Oscar Thomaes (Gent, 27 februari 1867 - Ronse, 20 juli 1937) was een Belgisch katholiek politicus en industrieel in Ronse. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was hij schepen en vervolgens burgemeester. Hij behoorde tot de belangrijkste textielfabrikanten van Ronse en was een promotor van de sociale leer van de Kerk. Hij was ook de stichter van het Syndicat des Apprêteurs, een van de eerste textielwerkgeversorganisaties in België.
Levensloop Oscar Charles Camille Thomaes was een zoon van Camille Thomaes (Wannegem-Lede, 1838 - Ronse, 1879) en Marie Thérèse Gevaert (Eine, 1835 - Ronse, 1888). Ze waren in Gent gevestigd, waar ze vooral lichte katoenen doeken produceerden,' katoenette' genaamdWegwijzer der stad Gent 1870: « Thomaes-Gevaert C., katoenettefab., Drongenhof 3, fabriek Tichelrei 2 en ook Wegwijzer der stad Gent 1873: « Thomaes-Gevaert C., katoenettefab., Statiestraat 38 »., die veel gelijkenis vertoonden met 'siamoise'.
In 1873 kochten ze in Ronse het voormalige klooster van de zwartzusters, waarin de arts Jean Gustave Magherman en zijn broer, de advocaat en volksvertegenwoordiger Yves Magherman, in 1856 een weverij en twijnerij hadden opgericht. Camille Thomaes bouwde hier een afwerkingsbedrijf uit, door zijn weduwe later aangevuld met een ververij.Dr. Oscar Delghust, Le Béguinage et le Couvent des Sœurs Noires, Ronse, 1943, blz 39 en 40..
De vroegtijdige dood van Oscars vader in 1879 en de dood van zijn moeder in 1888 dwongen hem ertoe zijn studies te onderbreken en de leiding van het bedrijf over te nemen, onder de naam Veuve Thomaes-Gevaert Camille et Enfants. In 1911 kocht Oscar Thomaes alle aandelen die nog aan zijn broers en zussen behoorden.
Hij trouwde met Euphrasie Wienar (Ronse, 1871 - Ronse, 1966)De familie Waignart, waarvan de naam werd gewijzigd in Wienar bij de instelling van de moderne burgerlijke stand in 1795, stamde af van Anthoine Waignart, een koetsenbouwer en wagenmaker van Artesische origine, die zich op het einde van de 16de eeuw in Ronse had gevestigd.. In mei 1893 doopte hij de onderneming om tot Oscar Thomaes-Wienar. Hij gaf er aanzienlijke uitbreiding aan, niet zonder moeilijkheden, want in juni 1893 was de fabriek slachtoffer van een aanzienlijke brand.Le Peuple, 28 juni 1893 schreef (vertaling): Een fabriek in brand. Zondag, omstreeks vier uur in de namiddag, brak brand uit in het etablissement van de heren Thomaes Broers en Zusters, te Ronse. In een oogwenk vlogen de gebouwen in brand. Door de extreme droogte en brandbaarheid van de materialen vatte alles in één keer vlam. Het spektakel dat dit immense inferno opleverde was ontstellend, en de opwinding nam nog toe toen het gevaar voor de naburige huizen, met name van de bank van Magherman Gebroeders, duidelijk werd. Onder leiding van majoor Dopchie werden onmiddellijk hulpacties georganiseerd en ondanks het tekort aan water en de slechte staat van de uitrusting kon het vuur worden bedwongen. De verliezen, gedekt door de verzekering, waren enorm. Ongeveer honderd arbeiders kwamen door de brand zonder werk te zitten.Het Laatste Nieuws, 15 juli 1895, blz. 4, maakt melding van een andere brand die snel door het fabriekspersoneel werd bedwongen. Pas was de fabriek weer grotendeels hersteld, of tot overmaat van ramp brachten slechte weersomstandigheden schade aan.Le Patriote, 14 november 1894 (vertaling): In Ronse. De orkaan veroorzaakte aanzienlijke schade in Ronse en omgeving. Aan de Oude Vesten werd een solide gebouw omvergeworpen en van boven tot onder vernield; een deel van het dak van de Sint-Hermeskerk werd weggevaagd; de schoorsteen van de Thomaes-fabriek bood ondanks zijn sterke helling weerstand, maar de wind verdraaide als stro zijn zware ijzeren kruin, enkele meters hoog, en legde hem op het gebouw.
