstellingsperiode voor de Tweede Kamer gepubliceerd, zodat onder sommige staatsrechtgeleerden wel werd betoogd dat de ontbinding inconstitutioneel was. Deze waren namelijk van mening dat de tussentijdse ontbinding van de Tweede Kamer in geval van grondwetsherziening niet alleen bedoeld is om de kiezer de gelegenheid te geven het actief kiesrecht uit te oefenen en zo invloed uit te oefenen op de herziening, maar ook om de kiezer gelegenheid te geven zijn invloed uit te oefenen door zichzelf kandidaat te stellen.Zie Th.C. de Graaf in De staat van wetgeving. Opstellen aangeboden aan prof.mr. C.A.J.M. Kortmann, Deventer: Kluwer 2009, p. 186, die dit standpunt zelf bestrijdt.

Het conflict handelde om het functioneren van minister Rita Verdonk (VVD). Deze concludeerde op 15 mei 2006 dat haar partijgenoot Ayaan Hirsi Ali vooralsnog geacht werd het Nederlanderschap niet te hebben verkregen, omdat ze bij haar naturalisatie had gelogen over haar achternaam en geboortedatum. Op 27 juni stelde Verdonk dat Hirsi Ali Nederlander mocht blijven. In een debat hierover bleek dat Hirsi Ali een verklaring had moeten ondertekenen waarin zij stelde Verdonk op het verkeerde been te hebben gezet. D66 steunde een motie van afkeuring over het handelen van Verdonk. Dit leidde tot een breuk in de coalitie, aangezien CDA en VVD wel achter Verdonk bleven staan.

In de week na de crisis werd het kabinet-Balkenende III geformeerd, een minderheidscoalitie van VVD en CDA.

Deelnemende partijen LijstKlik op het lijstnummer om de kandidatenlijst van de betreffende partij te zien. PartijNaamgeving van de partijen conform de vermelding op het stembiljet en in de officiële uitslag. Lijsttrekker Kieskringen/19 1 Christen Democratisch Appèl (CDA) Jan Peter Balkenende 19 2 Partij van de Arbeid (P.v.d.A.) Wouter Bos 19 3 VVD Mark Rutte 19 4Lijstverbinding van de SP en GroenLinks. SP (Socialistische Partij) Jan Marijnissen 19 5 Fortuyn Olaf Stuger 19 6 GROENLINKS Femke Halsema 19 7 Democraten 66 (D66) Alexander Pechtold 19 8Lijstverbinding van de ChristenUnie en de SGP. ChristenUnie André Rouvoet 19 9 Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) Bas van der Vlies 19 10 Nederland Transparant Gerrit de Wit / Alexander Brom 19 11 Partij voor de Dieren Marianne Thieme 19 12 EénNL Marco Pastors 19 13 Groep Wilders / Partij voor de Vrijheid Geert Wilders 19 14 blanco lijst (Lijst 14)De naamloze Lijst 14 was de Blanco Lijst, een samenwerking tussen een aantal kleine partijen. Lijsttrekker Huib Poortman was verbonden aan De Groenen. De lijst werd ook wel Lijst Poortman genoemd. Omdat het geen echte partij was, stond deze lijst niet ingeschreven bij de Kiesraad. Huib Poortman 18Nam deel in alle kieskringen, behalve in kieskring 4 (Zwolle). 15 PVN - Partij voor Nederland Hilbrand Nawijn 18Nam deel in alle kieskringen, behalve in kieskring 17 (Tilburg). 16 Continue Directe Democratie Partij (CDDP) Rob Verboom 13Nam deel in alle kieskringen, behalve in kieskring 1 (Groningen), 2 (Leeuwarden), 3 (Assen), 7 (Arnhem), 16 (Middelburg) en 19 (Maastricht). 17 Liberaal Democratische Partij Sammy van Tuyll van Serooskerken 16Nam deel in alle kieskringen, behalve in kieskring 2 (Leeuwarden), 16 (Middelburg) en 19 (Maastricht). 18 VERENIGDE SENIOREN PARTIJ Herman Troost 16Nam deel in alle kieskringen, behalve in kieskring 3 (Assen), 13 (Rotterdam) en 15 (Leiden). 19 Ad Bos Collectief Ad Bos 16Nam deel in alle kieskringen, behalve in kieskring 3 (Assen), 16 (Middelburg) en 18 ('s-Hertogenbosch). 20 Groen Vrij Internet Partij Wernard Bruining 8Nam alleen deel in kieskring 2 (Leeuwarden), 4 (Zwolle), 5 (Lelystad), 7 (Arnhem), 9 (Amsterdam), 10 (Haarlem), 11 (Den Helder) en 17 (Tilburg). 21 blanco lijst (Islam Democraten)De naamloze lijst 21 betrof de Islam Democraten (ID). De inschrijving van deze partij bij de Kiesraad werd niet-ontvankelijk verklaard, waardoor de ID op de verkiezingslijst niet de eigen naam mocht voeren. Arif Potmis 7Nam alleen deel in kieskring 7 (Arnhem), 8 (Utrecht), 12 ('s-Gravenhage), 13 (Rotterdam), 14 (Dordrecht), 15 (Leiden) en 17 (Tilburg). 22 Tamara's Open Partij Tamara Bergfeld 1Nam alleen deel in kieskring 10 (Haarlem). 23 SMP Max Sordam 2Nam alleen deel in kieskring 9 (Amsterdam) en 13 (Rotterdam). 24 LRVP - het Zeteltje Sander van der Sluis 1Nam alleen deel in kieskring 9 (Amsterdam).

