thumb|Opname van Saturnus, gemaakt door een amateurastronoom. Duidelijk zichtbaar is de donkere Cassinischeiding in de ringen. thumb|Werkzaamheden van de Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde, Polygoonjournaal 1952
Amateurastronomie is het door amateurs beoefende onderdeel van de astronomie. Hoewel de meeste amateurastronomen hun hobby uitvoeren voor hun plezier en om hun persoonlijke kennis uit te breiden is astronomie tevens een van de weinige takken van wetenschap waar amateurs een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de wetenschappelijke kennis over het heelal, met name op het terrein van veranderlijke sterren, waarnemingen van planetoïden en sterbedekkingen door de maan. Op deze terreinen kunnen professionele astronomen niet de tijd en de middelen besteden waar amateurs met bescheiden middelen en mobiliteit juist wel veel nuttige waarnemingen kunnen doen. Amateurs kunnen ook bijdragen leveren door middel van burgerwetenschapsprojecten.
Instrumentarium In veel gevallen kan waarneming met het blote oog of met een kleine verrekijker al nuttige informatie, of in ieder geval veel voldoening opleveren. Door met het blote oog de nachtelijke hemel te observeren, krijgt de hobbyist een goed beeld van de diverse sterrenbeelden en kan men de maanfasen eenvoudig volgen. Ook meteoorregens zijn het beste zonder telescoop te zien. De meeste amateurastronomen echter, gebruiken een of meer instrumenten, zoals een verrekijker of een telescoop.
Een advies is nooit rechtstreeks met een telescoop of verrekijker, maar ook met het blote oog naar de zon te kijken. Het waarnemen van de zon is enkel toelaatbaar als de verrekijker of telescoop is uitgerust met daartoe ontworpen voorzetzonnefilters, bestaand uit folie van het type Mylar.Mylar vormt een goede barrière tegen licht.
Verrekijker Met een eenvoudige verrekijker zijn al vele objecten te zien die met het blote oog niet of nauwelijks waar te nemen zijn. Een verrekijker biedt goed zicht op de grotere formaties op de maan en laat bijvoorbeeld ook de manen van Jupiter zien. Ook zijn tientallen sterrenhopen en nevels te zien, de zogenaamde deepskyobjecten zoals de Pleiaden, het Andromeda Melkwegstelsel en de Orionnevel.
Soorten telescopen Er bestaan twee basistypen telescopen: de lenzentelescopen of refractoren en de spiegeltelescopen of reflectoren. Refractoren maken gebruik van lenzen en zijn relatief groter en zwaarder dan vergelijkbare reflectoren, maar zij bieden wel een beter beeld.
thumb|Voorbeeld van een dobsontelescoop
Spiegeltelescopen zijn goedkoper dan vergelijkbare refractoren en eenvoudiger in het gebruik. Dat geldt met name voor de zogenaamde dobsontelescopen, eigenlijk een newtontelescoop op dobsonmontering, die een zeer eenvoudige constructie en opstelling hebben.
Andere hulpmiddelen Andere hulpmiddelen die amateurastronomen gebruiken zijn bijvoorbeeld oculairen, stercatalogi, almanakken en sterrenkaarten die helpen bij het vinden van specifieke objecten, astronomische software en middelen om waarnemingen vast te leggen, zoals schetsboeken, logboeken of fotocamera's.
Observaties vastleggen thumb|left|Screenshot van een astronomisch softwarepakket
Verschillende manieren om een waarneming vast te leggen staan open voor de amateurastronoom. Velen kiezen voor het simpelweg gadeslaan van hemellichamen voor het plezier. Anderen kiezen voor het bijhouden van een logboek waarin details over de waargenomen objecten en algemene luchtcondities zoals helderheid en lichtvervuiling kunnen worden genoteerd.
Een veelgebruikte methode voor het vastleggen van observaties is de astrofotografie waarbij foto's gemaakt met behulp van een bescheiden telescoop spectaculaire resultaten kunnen opleveren. Als alternatief voor fotografie gebruiken veel amateurs schetsboeken om schetsen in te bewaren van de objecten die door de telescoop gezien worden.
