thumb|Historische kaart, het noorden bevindt zich links thumb|Historische kaart van Gooiland. Uitgegeven tussen 1725 en 1734 door Reinier en Joshua Ottens Het Gooi, ook wel 't Gooi (/t‿ˈxoːi/) of historisch Gooiland, is een Nederlandse landstreek op de hoge zandgronden tussen het Gooimeer in het noorden, de Eem in het oosten, de Utrechtse Heuvelrug in het zuiden en de Vecht in het westen -- grotendeels liggende in het zuidoosten van de provincie Noord-Holland een gedeeltelijk de provincie Utrecht.

De exacte ligging en begrenzing van Het Gooi is niet eenduidig en heeft zich door de eeuwen heen ontwikkeld. De historische voorloper was Naerdincklant (Naardensland), het gebied dat verbonden was aan de inmiddels verdwenen kerkelijke nederzetting Oud-Naarden. Deze nederzetting groeide uit tot de enige stad van de streek en fungeerde gedurende een bepaalde periode als hoofdplaats en als zetel van de baljuw. Vanaf omstreeks 1300 raakte voor het gebied steeds meer de naam Gooiland in gebruik. Het woord Gooi is een oude nevenvorm van gouw, in de betekenis van landstreek of gewest.

Gooiland viel vanouds grotendeels samen met het werkgebied van de markeorganisatie van de zogenoemde erfgooiers. Deze bijzondere organisatie van Gooise boeren ontstond in de middeleeuwen rond het gemeenschappelijke gebruik en beheer van de woeste gronden. Zij stond oorspronkelijk bekend als de Vergadering van Stad en Lande van Gooiland en werd in 1912 bij wet omgevormd tot de Vereniging Stad en Lande van Gooiland.

Laren, Blaricum, Hilversum, Huizen, Naarden en Bussum worden vrijwel altijd tot Het Gooi gerekend. Over de positie van omliggende plaatsen en gebieden, waaronder ’s-Graveland, Muiderberg, Eemnes en Loosdrecht, bestaat minder overeenstemming. Muiden en Muiderberg behoorden historisch niet tot Gooiland. Hoewel het nabijgelegen Muiderslot ten tijde van P.C. Hooft de zetel van de baljuw van Gooiland was, maakte Muiden zelf deel uit van de Vechtstreek. Sinds 2016 vormen Muiden en Muiderberg samen met de vanouds Gooise plaatsen Bussum en Naarden de gemeente Gooise Meren. Mede daardoor worden beide westelijke kernen tegenwoordig soms toch tot Het Gooi gerekend.

Oudste bewoning Al zeer diep in de prehistorie woonden hier mensen. Archeologen hebben zelfs bewoning door neanderthalers aangetoond, circa 120.000 jaar geleden. Bewoning door de moderne mens is aangetoond uit de steentijd, maar vooral ook uit de late ijzertijd en de bronstijd (Hilversumcultuur).

Landschap thumb|Goois landschapstype: Weitje omgeven door bebossing

Landschappelijk is Het Gooi vrij zeldzaam. De streek bezit een hoge zandrug, de licht heuvelachtige noordelijke uitloper van de Utrechtse Heuvelrug, waarvan het een zanderig en bosrijk gedeelte vormt. Het hoogste punt in Het Gooi is de Tafelberg (36,4 m) halverwege Blaricum en Huizen. Verder is het landschap vlak aan oost- en westzijde, met meest weilanden.

De vele overgangen van hoog naar laag, en van droog naar nat zijn belangrijk voor veel dieren en planten. Het hedendaagse Gooi was destijds omringd met verraderlijke hoog- en laagveengebieden die een natuurlijke grens vormden en Het Gooi isoleerden van de Utrechtse gebieden in het zuiden, die langs de Vecht in het westen en langs de Eem in het oosten. Het Gooi biedt zo een grote variatie in landschapstypen met wateren aan de randen, gevoed door kwelwater van de hoge zandrug. Er zijn nog loof-, naald-, gemengde bossen, heide, grasland met zanderijsloten, landgoederen en unieke restanten van engen en meenten. Veel terreinen krijgen bescherming (Naardermeer, Goois Natuurreservaat) en vormen waardevolle buffers tussen de oprukkende bebouwing. Ook uniek voor Het Gooi is het consequent omzomen van veel heidegebieden met groene bosranden tot één vrijwel onafgebroken coulisselandschap dat het zicht op de bebouwing voorkomt. Het Goois Natuurreservaat (GNR) spreekt in dit verband graag van een illusielandschap: "De natuurgebieden van het Gooi omzomen de stedelijke gebieden. In het open heidelandschap is op veel plaatsen nog echt ruimte en weidsheid te ervaren doordat de stad aan het zicht is onttrokken door bos en doordat de bebouwing van de stad laag wordt gehouden."Karin Kos, [Brief_GNR_-_Bouwhoogte.pdf]Boswachter Dirk van het GNR formuleert het nog wat duidelijker: "Is het je wel eens opgevallen als je in één van onze natuurgebieden bent? Je loopt door onze bossen, heidevelden of stuifzanden en je waant je in de eindeloze natuur. Aan de horizon niets dan bomen en glooiende heuvels (oké, op de torenspits van de St. Vituskerk en de televisietoren in Hilversum na dan! 😉). En dat terwijl je toch midden in de randstad bent. Deze natuurbeleving midden in zo’n verstedelijkt gebied is uniek. We noemen het het illusielandschap",

