Johann Adolf Hasse (Bergedorf bij Hamburg, 25 maart 1699 – Venetië, 16 december 1783) was een Duits componist. Als componist wordt hij gerekend tot de grootste vertegenwoordigers van de Italiaanse Opera seria van de 18e eeuw. Samen met Carl Heinrich Graun maakte hij de opera in Duitsland geliefd.

Biografie Zijn grootvader was organist in Lübeck. Zijn overgrootvader was Peter Hasse 'de Oude', een leerling van Jan Pieterszoon Sweelinck in Amsterdam. Zijn eerste muziekonderricht ontving hij van zijn vader. Zijn muzikale loopbaan begon Hasse als tenor, eerst bij de Theater am Gänsemarkt in Hamburg. Daar voerde Reinhard Keiser de scepter en werd voornamelijk Duits repertoire uitgevoerd. Vervolgens trok Hasse naar Brunswijk, waar zijn eerste opera Antioco in het hoftheater werd opgevoerd (1721). In 1722 ging hij naar Napels om verder te studeren bij Nicola Porpora en – als een van zijn laatste leerlingen – bij Alessandro Scarlatti.

Vanaf 1727 werkte hij in Venetië aan het Conservatorio degli Incurabili, een opvanghuis voor jonge meisjes, die met veel muziekonderricht werden beziggehouden. Hasse ontmoette de prima donna Faustina Bordoni, een mezzosopraan, beroemd om haar trefzekerheid en virtuositeit en trouwde met haar in 1730, na zich in het voorafgaande jaar tot het katholicisme te hebben bekeerd.

De opera Cleofide (1731), waarin zijn succesnummers uit Napels waren ingepast, is een uitzonderlijke opera in het barokrepertoire. De opera is gebaseerd op een drama van Pietro Metastasio en behandelt de betrekkingen van het oosten met het westen, destijds een geliefd onderwerp. Het verhaal is ook door veel andere componisten op muziek gezet. Met een opwindende opvoering dongen Hasse en Bordoni – die de hoofdrol zong – naar een vaste aanstelling bij August de Sterke, die in Hasse inderdaad de meest geschikte opvolger als kapelmeester zag voor Johann David Heinichen. Bordoni werd prima donna bij de hofopera.

In 1734 trok Hasse naar London om zijn Artaserse uit te voeren, maar weigerde als concurrent van Händel op te treden.

Dresden 350px|thumb|Dresden rond 1750 door Bernardo Bellotto

Van 1735 tot 1764, verbleef Hasse vaak in Dresden (Saksen), het Florence aan de Elbe, wanneer de keurvorst er resideerde. Daar was Hasse werkzaam als 'Ober-Hofkapellmeister' ten behoeve de keurvorst, Friedrich August II van Saksen. De opera in Dresden was gebouwd ter gelegenheid van zijn huwelijk en beschikte mogelijk over 2.000 plaatsen. De zangers kregen goed betaald en de prima donna's hadden de beschikking over koetsen. De hofkapel, later Säksische Staatskapelle genaamd, gold na dat van Napels als het beste orkest in Europa. Hasse had een bijzonder contract; indien Frederik August, tevens koning van Polen, naar Warschau afreisde dan hoefde hij niet mee, maar reisde met zijn vrouw naar Italië.

In 1748 werd Hasse gevraagd twee van zijn werken uit te voeren bij de feestelijkheden ter gelegenheid van het huwelijk van Elisabeth van Brandenburg-Bayreuth, de dochter van Wilhelmina van Bayreuth. Zowel Ezio als Artaserse werden opgevoerd in het nog niet volledig opgeleverde Markgrafelijk Operahuis in Bayreuth. Bij de uitvoering van Ezio in Dresden in 1755 waren 620 personen betrokken, twintig dromedarissen, vier muildieren en vier wagens, beladen met roofgoederen.

Bij een belegering door Frederik de Grote en een bombardement in 1760, waarbij een bibliotheek werd verwoest, zijn vele van zijn handgeschreven composities in vlammen opgegaan. Na de begrafenis van de keurvorst ging Hasse in 1764 naar Wenen, waar hij de lievelingscomponist werd van keizerin Maria Theresia. De Zevenjarige Oorlog had het hof in Dresden in grote financiële moeilijkheden gebracht en Hasse werd om bezuinigingsredenen ontslagen, zonder pensioen.

Ter gelegenheid van de bruiloft van aartshertog Ferdinand van Oostenrijk, componeerde Hasse zijn laatste opera, Ruggiero (1771). In Milaan ontmoette hij de 14-jarige Mozart en was onder de indruk van zijn talent. Op aandringen van zijn vrouw koos hij ervoor (1773) om zijn laatste levensjaren in Venetië door te brengen, waar hij nog steeds als kapelmeester aan het Conservatorio degli Incurabili werkte. Faustina Bordoni stierf er in 1781. Johann Adolf Hasse overleed twee jaar later.

