Patagonia, Inc., bekend als Patagonia, is een Amerikaans bedrijf in kleding en uitrusting voor buitenactiviteiten. Het had in 2022 ruim zeventig winkels in meer dan tien landen. Het bedrijf werd in 1973 opgericht door de Amerikaanse bergbeklimmer Yvon Chouinard en het hoofdkantoor is gevestigd in de Californische stad Ventura. Voor 2022 is de omzet geschat op 1,5 miljard dollar. Het bedrijf is bij het grote publiek vooral bekend geworden door zijn activistische identiteit en wordt gezien als een voorloper in maatschappelijk verantwoord ondernemen.
Sinds zijn oprichting heeft Patagonia commercieel succes gecombineerd met een actieve rol in de discussie over globale milieu- en klimaatproblematiek, maatschappelijk welzijn en politieke ontwikkelingen. Sinds 2002 besteedt Patagonia een procent van de jaaromzet aan doelen ten bate van milieu, natuur en klimaat. Het bedrijf heeft ook meermaals actie ondernomen – met voorlichtingscampagnes, investeringen, rechtszaken, samenwerkingsverbanden met andere bedrijven en de oprichting van verschillende organisaties. Patagonia voert sinds 2018 de missie: .Vrij vertaald: Patagonia doet zaken om onze thuisplaneet te redden.
In september 2022 werd het volledige eigenaarschap zonder overnamesom overgedragen aan twee stichtingen zonder winstoogmerk, met als doel de winsten volledig in te zetten voor projecten om de opwarming van de Aarde tegen te gaan. Chouinard kondigde deze overname aan met de mededeling: "De aarde is vanaf nu onze enige aandeelhouder".
Geschiedenis Yvon Chouinard thumb|(v.l.n.r.) Tom Frost, Royal Robbins, Chuck Pratt en Yvon Chouinard op de top van El Capitan in Yosemite National Park op 30 oktober 1964|alt=Zwart-wit foto van vier klimmers op de top van El Capitan Yvon Chouinard, zoon van Canadese immigranten afkomstig uit het Franstalige Quebec, werd op 9 november 1938 geboren in het stadje Lewiston in de Amerikaanse staat Maine, en verhuisde op achtjarige leeftijd met het gezin van zijn ouders naar Burbank (Californië). Op de middelbare school raakte hij gefascineerd door valkerij – hij was een van de oprichters van de Southern California Falconry Club – en leerde hij kliffen beklimmen en afdalen om valkennesten te bereiken. Na een ongeluk bij het afdalen besloot hij zich vooral te richten op de beklimming. Chouinard bleek een groot natuurlijk talent voor klimmen te bezitten. Hij werd actief lid van de American Alpine Club en schreef invloedrijke artikelen over vrij klimmen.
Chouinard hoorde tot de kleine groep vernieuwende klimmers die de jaren 1960 maakten tot de Golden Age of Yosemite Climbing (de Gouden Eeuw van de Klimsport in Yosemite National Park). Chouinard heeft El Capitan zes keer beklommen, waarvan twee eerste beklimmingen van ongemarkeerde routes, de North America Wall in 1964 en de Muir Wall in 1965. Ook beklom hij de Half Dome en andere rotsformaties in het park. Chouinard wordt gezien als een van de pioniers van het Amerikaanse rotsklimmen.
