De Sociedade Esportiva Palmeiras of simpelweg Palmeiras is een Braziliaanse voetbalclub uit de stad São Paulo. De club werd opgericht in 1914 onder de naam Palestra Italia, maar veranderde in 1942 van naam, omdat haar Italiaanse identiteit met de as-landen uit de Tweede Wereldoorlog werd geassocieerd. De club speelt in het groen en wit en behoort tot de meest geliefde clubs van het land. De grootste rivaal van Palmeiras is Corinthians. De derby tussen de twee teams is de grootste van de staat São Paulo.

Geschiedenis Palestra Itália Oprichting Op 26 augustus 1914 werd de Sociedade Esportiva Palestra Itália (of Società Palestra Italia in het Italiaans), het latere Palmeiras, opgericht door Italiaanse migranten, die supporter waren van Pro Vercelli en Torino. De eerste maanden werden vooral gebruikt om de club in te richten en bekend te maken. De eerste wedstrijd werd pas in januari 1915 gespeeld. De ploeg treedt aan tegen Savóia en wint de wedstrijd met 2-0, dankzij doelpunten van Bianco en Alegretti. In 1916 lukt het de club om zich aan te sluiten bij de Voetbalbond van São Paulo, waardoor de club vanaf 1916 aantrad in het Campeonato Paulista. De eerste wedstrijd in de staatscompetitie werd gespeeld tegen Mackenzie College en eindigde in een gelijkspel. Na een laatste plaats in het eerste seizoen eindigde de club in 1917 al tweede achter Paulistano, de toenmalige topclub. Dat jaar speelt ze bovendien voor het eerst tegen aartsrivaal Corinthians, dat met 3-0 en 3-1 verslagen wordt. In 1919 strandt de club op een zucht van een eerste titel, maar het Paulista van de legendarische speler Arthur Friedenreich blijft de club met één puntje voor. In 1920 koopt Palestra in São Paulo een stuk grond van de Antártica fabriek, waar ze haar eerste eigen terrein aanlegt.

De eerste titels miniatuur|links|Eerst kampioenenelftal van 1920. In 1920 was het dan eindelijk prijs. Palestra Italia en Paulistano eindigden samen eerste. Er komt een beslissende wedstrijd die de club met 2-1 kan winnen waardoor de eerste van vele titels een feit is. Het volgende seizoen eindigt Paulistano met één puntje meer boven Palestra en ook de volgende twee seizoenen moet de club genoegen nemen met een tweede plaats achter aartsrivaal Corinthians.

In 1924 verliet de club de competitie al na twee wedstrijden, omdat ze het niet eens waren met de uitsluiting van twee spelers. Bij de terugkeer in 1925 eindigde Palestra in de middenmoot, maar in 1926 waren ze helemaal terug en werden ze glansrijk kampioen met negen overwinningen op rij. Met Heitor had de club ook voor het eerst de topschutter van de competitie in eigen rangen. In 1927 werd de titel verlengd, maar dan volgden enkele seizoenen van ereplaatsen. Het huzarenstukje van 1926 werd nog eens herhaald in 1932, toen de club alle elf de wedstrijden won en Romeu met 18 goals topschutter werd.

In 1933 was het dubbel feest, de club won niet enkel een nieuwe staatstitel, maar ook de eerste editie van het Torneio Rio-São Paulo en in 1934 won het voor de derde keer op rij de staatstitel. In 1936 speelde de club internationale vriendschappelijke wedstrijden tegen de Argentijnse clubs Boca Juniors, Huracán, Vélez Sársfield en Estudiantes en de Spaanse club Espanyol. Datzelfde jaar won de club tegen rivaal Corinthians opnieuw de staatstitel met Luisinho als een van de sterkhouders.

De volgende titel kwam er pas vier jaar later in 1940. Datzelfde jaar kreeg de club de eer de openingswedstrijd te spelen van het nieuw gebouwde stadion Pacaembu, tegen Coritiba dat een 6-2 pak rammel kreeg. Een paar dagen later won de club in het stadion ook met 2-1 van Corinthians. Rond deze tijd begonnen ook enkele legendarische spelers bij de club, doelman Oberdan Cattani en middenvelder Waldemar Fiúme, die beiden bijna hun hele carrière aan de club wijdden.