De onderneming kreeg ook te maken met sociale onrust en stakingen, maar Oscar Thomaes leek deze goed te kunnen beheersenHet Nieuws van den Dag, 16 mei 1900: De werkstakingen in België. Te Ronse. Maandagmorgen hebben de werklieden den arbeid hernomen in de volgende fabrieken: Thomaes broeders en zusters, Zonnestraat; Verlinden, Kruisstraat; Cossyns gebroeders, Jan van Nassaustraat. De weverijen liggen nog allen stil. Maandagmorgen begaven zich een groep werkstakers naar de fabriek Thomaes om de werklieden te beletten den arbeid te hernemen; na met de bazen gesproken te hebben, zijn zij vertrokken. (…). Het Nieuws van den Dag, 17 mei 1900: (...) Hetzelfde gebeurde bij MM. Thomaes, broeders en zusters, verwers en gereedmakers, Martelarenplaats. De 60 verwers die deze fabriek verlaten hadden, zijn teruggekomen; de 30 gereedmakers zijn nog in staking.
Thomaes nam deel aan het zogenaamde mirakel van Ronse, stad met een ongunstige geografische ligging, zonder voldoende verbindingen en zonder natuurlijke rijkdommen, die vanaf het laatste kwart van de negentiende eeuw en door de wil van de inwoners een van de belangrijkste textielcentra van het land werd.Marleen Heyse en Guy Gadeyne, Textiel te Ronse 1800-1940. Een menselijk mirakel, Ronse, 1984.. Voor de firma Oscar Thomaes werd de uitvoer van haar afgewerkte producten, met name naar Frankrijk, een belangrijke markt.Le Vingtième Siècle, 17 mei 1913, (vertaling) Op de Gentse tentoonstelling. Het bezoek van de koning aan het Koloniale Paviljoen en de Textiel Tentoonstelling. De Koning op de afdeling Textielindustrie en Kleding. Een andere oude Ronsese firma, O. Thomaes, industrieel en schepen van de stad, nam ook aan de ververijtentoonstelling deel. Het bedrijf is opgericht in 1870 en is al meer dan veertig jaar actief, zowel in binnen- als buitenland. Het staat in Parijs al meer dan dertig jaar bekend om de kwaliteit van zijn werk en de voortreffelijkheid van zijn producten. Er werken meer dan 150 arbeiders en naast het bleken en verven van stoffen, wol, katoen, verschillende zijdesoorten, linnen en jute, in het algemeen alle textiel, heeft het zich gespecialiseerd in het verven van extra stevige kaki. De vorst was geïnteresseerd in de deelname van de firma Thomaes.
Een element dat het 'wonder' onder meer bij het bedrijf Thomaes verklaarde, lag in de technische vooruitgang.In de Catalogus van 1889 getiteld Construction Générale de Machines & Appareils pour le traitement et l'apprêt des tissus, Industrie de la laine et de ses dérivés, Fernand Dehaitre, constructeur mécanicien, 6 rue d'Oran, Paris, tome II, blz 108 en blz 119 van de Parijse fabrikant-mechaniek Fernand Dehaitre, onder de zeer weinige Belgische kopers van de machine voor de afwerking van weefsels, de « Veuve Thomaes, te Ronse (België). Thomaes was een van de allereerste klanten van deze gedurfde Franse uitvinder en fabrikant, om zich een continue hydraulische druk-warmtepers te kopen. Hij was zeer attent voor alle aspecten van de technische vooruitgang. Onder de indruk van de Freedom Trucks van het Amerikaanse leger, die door verschillende Amerikaanse fabrikanten werden geproduceerd, schreef hij in 1919 naar de firma Garford in Lima, Ohio, om informatie in te winnen over de aankoopvoorwaarden.The Motor Truck, The National Authority of Power Haulage, Volume 10, 1919, blz. 88: The Garford Motor Truck Co., Lima, O., has received this letter from Oscar Thomas (sic), alderman of public works at Ronse, Belgium : "When the armies which came to the rescue of our country passed I noticed some automobile trucks built by your factory. As I am interested in the purchase of such a truck, kindly send me your catalogue and terms". Deze Garfordtrucks stonden bekend als de zuinigste in gebruik: Low Cost Ton – Mile was de slogan van het bedrijf Garford. Vóór de Eerste Wereldoorlog had zijn verf- en appreteerbedrijf reeds 141 mannen, een vrouw en tien kinderen tussen 14 en 16 jaar in dienst.Marie-Thérèse Vanbutsele, L’industrie textile à Renaix de 1900 à 1940, L’activité des entreprises renaisiennes en 1916, Annalen van Ronse (GOKRTI) 1976, blz 5 tot 162. Aan het eind van de Eerste Wereldoorlog had het bedrijf nog maar 15 mensen in dienst, maar het breidde weer uit. Thomaes bleef voorzitter van de raad van bestuur tot aan zijn dood in 1937.
