Christenanarchisme is het streven naar anarchisme, d.w.z. een samenleving zonder afgedwongen externe autoriteiten, gebaseerd op (elementen van) het christendom. Christenanarchisten beroepen zich vaak op voorgangers uit de geschiedenis van het christendom en (veelal) op passages uit Jesaja, Micha en de Bergrede. Ze verwerpen de staat als gewelddadig en bedrieglijk. Aangezien anarchisme pas opkwam in verband met de moderne staat, geldt dit ook voor het christenanarchisme, wat veelal gepaard gaat met pacifisme en geweldloosheid. De term is geïntroduceerd door antiklerikaal filosoof (en specialist in de gnosis) Eugen Heinrich Schmitt in verband met Leo Tolstoj en zijn tekst Het koninkrijk Gods.
Negentiende eeuw Adin Ballou (1803-1890) Deze Amerikaans predikant en pacifist stond afwijzend stond ten opzichte van de staat.Adin Ballou: Practical Christian Socialism, Hopedale, Massachusetts 1854, p. 267 (o.a.). Gearchiveerd op 12 juni 2023. Tegelijkertijd verzette hij zich tegen revolutionaire agitatie en bepleitte geweldloos verzet tegen de overheid (in de vorm van petities, vergaderingen en geschriften). Hij noemde zichzelf nadrukkelijk geen anarchist. Anarchisme staat voor hem voor chaos en wetteloosheid.Ibidem, p. 420 Hij stichtte in 1842 een kolonie in Massachusetts die hij de naam Hopedale Community gaf en waar geen sprake was van dwang, geweld en onderdrukking. De bewoners van de kolonie waren tegen mede-eigenaar van het onroerend goed. Hopedale ging in 1855 ter ziele. Ballou noemde zijn politieke denkbeelden Practical Christian Socialism (Praktisch Christelijk-Socialisme) en Christian Non-Resistance (Christelijke Weerloosheid). In het laatste jaar van zijn leven correspondeerde hij met de Russische schrijver Leo Tolstoj. Positie: anarchopacifisme, socialisme, links-libertair
William Batchelder Greene (1819-1878) Deze Amerikaanse predikant behoorde tot de unitarische kerk. Greene geloofde dat alle mensen gelijk waren en was tegen iedere vorm van privileges. Hij behoorde tot de anarchistische stroming die men het mutualisme noemt. Mutualisten dringen aan op samenwerking tussen individuen om een bepaald doel (meestal economisch) te bereiken waar beide partijen voordeel aan hebben. Hij was een groot voorstander van privébezit, maar vond dat te weinig mensen over bezittingen beschikten. Hij vond dat kleine coöperatieve banken personen geld moesten lenen om hen in staat te stellen om onroerend goed aan te schaffen. De rente moest zeer laag zijn en woeker werd door hem afgewezen.Alle problemen van zijn tijd zoals onmatigheid, geweld, klassenongelijkheid, schulden, honger, oorlogen zijn volgens Greene te wijten aan kredietsysteem met z'n woekerrentes. Als iedereen of ieder gezin beschikte over een stuk grond of een eigen huis (mogelijk gemaakt door Mutual Banks) en vervolgens in zijn eigen onderhoud kan voorzien en vrije handel kan drijven zonder overdreven winstbejag wordt de wereld volgens Greene een prettiger plek om te wonen. Hoewel voorstander van privébezit, was hij tegenstander van bezitsvermeerdering en bekritiseerde hij monopolies en was tegen kapitaalvergroting zonder daar arbeid voor te hebben verricht (Money is a medium of exchange, and should be allowed to increase only through labor.) Zijn opvattingen, neergeschreven in verschillende boeken en pamfletten, noemde hij Christian Mutualism en is sterk moralistisch gekleurd. Naast het feit dat hij zich bij het uitwerken van zijn leerstellingen beriep op de Bijbel, stond hij sterk onder invloed van de Franse anarchist Pierre-Joseph Proudhon. Positie: individualistisch anarchisme, mutualisme, links-libertair
