De stoffige bundelzwam (Pholiota conissans) is een schimmel uit de familie Strophariaceae. De soort leeft saprotroof, of mogelijk zwak parasitair, op dood loofhout, vooral van wilg (Salix). Hij kan ook schijnbaar op de grond groeien, bijvoorbeeld op begraven houtresten of op wortels van grasachtigen. Vooral riet (Phragmites) op moerassige plaatsen wordt als substraat genoemd.
Kenmerken Uiterlijke kenmerken Hoed De hoed heeft een diameter van ongeveer 2 tot 5 cm. Hij is aanvankelijk gewelfd en wordt later vrijwel vlak. Het oppervlak is enigszins kleverig en glad. De kleur varieert van licht oker tot citroengeel of geelgroen, met doorgaans een donkerder oker- tot rossig-bruin centrum.
Lamellen De lamellen staan dicht opeen. Ze zijn aanvankelijk grijscrème tot geelachtig en kleuren bij het rijpen van de sporen kaneel- tot roestbruin.
Steel De steel is ongeveer 2 tot 7 cm lang en 2 tot 4 mm dik. Hij is vezelig tot vlokkig en witachtig tot lichtgeel. Naar de basis wordt de steel bruin. Er is geen duidelijke vliezige ring, maar er kan wel een vezelige ringzone aanwezig zijn.
Vlees Het vlees is wittig-crème tot geelbruin en de smaak is mild.
Sporenprint De sporenprint is roestbruin.
Microscopische kenmerken De sporen meten ongeveer 6–8 × 3–4,5 µm. Ze zijn glad, eivormig tot ellipsoïde en bruin gekleurd. Aan de top bevindt zich een kleine kiempore.
De cheilocystiden zijn cilindrisch tot enigszins kopvormig. Daarnaast zijn chrysocystiden aanwezig.
Ecologie De stoffige bundelzwam komt vooral voor op vochtige tot moerassige plaatsen. Hij groeit onder meer in rietlanden en oevervegetaties. In Nederland wordt de soort in de Verspreidingsatlas ingedeeld als saprotroof op kruidachtige plantendelen, met wortels als belangrijk substraat en Phragmites als het organisme waarmee hij vooral verbonden is.
Daarnaast kan de soort groeien op dood loofhout, vooral van wilg, op begraven houtresten en op de wortels van grasachtigen.
De vorm die op resten of wortels van grasachtigen groeit, werd vroeger onder andere afgescheiden als Pholiota graminis. Deze wordt tegenwoordig tot Pholiota conissans gerekend.
Verspreiding De stoffige bundelzwam komt voor in Europa. In Nederland is de soort 'algemeen'. Deze zeldzaamheidsklasse in de Verspreidingsatlas is gebaseerd op gevalideerde waarnemingen uit de periode 2004–2023. Op de Nederlandse Rode Lijst heeft de soort de status 'thans niet bedreigd' (TNB).
Taxonomie De soort werd oorspronkelijk door Elias Magnus Fries beschreven als Agaricus conissans. Species Fungorum accepteert de naam Pholiota conissans met als auteursvermelding (Fr.) M.M. Moser en het jaar 1967.
Kuyper en Tjallingii-Beukers behandelden de nomenclatuur van de soort in 1986. Zij merkten op dat Mosers combinatie uit 1953 niet geldig was gepubliceerd en publiceerden daarom zelf de combinatie Pholiota conissans (Fr.) Kuyp. & Tjall. De huidige Species Fungorum-database accepteert echter de in 1967 gepubliceerde combinatie van Moser.
Categorie:Strophariaceae Categorie:Schimmelsoort