Het verzamelen van namen en bijnamen van astronomische objecten buiten het zonnestelsel Een aparte tak van de amateurastronomie bestaat uit het verzamelen van de benamingen van deepskyobjecten. Deze namen zijn aan dit soort objecten gegeven om de herkenning ervan gemakkelijker te maken. Elk object heeft een aantal identificatienummers gekregen, behorend tot een omvangrijke hoeveelheid sterrenkundige catalogi. Deze ingewikkeld uitziende identificatienummers kunnen een verwarrende indruk geven en zijn vaak de oorzaak van misverstanden. Amateurastronomen weten vrijwel onmiddellijk welk object bedoeld wordt als ze een bepaalde naam, zoals de Paardenkopnevel (Horsehead nebula) ergens lezen in een boek, een magazine, of een online bron. Dankzij de komst van de digitale astrofotografie worden veel meer deepskyobjecten ontdekt en gefotografeerd dan in de jaren van de analoge astrofotografie. Vrijwel elk gefotografeerd object krijgt, meestal gerelateerd tot de daarin waargenomen pareidolie, een eigen naam of bijnaam. De hobby van het intensief opzoeken van deze namen en bijnamen, alsook het opzoeken van de (van namen voorziene) objecten, kan beschouwd worden als een verkenningstocht door de verscheidenheid aan sterrenatlassen, zowel in boekvorm als digitaal.Hugh C. Maddocks: Deep-Sky Name Index 2000.0 (Foxon-Maddocks Associates, 1991)Glossary of Selected Astronomical Names (Sky Catalogue 2000.0, Volume 2: Double Stars, Variable Stars, and Nonstellar Objects - Edited by Alan Hirshfeld and Roger W. Sinnott - Sky Publishing Corporation, 1985)
Ook worden eigen bedachte namen gegeven aan objecten die nog geen namen hebben. Deze namen fungeren ook weer als geheugensteuntjes, zoals het CC Tucanae stelsel (NGC 360), dat, vanaf de aarde gezien, zich schijnbaar net ten zuiden van de langperiodieke veranderlijke ster CC Tucanae (HD 6311) bevindt. CC Tucanae zal aldus door amateurastronomen als gidsster aangewend worden om met behulp van telescopen op zoek te gaan naar NGC 360.
Het opzoeken en waarnemen van telescopische asterismen Telescopische asterismen zijn groepjes gevormd door sterren die, vanaf de Aarde gezien, schijnbaar in elkaars buurt staan. Deze groepjes kunnen beschouwd worden als mini sterrenbeeldjes. Om de visuele verkenning van de sterrenhemel makkelijker te maken hebben tal van amateurastronomen een hele reeks telescopische asterismen ontdekt en er namen en bijnamen aan gegeven. Vrijwel het bekendste asterisme is Brocchi's cluster (Collinder 399) in het sterrenbeeld Vosje, dat veel op een kleerhanger lijkt. Dit asterisme kreeg dan ook de bijnaam Coathanger.
Licht werpen op de vergeten kunde van het waarnemen van dubbelsterren, meervoudige stersystemen, en koolstofsterren Het telescopisch waarnemen van dubbelsterren en meervoudige stersystemen is in de vergetelheid verzeild geraakt. Het opzoeken van de honderden astronomen en amateurastronomen die zich enkele decennia geleden hebben bezig gehouden met het waarnemen en catalogiseren van dubbelsterren, alsook met de subtiele contrasterende kleuren ervan, is een onderzoekwaardig niche gebied in de amateurastronomie. Het zelf opzoeken en waarnemen van kleurcontrastverschijnselen van dubbelsterren, met behulp van telescopen, verscherpt het gevoel voor kleurschakeringen in de sterrenkunde. Ook het opzoeken en telescopisch waarnemen van de opvallend oranjerode koolstofsterren is een verrijking om te weten te komen waar zich de meest kleurvolle astronomische objecten bevinden.
Wetenschappelijke bijdragen Amateurastronomen kunnen nuttige bijdragen leveren die voor professionele astronomen van belang zijn. Verslagen van waarnemingen gedaan door hobbyisten worden vaak op één punt verzameld door organisaties die zich specialiseren in een specifiek terrein binnen de sterrenkunde.