De naamsverandering Op 13 september 1942 wordt besloten de naam van de club te veranderen naar Palmeiras. De Braziliaanse president Getúlio Vargas had zich, ondanks eerdere sympathieën voor Duitsland en Italië, bij de geallieerden aangesloten. Hierdoor waren zowel Italië als Duitsland vijanden van de staat geworden en de vele Duitse en Italiaanse immigranten in Brazilië ondervonden daar veel hinder van. De overheid dwong de club haar naam te veranderen. Deze koos voor Palmeiras als eerbetoon aan de terziele gegane club uit de stad AA das Palmeiras en zo kon de letter P van Palestra toch nog behouden blijven. Daarvoor had de club al in maart van dat jaar de naam Palestra de São Paulo aangenomen, maar deze naamswijziging vonden de instanties niet ingrijpend genoeg.

Palmeiras Het begin van Palmeiras miniatuur|Palmeiras in 1942. Hoewel de naam veranderd was, bleven de leden en spelers bekendstaan als landverraders. Dit veranderde een aantal maanden na de naamsverandering, toen de spelers van Palmeiras bij de openingswedstrijd van het staatskampioenschap het veld opkwamen met een Braziliaanse vlag. Ook onder de nieuwe naam bleef de ploeg titels winnen, zoals reeds in 1942, daarna nog in 1947 en 1950. In 1949 speelde club voor het eerst in Europa tegen FC Barcelona, waartegen zij gelijk speelden en een club uit Kopenhagen waar ze van verloren. In 1951 won de club het Torneio Rio-São Paulo en nam deel aan de Copa Rio, een prestigieus internationaal toernooi. In de groepsfase won de club van OGC Nice en Rode Ster Belgrado, verloor van Juventus, maar kwalificeerde zich desalniettemin voor de halve finale. Hier kwamen ze uit tegen organiserend team Vasco da Gama, dat ze opzij konden zetten, waardoor ze in de finale opnieuw tegen Juventus uitkwamen. In de heenwedstrijd won de club met 0-1 en in de terugwedstrijd bleef het 2-2, waardoor de club de trofee won.

De volgende jaren moest de club genoegen nemen met ereplaatsen. In 1953 en 1954 werd Humberto wel twee keer op rij topschutter voor de club. Nadat Corinthians de competitie enkele jaren domineerde, kwam halverwege jaren vijftig Santos op. Deze club beschikte al over enkele uitstekende spelers en daar kwamen dan nog de toptalenten Pelé en Coutinho bij die de club wereldfaam gaven. In 1957 eindigde Palmeiras slechts op een tiende plaats. Hierna ging het echter weer crescendo en in 1959 eindigde de club samen met Santos op de eerste plaats, waardoor er beslissende wedstrijden om de titel kwamen. Na twee keer gelijk won de club de derde wedstrijd, dankzij goals van Julinho Botelho en Romeiro.

Taça Brasil & Torneio Roberto Gomes Pedrosa In 1959 werd de Taça Brasil in het leven geroepen, voor het eerst kwam er een landelijke competitie waaraan de staatskampioenen deelnamen zodat Brazilië voor het eerst een landskampioen zou krijgen. Voor de staat São Paulo had Santos de eer om de competitie openen en Pelé en Coutinho konden bijna de titel veroveren maar verloren toch van Bahia in de finale. Een jaar later mocht Palmeiras namens de staat aantreden. De club mocht meteen in de halve finale aantreden en speelde daar tegen Fluminense. Humberto was na vier jaar bij Lazio teruggekeerd naar Palmeiras en scoorde het winnende doelpunt waardoor de club zich plaatste voor de finale tegen Fortaleza. Na twintig minuten stond het danzkij Romeiro en Humberto al 0-3 en hoewel Fortaleza in de tweede helft nog wel een aansluitingstreffer kon maken was de titel al binnen voor Palmeiras. In 1961 was het weer de beurt aan Santos, maar als titelverdediger speelde ook Palmeiras in de competitie, al moesten ze wel al enkele rondes eerder aantreden. Coritiba en Grêmio werden opzij gezet, maar in de kwartfinale botste de club op America, dat in de halve finale zelf een pak slaag kreeg van Santos. Datzelfde jaar speelde de club ook op internationaal niveau in de Copa Libertadores, een competitie die in 1960 van start gegaan was. Nadat eerst het Argentijnse Independiente verslagen werd zette de club ook het Colombiaanse Independiente Santa Fe opzij en plaatste zich zo voor de finale tegen het Uruguayaanse Peñarol. Nadat de club de heenwedstrijd verloor met 1-0 konden ze thuis niet winnen van Peñarol waardoor deze voor de tweede keer op rij de titel won.

