Beweging.net is een netwerk van sociale organisaties. Beweging.net is in juni 2014 ontstaan op de grondvesten van het ACW (het Algemeen Christelijk Werknemersverbond), de koepel van christelijke werknemersorganisaties in Vlaanderen. De Franstalige tegenhanger is de Mouvement ouvrier chrétien (MOC).

Structuur Voorzitters Periode Voorzitter ACW-MOC 1923 – 1927 Hendrik Heyman 1927 – 1933 Edmond Rubbens 1933 – 1946 Hendrik Heyman ACW 1946 – 1951 Paul-Willem Segers 1951 – 1965 Raphael Hulpiau 1965 – 1988 Willy D'Havé 1988 – 2002 Theo Rombouts 2002 – 2010 Jan Renders 2010 – 2014 Patrick Develtere Beweging.net 2014 – 2017 Patrick DevelterePatrick Develtere verlaat beweging.net, De Tijd, 13 februari 2017 2017 – 2025 Peter Wouters 2025 – heden Julie Hendrickx Devos

Partnerorganisaties De kern van het netwerk bestaat bij de oprichting in 2014 uit 11 stichtende partnerorganisaties: ACV, het Algemeen Christelijk Vakverbond; CM, de Christelijke Mutualiteit; Familiehulp, een dienst voor gezinszorg (thuiszorg) in Vlaanderen; Femma Wereldvrouwen, een vrouwenorganisatie, tot 2012 gekend onder de naam Kristelijke Arbeidersvrouwen (KAV); IC, het Internationaal Comité, een federatie van interculturele zelforganisaties in Vlaanderen; KAJ, de Kristelijke Arbeidersjongeren, een jongerenbeweging voor jongeren vanaf 12 jaar, waarbij de plaatselijke werkingen vertrekken vanuit vriendschap-vorming-actie en zien-oordelen-handelen; KWB, de Kristelijke Werknemersbeweging, een vereniging met een aanbod voor mannen, vrouwen en gezinnen; OKRA, een beweging van, voor en met gepensioneerden of mensen in dezelfde levensfase, tot 2006 gekend onder de naam Kristelijke Beweging voor Gepensioneerden (KBG), de huidige afkorting staat voor open, kristelijk, respectvol en actief; Pasar, sinds 2008 de opvolger van Vakantiegenoegens, een sociaal-culturele vereniging die zoveel mogelijk mensen wil motiveren en kansen geven om hun vakantie en recreatie zo waardevol mogelijk in te vullen; WSM-Wereldsolidariteit, een niet-gouvernementele organisatie voor ontwikkelingssamenwerking; Samana vzw, vroeger Ziekenzorg-CM, een vereniging van en voor langdurig zieken en gezonden, met een activiteitenaanbod om het sociaal isolement van langdurig zieken te doorbreken.

Het netwerk is een open netwerk en heeft naast de 11 partnerorganisaties ook 5 geassocieerde partners: Arktos, een vormingsorganisatie die kinderen en jongeren van 6 tot 25 jaar begeleidt in hun leefwereld, specifiek in arbeid, onderwijs, vrije tijd, welzijn en woonomgeving; Felies Kinderopvang Groep Intro, een organisatie voor vorming, onderwijs, opleiding, trajectbegeleiding, jobcoaching, werkervaring en sociale economie; Welzijnszorg, een organisatie die armoede bestrijdt vanuit verschillende invalshoeken (sensibilisering, ondersteuning lokale projecten, ontwikkelen vorming en educatieve materialen enz.); Pax Christi Vlaanderen, de Vlaamse afdeling van de internationale vredesbeweging Pax Christi.

Het netwerk stelt zich open voor andere verenigingen die tot het netwerk willen behoren. Toetreding is mogelijk na bespreking en besluit in de Raad Van Bestuur.

Beweging.net onderhoudt ook de relaties met de politiek. Zie meer hierover onder 'Band met de politiek'.

Structuur van het vroegere ACW Onder de koepel van het vroegere ACW zaten tot 2014 onder meer: ACV (het Algemeen Christelijk Vakverbond), CM (de Christelijke Mutualiteit), Familiehulp (een dienst voor gezinszorg/thuiszorg in Vlaanderen), Femma (de sociaal-culturele vrouwentak, tot 2012 gekend onder de naam Katholieke Arbeidersvrouwen – KAV), KAJ (Kristelijke Arbeidersjongeren – de jongerentak), KWB (Kristelijke Werknemersbeweging – de sociaal-culturele gezinstak), OKRA (de sociaal-culturele tak voor de gepensioneerden, tot 2006 gekend onder de naam Kristelijke Beweging voor Gepensioneerden – KBG), Pasar (sinds 2008 de opvolger van Vakantiegenoegens, een organisatie die zich inzet voor betaalbare recreatie dichtbij), WS (Wereldsolidariteit, ACW internationaal).

