thumb|Napoleon I op het slagveld bij Eylau. thumb|Napoleon I op het slagveld bij Friedland. thumb|Napoleon I ontmoet Alexander I in Tilsit.

Het jaar 1807 is het 7e jaar in de 19e eeuw volgens de christelijke jaartelling.

Gebeurtenissen januari 1 - In de Nederduits Gereformeerde Kerk wordt de liedbundel met Evangelische Gezangen in gebruik genomen als aanvulling op de psalmberijming van Dateen. 12 - Leidse buskruitramp: Nabij het Rapenburg vliegt op Koppermaandag een kruitschip met 37 ton buskruit de lucht in. Er vallen 151 doden en ruim 2.000 gewonden. Circa 220 huizen worden verwoest of onbewoonbaar verklaard. De ontploffing is tot in de stad Den Haag te horen. Koning Lodewijk Napoleon bezoekt de plaats van de ramp en geeft duizenden soldaten opdracht om Leiden weer op te bouwen.Cor van der Heijden (2004). Rampen en plagen in Nederland, 1400–1940. Pestbacillen, paalwormen en plunderende Moskovieters. Kempen Uitgevers, Zaltbommel. . Een Britse vloot onder bevel van admiraal Duckworth vaart de Bosporus op. De Britse linieschepen liggen dreigend voor het Topkapipaleis voor anker en de Britse regering eist dat Turkije de vriendschap met Frankrijk op zal zeggen en de Franse ambassadeur Horace Sébastiani tot persona non grata zal verklaren. Terwijl de Turkse regering en de Britten onderhandelen, brengt het Turkse garnizoen honderden kanonnen en manschappen bijeen. De Britse vloot wordt verjaagd en verliest daarbij twee oorlogsschepen (ongeveer 500 man).