Veranderlijke sterren Vele duizenden sterren vertonen variaties in hun helderheid, de zogenaamde veranderlijke sterren, veroorzaakt door fysische processen binnenin de ster (intrinsieke veranderlijken) of door onderlinge verduisteringen bij dubbelsterren (extrinsieke veranderlijken). Vooral waarnemingen aan de intrinsieke veranderlijken zijn van wetenschappelijk belang. Amateurs spelen hierbij een belangrijke rol daar zij als groep continue waarnemingen kunnen verrichten aan deze objecten waardoor de variaties in een lichtcurve kunnen worden vastgelegd. Professionele astronomen gebruiken deze gegevens bij de analyse van de verschillende typen sterren.
Sterbedekkingen Sterbedekkingen waarbij de maan, of zeldzamer, een planeet of een planetoïde een ster bedekt vormen een ander terrein waar amateurs kunnen bijdragen aan het wetenschappelijk onderzoek. Met relatief bescheiden instrumenten zijn sterbedekkingen te volgen en door de momenten van verduistering en herverschijning van sterren nauwkeurig te bepalen kan dit bijdragen om de baan van de maan en planeten met meer precisie te bepalen.
Bij planetoïden, waar niet alleen de baan maar ook de afmetingen en de vorm van de hemellichamen onvoldoende nauwkeurig bekend zijn, kan zelfs een negatieve waarneming van belang zijn. Verenigingen van amateurs die zich in deze waarnemingen specialiseren, organiseren regelmatig expedities om deze verschijnselen te observeren waarbij de leden van de groep zich dan verspreiden over een gebied waar de occultatie verwacht wordt. Zo kunnen de vorm en afmeting van een planetoïde zeer nauwkeurig worden bepaald.
Kometen thumb|Komeet Hale-Bopp Hoewel van veel periodieke kometen bekend is wanneer zij zichtbaar zijn vanaf de aarde verschijnen er ook regelmatig kometen aan de hemel die tot dan toe onbekend waren. Amateurs hebben een belangrijke rol gespeeld bij de ontdekking van deze objecten, hoewel dat tegenwoordig minder vaak voorkomt dan vroeger, mede door enkele georganiseerde, professionele projecten die systematisch de hemel afzoeken naar nieuwe kometen en planetoïden.
Dankzij de zonnesonde SOHO die sinds 1995 een verankerde positie inneemt tussen de aarde en de zon, kunnen via het internet frequent nieuwe kometen ontdekt worden die zich zeer dichtbij de zon vertonen. De coronograaf van SOHO toont de zogenaamde sun grazers terwijl ze ofwel in een bocht omheen de zon bewegen en hun rendez-vous met de zon overleven, ofwel door de hitte van de zon uiteengetrokken worden en uiteindelijk desintegreren.
In augustus 2019 is de interstellaire komeet 2I/Borisov door een amateurastronoom ontdekt.
Ook dient vermeld te worden dat kometen er zelden uitzien zoals de klassiek aanvaarde illustraties waarin ideale kometen te zien zijn, als zeer heldere objecten met vurige staarten achter zich aan. Meestal blijven kometen uiterst moeilijk zichtbaar, en vertonen ze zich als flauw op te merken nevelvlekken zonder duidelijke begrenzingen. In andere gevallen vertonen ze zich als objecten waar in 't geheel geen kometen in te herkennen zijn, zoals de bolvormig uitziende komeet 17P/Holmes in oktober 2007. Zeer uitzonderlijk zijn de daglichtkometen, zoals deze van januari 1910 (C/1910 A1) die met magnitude -5 helderder scheen dan de planeet Venus.
Het opzoeken en alfabetisch rangschikken van de namen van kometen is een aparte zijtak van de amateurastronomie. Deze hobby kan ook uitgevoerd worden met de namen van planetoïden.
Supernovae in het melkwegstelsel Het ontdekken van supernovae in het melkwegstelsel kan in principe iedereen, maar een grondige kennis van de sterrenhemel is vereist. Telescopen zijn daarbij niet nodig. Relatief kleine verrekijkers kunnen wel van pas komen om er fragmenten van sterrenbeelden mee te vergroten, waarbij deze uitvergrote beelden kunnen vergeleken worden met de kaarten van sterrenatlassen, zoals Wil Tirion's Uranometria 2000.0, alsook met digitale fotografische sterrenatlassen zoals Wikisky.
Supernovae in ver verwijderde sterrenstelsels