ACW organiseerde het overleg tussen de verschillende deelorganisaties, voerde gezamenlijke campagnes en acties en gaf Visie, het weekblad van de christelijke arbeidersbeweging, en het maandblad Gids op Maatschappelijk Gebied, uit. Daarnaast stond het ACW in voor de relaties met de politiek. Het onderhield nauwe banden met mandatarissen binnen de christendemocratische CD&V.

Doorheen de jaren verdwenen of afgestoten: BAC, coöperatieve bank, opgeslorpt door Dexia, vandaag Belfius De Volksverzekering, coöperatieve verzekeringsmaatschappij, tegenwoordig een merk van Belfius De Arbeiderspers / Reinaert Uitgaven, coöperatieve drukkerij en uitgeverij Groep Arco, de coöperatieve holding (in vereffening) Het Volk, dagblad, in 1994 overgenomen door de VUM en in 2008 als titel verdwenen

Maatschappijvisie van het ACW Het maatschappijmodel dat het ACW voorstaat mikt op een vrijemarkteconomie met een stevig sociaal vangnet en een belastingsysteem dat de welvaart herverdeelt in het voordeel van de kansengroepen in de samenleving. Het ACW pleit ook heel uitdrukkelijk voor een tolerante samenleving en zet zich daarbij heel duidelijk af tegenover extreemrechts. Desalniettemin wordt de beweging, zoals alle maatschappelijke actoren, geconfronteerd met een algemeen klimaat van verrechtsing in de samenleving. De politieke overtuiging (en het stemgedrag) van haar achterban strekt zich uit over christendemocraten, socialisten en groenen. Het ACW wordt ook geconfronteerd met een deel van haar achterban die zich tot extreemrechts gewend heeft. De maatschappijvisie van het ACW geldt in het algemeen als centrumlinks.

Band met de politiek Het ACW heeft van bij haar ontstaan een innige band gehad met de christendemocratie. Die was zeer nadrukkelijk met de CVP van na de Tweede Wereldoorlog, ook al maakt de beweging sedertdien geen deel uit van de partij. Het ACW werkt met 'erkende ACW-mandatarissen', die het maatschappelijke programma van de beweging onderschrijven en waarvoor het ACW dan zijn volmondige steun uitspreekt.

De band met de CVP is echter niet altijd even hecht geweest. Het ACW was altijd een zeer belangrijke, maar lang niet de enige partner van de CVP, die naast een linkervleugel ook altijd een belangrijke rechtervleugel gehad heeft. Vooral op het einde van de jaren 90 kwam de band zwaar onder druk te staan. In 1999 verloor de CVP de federale parlementsverkiezingen en kwam in de oppositie terecht. Daarop ging het ACW nauwere contacten leggen met socialisten, maar vooral met groenen, die toen beiden met de liberalen in de regering zaten. De CVP reageerde daarop door zich op haar beurt autonomer op te stellen.

Toen de CVP in 2003 veranderde in CD&V, ging de partij een veel Vlaamsere koers varen, een evolutie die men bij het ACW met lede ogen aanzag. Toen de partij ook nog eens een kartel sloot met de N-VA verkilden de relaties nog meer. Vandaag zijn de contacten er nog steeds. Maar in het licht van de voortdurende politieke crisis kan het ACW zijn ongenoegen over de steeds radicalere standpunten van CD&V, vooral over de nakende staatshervorming, steeds moeilijker verbergen. Daarbij komt het al eens tot een min of meer openlijke aanvaring. In 2014 toonden ACW-mandatarissen zich bijvoorbeeld openlijk ontevreden over de besparingen op subsidies voor sociale en culturele verenigingen. Premier Yves Leterme was na de verkiezingen van juni 2007 de grote gangmaker van de Vlaamse eis voor een grote staatshervorming, ondanks het feit dat hij zelf als een ACW-politicus geldt.

In het algemeen blijft de structurele samenwerking tussen ACW/beweging.net en CD&V overeind. Belangrijke ACW-politici bij CD&V waren of zijn, in het recente verleden, naast Yves Leterme, onder meer Etienne Schouppe, Jo Vandeurzen (Vlaams minister van Welzijn en Volksgezondheid), Steven Vanackere, Hilde Crevits (Vlaams minister van Onderwijs), Inge VervotteCV Inge Vervotte: zij werkte jarenlang voor de Christelijke vakbond en Veerle Heeren.