februari 7 - 8 - Slag bij Eylau: Het Franse leger (75.000 man) onder bevel van keizer Napoleon I verslaat bij Eylau in een tweedaagse veldslag het Russisch-Pruisische coalitieleger (80.000 man), onder leiding van generaal Levin August von Bennigsen. Franse troepen van het IV Legerkorps onder bevel van maarschalk Nicolas Jean-de-Dieu Soult, rukken in de middag op over de ijzige weg naar Eylau. De stad wordt verdedigd door de Russische troepen van de 4e Divisie onder bevel van generaal Michael Andreas Barclay de Tolly. Ze hebben zich verschanst langs een verdedigingslinie, versterkt met barricades. Tegen de avond breken er hevige gevechten uit bij de begraafplaats van de stad. Uiteindelijk veroveren de Fransen de begraafplaats met een bajonetaanval. Ze moeten deze verdedigen tegen een vergeefse Russische tegenaanval, aangevoerd door Barclay – die tijdens de gevechten ernstig gewond raakt. De hevige straatgevechten gaan door tot diep in de nacht, maar uiteindelijk zegevieren de Fransen – met ongeveer 4.000 slachtoffers aan beide kanten. Vervolgens plunderen Franse troepen Eylau voor voedsel en brandhout. Vele Russische soldaten moeten in open velden slapen, slechts gehuld in hun grijze overjassen, en het is hen verboden vuur te maken. In de ochtend, op de tweede dag van de slag, openen Russische kanonnen een massaal bombardement. De Franse artillerie beantwoordt de Russen met gelijke munt. Het is het grootste gecombineerde artillerieduel (ongeveer 540 kanonnen) dat de wereld ooit heeft gezien. Het duurt bijna drie uur. Ondertussen arriveren Franse troepen (15.000 man) van het III Legerkorps onder bevel van maarschalk Louis Nicolas Davout op het slagveld, gestationeerd op de linkerflank van de Russen. Maar voordat ze kunnen aanvallen, worden de Fransen overrompeld door een Russische cavaleriebrigade. Na felle bajonetgevechten worden de Russen teruggedreven. Om 8.00 uur, geeft Davout (bijgenaamd de "IJzeren Maarschalk") het bevel voor een frontale aanval. De Russen zijn gelegerd op een heuvelrug (versterkt met artillerieondersteuning). De divisies van Davout lijden hevige verliezen en moeten zich terugtrekken. Napoleon geeft maarschalk Pierre Charles Augereau orders om aan te vallen met het VII Legerkorps (12.000 man), ondersteund door Franse troepen onder bevel van generaal Louis Vincent de Saint-Hilaire. Gehinderd door een hevige sneeuwbui raken de divisies van Augereau van koers en komen terecht midden in een moordend artillerieduel. Eén divisie wordt geconfronteerd met 70 Russische kanonnen, op een afstand van slechts 30 meter. Augereau's paard wordt onder hem gedood. Terwijl de overlevenden van het VII Legerkorps zich terugtrekken, rukken de Russische troepen en cavalerie op. De Fransen worden overrompeld en discipline stort in. Een van de weinige eenheden die ordelijk terugtrekken is het 14e Infanterieregiment (bijgenaamd "de dapperen") vanwege de heldhaftige rol bij Rivoli 10 jaar eerder. Het regiment biedt dapper weerstand, maar wordt afgeslacht – 75% van de soldaten wordt gedood of gewond. Tijdens de gevechten raakt het regiment zijn adelaarsstandaard kwijt. In slechts 30 minuten brengen de Russen Augereau's VII Legerkorps 5.000 slachtoffers toe. Vanaf de begraafplaats bij Eylau ziet Napoleon de catastrofe zich voltrekken. Hij geeft maarschalk Joachim Murat orders met de cavalerie een frontale aanval uit te voeren. Generaal Emmanuel de Grouchy, met zijn dragonders voorop, drijft de oprukkende Russen terug. Ze vinden een opening tussen twee Russische divisies in het centrum en gebruiken die om de verdedigingslinies te doorbreken. Terwijl Murat met zijn cavalerie het hoofdkwartier van Bennigsen nadert, bestookt een Russische batterij de Fransen met kartetsvuur. Tijdens de gevechten raakt generaal Jean-Joseph d'Hautpoul dodelijk gewond. Terwijl de Russische tegenaanval begint, beveelt Murat zijn cavalerie zich te hergroeperen en trekt zich terug. De Russische 4e Divisie is in beweging gekomen om zijn ontsnapping te blokkeren. Napoleon geeft maarschalk Jean-Baptiste Bessières bevel Murat (ingesloten door de Russen) met cavalerie van de Keizerlijke Garde te ontzetten. De Franse ruiters bestormen de Russische carré-infanterieformaties. Ze verjagen de Russische artillerie en banen een weg voor Murat's terugtrekkende cavalerie. Ondertussen arriveren op de rechterflank Franse troepen van het III Legerkorps, met voldoende versterkingen om een grootschalige aanval te lanceren. De Russen trekken zich terug naar een nieuwe verdedigingslinie op de 'Kreege Burge' – een dominante hoogte perfect voor artillerie. Twee uur van chaotische gevechten volgen, waarbij elke Franse opmars wordt beantwoord met een Russische tegenaanval. Maar gesteund door dragonders en de divisie van Saint-Hilaire, weet het III Legerkorps de Russen langzaam maar zeker te verpletteren. Bennigsen ziet zich genoodzaakt zijn laatste reserve in te zetten – de 14e Divisie. Gesteund door cavalerie drijven de Russische troepen de Fransen terug bij Klein-Sausgarten en over de velden daarachter, totdat hun opmars wordt gestuit door Franse artillerie. Om 15.00 uur hervat Davout de aanval, onder Franse druk bezwijkt de Russische linkerflank. Bennigsen verzamelt voldoende troepen om een nieuwe verdedigingslinie in te richten. Maar Franse kanonnen, die naar de 'Kreege Burge' zijn gebracht, open een verwoestend vuur op de geïmproviseerde stellingen. Om 16.00 uur bereiken Pruisische troepen (9.000 man) onder leiding van generaal Anton Wilhelm von L'Estocq het dorp Schmoditten en voeren een tegenaanval uit. Gedurende de volgende drie uur worden de Fransen tot stilstand gebracht en teruggedrongen tot een linie die loopt van het dorp Kutschitten tot bij Anklappen – richting Saint-Hilaires rechterflank bij Eylau. Davout vormt (persoonlijk zelf geleid) op de hoogten van Klein-Sausgarten een batterij van zijn kanonnen. Om 19.00 uur, vertraagd door L'Estocqs achterhoede, bereiken de Franse troepen (15.000 man) van het VI Legerkorps onder bevel van maarschalk Michel Ney het slagveld en rukken op tegen de Russische rechterflank. Bennigsen lanceert een tegenaanval, waarvan de gevechten voortduren tot 22.00 uur in de avond. Na overleg met zijn staf, besluit hij zijn troepen terug te trekken. De kozakken dekken de terugtocht, de uitgeputte Fransen merken pas om 3.00 uur 's nachts op dat het Russisch-Pruisische leger vertrokken is. De Russen verliezen ruim 20.000 soldaten gedood of gewond en 16 vaandels. De Fransen verliezen mogelijk 25.000 tot 30.000 soldaten gedood of gewond en 5 vaandels.Connelly, Owen (2005). The Wars of the French Revolution and Napoleon, 1792–1815, p. 137. Routledge. .Petre, F. Loraine (1907). Napoleon's Campaign in Poland 1806–1807, pp. 154–155. London: Lionel Leventhal.Smith, Digby (1998). The Napoleonic Wars Data Book, p. 240. London: Greenhill Books. .

