Het Italiaans voetbalschandaal uit 2006 was een omkoopschandaal in het Italiaans betaald voetbal. De affaire staat in Italië algemeen bekend als Calciopoli, een toespeling op Italiës roemruchte corruptieschandaal Tangentopoli uit 1992.http://www.ft.com/cms/s/2/6129251e-0de3-11db-a385-0000779e2340.html. Gearchiveerd op 14 maart 2016. In 2006 kregen de media, net voor het einde van het kampioenschap, lucht van de afgeluisterde telefoongesprekken. Het duurde niet lang of het voetbalgekke Italië was in de ban van het grootste schandaal dat het Italiaanse voetbal heeft gekend. Enkele grote clubs uit de Italiaanse competitie waren erbij betrokken. Uit onderzoek bleek dat Luciano Moggi wedstrijden van Juventus en andere clubs manipuleerde. Hij bleek de spil in de affaire. Niet veel later werden ook de clubs AC Milan, ACF Fiorentina, Lazio Roma, Reggina en AC Arezzo genoemd. Scheidsrechters, leden van de voetbalbond, bestuursleden van voetbalclubs en zelfs politici werden met de affaire in verband gebracht.
Onderzoek In het voetbalseizoen 2004-2005 was het in de Serie A opvallend om te zien dat er door scheidsrechters haast met regelmaat onterechte penalty's werden toegekend, onterechte kaarten werden uitgedeeld en andere dubieuze beslissingen werden genomen. Ook enkele rechters uit Turijn was dit niet ontgaan en in 2004 namen zij de taak op zich om onderzoek te doen naar de vermeende misstanden. Het afluisteren van telefoongesprekken was hun voornaamste methode om erachter te komen wat er gaande was. Na veertig dagen werd het onderzoek alweer gestaakt. Niet veel later werd de zaak echter nieuw leven ingeblazen door de Napolitaanse rechters Filippo Beatrice en Giuseppe Narducci, onder wiens leiding uiteindelijk het leeuwendeel van het werk is verzet. Samen met de politie van Rome ontfermden ze zich over meer dan 30.000 telefoongesprekken. Enkele duizenden hiervan bleken bruikbaar voor de processen die later gevoerd zouden worden. In rap tempo kwam men er inderdaad achter dat tal van wedstrijden en scheidsrechters waren en werden gemanipuleerd. Een behoorlijk aantal andere, aan voetbal gerelateerde zaken bleek eveneens niet in de haak.
De betrokkenen en hun rol Luciano Moggi
Omdat Luciano Moggi (Monticiano, 10 juli 1937), de toenmalige algemeen directeur van Juventus, de meest vooraanstaande rol in het voetbalschandaal speelde en het eigenlijk 'zijn' systeem was, werd de affaire door La Gazzetta dello Sport ook wel Moggiopoli genoemd. Moggi had onder andere invloed op het proces waarbij scheidsrechters worden aangesteld. Dit deed hij via zijn tussenpersonen Pierluigi Pairetto en Paolo Bergamo, beide werkzaam bij de Italiaanse voetbalbond. Het ging in het seizoen 2004-2005 om maar liefst 29 van de 38 wedstrijden die Juventus in de Serie A moest spelen, en ook om enkele van hun Europese ontmoetingen. Pairetto en Bergamo maakten deel uit van de scheidsrechterscommissie en konden er dus voor zorgen dat Moggi zijn zin kreeg.
Het doel van Moggi was om winst voor La Vecchia Signora (De Oude Dame), oftewel Juventus, te garanderen. Diegenen die zich onwelwillend opstelden konden rekenen op een woedeaanval van Moggi. Hij was in staat een einde te maken aan de carrière van een scheidsrechter. Arbiter Gianluca Paparesta kreeg de volle laag toen hij het in z’n hoofd haalde Reggina te laten winnen van Juventus (2-1, 6 november 2004). Paparesta was die wedstrijd zeker niet in goeden doen (Juve werd een penalty ontnomen en twee van hun goals werden onterecht afgekeurd). Moggi was na afloop dusdanig kwaad dat hij Paparesta in de kleedkamer had opgesloten om er vervolgens met de sleutel vandoor te gaan naar het vliegveld. Dit heeft hij anderen niet lang na het voorval over de telefoon verteld. Paparesta heeft dit verhaal enkele jaren later ontkendhttps://www.calciopro.com/arbitri/la-verita-di-paparesta-mai-chiuso-negli-spogliatoi-da-moggi/. Gearchiveerd op 12 mei 2021. waarschijnlijk om te doen voorkomen dat hij überhaupt niks met het schandaal van doen heeft gehad.