Werken Hasse componeerde meer dan zestig opera's, ongeveer twee per jaar. Hij onderscheidde zich als de meest waardige vertolker van de poëzie van Pietro Metastasio. Wat opera betreft behoort zijn werk Piramo e Tisbe (Wenen, november 1768), een tragisch intermezzo in twee akten, naar het libretto van Marco Coltelli tot zijn meest gewaardeerde werken. Er zijn slechts drie solisten, die niet door een basso continuo worden begeleid, maar door het gehele orkest, net als in de werken van de toen populaire Gluck. Verder componeerde hij elf oratoria, zeventien cembalosonaten en kerkmuziek, zoals missen, psalmen, motetten, hymnen en litanieën; ten slotte talrijke concerten, trio- en solosonates en ongeveer tachtig fluitsonates voor Frederik de Grote.

Composities Missen en gewijde muziek 1751 Messe in d (ter opening en inwijding van de Rooms-Katholieke "Hofkirche", nu, Kathedrale Sankt Trinitatis Dresden) 1751 Te Deum (ter opening en inwijding van de Rooms-Katholieke "Hofkirche", nu: Kathedrale Sankt Trinitatis Dresden) 1763 Requiem in C-groot, voor de uitvaart van Koning August III van Polen of "Frederik August II keurvorst van Saksen" 1783 Missa ultima in g Beatus vir Confitebor tibi in F groot Dixit Dominus in C groot Miserere in d Miserere in F Miserere in c Regina coeli in D Requiem in Es groot Salve Regina in A Salve Regina in F Venite pastores – Motetto pastorale

Oratoria 1734 Il cantico de' tre fanciulli, oratorium – tekst: Stefano Benedetto Pallavicino 1742 I pellegrini al sepolcro di nostro redentore, oratorium in 2 delen – tekst: Stefano Benedetto Pallavicino 1750 La conversione di Sant' Agostino, oratorium – tekst: Maria Antonia Walpurgis van Saksen 1744 Ci'l un parantê und parsol scelopgrini, oratorium – tekst: Stefano Benedotto Pallavicino

