De Westelijke Jordaanoever (Arabisch: الضفة الغربية, aḍ-Ḍiffä l-Ġarbīyä, Hebreeuws: יהודה ושומרון / הגדה המערבית, Jehoeda Wesjomron (Judea en Samaria) / Hagadah Hama'aravit), of kortweg Westoever, in de 20ste eeuw ook wel Cisjordanië genoemd, is het grootste grondgebied van de Palestijnse gebieden. De Westelijke Jordaanoever van Palestina is een bergachtig gebied dat aan de oostzijde wordt begrensd door de rivier de Jordaan en de Dode Zee. Naast deze natuurlijke grens zijn de noordelijke, westelijke en zuidelijke grenzen gevormd na de Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948 als wapenstilstandsgrenzen van 1949 tussen Israël en Jordanië, de zogenoemde Groene Lijn.

De Westelijke Jordaanoever is verdeeld in 11 gouvernementen van de Palestijnse Autoriteit (PA). Het hoofdkwartier met het presidentsterrein (de Mukata'a) zit in Ramallah evenals de Palestijnse Wetgevende Raad, het Palestijnse parlement. Oost-Jeruzalem wordt als de hoofdstad van Palestina beschouwd.

Demografie In 2007 had de Westelijke Jordaanoever totaal 2.350.583 Palestijnse inwoners. Eind december 2007 hield de Palestijnse autoriteit een volkstelling, hieruit bleek dat er op de Westelijke Jordaanoever inclusief Oost-Jeruzalem 2.345.000 Palestijnen woonden - dat was een verdubbeling ten opzichte van tien jaar daarvoor.Palestinians grow by a million in decade, Jerusalem Post, 9 februari 2008 (gearchiveerd)

Rond de 30% van de Palestijnen die op de Westelijke Jordaanoever wonen zijn Palestijnse vluchtelingen (Nakba) of nakomelingen van vluchtelingen die vóór 1948 in het gebied, dat nu Israël heet, woonden. Zij wonen voornamelijk in vluchtelingenkampen. In juni 2008 waren dat volgens de UNRWA 754.263 personen. Vluchtelingen volgens de UNRWA De 19 vluchtelingenkampen liggen verspreid over de Westelijke Jordaanoever en vallen onder de hulp- en dienstverlening van de UNRWA. Sommige zijn bijna uitgegroeid tot grote steden, andere zijn kleine landelijke dorpjes.Westelijke Jordanoever unrwa.org. In 2011 had de Westelijke Jordaanoever ongeveer 2.580.168 Palestijnse inwoners en in 2015 waren dat er naar schatting 2.862.485.p.56

In 2012 was van alle bewoners op de Westelijke Jordaanoever ongeveer 80-85% moslim (meest soennitisch), 12-14% is joods en ongeveer 1-2,5% is christen (meest Grieks-orthodox). Verder wonen er nog kleine etnische groepen zoals Samaritanen en bedoeïenen, maar deze zijn zeer klein, in 2012 ongeveer <1%, en bestaan uit niet meer dan een paar honderd mensen. Er wonen 381 Samaritanen in Kiryat Luza (bij Nablus).

In 2018 telde de Westelijke Jordaanoever naar schatting 2.798.494 Palestijnse inwoners. Het aantal Israëlische kolonisten in Oost-Jeruzalem bedroeg in 2021 ongeveer 236.600.the world factbook www.cia.gov Het aantal kolonisten in de Israëlische nederzettingen bedroeg in 2022 ongeveer 468.300.

De totale bevolking op de Westelijke Jordaanoever bedroeg in 2024 ongeveer 3.243.369.

Geografie De Westelijke Jordaanoever heeft een oppervlakte van 5860 km² en wordt in het noorden en westen door land omsloten, grenst in het oosten aan de rivier de Jordaan en in het zuidoosten aan de Dode Zee. Het gebied bestaat grotendeels uit een onregelmatig heuvelachtig land met wat vegetatie in het westen en vrij weinig begroeiing in het oosten. De hoogte varieert van 408 m onder zeeniveau aan de kustlijn van de Dode Zee tot 1030 m boven zeeniveau op de Nabi Yunis. De Westelijke Jordaanoever kent weinig natuurlijke hulpbronnen, met uitzondering van de hoger gelegen landbouwgrond die ongeveer 27% van het gebied beslaat.

Geschiedenis Westelijke Jordaanoever na 1948 De Westelijke Jordaanoever is een deelgebied van het voormalige Britse Mandaatgebied Palestina. Nadat zionistische Joden in een groot deel van het mandaatgebied de staat Israël hadden uitgeroepen, werd in de daarop volgende Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948 het voor een Palestijnse staat bestemde deel door Transjordanië bezet. En hoewel volgens het Verdelingsplan van de VN Jeruzalem als-één-geheel onder internationaal bestuur moest komen, veroverde Israël tijdens die oorlog ook het gebied en de wijken ten westen van de stad, West-Jeruzalem. Transjordanië behield de Oude Stad (Oost-Jeruzalem). In 1949 werd een wapenstilstand gesloten en een grenslijn getrokken, de Groene Lijn. Op 24 april 1950 annexeerde Transjordanië het bezette gebied dat vervolgens 'Westelijke Jordaanoever' werd genoemd en veranderde hierna zijn naam in Jordanië. De Palestijnen die er woonden kregen automatisch het Jordaanse staatsburgerschap. Deze annexatie werd alleen erkend door Groot-Brittannië en Pakistan, beide landen waren bevriend met het bestuur van Jordanië. De Westelijke Jordaanoever met inbegrip van Oost-Jeruzalem werd verboden gebied voor Joden uit Israël en andere landen.To Rule Jerusalem, Roger Friedland, Richard Hecht, 2000, p. 39 Christelijke pelgrims moesten een doopbewijs tonen aan de Jordaanse autoriteiten om te bewijzen dat ze geen Jood waren.Martin Gilbert (1996). 'Jerusalem in the Twentieth Century. Pimlico. p. 254Steven Carol (2015). Understanding the Volatile and Dangerous Middle East: A Comprehensive Analysis

Bezetting door Israël sinds 1967 In de Zesdaagse Oorlog van 1967 werd de Westelijke Jordaanoever en ook Oost-Jeruzalem met de Oude Stad (Al-Quds) door Israël op Jordanië veroverd en vervolgens militair bezet. (Volgens Resolutie 181 Algemene Vergadering Verenigde Naties van 1947 zou Jeruzalem als geheel een aparte status moeten krijgen.) Vervolgens annexeerde Israël Oost-Jeruzalem, inclusief zijn wijken, samen met een groot aantal omringende Palestijnse dorpen.Palestijns Centraal Bureau Statistieken p. 140: Dit deel omvat de volgende localiteiten: Beit Hanina, Shu’fat Refugees Camp, Shu’fat, Al-Issawiya, Jeruzalem “Al-Quds” met de wijken: Sheikh Jarrah, Wadi Al-Joz, Bab Al-Sahira, As Suwwana, At-Tur, Ash-Shayyah, Ras Al-Amud, Silwan, Ath–Thuri, Jabal Al–Mukabbir, As–Sawahira Al–Gharbiya, Beit Safafa, Sharafat, Sur Bahir, en Um Tuba, Kufr A’qab. Deze eenzijdige annexatie door Israël is in strijd met het volkenrecht, zoals beschreven in de Vierde Geneefse Conventie en door VN-resoluties veroordeeld, zoals Resolutie 465 Veiligheidsraad Verenigde Naties en de verwijzingen daarin naar voorafgaande en volgende Resoluties, zoals Resolutie 194 Algemene Vergadering Verenigde Naties.

Het dagelijks bestuur over de Haram al-Sharif (voor Joden de Tempelberg) in de Oude stad met daarop de Al-Aqsa moskee met de bekende Rotskoepel bleef onder beheer van de (toen door Jordanië gedomineerde) waqf, een islamitische organisatie. In 1988 deed Jordanië afstand van aanspraken op de Westelijke Jordaanoever ten gunste van de PLO,HUSSEIN SURRENDERS CLAIMS ON WEST BANK TO THE P.L.O.; U.S. PEACE PLAN IN JEOPARDY; Internal Tensions nytimes.com maar het beheer van de Haram al-Sharif bleef bij de Jordaanse waqf.

Bestuurlijke verdeling Na de bezetting in 1967 heeft Israël de groene grenslijn op al zijn landkaarten, zoals in klaslokalen, gewist.Erasure of the Green Line akevot.org.il Volgens de Israëlische minister van Volkshuisvesting is het vertrouwelijke militaire informatie die niet vrijgegeven kan worden vanwege bezorgdheid dat het de internationale betrekkingen van de staat zou kunnen ondermijnen. Vragen om gegevens daarover blijven onbeantwoord; die vallen onder de uitzonderingen in de Israëlische 'Wet op de Vrijheid van informatie' (Freedom of Information Law).Where Exactly Is the Green Line Between Israel and the West Bank? That’s Classified Military Material Haaretz, 19 februari 2018

Israël stelde vervolgens een militair bestuur in op de Westelijke Jordaanoever en startte met de bouw van Israëlische nederzettingen. Door Israël wordt de Westelijke Jordaanoever aangeduid met de Bijbelse namen Judea en Samaria. De Verenigde Naties veroordelen dit en houden voor de verdeling van het mandaatgebied Palestina nog steeds vast aan het Verdelingsplan van 1947 volgens Resolutie 181 Algemene Vergadering Verenigde Naties. De politieke Palestijnse Fatah-beweging en vervolgens ook de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) onder leiding van Yasser Arafat waren al eerder opgericht en streefden naar een eigen Palestijnse staat.

De Israëlische regering bracht vervolgens de burgerlijke zaken van zowel de Israëlische kolonisten als de Palestijnen onder bij een militaire regeringsinstantie COGAT(Coordinator of Government Activities in the Territories), bestaande uit IDF soldaten en (Israëlische) burgers. In 1981 werd dit bestuurlijk ondergebracht bij de Civil Administration, een onderafdeling van de COGAT.

Oslo-akkoorden In 1993 werden door tussenkomst van Bill Clinton de Oslo-akkoorden gesloten tussen Yitzhak Rabin en Arafat. Op grond daarvan werd in 1994 de Palestijnse Autoriteit opgericht onder leiding van Mahmoed Abbas. Die kreeg beperkte autonomie in delen van de Westelijke Jordaanoever met zicht op een onafhankelijke Palestijnse staat. De Westelijke Jordaanoever werd daarvoor ingedeeld in gebieden met een A-, B- of C-status: Area C and Palestinian State Building, juli 2011, The Council for European Palestinian Relations (CEPR), EU Heads of Mission report dat in juli 2011 door de EU Heads of Mission is opgesteld (gearchiveerd) Gebied A (18% van het grondgebied, 55% van de populatie) waar de Palestijnse Autoriteit zowel het burgerlijk bestuur als het veiligheidstoezicht uitoefent. Voornamelijk de steden. Gebied B (20% van het grondgebied, 41% van de populatie) waar de Palestijnse Autoriteit het burgerlijk bestuur uitoefent met gedeeld Israëlisch-Palestijns veiligheidstoezicht. Voornamelijk platteland. Gebied C (62% van het grondgebied, 5,8% van de bevolking) onder volledig Israëlisch militair veiligheidstoezicht en bijna volledig Israëlisch burgerlijk bestuur. Met name vruchtbare en bronrijke gebieden: Gebied aan weerskanten van de later gebouwde Israëlische Westoeverbarrière en een brede strook in de Jordaanvallei langs de Jordaan; delen waar sinds 1967 veel Israëlische nederzettingen waren gesticht.

Bij deze akkoorden werd Jeruzalem, als 'corpus separatum' nog buiten beschouwing gelaten. Over de status van Jeruzalem zou vijf jaar na de Oslo-akkoorden onderhandeld worden.

De reeds gestichte Israëlische nederzettingen lagen daarbij in gebied C en zijn in de jaren daarna verder uitgebreid; bovendien zijn nieuwe nederzettingen gebouwd. Door de Verenigde Naties is deze bouw in bezet gebied veroordeeld en worden de nederzettingen als illegaal aangemerkt. Bovendien belemmeren de nederzettingen de stichting van een onafhankelijke Palestijnse staat, die door de Oslo-akkoorden in het vooruitzicht werd gesteld.

Israëlische nederzettingen miniatuur|left|Toegangsbord voor de joodse nederzetting Beitar; verboden voor Palestijnen