Chouinard Equipment thumb|Een RURP ('realized ultimate reality piton') – een kleine piton die werd gebruikt in dunne, ondiepe naden – vervaardigd door Chouinard Equipment in de jaren 1960|alt=Zwart-wit detailfoto van een piton Om in zijn levensonderhoud te voorzien startte Chouinard in 1957 met de verkoop van zelfgemaakt klimmateriaal aan bevriende bergbeklimmers in Yosemite Valley, vanuit de kofferbak van zijn auto. Hij had een tweedehands kolengestookt smidsvuur en aambeeld gekocht en vervaardigde zijn koopwaar in een omgebouwd kippenhok in de achtertuin van zijn ouders. Chouinard produceerde aanvankelijk uitsluitend pitons, waarvan hij er twee per uur kon maken. Toen vrienden van vrienden ook interesse kregen in zijn pitons van gehard staal, kon hij niet langer alles met de hand produceren. Daarom richtte hij in 1965 samen met klimpartner Tom Frost de firma Chouinard Equipment op. Chouinard was naast bergbeklimmer ook fervent surfer en koos voor de Californische stad Ventura als vestigingsplaats omdat daar de kustlijn in zijn ogen een van de mooiste plekken om te surfen is. Vijf jaar later was het bedrijf de grootste leverancier van klimmateriaal in de Verenigde Staten. thumb|Chouinard Equipment in Ventura (1969)|alt=Zwart-wit foto van medewerkers voor het gebouw van Chouinard Equipment De natuurschade – de stalen pitons bleven na een klim achter in het gesteente en veroorzaakten permanente grove sporen – was voor Chouinard reden om begin jaren 1970 de productie te staken, hoewel ruim zeventig procent van zijn inkomsten uit de verkoop van deze stalen pitons kwam. Als oplossing introduceerde het bedrijf in 1972 aluminium pitons die makkelijk en zonder schade uit een rots te verwijderen zijn. Het bedrijf bracht toen ook zijn eerste Chouinard Equipment-catalogus uit, die opende met een redactioneel stuk van de eigenaren over de schadelijke gevolgen van bergbeklimmen voor het milieu met een appel voor clean climbing.Clean climbing (schoon klimmen) is de manier van klimmen waarbij de klimtechnieken en -uitrusting erop gericht zijn om schade aan rotsen te voorkomen. Deze technieken vinden gedeeltelijk hun oorsprong in de jaren 1920 en eerder in Engeland, maar de term zelf is waarschijnlijk ontstaan rond 1970, tijdens de wijdverbreide en snelle acceptatie van deze manier van klimmen in de Verenigde Staten en Canada. De natuurvriendelijke pitons bleken een succes en Chouinard had hiermee voor het eerst zijn zorg voor natuurbehoud onder de publieke aandacht gebracht. miniatuur|Yvon Chouinard (1972)|alt=Zwart-wit portret van Yvon Chouinard met klimuitrusting Rond dezelfde periode ontdekte Chouinard tijdens een klimvakantie in Schotland dat rugbyshirts geschikt zijn om als klimkleding te fungeren. Het stevige katoen en de versterkte naden van visgraatkeperbinding – gemaakt om bestand te zijn tegen scrums en tackles – houden ook uitstekend stand bij het constant schrapen tegen rotswanden. Bovendien zorgt de hoge kraag van het shirt ervoor dat de klimtouwen en lussen die om de nek worden gedragen niet in de huid snijden. En commercieel niet onbelangrijk, de frisse en felle kleuren van de shirts worden gezien als een welkome afwisseling van de gebruikelijke grijze joggingbroek en sweatshirts.
Om de nauwelijks winstgevende klimmateriaaltak financieel te ondersteunen startte Chouinard met de import van deze shirts. De truien werden populair onder de lokale klimgemeenschap in Californië en door mond-tot-mondreclame duurde het niet lang voordat het bedrijf ook bestellingen ontving uit landen als Nieuw-Zeeland en Argentinië. In 1972 verkocht Chouinard rugbyshirts uit Engeland, regenpakken en bivakzakken van polyurethaan uit Schotland, handschoenen en wanten van gekookte wol uit Oostenrijk en met de hand gebreide omkeerbare mutsen (beanies) uit Boulder (Colorado). Het werd Chouinard duidelijk dat hij zich nog meer op kleding moest concentreren.
Patagonia miniatuur|Het geelkleurige hoofdkantoor van Patagonia, Great Pacific Iron Works in Ventura
Chouinard introduceerde in 1973 voor het assortiment outdoorkleding het merk Patagonia, vernoemd naar de bergachtige regio Patagonië in Zuid-Amerika, die in zijn ogen de magie had van de wilde plekken die nog steeds op Aarde te vinden waren. Chouinard koos voor een aparte merknaam om de kleding te onderscheiden van de klimuitrusting van het merk Chouinard Equipment, zodat Patagonia zou worden gezien als een merk niet alleen voor klimmers maar voor iedereen die betrokken is bij outdooractiviteiten. De eerste Patagonia-winkel werd geopend in 1973 in de Great Pacific Iron Works – een pand van een voormalig vleesverwerkingsbedrijf – in Ventura. In 1975 introduceerde Patagonia het logo dat later zeer bekend zou worden: een gestileerde beeltenis van de Monte Fitz Roy.