Na een nieuwe titel in 1963 mocht de club in 1964 opnieuw aan de Taça deelnemen. Ze mochten meteen in de halve finale aantreden tegen titelverdediger Santos. Na een 2-3 thuisnederlaag verloor de club met 4-0 van Santos en was zo uitgeschakeld. het jaar erop mocht de club opnieuw aantreden, hoewel ze slechts vicekampioen geworden waren in de Paulistão. Grêmio werd in de kwartfinale verslagen, maar in de halve finale beet de club opnieuw de tanden stuk op Santos. Intussen beschikte de club met Ademir da Guia en Dudu over een bijna even vermaard aanvallersduo als Pelé-Coutinho. Ook in 1966 was Santos de boosdoener in de Taça, al kon Palmeiras wel één wedstrijd winnen met 5-3, echter was dat niet voldoende. Datzelfde jaar werd wel opnieuw de staatstitel gewonnen.

In 1967 werd er een nieuw competitie in het leven geroepen, die ook een landskampioen afleverde, namelijk het Torneio Roberto Gomes Pedrosa. Een aantal grote clubs was niet gelukkig met de formule van de Taça de Brasil omdat alle staatskampioenen eraan deel konden nemen, waar het niveauverschil erg groot was en andere grote clubs geen kans hadden om op nationaal niveau te spelen zonder een staatstitel te winnen. Het Torneio Rio-São Paulo, dat Palmeiras in 1965 nog gewonnen had, werd opgedoekt en clubs uit de staten Rio Grande do Sul, Minas Gerais en Paraná werden aan de nieuwe competitie toegevoegd. Er waren twee groepen en Palmeiras werd meteen groepswinnaar en plaatste zich voor de tweede ronde met Internacional, Grêmio en Corinthians. De club werd ook hier groepswinnaar en werd zo kampioen. Ademar Pantera was met 15 goals topschutter van de competitie, Rinaldo scoorde tien keer. De Taça was echter nog niet dood en begraven en werd later dat jaar nog gespeeld. Ook hier bereikte de club de finale, tegen Náutico de finale. Danzkij onder andere Cesar Maluco, Tupãzinho en de door Fluminense uitgeleende Lula kon de club hier de tweede landstitel in één seizoen binnen rijven. De resultaten weerspiegelden zich niet in de staatscompetitie, waar de club in 1967 vierde werd en in 1968 zelfs pas elfde. Dat jaar nam Palmeiras voor de tweede keer deel aan de Copa Libertadores en werd overtuigend groepswinnaar. Ook in de tweede fase werden ze groepswinnaar waardoor ze zich voor de halve finale plaatsten tegen oude bekende Peñarol. Deze keer kon Palmeiras winnen en ging zo naar een nieuwe finale tegen het Argentijnse Estudiantes. In La Plata kwam Palmeiras op voorsprong na een goal van Servílio, maar Verón en Eduardo Flores scoorden daarna nog voor Estudiantes. In de terugwedstrijd won Palmeiras met 3-1, dankzij goals van Rinaldo en Tupãzinho, die met elf goals ook topschutter van de competitie werd. Hierdoor kwam er een derde beslissende wedstrijd, die op neutraal terrein in Montevideo gespeeld werd. Estudiantes won deze wedstrijd met 0-2 en kroonde zich tot kampioen. In de tweede edite van het Torneio Roberto Gomes Pedrosa werd de club opnieuw overtuigend groepswinnaar, maar in de tweede groepsfase zwaaide Santos de scepter en won opnieuw de landstitel. De Argentijn Luis Artime speelde dit jaar en in 1969 voor de club en scoorde 49 keer in 57 wedstrijden. Zowel Santos als Palmeiras vonden de Taça de Brasil niet meer interessant en namen hier niet meer aan deel in 1968, het zou tevens de laatste editie zijn van de competitie.

In 1969 werd de club vicekampioen in de Paulistão en in het TRGP opnieuw landskampioen. In de tweede groepsfase telde de club evenveel punten als Cruzeiro, maar had een beter doelsaldo. Ook in 1970 werd de club vicekampioen, deze keer achter Fluminense. Als vicekampioen mocht de club in 1971 deelnemen aan de Copa Libertadores en werd groepswinnaar voor Fluminense, dat uitgeschakeld werd. In de tweede groepsfase moest de club de duimen leggen voor het Uruguayaanse Nacional.

Tweede gouden periode miniatuur|Luís Pereira in 1974.