Geschiedenis Rerum Novarum (1891) Op het einde van de 19e eeuw kent West-Europa een zeer sterke industrialisering en verstedelijking. Tegen die achtergrond ontstaan het socialisme en de moderne arbeidersbeweging. Deze nieuwe sociale bewegingen brengen arbeiders samen en streven naar ontvoogding. Ze willen een einde maken aan de sociale en economische uitbuiting en eisen politieke rechten op voor de werkende massa.

De katholieken zien de opkomst van het socialisme met lede ogen aan en reageren door eigen arbeidersorganisaties op te richten. Ook zij streven naar meer sociale en politieke rechten voor de arbeiders, maar willen hen tegelijk uit de invloed houden van het in hun ogen te revolutionaire en vrijzinnige socialisme. Wanneer paus Leo XIII in zijn encycliek Rerum Novarum in 1891 oproept tot 'katholieke sociale actie', krijgt hij een grote respons in België.

Onder invloed van het socialisme en van Rerum Novarum verandert de visie van de katholieken op de sociale situatie van de arbeiders. De armoede van de werkende klasse werd vroeger afgedaan als een probleem waar de arbeider in de eerste plaats zelf schuld aan had, door een gebrek aan morele waarden en spaarzaamheid. Nu wordt de sociale achteruitstelling van de arbeiders serieus genomen en erkent men ook het recht van de arbeider om zichzelf te organiseren.

In 1891 wordt zo de Belgische Volksbond opgericht. Van bij het begin onderscheidt de beweging zich duidelijk van de socialisten. De katholieke arbeiders prediken geen revolutie, maar kiezen voor samenwerking tussen arbeid en kapitaal. Dat verschil in visie laat zich tot vandaag voelen, zij het minder uitgesproken. Het christelijke ACV kiest vandaag nog steeds nadrukkelijker voor sociaal overleg, dan het socialistische ABVV, dat sneller naar het stakingswapen grijpt bij sociale conflicten.

Uitbouw van een echte beweging Onder impuls van Rerum Novarum en de Belgische Volksbond worden her en der in België plaatselijke verenigingen uitgebouwd: de verenigingen van onderlinge bijstand, de vakverenigingen en de werkliedenbonden.

Van onderlinge bijstand tot mutualiteit De verenigingen van onderlinge bijstand zijn mutualiteiten, waarmee arbeiders zich proberen te wapenen tegen ziekte en invaliditeit. De verenigingen krijgen op het einde van de 19e eeuw een wettelijk kader en worden bovendien door de overheid gesubsidieerd, waardoor ze een explosieve groei kennen. Het principe is eenvoudig. Arbeiders betalen een kleine bijdrage aan een 'ziekenkas'. Zo wordt een spaarpot opgebouwd voor wie zonder werk valt door ziekte of invaliditeit. Die kan dan genieten van een uitkering. In het begin hebben de mutualiteiten nog een uitgesproken paternalistisch karakter. De kassen beheren de fondsen voor de arbeiders zonder dat die daar zelf veel medebeslissingsrecht in krijgen. Geleidelijk moet dat paternalisme echter wijken voor echte inspraak van de arbeiders. De mutualiteiten evolueren van paternalistische organisaties naar coöperatieve verenigingen.

Van vakverenigingen tot vakbonden De vakverenigingen krijgen in het begin, dus op het einde van de negentiende en in het begin van de 20e eeuw, te maken met grote tegenstand. Ze willen de arbeidsvoorwaarden van de arbeiders verbeteren en komen daardoor in conflict met de patroons, die ook veelal katholiek zijn en al hun invloed aanwenden om het christelijke middenveld te kortwieken. De pater dominicaan Georges Rutten weet het katholieke verzet in 1904 te doorbreken. Hij voert propaganda voor de vakbonden en erkent de staking als legitiem wapen in de strijd voor sociale vooruitgang. Onder zijn impuls ontstaan er steeds meer plaatselijke vakverenigingen. Die verenigen zich geleidelijk in nationale beroepsverbonden per sector, de centrales, bijvoorbeeld voor steenkool, textiel of metaal. In 1912 verenigen die zich op hun beurt in het Algemeen Christelijk Vakverbond (ACV).

Van werkliedenbonden tot koepelbeweging