Internationaal topscheidsrechter Pierluigi Collina was ook betrokken bij de affaire maar hij moest vaak genoegen nemen met minder belangrijke wedstrijden, voor Moggi stond Collina te boek als te integer.
Iets anders waar Moggi zich schuldig aan maakte was het in de watten laten leggen van spelersmakelaars, zodat het transferbeleid van Juventus positief beïnvloed kon worden. Zo was Moggi er alles aan gelegen spits Zlatan Ibrahimovic van Amsterdam naar Turijn te halen. De preses stond veelvuldig in contact met Ibrahimovic’ zaakwaarnemer Mino Raiola. Op instigatie van Moggi moest Ibrahimovic overigens met opzet slecht spelen, zodat zijn transferprijs naar beneden zou gaan.http://calcioitaliascandal.blogspot.com/2006/05/wiretaps.html. Gearchiveerd op 30 mei 2023.
Daarnaast had Moggi medezeggenschap over wie de belangrijkste posities binnen de voetbalbond mocht innemen. Met vicevoorzitter Mazzini had Moggi nog een vertrouweling binnen de FIGC. Moggi’s netwerken strekten echter veel verder dan de voetbalwereld alleen. Afgezien van verschillende vrienden bij de politie – aan wie hij vrijkaartjes gaf in ruil voor gunstige diensten - had hij contact met ten minste twee leden van het kabinet Berlusconi: de Minister van Binnenlandse Zaken Giuseppe Pisanu en de Minister van Economie Domenico Siniscalco. De eerste is fan van Torres Sassari, deze club uit de Serie C stond op het punt van degraderen. Hij vroeg Moggi scheidsrechters te regelen die Torres Sassari goedgezind zouden zijn; hier stond tegenover dat de minister ervoor zou zorgen dat de competitie niet zou worden stilgelegd een dag na het overlijden van Paus Johannes Paulus II. Juventus moest namelijk tegen het sterk verzwakte Fiorentina aantreden en zou op die manier dus meer kans hebben op winst. Siniscalco op zijn beurt zorgde ervoor dat een vriend van Moggi aan de top van de fiscale politie zou komen; in ruil hiervoor mochten de zoontjes van Siniscalco mee op het zomerkamp van de jeugd van Juventus.
Naast contacten in de politiek, bij de Italiaanse voetbalbond en met de politie had Moggi ook bondgenoten binnen de voetbaljournalistiek. Regelmatig had de president van Juve contact met de leiding van voetbalprogramma’s op televisie. Zorgvuldig werden de verdachte momenten van de gemanipuleerde wedstrijden buiten beeld gehouden. In ruil voor een uiterst kostbaar horloge beloofde een van de bekendste presentatoren, Aldo Biscardi, geen ‘heikele punten’ aan te kaarten in de studio. Toen ontdekt werd dat Biscardi betrokken was bij het schandaal nam hij ontslag van zijn werkgever, de commerciële zender La7.https://www.repubblica.it/2006/05/sezioni/sport/calcio/finisce-biscardi/finisce-biscardi/finisce-biscardi.html. Gearchiveerd op 28 juni 2022.
In april 2007 gaf La Repubblica nieuwe details vrij. De aanklagers uit Napels vonden een reeks nieuwe telefoongesprekken tussen Moggi, Bergamo, Pairetto en een aantal scheidsrechters. Voornamelijk Zwitserse maar ook Sloveense simkaarten werden gebruikt in de hoop niet te kunnen worden afgetapt, maar dit bleek dus tevergeefs. Een aantal van deze telefoontjes heeft plaatsgevonden voor de wedstrijd Juventus-AC Milan op 18 december 2004 (0-0). Er was maar liefst dertienmaal telefonisch contact tussen Moggi en Bertini, de scheidsrechter van die wedstrijd.
Onderzoekers kwamen tot de conclusie dat Moggi per dag gemiddeld 416 keer belde of gebeld werd. Hij had zes mobiele telefoons en zo'n 300 simkaarten. In 9 maanden tijd had hij 100.000 keer telefonisch contact. Dat is gemiddeld een telefoontje iedere twee en een halve minuut in een dag van 16 uur.http://archives.tcm.ie/businesspost/2006/07/16/story15710.asp Uiteraard was slechts een fractie van deze telefoongesprekken 'besmet', maar het geeft eens te meer aan hoe geobsedeerd hij was met het intact houden van zijn netwerken.
