Anyte van Tegea (Grieks: Ἀνύτη Τεγεᾶτις, Anýtè Tegeâtis, 3e eeuw v.C.) was een Oudgrieks dichteres uit het Arcadië van de derde eeuw voor Christus.Salisbury, J.E. (2001). Encyclopedia of Women in the Ancient World. Oxford: ABC-CLIO. p. 10.

https://books.google.be/books?id=HF0m3spOebcC&pg=PA15&redir_esc=y#v=onepage&q&f=false.Plant, I.M. (2004). Women Writers of Ancient Greece and Rome: An Anthology. Norman: University of Oklahoma Press. pp. 56-60.

https://books.google.be/books?hl=nl&lr=&id=uYGay_yqBLUC&oi=fnd&pg=PP9&dq=plant+women+writers&ots=_VKDRZnjhs&sig=D8pucHB1WmGsIzJwt64on_FOyrw#v=onepage&q=plant%20women%20writers&f=false Ze schreef literaire epigrammen in een Homerische taal en stijl, maar met een bijzonder vernieuwende inhoud: in haar poëzie staan voornamelijk vrouwen, kinderen, dieren en het landleven centraal.Gutzwiller, K.J. (1998). Poetic Garlands. Hellenistic Epigrams in Context. Berkeley: University of California Press. pp. 54-74.Greene, E. (2005). Playing with Tradition: Gender and Innovation in the Epigrams of Anyte. In: Greene, E. (ed.), Women Poets in Ancient Greece and Rome (pp. 139-157). Norman: University of Oklahoma Press.

https://books.google.be/books?id=ISvb6fUSB9oC&pg=PA139&lpg=PA139&dq=ellen+greene+playing+with+tradition&source=bl&ots=qSH3STLaUv&sig=ACfU3U3uRjoaZHiyYs-KFDN7mkk9PssayQ&hl=nl&sa=X&ved=2ahUKEwjVs-ai_ur0AhUH2aQKHVzjAXQQ6AF6BAgQEAM#v=onepage&q=ellen%20greene%20playing%20with%20tradition&f=false Hoewel er over het leven van Anyte zo goed als niks bekend is, is haar oeuvre na dat van Sappho het omvangrijkste dat we bezitten van een vrouwelijke auteur uit de Griekse oudheid.Barnard, S. (1978). Hellenistic Women Poets. The Classical Journal 73(3), 204-213.

https://www.jstor.org/stable/pdf/3296687.pdf?casa_token=QsxVHrWXZCMAAAAA:plqy8fGsdrhvYVZ3eEt8cYutg7AfjbuCPorIoa0NSWEzP_f4GOylomt2wblbQd2bTriPXYP1hyrQrixAh1GwJ1neQNfSuk177TwpAQfYOZBWpDvDTDwTSnyder, J.M. (1991). The Woman and the Lyre: Women Writers in Classical Greece and Rome. Carbondale: Southern Illinois University Press. pp. 67-80.

https://books.google.be/books?hl=nl&lr=&id=X4CLx2PMk4wC&oi=fnd&pg=PP11&dq=snyder+the+woman+and+the+lyre&ots=a-DbtG8u1N&sig=1gDuHOipBYERO1h8gY4Db6FjEos#v=onepage&q=anyte&f=false Er zijn vierentwintig volledige epigrammen van haar hand bewaard, grotendeels overgeleverd via de Anthologia Palatina,Paton, W.R. (2014). The Greek Anthology. Cambridge: Harvard University Press.

Anyte's epigrammen zijn de volgende nummers: VI.123, VI.153, VI.312, VII.190, VII.202, VII.208, VII.215, VII.236, VII.486, VII.490, VII. 492, VII.538, VII.646, VII.649, VII. 724, IX.144, IX.313, IX.314, IX.745, XVI.28, XVI.231, XVI.291.

http://onlinebooks.library.upenn.edu/webbin/book/lookupid?key=olbp58842 met uitzondering van één epigram, dat overgeleverd is via Julius Pollux.Julius Pollux & Dindorf, W. (ed.) (1824). Onomasticon. Libraria Kuehniana.

Anyte's epigram op V.48, p. 253.https://archive.org/details/onomasticon01polluoft/page/n361/mode/2up Van deze vierentwintig epigrammen worden er doorgaans zeker twintig, maar door sommigen zelfs eenentwintig of tweeëntwintig als authentiek beschouwd.