Søren Kierkegaard (1813-1855) Deze Deense filosoof en de grondlegger van het existentialisme was een overtuigd christen maar stond zeer afwijzend ten opzichte van kerkelijke autoriteiten. De kerk, als gezagsinstantie, was vooral bezig met het in stand houden van allerlei privileges en stond in zijn ogen ver af van de boodschap van Jezus Christus. Zijn kritiek betrof niet alleen de kerk, maar allerlei gezagsinstanties, waaronder de overheid. Door de kerk en de overheid op een voetstuk te plaatsen (te vergoddelijken) bleef er weinig ruimte over voor het individu en diens existentiële vragen.Mark Leier: Bakunin: The Creative Passion, New York, Seven Stories Press, 2006, p. 83 Kierkegaard stond onverschillig tegenover de kerk en de staat. Beide instituten vormen een belemmering in het navolgen van Christus.Richard A. Davis: Love, Hate, and Kierkegaard's Christian Politics of Indifference, in, Alexandre J. M. E. Christoyannopoulos (red.): Religious Anarchism: New Perspectives, Cambridge Scholars Publishing 2009, p. 83 e.v. Positie: individualistisch anarchisme
Leo Tolstoj (1828-1910) Deze Russische schrijver wordt gezien als een van de voornaamste vertegenwoordigers van het christelijk anarchopacifisme. Op grond van de Bergrede was Tolstoj tot de conclusie gekomen dat iedere vorm van geweld moest worden afgewezen. Omdat de christen zijns inziens op geen enkele wijze betrokken mocht zijn bij gewelddadige acties, kon hij zich maar het beste afzijdig houden van iedere vorm van wereldlijke politiek. Net als Kierkegaard stond Tolstoj ook afwijzend ten opzichte van de kerk als instituut en in 1901 werd hij vanwege zijn heterodoxe standpunten als lid van de Russisch-Orthodoxe Kerk geëxcommuniceerd. Hoewel van adellijke komaf en wonend op een landgoed, bepleitte Tolstoj een uiterst sobere levensstijl waarin iedereen zich door middel van handarbeid in zijn of haar noden kan voorzien. Hij wees het leven in de grote stad af en was voorstander van kleine egalitaire gemeenschappen waar mensen met elkaar samen zouden werken. Anders dan zijn grote voorbeeld Ballou (zie boven) stond hij sceptisch tegenover privébezit. Hij verwierp het label anarchist, omdat hij alle politieke ideologieën verwierp. Hij beschouwde zichzelf gewoon als christen. Zijn boek Het Koninkrijk Gods is binnen uw bereik (1894) geldt als een van de belangrijkste documenten binnen het christenanarchisme. Zijn visie op het christendom en levenswandel laat zich in vijf punten vatten: Heb uw vijanden lief (Matt. 5) Wees niet kwaadaardig (of boos) (Matt. 5) Vergeld geen kwaad voor kwaad, overwin het kwaad door het goede te doen (Matt. 5, Rom. 12) Wees niet wellustig (Matt. 5) Leg geen eed af (Matt. 5)
Tolstoj was geïnspireerd door de Doechoboren die op hun beurt weer door hem gesteund werden. Tijdens de Russische Hongersnood (1891) organiseerde hij een alternatieve hulporganisatie om de hongerigen te voeden. Naast pacifist, aanhanger van de soberheidsgedachte en anarchist was Tolstoj ook een vegetariër. Positie: anarchopacifisme, individualistisch anarchisme
De term Tolstojaan(se Beweging) is de naam die gegeven wordt voor aanhangers met het gedachtegoed van Russische schrijver. Van de Engelse tolstojaanse stroming rond het blad New Order is Ebenezer Howard ongetwijfeld de bekendste schrijver. Hij was de theoreticus van de tuinstad. Arvid Järnefelt (1861-1932) was een Fins aristocraat die werkte als advocaat en schrijver van korte verhalen. Toen hij kennis maakte met het gedachtegoed van Tolstoj stopte hij zijn werkzaamheden als advocaat en ging zich toeleggen op het propageren van het tolstojanisme in Finland.
