De Vermaningen van Šuruppak zijn onderdeel van de vroegste Sumerische literatuur en daarmee van de vroegste literatuur van de mensheid. De tekst is bekend van Vroeg-dynastieke fragmenten uit Tell Abu Salabikh en uit een aantal veel latere bronnen.
Het betreft een wijsheidtekst die uit een verzameling korte vermaningen bestaat die ene Šuruppak aan zijn zoon op zijn levensweg meegeeft. De stijl heeft iets weg van het boek Spreuken van de Bijbel, maar de tekst is een kleine twee millennia ouder.
Enige citaten
De religie De latere, uitgebreidere versies van het stuk uit de Oud-Babylonische tijd hebben een indeling in drie hoofdstukken, ieder met een korte inleiding en een afsluiting. In de afsluiting van deel een en twee komt de religie om de hoek kijken, met name door verwijzingen naar Utu, de god van de rechtvaardigheid. Het slot van deel een luidt:
In de vermaningen zelf zijn verwijzingen naar de goden echter niet terug te vinden en in de oudste versies van Tell Abu Salabikh ontbreken de inleidingen en afsluitingen. Het is dus goed mogelijk dat het stuk oorspronkelijk wereldlijk van aard was en over lange tijd verzameld is, maar dat het later door de priesters in een religieus raamwerk geplaatst is.
Categorie:Sumerische literatuur