maart 2 - President Thomas Jefferson ondertekent de Act Prohibiting Importation of Slaves, waarmee een verbod wordt ingesteld op het invoeren van slaven in de Verenigde Staten. Binnenlandse slavenhandel blijft toegestaan. 23 - Franse troepen (ongeveer 27.000 man) van het X Legerkorps onder bevel van maarschalk François Joseph Lefebvre beginnen met de belegering van Danzig (huidige Gdańsk). De stad heeft een strategische ligging, met een versterkte haven en 60.000 inwoners. Danzig wordt verdedigd door een Pruisisch garnizoen (14.000 man). Op bevel van Napoleon I begint Lefebvre met het bombardement (met ruim 100 kanonnen) van de stad. Clodfelter, M. (2017). Warfare and Armed Conflicts: A Statistical Encyclopedia of Casualty and Other Figures, 1492-2015, p. 152. Jefferson, North Carolina: McFarland. . 29 - De sterrenkundige Heinrich Wilhelm Olbers ontdekt een van de grote planetoïden: Vesta (diameter 390 kilometer).

april 13 - De Wet op het bestuur van de departementen verdeelt het Koninkrijk Holland in tien departementen, die elk zullen worden bestuurd door een Landdrost met zes assessoren. 18 - In Warschau treden tot de Rijnbond toe de hertog van Anhalt-Bernburg en vorsten van Anhalt-Dessau en Anhalt-Köthen onder aanname van de hertogelijke titel. 18 - In Warschau treden tot de Rijnbond toe de vorst van Lippe en de graaf van Schaumburg-Lippe, de laatste onder de aanname van de titel vorst. 18 - In Warschau treedt tot de Rijnbond toe de vorst van Waldeck. 18 - In Warschau treden tot de Rijnbond toe de vorsten van Reuss-Ebersdorf, Reuss-Greiz, Reuss-Lobenstein en Reuss-Schleiz. 18 - In Warschau treden tot de Rijnbond toe de vorsten van Schwarzburg-Rudolstadt en Schwarzburg-Sondershausen.

mei 24 - Het Pruisische garnizoen in Danzig zich na een belegering van 8 weken over aan de Franse troepen onder leiding van François Joseph Lefebvre. De noordelijke flank wordt veiliggesteld tegen Russische landingen. Napoleon I verleent Lefebvre de titel 'hertog van Danzig'. De belegering kost de Fransen ongeveer 6.000 doden en gewonden. De Pruisen verliezen ruim 3.000 doden en gewonden.Clodfelter, M. (2017). Warfare and Armed Conflicts: A Statistical Encyclopedia of Casualty and Other Figures, 1492-2015, p. 154. Jefferson, North Carolina: McFarland. . 25 - Paus Pius VII verklaart Coletta Boillet heilig. 29 - De Janitsaren komen in opstand tegen de hervormingen van sultan Selim III. Deze probeert door het terugdraaien van besluiten zijn troon te redden, maar moet toch na een paar dagen aftreden.

juni