In 1923 richtte Oscar Thomaes de SA Teintureries Belges op. Deze nieuwe onderneming was vernieuwend en visionair voor Ronse. Ze deed beroep op vreemd kapitaal en kapitaalallianties met industriële groepen met gelijkaardige activiteiten, in tegenstelling tot de grote meerderheid van de Ronse textielbedrijven, die zich uitsluitend ontwikkelden met familiaal kapitaal en eigen financiële middelen. In 1922 kocht Oscar Thomaes het grote industriële complex van Jacques Van Ex-Toelen in de Wolvestraat. Deze was er sinds 1911 gevestigd. Tijdens de Grote Oorlog vorderden de Duitsers de Van Ex-Toelenfabriek op als kazerne, die de naam Herzog Albrecht Kazerne kreeg.Marleen Heyse et Guido Gadeyne, Textiel te Ronse, 1800 – 1940, Een menselijk mirakel, Madala Editions, 1984, blz 20. De Duitsers richtten een manege met stallen in, terwijl de uitrusting en het gereedschap werden vernietigd. Na de aankoop van deze verlaten gebouwen, bundelde Oscar Thomaes zijn krachten met de vroegere Etablissements Alsberge & Van Oost (AVO) uit Gent en de Blanchisserie & Teinturerie de Thaon (BTT) uit de Vogezen om het nieuwe bedrijf op te richten.1830- 1930 Livre d'Or du Centenaire de l'Indépendance Belge, Brussel - Antwerpen, 1931, blz. 417 en 418 De inspanningen van deze onderneming resulteerden in de afwerking van nieuwe artikelen, waarvan de productie tot dan toe in het buitenland had plaatsgevonden. Het bedrijf was een van de grootste werkgevers in Ronse na de Tweede Wereldoorlog. Het bedrijf ging failliet aan het eind van de jaren zeventig. In het begin van de jaren negentig werd de fabriek overgenomen door De Leie NV (1992) en vervolgens door De Nieuwe Leie (1994). Eind 2000 heeft de laatste exploitant, Flotex NV, de productie van gevlokte textielproducten stopgezet als gevolg van een catastrofale overstroming van de rivier de Molenbeek in Ronse. De site en de gebouwen werden in december 2002 eigendom van de stad Ronse, om er het cultureel centrum De Ververij van te maken.
Oscar Thomaes was ook voorzitter van L'AudenardaiseVennootschap opgericht bij akte verleden voor Meester Emile Vander Meersch, notaris te Oudenaarde, op 24 november 1919, bijlagen Belgisch Staatsblad van 22-23 december 1919, akte 11254, blz. 3263 en volgende, opgericht in Bevere (Oudenaarde) in 1919, en van La Lainière de l'Escaut in Leupegem, opgericht in 1923.
Na de dood van Oscar Thomaes zetten eerst zijn vrouw en vervolgens zijn kinderen en kleinkinderen de Établissements Oscar Thomaes verder, totdat het bedrijf begin jaren zeventig in liquidatie ging, als slachtoffer van de Europese textielcrisis, en uiteindelijk in 1992 werd opgeheven.Nationale Bank van België, Balanscentrale, Etablissements Oscar Thomaes, ondernemingsnummer 0400.253.078, vereffening gesloten op 26 december 1992. Dit ververij- en veredelingsbedrijf werkte hoofdzakelijk op contractbasis (maaklooncontract). In de jaren zestig werden de grote Ronsese textielbedrijven geconfronteerd met de concurrentie van goedkope textielproducten die in de opkomende landen in Azië werden geproduceerd.
Daarnaast was Oscar Thomaes de promotor van het in 1910 opgerichte Syndicat des Apprêteurs, een van de allereerste werkgeversorganisaties in de Belgische textielindustrieGinette Kurgan (Dir.), op. cit., blz 580.. De textielbereiders in de stad bevonden zich voordien op voet van oorlog.
In 1921 was hij ook de initiatiefnemer van de coöperatieve vereniging L'Union des Sinistrés de Renaix et Environs, Société coopérative pour Dommages de Guerre, die tot doel had de formaliteiten te vergemakkelijken waarin de wetgeving inzake oorlogsschade voorzag, over te gaan tot de aan- en verkoop van industriële machines, enz., zodat de industriële ontwikkeling van de stad Ronse kon worden hervat.Bijlage bij het Belgisch Staatsblad van 2 maart 1921, blz. 1863 tot 1867.