Vanwege haar landschappelijke waarden is de regio zeer geliefd: naast veel beschermde natuurgebieden bevat zij een zestal verspreid liggende kleinere tot middelgrote plaatsen met veel villabouw, zonder een echte centrumstad. Kenmerkend voor Het Gooi is juist dat de zes plaatsen samen een soort parkstad vormen. Het gebied wordt doorsneden door twee snelwegen: de A1 van oost naar west en de A27 van noord naar zuid. Bovendien ligt er de spoorweg van Amsterdam naar Utrecht via Hilversum, plus de lijn Amsterdam – Amersfoort en de Gooiboog, de directe lijn van Almere naar Bussum en verder.

Begrenzing thumb|Gemeentegrenzen Bussum en omliggende gemeenten anno 2011

Traditionele begrenzing De echte Gooise plaatsen zijn (in aflopende grootte): Hilversum (de grootste gemeente en min of meer de centrumplaats), Huizen, Bussum, Naarden, Laren en Blaricum. Beide laatste plaatsen bezitten nog het meest een dorpskarakter, compleet met een authentieke Gooise brink. Eigenlijk was van oudsher alleen Naarden een stad, de andere plaatsen waren dorpjes. Hilversum is met bijna 90.000 inwoners de grootste woonplaats, voor de combinatie Naarden-Bussum met ongeveer 50.000 en Huizen met 42.000 inwoners.

Bestuurlijke consequenties Sommige kringen (van bestuur, bedrijfsleven en media) vatten de Gooise regio ruimer op. Het Gooi bestrijkt dan globaal het gebied tussen het Amsterdam-Rijnkanaal aan de westkant, en de Utrechtse Eem aan de oostkant. Niet de historische Gooyergracht (en de daaraan ongeveer parallelle A27), maar de Utrechtse rivier de Eem vormt dan de oostelijke grens, met het Gooimeer aan de noordkant en het Utrechtse plassengebied aan de zuidwestkant. Het historische Eemland en de Vechtstreek worden zo bij uitbreiding ook tot Het Gooi gerekend waardoor de traditionele noties 'Het Gooi', 'Vechtstreek' en 'Eemland' vervagen. De landschappelijke verschillen tussen enerzijds het verstedelijkte Gooi, met zijn kern van heide- en boslandschap, en anderzijds de beide andere, landelijkere, veeteeltgebieden zijn echter nog duidelijk zichtbaar.

In het het kader van een gemeentelijke herindeling is de Noord-Hollandse fusiegemeente "Gooise Meren" gevormd uit de Gooise gemeenten Naarden en Bussum en de Vechtstreek-gemeente Muiden.

thumb|Begrenzing van de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek, impressie van het landschap en voormalige indeling van gemeenten (2012)

Aan dit streven lag mede ten grondslag de wens om de Vechtstreek niet verweesd te laten binnen de driehoek Amsterdam, Almere en Het Gooi. De fusieplannen van de provincie Noord-Holland stuitten echter ook op grote bezwaren, met name van de grootste betrokken gemeente, Bussum. Deze wenste alleen een fusie met Naarden en eventueel de Hilversumse Meent. In mei 2012 werd dit fusieplan in de Tweede Kamer verworpen.Samenvoeging van de gemeenten Bussum, Muiden, Naarden en Weesp. Gearchiveerd op 7 april 2022. Inmiddels is er zonder Weesp wel een drieledige fusiegemeente gevormd, onder de naam Gooise Meren.Wet samenvoeging gemeenten Bussum, Muiden en Naarden en grenswijziging met gemeente Weesp

