miniatuur|Diluviale terrassen aan de Katoen, republiek Altaj De Altajvloed refereert aan de cataclysmische vloed(en) die, volgens sommige geomorfoligici, aan het eind van de Laatste IJstijd stroomde(n) via de rivier Katoen in de republiek Altaj. Deze doorbraken waren het resultaat van plotselinge breuken van ijsdammen in de Tsjoejasteppe en Koerajsteppe.

Hypothese van meerdere vloedgolven Mogelijk hebben zich meerdere vloedgolven voorgedaan.

Huidig begrip Gletsjers die van het Altajgebergte afdaalden, vormden aan het einde van de laatste ijstijd, 15.000 tot 12.000 jaar geleden, een dam in de Tsjoeja, een grote zijrivier van de Katoen, waardoor een groot meer van ijs ontstond. De Tsjoeja- en Koeraj-bassins maakten onderdeel uit van dat meer van ijs. Het meer werd almaar wijder en dieper tot op een moment de ijsdam van 650 meter hoog het begaf, en er een rampzalige vloed doorbrak, die de loop van de Katoen volgde. Deze vloed was mogelijk de grootste afgifte van vers water op aarde, want de grootte wordt vergeleken met de Missoulavloeden in Noord-Amerika.

Periode De tijdperken waarin zich rampzalige vloedgolven voordeden zijn niet nauwkeurig vastgesteld en ze kunnen verschillende gebeurtenissen in de tijd zijn geweest. De vloeden vonden plaatsen tussen 12.000 en 9000 v.Chr. De grootste hoeveelheid water kwam gedurende één dag vrij, met pieken van 10.000.000 m³/s (Herget, 2005).

Route

Toen de ijsdam brak, stroomde het vloedwater de Tsjoeja af in de richting van de samenloop met de Katoen, volgde de Katoen in de Ob en daarna in het Mansimeer, een groot proglaciaal meer uit het Pleistoceen dat zich uitstrekte over ca. 600.000 km². Het waterniveau in het Mansimeer steeg snel en mogelijk stroomde vloedwater verder het Aralmeer, vervolgens de Kaspische Zee, de Zwarte Zee en ten slotte de Middellandse Zee in.

Literatuur Baker, V.R., The Spokane Flood debates: historical background and philosophical perspective //Geological Society, London, Special Publications 2008; v. 301; p. 33-50. Baker, V. R., G. Benito, A. N. Rudoy, Paleohydrology of late Pleistocene Superflooding, Altay Mountains, Siberia, Science, 1993, Vol. 259, pp. 348-352 Grosswald, M.G., 1998, New approach to the ice age paleohydrology of northern Eurasia, Chapter 15, p. 199-214— Palaeohydrology and Environmental Change / Eds: G. Benito, V.R. Baker, K.J. Gregory. — Chichester: John Wiley & Sons Ltd, 1998. p. 353 Rudoy, A.N., Baker, V. R., Sedimentary Geology (1993), Sedimentary effects of cataclysmic late Pleistocene glacial outburst flooding, Altay Mountains, Siberia, gearchiveerd op 15 september 2011, geraadpleegd op 14 juli 2026 Rudoy A.N., Mountain Ice-Dammed Lakes of Southern Siberia and their Influence on the Development and Regime of the Runoff Systems of North Asia in the Late Pleistocene, Chapter 16, p. 215—234 — Palaeohydrology and Environmental Change / Eds: G. Benito, V.R. Baker, K.J.

Externe links The Altai Flood, Keenan Lee, 4 oktober 2004, gearchiveerd.

Categorie:Pleistoceen Categorie:Paleogeografie Categorie:Geologie van Azië