Muziektheater Opera's Voltooid in Titel Aktes Première Libretto 1721 Antioco (niet volledig behouden) 3 aktes 11 augustus 1721, Brunswijk Apostolo Zeno en Pietro Pariati 1725 Marc'Antonio e Cleopatra 2 delen september 1725, Napels Francesco Ricciardi 1726 Il Sesostrate 3 aktes 13 mei 1726, Napels Apostolo Zeno en Pietro Pariati: "Sesostri", bewerkt door Angelo Carasale 1726 La Semele ossia La richiesta fatale 2 delen herfst 1726, Napels Francesco Ricciardi 1726 L'Astarto 3 aktes december 1726, Napels Apostolo Zeno en Pietro Pariati, bewerkt van Angelo Carasale 1727 Gerone tiranno di Siracusa 3 aktes 19 november 1727, Napels Aurelio Aureli 1727 Enea in Caonia 2 delen 1727, Napels Luigi Maria Stampiglia 1728 Attalo re di Bitinia 3 aktes mei 1728, Napels Francesco Silvani 1728-1729 L'Ulderica (niet volledig behouden) 3 aktes 29 januari 1729, Napels niet bekend 1729 La sorella amante 2 aktes lente 1729, Napels Bernardo Saddumene 1729 Il Tigrane 3 aktes 4 november 1729, Napels, Teatro San Bartolomeo Francesco Silvani 1729 L'Erminia 2 aktes winter 1729, Napels Bernardo Saddumene 1730 Artaserse 3 aktes 1e versie: februari 1730, Venetië, Teatro San Giovanni Crisostomo; 2e versie: 9 september 1740, Dresden; 3e versie: 1760, Napels Pietro Metastasio 1730 Dalisa (niet volledig behouden) 3 aktes 17 mei 1730, Venetië Domenico Lalli, naar Nicolò Minato 1730 Arminio (niet volledig behouden) 3 aktes 28 augustus 1730, Milaan Antonio Salvi 1730 Ezio 3 aktes 1e versie: Herfst 1730, Napels; 2e versie: 1755, Dresden; Pietro Metastasio 1731 Cleofide 3 aktes 13 september 1731, Dresden Michelangelo Boccardi, naar Pietro Metastasio: "Alessandro nell'Indie" 1731 Catone in Utica (niet volledig behouden) 3 aktes 26 december 1731, Turijn Pietro Metastasio 1732 Cajo Fabrizio 3 aktes 1e versie: 12 januari 1732, Rome; 2e versie: 8 juli 1734, Dresden; Pirro en Apostolo Zeno 1732 Demetrio 3 aktes 1e versie: carnaval, 1732, Venetië, Teatro San Giovanni Crisostomo; 2e versie: 8 februari 1740, Dresden; Pietro Metastasio 1732 Euristeo 3 aktes mei 1732, Venetië Apostolo Zeno 1732 Issipile 3 aktes 1 oktober 1732, Napels Pietro Metastasio 1733 Siroe 3 aktes 1e versie: 2 mei 1733, Bologna; 2e versie: 1763, Dresden; Pietro Metastasio 1734 Sei tu, Lidippe, o il sole 2 augustus 1734, Dresden Stefano Benedetto Pallavicino 1735 La clemenza di Tito 3 aktes 1e versie: 24 september 1735, Pesaro; 2e versie: 17 januari 1738, Dresden; 3e versie: 1759, Napels Pietro Metastasio 1736 Alessandro nell'Indie 3 aktes 1736, Venetië Pietro Metastasio 1736-1737 Senocrita 5 aktes 27 februari 1737, Dresden Stefano Benedetto Pallavicino 1737 Atalanta 3 aktes 26 juli 1737, Dresden Stefano Benedetto Pallavicino 1737 Asteria 3 aktes 3 augustus 1737, Dresden Stefano Benedetto Pallavicino 1737-1738 Irene 3 aktes 8 februari 1738, Dresden Stefano Benedetto Pallavicino 1738 Alfonso 5 aktes 11 mei 1738, Dresden Stefano Benedetto Pallavicino 1739 Viriate 3 aktes carnaval 1739, Venetië Pietro Metastasio: "Siface" 1741 Numa (Numa Pompilio) 3 aktes 7 oktober 1741, slot Hubertusburg Stefano Benedetto Pallavicino 1742 Lucio Papirio (Lucio Papirio Dittatore) 3 aktes 18 januari 1742, Dresden Apostolo Zeno 1742 Didone abbandonata 3 aktes 1e versie: 7 oktober 1742 slot Hubertusburg; 2e versie: 4 februari 1743, Dresden Pietro Metastasio, bewerkt van Francesco Algarotti 1743 L'asilo d'Amore 1 akte 7 oktober 1743, slot Hubertusburg Pietro Metastasio 1743 Antigono 3 aktes 20 januari 1744, Dresden, Hoftheater Pietro Metastasio 1743-1744 Ipermestra 3 aktes 1e versie: 8 januari 1744, Wenen; 2e versie: 7 oktober 1751, slot Hubertusburg; Pietro Metastasio 1744 Semiramide riconosciuta 3 aktes 1e versie: 26 december 1744, Venetië, Teatro San Giovanni Crisostomo; 2e versie: 11 januari 1747, Dresden; Pietro Metastasio 1745 Arminio 3 aktes 1e versie: 7 oktober 1745, Dresden; 2e versie: 8 januari 1753, Dresden; Giovanni Claudio Pasquini 1747 La spartana generosa ovvero Archidamia 3 aktes 14 juni 1747, Dresden Giovanni Claudio Pasquini 1747 Leucippo 3 aktes 1e versie: 7 oktober 1747, slot Hubertusburg; 2e versie: 7 januari 1751, Dresden; Giovanni Claudio Pasquini 1748 Demofoonte; (het is niet zeker, dat deze opera door Hasse werd gecomponeerd) 3 aktes 1e versie: 9 februari 1748, Dresden; 2e versie: carnaval 1749, Venetië; 3e versie: 1758, Napels; Pietro Metastasio 1749 Il natal di Giove 1 akte 7 oktober 1749, slot Hubertusburg Pietro Metastasio 1750 Attilio Regolo (Attilius Regulus) 3 aktes 12 januari 1750, Dresden Pietro Metastasio 1750 Endimione rond 1750, Warschau naar Pietro Metastasio 1751 Ciro riconosciuto 3 aktes 1e versie: 20 januari 1751, Dresden; 2e versie: 17 januari 1762, Warschau; Pietro Metastasio 1752 Adriano in Siria 3 aktes 17 januari 1752, Dresden Pietro Metastasio 1753 Solimano 3 aktes 5 februari 1753, Dresden Giovanni Ambrogio Migliavacca 1753 L'eroe cinese 3 aktes 7 oktober 1753, slot Hubertusburg Pietro Metastasio 1754 Artemisia 3 aktes 6 februari 1754, Dresden Giovanni Ambrogio Migliavacca 1755 Ezio (revisie van de versie uit 1730) 3 aktes 20 januari 1755, Dresden Pietro Metastasio, bewerkt van Giovanni Ambrogio Migliavacca 1755 Il re pastore 3 aktes 1e versie: 7 oktober 1755, slot Hubertusburg; 2e versie: 7 oktober 1762, Warschau; Pietro Metastasio 1756 L'Olimpiade 3 aktes 1e versie: 16 februari 1756, Dresden; 2e versie: 26 december 1764, Turijn; Pietro Metastasio 1758 Nitteti 3 aktes 1e versie: carnaval 1758, Venetië;