Verschillende processen werden tegen Moggi gevoerd door onderzoeksrechters in Rome en Napels. In 2006 heeft de FIGC Moggi een vijf jaar lange ban uit het voetbal opgelegd voor zijn groteske rol in het schandaal. Het lidmaatschap van de nationale voetbalbond is Moggi definitief kwijt.
Moggi was al eerder betrokken bij voetbalschandalen, maar ook bij doping-, gok- en andere corruptieaffaires. Zo hielp hij Diego Maradona, destijds sterspeler van SSC Napoli, in de jaren 80 bij het omzeilen van een dopingcontrole.http://www.guardian.co.uk/sport/2006/jul/30/football.features. Gearchiveerd op 21 oktober 2012.
Alessandro Moggi Alessandro is de zoon van Luciano Moggi en werkte tot 2006 als voorzitter van GEA World, de belangrijkste voetbalmakelaarsorganisatie van Italië voor zowel voetballers als coaches. Luciano dwong sommige spelers om zaken te doen met het bedrijf van zijn zoon.
In 2010 is de straf van Alessandro Moggi gehalveerd: het Tribunale Nazionale di Arbitrato per lo Sport (TNAS) heeft beslist om de straf te verlagen van vier naar twee jaar. Ook zijn geldboete werd verminderd: van € 250 000 naar € 125 000. Het gevolg van deze strafvermindering is dat hij weer actief mag zijn in de voetbalwereld vanaf januari 2011.
Leonardo Meani Leonardo Meani was een bestuurslid van AC Milan. In april 2005 werden telefoongesprekken van hem met onder meer Gennaro Mazzei - degene die de grensrechters aanstelde - en grensrechter Gabriele Contini geopenbaard. In deze gesprekken klaagt Meani over grensrechter Duccio Baglioni. Baglioni was geselecteerd voor de wedstrijd die Milan tegen Siena moest spelen. Ook de arbitrage die Milan kreeg in de wedstrijd tegen Chievo Verona kon Meani's goedkeuring niet wegdragen. Milan verloor deze wedstrijden.
De advocaten van AC Milan en de vicepresident van de club, Adriano Galliani, stelden dat het de acties betrof van een individu en dat de club daar verder geen verantwoordelijkheid voor hoefde te dragen. Maar de Italiaanse voetbalfederatie bracht als argument naar voren dat Galliani Meani niet op zijn acties heeft aangesproken. Galliani, zelf ook voorgekomen in de telefoongesprekken, is uiteindelijk veroordeeld voor een ban van 5 maanden.
De straf die Leonardo Meani uiteindelijk opgelegd heeft gekregen is een ban van 2 jaar en 3 maanden.
Diego en Andrea Della Valle
Diego Della Valle (Sant'Elpidio a Mare, 30 december 1953) is een Italiaanse ondernemer, eigenaar van Tod’s en ex-president van ACF Fiorentina. Tijdens zijn aanstelling werd Fiorentina teruggebracht in de Serie A.
In 2006 is hij schuldig verklaard aan betrokkenheid bij het voetbalschandaal en heeft hij hiervoor een straf van 3 jaar en 9 maanden gekregen. Het CONI heeft deze straf in 2007 uiteindelijk teruggebracht naar 8 maanden en hij wordt alleen aangeklaagd voor het schenden van artikel 1 (sportieve loyaliteit), hierdoor blijft hij schuldig aan sportieve fraude.
Andrea Della Valle (Casette d'Ete, 26 september 1965) is ook een Italiaanse ondernemer en is de broer van Diego, die hem had aangesteld als voorzitter van ACF Fiorentina. In afgeluisterde telefoongesprekken tussen de broers, Luciano Moggi en FIGC official Paolo Bergamo uit 2004 en 2005 is te horen dat ze klagen over de besluiten van scheidsrechters tijdens wedstrijden. Andrea Della Valle heeft hiervoor uiteindelijk een straf van 1 jaar en 1 maand verbanning gekregen.
Claudio Lotito
Claudio Lotito (Rome, 9 mei 1957) is een Italiaanse ondernemer en eigenaar van voetbalclub Lazio Roma. In afgeluisterde telefoongesprekken is te horen dat hij voormalig FIGC vicepresident Innocenzo Mazzini vertelt dat Diego Della Valle hem een ‘offer voor de bandieten’ heeft gemaakt in relatie tot de wedstrijd tussen Lazio en Fiorentina aan het eind van het seizoen van 2004-2005.
Lotito wordt daarnaast ook nog verdacht van fraude met de aandelen van Lazio Roma. Hem is uiteindelijk een ban van 4 maanden opgelegd.
Pierluigi Pairetto