Op 6 september 2006 werd bekendgemaakt dat 74 partijen (een recordaantal) zich bij de Kiesraad hadden geregistreerd om deel te kunnen nemen aan de Tweede Kamerverkiezingen. Op 12 oktober bleek dat 26 partijen zich daadwerkelijk hadden ingeschreven, waarvan 12 niet in alle negentien kieskringen. Twee partijen vielen na controle van de inschrijving alsnog af omdat ze niet aan alle voorwaarden hadden voldaan. Nieuwe, nog niet in de Tweede Kamer vertegenwoordigde, partijen dienen voor deelname per kieskring dertig ondersteuningsverklaringen te overleggen en moeten een borgsom van 11.250 euro betalen. Bij de Tweede Kamerverkiezingen 2003 namen 19 partijen deel terwijl er 45 bij de Kiesraad geregistreerd stonden.

Aanloop naar de verkiezingen Partijperikelen Kort voor de val van het kabinet had de VVD in een intern referendum Mark Rutte als lijsttrekker gekozen. Hij versloeg Rita Verdonk en Jelleke Veenendaal. De vaststelling van de kandidatenlijst leidde bij een aantal zittende Kamerleden tot onvrede. Onder andere Frans Weisglas, Jozias van Aartsen, Bibi de Vries en Arno Visser lieten voor de bekendmaking al weten niet meer beschikbaar te zijn, Anton van Schijndel werd na kritiek per direct uit de fractie en van de lijst verwijderd. Nieuwkomer Arthur Docters van Leeuwen was ook niet tevreden, en trok zich terug.

Bij D66 won Alexander Pechtold een intern referendum om het lijsttrekkerschap van onder meer Kamerlid Lousewies van der Laan. Deze laatste kondigde vervolgens haar vertrek aan uit de politiek, net als eerder Boris Dittrich.

De LPF zag in de maanden voor de verkiezingen de Kamerleden Margot Kraneveldt en Gerard van As uit onvrede opstappen. De partij heeft met het oog op de verkiezingen haar naam gewijzigd in Fortuyn, en heeft een nieuwe lijsttrekker.

Nieuwe partijen Vooral op de rechterflank ontstonden in de aanloop naar de verkiezingen nieuwe partijen, die volgens verschillende politieke peilingen mochten rekenen op een entree in de Tweede Kamer. Het van de VVD afgesplitste Kamerlid Geert Wilders richtte de Partij voor de Vrijheid op, de Rotterdamse ex-wethouder Marco Pastors en het LPF-Kamerlid Joost Eerdmans stonden aan de basis van EénNL en onafhankelijk Kamerlid en ex-minister Hilbrand Nawijn kwam met Partij voor Nederland. Een andere partij die volgens sommige peilingen kans maakte op minimaal een zetel was de Partij voor de Dieren.

