Tōjin yashiki (Japans: 唐人屋敷, Residentie van de Chinezen) was een Chinese handelspost in Nagasaki ten tijde van de sakoku, de zelfopgelegde afsluiting van Japan van de buitenwereld.
Vanaf het midden van de Muromachi-periode floreerde de Chinese handel in Kyushu. In 1635 beperkte het Edo-shogunaat deze handel tot Nagasaki, waardoor Chinese handelaren daarheen trokken. Toen China zijn handelsbeperkingen ophief, nam het aantal Chinese schepen in de haven van Nagasaki sterk toe. Er werden maatregelen genomen om de handel te reguleren, maar hoe strenger de regels werden, hoe meer smokkel er plaatsvond. Om smokkel tegen te gaan en om de handel te reguleren, richtte de magistratuur van Nagasaki in 1689 een afgezonderd gebied in, vergelijkbaar met Deshima, waarbinnen de Chinezen zich dienden te vestigen.Tegenwoordig de wijk Kannai-machi in Nagasaki Het terrein was ommuurd en omgracht, met één bewaakte ingang. Toegang voor Japanners was beperkt tot overheidsfunctionarissen en courtisanes. Met een oppervlakte van ongeveer 29.000 m² was Tōjin yashiki tweemaal zo groot als Deshima. Het bevatte schrijnen, marktstalletjes en een badhuis en had een capaciteit van ongeveer 2.000 personen. Na een verwoestende brand in 1698 werd tussen Tōjin yashiki en Deshima een gebied in de haven drooggelegd voor een apart pakhuisterrein.Shinchi (Nieuwe grond)
Na de door commodore Matthew Perry van Verenigde Staten geforceerde ontsluiting van Japan werd Tōjin yashiki in 1868 ontmanteld. Van Tōjin yashiki resten nog vier schrijnen en enkele gebouwen. Op het pakhuisterrein staat een Chinese wijk.
Categorie:Geschiedenis van Nagasaki