Twintigste eeuw Nederland Het protestantse christenanarchisme was oorspronkelijk georganiseerd in de Vereniging Internationale Broederschap (met onder meer Anne de Koe) en rond het blad Vrede (opgericht in 1897, mede uitgegeven door Jacob van Rees). Daarnaast van belang was de Rein Leven Beweging (1901-1929), het Vrije Menschen Verbond (1907-1919), de Broederschapsfederatie (in 1918 opgericht door Margaretha Meijboom) en de Bond van Religieuze Anarcho-Communisten (1920-1932, met onder meer Année Rinzes de Jong).
Felix Ortt (1866-1959) was een aanhanger van het pacifisme van Tolstoj maar noemde zich geen tolstojaan, maar "christen-anarchist". Ortt was net als Tolstoj een vegetariër. Daarnaast was hij medestichter van een anarchistische kolonie in Blaricum en werkte hij voor het blad Vrede. Hij was betrokken bij de Rein Leven Beweging die streefde naar een nieuw, ethische mens die afzag van het gebruik van genotsmiddelen, werelds genot, geweld en geslachtsverkeer anders dan voor de voortplanting. Hij was fel tegenstander van vivisectie en pleitbezorger van natuurgeneeskunde. Ortt behoorde tot de vrijzinnige Nederlandse Protestantenbond en had ook interesse in oosterse religies. Wat Ortt onder christenanarchisme verstond schreef hij neer in het boekje Denkbeelden van een Christen-anarchist (19173): "Het ware anarchisme komt overeen met begrip 'broederschap', omdat broederschap onderstelt: vriendschap op den voet van wederkeerige gelijkheid. En 't komt ook overeen met het begrip 'socialisme', omdat dit bedoelt 'samenwerking'; en met 'communisme', omdat dit wil zeggen 'gemeenschapsleven'" (p. 49). Zijn verzet tegen de Staat beschrijft hij op bladzijde 53 van zijn boekje: "Daarom ook ligt het voor de hand, dat wij ons om staatsvorm, om politieken strijd en dergelijke niet bekommeren. Deze kan van belang zijn voor hen, die zich nog voelen in de sfeer van het egoïsme, maar voor wie daar buiten staat heeft dit alles geen beteekenis. (...) Zo is naar mijn meening de aangewezen verhouding tegenover den Staat: 1e. het organiseerend vermogen van den Staat overlaten, die zich daartoe aangetrokken voelen, met waardeering daarvan, voor zoover het inderdaad het welzijn van allen beoogt; 2e. het staatsbestuur, politiek, wetten-maken enz. overlaten aan degenen, die zich nog rangschikken onder de sfeer van het egoïsme, en die meenen, dat een andere sfeer voor den menschheid onbereikbaar is. 3e. tegen het dwingend gezag van den Staat, waar dit onze gewetensvrijheid belemmert, te protesteeren met alle kracht en zoo noodig ons daartegen lijdelijk verzetten, dat is: handelen alsof zulk een gezag niet bestaat" (p. 53). Vooral dit laatste punt is kenmerkend voor christelijk anarchopacifisten. Positie: anarchopacifisme, anarchocommunisme, moralisme
Lodewijk van Mierop (1870-1930) was evenals Ortt een tolstojaan en maakte ook deel uit van de kolonie te Blaricum. Ook was hij betrokken bij het antimilitaristische blad Vrede. Dit gold ook voor de vrijzinnige dominee Louis Adriën Bähler (1867-1941) die na een conflict in 1911 zijn predikantschap naast zich neerlegde. Hij bleef echter gedurende zijn verdere leven een overtuigd anarchist. Net als Ortt had hij grote belangstelling voor oosterse godsdiensten (met name het boeddhisme) en alternatieve geneeswijzen. Bähler maakte ook deel uit van de Rein Leven Beweging. Hij werd waarschijnlijk ook sterk beïnvloed door zijn vader die sympathiseerde met de piëtistische heiligingsbeweging. Positie: anarchopacifisme, anarchocommunisme, moralisme