In de media trok vooral de Partij voor Naastenliefde, Vrijheid en Diversiteit de aandacht. Deze partij, ook wel de pedopartij genoemd, werd vooral bekend door een pleidooi seks tussen volwassenen en kinderen vanaf 12 jaar te legaliseren. Ook stond ze legalisatie van naaktloperij voor. Een kort geding om de partij te verbieden vond plaats op 17 juli 2006. De rechter wees het verbod echter af. Uiteindelijk lukte het de partij niet voldoende ondersteuningsverklaringen te verkrijgen en daarop maakte een woordvoerder bekend dat men noodgedwongen afzag van deelname aan de verkiezingen.

Kwestie rond Armeense Genocide De weigering van drie kandidaten (Ayhan Tonca en Osman Elmacı van het CDA en Erdinç Saçan van de PvdA) om de Armeense Genocide volmondig te erkennen leidde in september 2006 tot ophef in de media. De drie maakten deel uit van een netwerk van Nederlandse politici van Turkse afkomst dat eerder gelobbyd had tegen de erkenning. Nadat ze zich aanvankelijk achter een door de Kamer aangenomen motie, waarin de genocide erkend werd, stelden, namen ze in een interview in een Turkse krant afstand van deze verklaring. Zij werden daarop eind september van de kandidatenlijsten afgevoerd. Naar aanleiding van deze stap dreigt een deel van de Turkse gemeenschap in Nederland "de verkiezingen te boycotten".Turken overwegen verkiezingsboycot, de Volkskrant, 5 oktober 2006.

Ter vervanging van de twee van de CDA-lijst verwijderde Turkse Nederlanders, besloot het CDA-partijcongres om Nihat Eski op plaats 55 van de CDA-lijst te plaatsen. Deze verklaarde 30 september 2006 tegenover Radio 1 achter het partijstandpunt te staan, maar verklaarde desgevraagd niet dat een genocide had plaatsgevonden. De PvdA in de Tweede Kamer stelde dat er geen formeel bewijs is voor de juridische term genocide en kwam daarmee terug op het standpunt uit 2004 toen de Armeense Genocide nog erkend werd. In de campagne van de Tweede Kamerverkiezingen kreeg vooral Kamerlid Nebahat Albayrak het verwijt dat zij zich als Turkse niet krachtig genoeg uitsprak over de Armeense Genocide. Zij ontkende niet dat tussen 1915 en 1917 honderdduizenden Armeense slachtoffers zijn gevallen en stelde dat het terecht is als gesproken wordt over genocide, maar of het aan de volkenrechtelijke definitie voldoet, wilde zij overlaten aan juristen en historici. Om het als genocide aan te merken, moet bewezen worden dat een volkerenmoord doelbewust is opgezet en uitgevoerd om een bevolkingsgroep uit te moorden. "Dat bewijs is formeel nooit geleverd in de Armeense kwestie", meent Albayrak. Zij vindt dat het moeilijk te bewijzen is omdat "alle bronnen bevuild zijn". De PvdA-fractie sloot zich aan bij dat standpunt. In dagblad Trouw werd het PvdA-standpunt door Nebahat Albayrak en Frans Timmermans in een opiniestuk uitgelegd.Albayrak en Timmermans over de Armeense genocide: "Zie de fouten uit het verleden onder ogen" Trouw, 6 oktober 2006Albayrak onder vuur, EénVandaag, 4 oktober 2006Albayrak: "Bronnen Armeense kwestie bevuild" Trouw, 3 oktober 2006"Ook Albayrak heeft boter op haar hoofd" Trouw, 2 oktober 2006Mevrouw Albayrak: "Was er een Armeense genocide" De Dagelijkse Standaard, 25 februari 2012Armeense kwestie zit Albayrak op de hielen, de Volkskrant, 4 oktober 2006. Premier Balkenende reageerde op de kwestie door te stellen dat op een eerlijke manier naar de kwestie moet worden gekeken en dat de verschillende opvattingen van mensen hierover tot hun recht moeten kunnen komen.Balkenende: eerlijk kijken naar Armenië-kwestie, ANP, 6 oktober 2006.