Leven en bronnen Anyte was afkomstig uit Tegea in Arcadië, een ruraal gebied in het centrum van de Peloponnesos. Aan de hand van haar taal en stijl en de imitatie van haar poëzie door latere dichters, wordt ze gesitueerd rond het begin van de derde eeuw voor Christus en dus in het vroege Hellenisme. Over haar leven is zo goed als geen betrouwbare informatie bewaard. De enige anekdote over Anyte in de Griekse literatuur is te vinden in Pausanias’ Beschrijving van Griekenland, waar ze opduikt in een legendarisch verhaal over de god Asklepios.Pausanias & Burgersdijk, P. (vert.) (2011). Beschrijving van Griekenland. Amsterdam: Athenaeum Polak & Van Gennep.

https://web.archive.org/web/20200918190622/http://diederikburgersdijk.com/nl/projecten/griekse-historiografie/pausanias/

De anekdote over Anyte is te vinden in § X.38.13:

"Het heiligdom van Asklepios was een ruïne en oorspronkelijk is het gebouwd door een privé persoon, Phalysios. Toen hij een oogziekte had en bijna blind was, zond de god in Epidauros hem de dichteres Anyte met een verzegeld wastafeltje. De vrouw dacht dat die opdracht een droom was, maar al gauw bleek het werkelijkheid. Ze vond in haar handen een verzegeld wastafeltje en toen ze naar Naupaktos was gevaren, verzocht ze Phalysios het zegel weg te nemen en te lezen wat er geschreven stond. Hij dacht dat het eigenlijk onmogelijk was de letters te zien vanwege de toestand van zijn ogen. Maar omdat hij op een weldaad van Asklepios hoopte, nam hij het zegel weg en toen hij naar de was keek, was hij gezond en gaf Anyte wat op het wastafeltje geschreven stond, tweeduizend gouden staters." Anyte wordt dan wel weer regelmatig genoemd in opsommingen van vrouwelijke Griekse auteurs, zoals bij MeleagerPaton, W.R. (2014). The Greek Anthology. Cambridge: Harvard University Press.

Het gedicht van Meleager is nummer IV.1.5 (vol. I, pp. 110-111): https://archive.org/details/greekanthology01pato/page/110/mode/2up, bij TatianusTatianus & Ryland, J.E. (vert.) (1885). Ante-Nicene Fathers, vol. II: Address to the Greeks. Buffalo, NY: Christian Literature Publishing Co.

Anyte wordt vermeld in § 33.

https://www.newadvent.org/fathers/0202.htm en bij Antipater van Thessaloniki, die haar de "vrouwelijke Homerus" noemt.Paton, W.R. (2014). The Greek Anthology. Cambridge: Harvard University Press.

Het gedicht van Antipater is nummer IX.26,3 (vol. III, pp 16-17): https://archive.org/details/greekanthology03pato/page/16/mode/2up Dit citaat toont aan dat Anyte in de oudheid aanzien genoot, net als het feit dat Meleager haar opnam in zijn Krans, een bloemlezing van Griekse poëzie die een belangrijke basis vormde voor de Anthologia Palatina, en dat auteurs als Pausanias, Tatianus en Julius Pollux in de tweede eeuw na Christus nog steeds over haar schreven.

Werk Anyte van Tegea schreef epigrammen, een poëtisch genre dat in eerste instantie vooral gebruikt werd voor inscripties (bijvoorbeeld op grafstenen of kruiken), maar dat vanaf het hellenisme uitgroeide tot een volwaardig literair genre. Naast Anyte zijn er nog enkele vrouwelijke hellenistische epigramdichters, zoals Nossis of Moero.Greene, E. (2019). Anyte's Feminine Voice. Tradition and Innovation. In Henriksén, C. (ed.), A Companion to Ancient Epigram (pp. 287-301). Hoboken: Wiley Blackwell.Bowman, L. (2019). Hidden Figures: The Women Who Wrote Epigrams. In Henriksén, C. (ed.), A Companion to Ancient Epigram (pp. 77-92). Hoboken: Wiley Blackwell. Anyte was waarschijnlijk een van de eerste hellenistische dichters die haar epigrammen in de vorm van een bundel componeerde.Gutzwiller, K.J. (1993). Anyte's Epigram Book. Syllecta Classica 4(1): 71-89.

https://muse.jhu.edu/article/458641/pdf De taal van haar poëzie is uitermate literair en refereert zowel grammaticaal als stilistisch sterk aan Homerus.Anyte & Geoghegan, D (ed.) (1979). Anyte: The Epigrams. A Critical Edition with Commentary. Rome: Dell' Ateneo & Bizzarri.Geoghegan, D. (1978). "AP" VII.724 (Anyte). Mnemosyne 31(2), 198-200.

https://www.jstor.org/stable/pdf/4430781.pdf?casa_token=_X-59qJuYb4AAAAA:9r5cQnVSBVLrraaIm4eMeqcNwlzRBhHeTNM5A_bUKPXzo56d0FTy2vhBCsnO87tiAkejcO4AQlagDFxBnc-JWpLkLKq6I2YB9hbu2d4gsOcE1zkqOuL_ Dit traditionele taalgebruik en de oude vorm van het epigram, contrasteren met de vernieuwende inhoud van Anyte's poëzie: in haar werk spelen vrouwen, kinderen, dieren en het landleven een prominente rol. Zo introduceerde Anyte bijvoorbeeld het Arcadisch landschap en de pastorale thematiek in het genre van het epigram, en zette zo een belangrijke stap in de bucolische dichtkunst die de komende decennia sterk zou floreren. Ook de prominente aanwezigheid van vrouwen in Anyte's grafepigrammen is ongezien. Slechts een van de vijf overgeleverde epitafen is gericht aan een man die stierf in de strijd (een thema dat voordien schering en inslag was in de epigramkunst). De overige vier epitafen richten zich tot jong gestorven vrouwen, waarbij het vrouwelijk lijden en rouwen opvallend veel aandacht krijgen. Verder was Anyte de eerste dichter die grafopschriften voor dode dieren schreef, een vernieuwend idee dat veel navolging zou kennen bij latere dichters, zoals Nicias of Mnasalces.