Vanaf de jaren 1980 werd naast natuurbehoud ook sociale verantwoordelijkheid onderdeel van het bedrijfsbeleid. Werknemers kregen de vrijheid hun werkuren flexibel in te delen, zolang het werk maar gedaan werd zonder negatieve gevolgen voor anderen. Het zogenaamde Let My People Go Surfing-flexitime-beleid stelde werknemers in staat "een goede golf te pakken, een middagje te boulderen, een opleiding te volgen of op tijd thuis te zijn om de kinderen te begroeten als ze uit de schoolbus komen". (2016) Ook begon het bedrijf met het verstrekken van gezondheidszorg en kinderopvang op zijn locatie waar het ook een bedrijfsrestaurant had met gezonde, verse – meestal vegetarische – maaltijden. (2011) p. 388
Patagonia kende een lange periode van groei – tussen 1980 en 1990 steeg de jaaromzet van 20 miljoen naar 100 miljoen dollar – totdat de groei onverwacht stilviel door een recessie en het bedrijf in juli 1991 120 mensen ontsloeg, ongeveer twintig procent van het totaal. Chouinard was van mening dat de eerdere, ongebreidelde groei en de bijbehorende toename van kosten hadden geleid tot deze ontslagen en hij verklaarde dat het bedrijf voortaan groei als doelstelling volledig zou afzweren. (2009)
Tegelijkertijd werd het bedrijf zich meer bewust van de ecologische schade die het aanrichtte. Het bleek dat 85 procent van Patagonia's ecologische voetafdruk werd veroorzaakt door de fabricage, het verven en afwerken van de kledingstoffen. Chouinard stond er daarom vanaf 1996 op om honderd procent biologisch katoen in te kopen, in een tijd dat er niet eens genoeg van het materiaal was om aan de vraag van alleen Patagonia te voldoen. Toch hield Patagonia vast aan die ambitie, waarin het bedrijf uiteindelijk slaagde door samen te werken met katoenboeren. Drie jaar eerder was Patagonia al het eerste bedrijf dat gerecyclede plastic flessen ging gebruiken om gerecycled polyester te produceren. Per 2021 was 84 procent van het polyester dat wordt gebruikt om Patagonia-kleding te maken, gemaakt van gerecycled polyester.
In december 2011 werd het bedrijf een gecertificeerde Benefit Corporation.Het label B Corp (Benefit Corporation) is een wereldwijd bekende prestatienorm voor bedrijven met winstoogmerk die worden beoordeeld op de impact op sociale en milieuaspecten. Om een B Corp te worden moeten bedrijven een certificeringsproces van een derde partij (B Lab) doorlopen.
miniatuur|miniatuurtijd=35|Toelichting op het Worn Wear-concept door een Patagonia-medewerker Vanaf 2013 werd het mogelijk om Patagonia-kleding door het bedrijf te laten repareren, vaak kosteloos. In 2017 introduceerde het bedrijf de mogelijkheid voor klanten om hun gebruikte Patagonia-kleding in lokale winkels in te wisselen voor een tegoed om nieuwe items te kopen. Na een schoonmaakbeurt en eventuele reparatie werden de ingebrachte kledingstukken onder de noemer Worn Wear tegen verlaagde prijzen opnieuw verkocht. Patagonia claimde dat Worn Wear werd geïntroduceerd om klanten aan te moedigen hun kleding langer te laten meegaan omdat dat helpt om de impact op de planeet Aarde te verminderen. Jaarlijks werden in de jaren rond 2020 meer dan 100.000 kledingstukken door het bedrijf gerepareerd. (2020) In 2019 werd het Worn Wear-programma uitgebreid met het aanbieden van kleding en tassen onder de naam ReCrafted, gemaakt van kledingstukken die niet konden worden gerepareerd en anders zouden worden vernietigd.
Activisme Patagonia beschouwt zichzelf niet louter als een kledingmerk, maar als een activistische organisatie. (2019) p. 280
Chouinard kwam in de jaren 1990 met een missie die hij omschreef als: "Build the best product, cause no unnecessary harm, use business to inspire and implement solutions to the environmental crisis" (Maak het beste product, richt geen onnodige schade aan en gebruik het bedrijf om oplossingen voor de milieucrisis te helpen vinden en te implementeren). Het bedrijf scherpte die missie in 2018 aan tot: "Patagonia is in business to save our home planet" (Patagonia doet zaken om onze thuisplaneet te redden). Vanuit dat perspectief heeft het bedrijf in zijn geschiedenis meermaals actie ondernomen op het gebied van milieu en klimaat, maar ook maatschappelijk welzijn en politieke ontwikkelingen.