Buiten de historische grenzen De Vechtstreek en het Eemland liggen historisch en landschappelijk buiten Het Gooi. Ze worden thans wel betrokken in het bestuurlijk overleg over een gemeentelijke herindeling van Het Gooi en de Vechtstreek. Vroeger werd er wel gezongen over "Baarn, parel van Het Gooi". Aan de oostkant hebben Baarn en Eemnes affiniteit met Het Gooi, waar zij ook 'tegenaan schurken'. Bestuurlijk vallen Eemnes en Baarn echter onder de Utrechtse regio Eemland. De Gooyergracht en de autoweg A27 vormen een scherpe fysieke grens met Het Gooi. Niettemin werkt Eemnes bestuurlijk samen met de gemeenten Blaricum en Laren, in een informeel verband dat naar de beginletters wordt aangeduid als de 'drie BEL-gemeenten'. Het fuseren van de 'drie BEL-gemeenten' is weer een stap verder, er is namelijk een gedeeld gemeentehuis in Eemnes. Aan de zuidwestkant vallen de genoemde gemeenten/dorpen (Loosdrecht, ’s-Graveland en Kortenhoef in de gemeente Wijdemeren) onder de Noord-Hollandse regio Gooi en Vechtstreek, met de nadruk op Vechtstreek. Daaronder vallen dan ook nog de westelijker gelegen Noord-Hollandse dorpen en stadjes Nederhorst den Berg, Ankeveen en de noordwestelijk gelegen plaatsen Weesp en Muiden. Grensoverschrijdend is de Vechtstreek nog weer groter. Hiervoor wordt ook wel de term 'Vechtplassengebied' gehanteerd.

Cultuurhistorische aspecten Het Gooi bezit een aantal cultuurhistorische aspecten die van landelijk en soms van internationaal belang zijn: Prehistorische grafheuvels Doodwegen die naar het St.-Janskerkhof in Laren leiden De Erfgooiers De enige esdorpen in de provincie Noord-Holland met nog herkenbare brinken: Laren, Blaricum en Muiderberg. De vesting Naarden met zijn vestingmuseum De oude vissershaven en dorpskern van Huizen De verdedigingslinies Hilversum: architectuurstad, radio- en televisiestudio’s Het buitenplaatsenlandschap van ’s-Graveland Hollandse waterlinie – noordelijk deel De Utrechtse Heuvelrug – noordelijk deel Het Gooise dialect - thans bijna verdwenen

Geschiedenis Het hooggelegen Gooi met zijn zandbodem is een van de oudst bewoonde streken van Nederland, waarvan de prehistorische grafheuvels en vondsten uit de Hilversumcultuur getuigenis afleggen. Deze duiden op een cultuur uit de vroege en midden-bronstijd (1800 - 1200 v.Chr.), naar aanleiding van het aardewerk dat in Hilversum en omgeving in vooral grafheuvels is gevonden. Kenmerkend voor de Hilversumcultuur zijn eenvoudige, tonvormige en dikwandige urnen. De versiering bestaat meestal uit vinger- en nagelindrukken op de rand, gecombineerd met afdrukken van touw. Het Geologisch Museum Hofland, gelegen naast het Sint-Janskerkhof, toont hiervan een aantal voorwerpen.

Water verzamelde zich op de lager gelegen plaatsen, en dat werden drinkplaatsen voor het vee. De dorpen Hilversum, Laren, Blaricum en Bussum zijn rond die drinkplaatsen ontstaan. Door de arme zandgronden was er voornamelijk schapenhouderij mogelijk, wat leidde tot wolverwerking.

Tot ongeveer 1300 stond Het Gooi bekend onder de naam Nardincklant of Nardingerland (Land van Naarden). In 968 schonk (gouw)graaf Wichman Nardincklant aan het stift Elten, een wereldlijk stift voor (hoog)adellijke juffers in Elten. Het stift en zijn kerk waren gewijd aan Sint Vitus. In 973 kreeg het stift Elten van de keizer Otto II immuniteitsrechten over al zijn bezittingen, ook over Nardincklant. Kerken die in Nardincklant gebouwd werden op de immuniteitsgronden van het stift Elten werden eveneens gewijd aan Sint Vitus.Kos (2010) p. 73 e.v.

Ook het kapittel Sint-Jan van Utrecht had rechten in het Naardingerland (Het Gooi). Van de kerk in Naarden deelden de proost van het kapittel Sint-Jan en de abdis van het stift Elten het recht om de persona aan te stellen. Verder hadden zowel de proost als de kanunniken van het kapittel inkomsten uit verspreid liggende gronden in Het Gooi. De naam Janskerkhof in Laren waar door het kapittel in de elfde eeuw een kapel gesticht is verwijst naar de beschermheilige van het kapittel.Palmboom (1995), p. 78 e.v.