Anyte was kortom op verschillende vlakken een pionier in de hellenistische epigramkunst: de eerste bucolische epigrammen, de eerste dierenepigrammen, de eerste epigrammenbundel en een radicaal nieuwe invulling van het genre zijn verwezenlijkingen die allemaal op haar naam staan. Volgens moderne onderzoekers ligt de kracht van Anyte's epigrammen vooral in de spanningen die ze creëert tussen de vorm en de inhoud van haar poëzie. De Homerische taal roept de sfeer van epische heldenverhalen op, en het epigram is een genre dat vanouds gebruikt werd om mannen te eren die gestorven waren in de strijd, of andere masculiene successen hadden bereikt. Lijnrecht daartegenover staat de inhoud van Anyte's poëzie, die de focus verlegt van het traditionele heldenideaal, naar de meer perifere sfeer van het landelijke en het huiselijke. Zo heeft Kathryn Gutzwiller het bijvoorbeeld over het literair persona dat Anyte ontwikkelde, en waarmee ze zich als Arcadische vrouw tegenover de traditionele mannelijke epigramdichter plaatste. Haar poëzie biedt op die manier als het ware een alternatief op de lange traditie van heldenverhaal en -moraal, door de focus te verschuiven van mannen naar vrouwen, van volwassenen naar kinderen, van mensen naar dieren en van hogere naar lagere klassen. Bovendien biedt Anyte volgens Gutzwiller een uniek vrouwelijk perspectief op de dood - via de stemmen van rouwende moeders, stervende dochters en de dichteres zelf. Dat vrouwelijk perspectief biedt geen troostende verhalen in de lijn van bijvoorbeeld het heroïsche 'sterven voor het vaderland', maar toont de dood in zijn ware gedaante van louter zinloze en daardoor des te pijnlijkere destructie van een jong en mooi leven. Ellen Greene beschrijft dan weer treffend hoe Anyte via het gebruik van Homerische taal niet alleen het alledaagse een heroïsche status verleent, maar tegelijkertijd ook het heroïsche ideaal onderuithaalt en zo bijna banaliseert.

Tekst en vertaling Anyte's epigrammen zijn overgeleverd via de Anthologia Palatina, maar ze werden ook heruitgegeven in de bloemlezing The Greek Anthology: Hellenistic Epigrams door Gow & Page (GP),Gow, A. S. F., & Page, D. L. (Eds.). (1965). The Greek Anthology: Hellenistic Epigrams (Vol. 2). Cambridge: Cambridge University Press.

https://books.google.be/books?hl=nl&lr=&id=w2s4AAAAIAAJ&oi=fnd&pg=PR1&dq=gow+and+page+hellenistic+epigrams&ots=DkvJ_LU6rT&sig=vPF98Yx7WT-4FoN5uJRAKMdux7E#v=onepage&q=gow%20and%20page%20hellenistic%20epigrams&f=false waar ze voorzien werden van een duidelijke nummering, die dan ook vaak gehanteerd wordt om naar specifieke epigrammen te verwijzen. Anyte's poëzie is in verschillende talen vertaald, maar ze is nog niet integraal in het Nederlands uitgegeven. Wel is er een integrale Nederlandse vertaling online beschikbaar op de website van Ankie Kuyvenhoven, waarop ook veel informatie over de Griekse uitgaven, vertalingen en secundaire literatuur te vinden is.Ankie Kuyvenhoven. Geraadpleegd op 20 December 2021.

Hieronder enkele voorbeelden van Anyte's kenmerkende grafepigrammen gericht aan dieren en jonge vrouwen:De Griekse tekst is overgenomen uit de editie van de Anthologia Palatina door Paton, behalve epigram GP 10, dat overgenomen is uit de editie van Gow & Page. De vertaling is van de hand van de maker van deze pagina, masterstudente klassieke talen.

GP 5 (AP VII.486): grafepigram voor de jong gestorven Filainis.

πολλάκι τῷδ᾽ ὀλοφυδνὰ κόρας ἐπὶ σάματι Κλείνα

μάτηρ ὠκύμορον παῖδ᾽ ἐβόασε φίλαν,

ψυχὰν ἀγκαλέουσα Φιλαινίδος, ἃ πρὸ γάμοιο

χλωρὸν ὑπὲρ ποταμοῦ χεῦμ᾽ Ἀχέροντος ἔβα.

Steeds stond de klagende Kleina bij het graf van haar meisje: