Dragoslav 'Seki' Šekularac (Servisch: Драгослав 'Секи' Шекуларац) (Štip, 8 november 1937 – Belgrado, 5 januari 2019) was een Servisch voetbalspeler- en trainer. Hij speelde voornamelijk als aanvallende middenvelder en was in de jaren 60 een van de populairste voetballers van Joegoslavië. Hij stond vooral bekend om zijn snelheid, dribbels en techniek, maar ook om zijn temperament, iets wat hem meerdere schorsingen opleverde gedurende zijn loopbaan.Dragoslav Šekularac obituary The Guardian, 7 januari 2019. Gearchiveerd op 28 april 2023.ŠEKULARAC FK Crvena Zvezda, z.d.] Gearchiveerd op 5 april 2023.
Šekularac begon zijn loopbaan halverwege de jaren vijftig bij Rode Ster Belgrado. Hier groeide hij in tien jaar tijd uit tot een van de grootste spelers uit de clubgeschiedenis. Met de ploeg won hij onder meer vijf landstitels. Šekularac verwierf een grote populariteit in zijn geboorteland Joegoslavië en zijn roem oversteeg de sport. Er zijn verschillende boeken over zijn leven geschreven, en hij speelde in een film uit 1962, een komedie getiteld "Šeki snima, pazi se", die een inkijk gaf in zijn publieke persoonlijkheid. Hij is een van slechts vijf spelers die van Rode Ster de Zvezdina Zvezda (De Ster's ster) heeft ontvangen van de club voor zijn bijdragen.
In 1966 besloot hij zijn geboorteland vaarwel te zeggen en emigreerde hij naar Karlsruher SC. De Duitse ploeg kwam destijds uit in de recentelijk opgerichte Bundesliga. Na een seizoen in Duitsland speelde hij kortstondig voor St. Louis Stars en OFK Beograd. In 1969 besloot de middenvelder te verhuizen naar Zuid-Amerika, waar hij een paar jaar actief was in Colombia. Hij sloot zijn spelersloopbaan af bij Paris FC. Als international van het Joegoslavisch voetbalelftal haalde Šekularac in 1960 ook nog de finale van het EK.
Na zijn spelersloopbaan was hij actief als trainer bij clubs in onder meer Australië, Joegoslavië en Spanje. Van 1984 tot 1985 was hij ook nog bondscoach van het Guatemalteeks voetbalelftal.
Loopbaan Jeugd Dragoslav Šekularac werd geboren op 8 november 1937 in Štip, Vardarbanaat als kind van vader Bogosav en moeder Donka. Zijn vader was een advocaat wiens baan hem naar Štip bracht, waar hij trouwde en een gezin stichtte. Dragoslav was een baby toen het gezin naar Belgrado verhuisde doordat zijn vader een baan kreeg bij het ministerie van justitie. De jonge Dragoslav hechte weinig waarde aan zijn educatie en raakte op jonge leeftijd al in de ban van het voetbal. Vader Bogosav was erg strikt en moest zijn zoon vaak van de straat plukken en naar het klaslokaal brengen. Hij was van mening dat een goede opleiding de enige juiste weg in het leven was. Dragoslav zij hier later het volgende over:
Šekularac werd vervolgens op 13-jarige leeftijd uitgenodigd om naar het Avala-stadion te komen voor een stage. Hem werd echter meegedeeld dat hij te smal werd bevonden. Later werd hij gespot terwijl hij op het schoolplein speelde en zodoende kwam hij alsnog in de jeugdopleiding van Rode Ster terecht. Hier doorliep hij de volledige jeugdopleiding.
Doorbraak bij Rode Ster en Joegoslavisch elftal thumb|left|200px|Šekularac speelde bij Rode Ster samen met clubicoon Rajko Mitić. In de winter van het seizoen 1954/55 ging het eerste elftal van Rode Ster op tournee, waarbij Šekularac overbleef bij de reserves, die in Belgrado bleven trainen en verschillende oefenwedstrijden speelde tegen kleinere ploegen. Op 6 maart 1955 was het zover voor de inmiddels 17-jarige Šekularac en mocht hij voor het eerst zijn opwachting maken in het eerste elftal. Dit was in een wedstrijd tegen FK Vojvodina, waar de ervaren verdediger Vujadin Boškov de aanvoerdersband droeg. De jongeling zou nadien tot het einde van dat seizoen nog maar één competitiewedstrijd meedoen.
In de voorbereiding van het seizoen 1955/56 haalde Rode Ster met Ivan Popović - die later ook nog voor het Nederlandse Sittardia zou spelen - een potentiële concurrent op het middelveld voor Šekularac. Coach Milovan Ćirić besloot echter om de twee tieners samen te laten spelen. Dit pakte goed uit. Na de derde speelronde stond de ploeg voor het eerst bovenaan, een positie die ze tot het einde van de herfst wisten vast te houden. In november en december 1956, tijdens de winterstop, nam Šekularac met Joegoslavië deel aan de Olympische Spelen in Melbourne. Zijn goede spel had ervoor gezorgd dat hij als jongste speler was opgeroepen om deel te nemen aan het toernooi. Als gevolg van het plaatsvinden van de Hongaarse Opstand en de reactie van de Sovjet-Unie hierop, deden er uiteindelijk slechts elf landen mee met het toernooi. Het Joegoslavische elftal was de vorige twee edities geëindigd als verliezend finalist. Na gemakkelijke overwinningen op de Verenigde Staten (9-1) en India (4-1) reikte men de finale, waarin Šekularac en zijn landgenoten hun meerdere moesten erkennen aan het voetbalelftal van de Sovjet-Unie (1-0 verlies).Melbourne, 1956 FIFA.com
Veel tijd om van de zilveren medaille te genieten hadden Šekularac en mede-internationals Vladica Popović en Ljubiša Spajić niet, de tweede seizoenshelft stond immers voor de deur. Na een spannende tweede seizoenshelft wist Rode Ster Belgrado met Šekularac als vaste waarde de landstitel te pakken. Ze eindigden met vijf punten voorsprong op rivaal Partizan.Champions 1956 FK Crvena Zvezda]. Gearchiveerd op 28 november 2022. Hij speelde ook een belangrijke rol in Rode Sters Europacup I-campagne, die eindigde in de halve finale tegen AC Fiorentina.
Eerste dubbel en buitenlandse interesse Het succes van de club betekende het vertrek van trainer Milovan Ćirić, die verkaste naar SS Lazio. De Italiaanse ploeg zou het volgende seizoen de Coppa Italia winnen, maar Ćirić zou dit niet meemaken doordat hij tijdens het seizoen vroegtijdig ontslagen werd vanwege tegenvallende resultaten. Rode Ster stelde vervolgens een opvolger aan in de persoon van Michel Pavić. De oud-speler begon zijn trainersloopbaan zodoende bij de club waar hij zijn voetbalschoenen aan de wilgen hing. Het seizoen was echter niet echt een succes, noch voor het team, noch voor Šekularac individueel. De tegenstanders waren erop gebrand om de razendsnelle middenvelder te stoppen en er werden veel overtredingen op hem gemaakt. Hij kampte met blessureproblemen waardoor hij bijna de helft van het seizoen miste. Rode Ster viel al snel uit de titelstrijd en eindigde op een teleurstellende vierde plek.
200px|thumb|right|Gianni Agnelli probeerde Šekularac in 1959 naar Juventus te halen. Het volgende seizoen (1957/58) was het laatste seizoen voor clublegende Rajko Mitić, die later evenals Šekularac de Zvezdina Zvezda-status toegewezen zou krijgen. Šekularac verzorgde op het middenveld de aanvoer voor spits Bora Kostić, die met vijfentwintig treffers topscorer werd en een belangrijk aandeel had in het landskampioenschap van Rode Ster dat seizoen. De ploeg kende een fantastische start en won de eerste vier wedstrijden van het seizoen, waarvan een 7-0 overwinning op Hajduk Split en een 4-0 overwinning op Dinamo Zagreb. Halverwege het seizoen stond Rode Ster bovenaan met negen overwinningen uit elf wedstrijden. In de lente leek de ploeg van Šekularac het kampioenschap te verspillen na drie gelijke spelen op rij, maar eindigde de ploeg in juni op doelsaldo bovenaan om de landstitel veilig te stellen ten koste van FK Partizan.Champions 1959 FK Crvena Zvezda, z.d. Gearchiveerd op 6 december 2021. Een maand eerder had Šekularac met Rode Ster Belgrado al de eerste prijs van het seizoen binnengesleept, toen datzelfde FK Partizan werd verslagen in de finale van de Joegoslavische beker. Het betekende voor de ploeg uit Belgrado de eerste dubbel uit de clubgeschiedenis.
Šekularac' goede spel bij Rode Ster Belgrado was reden voor Gianni Agnelli om de 21-jarige middenvelder te proberen naar Italië te halen. De Italiaanse zakenman en aandeelhouder van FIAT was ook nauw verbonden met Juventus, waar hij de directe eigenaar was. Er werd koste noch moeite bespaart om de overdracht tot stand te laten komen. Maandenlang onderhandelde de staatsdelegatie met Agnelli over een mogelijke overgang naar de Italiaanse club. Hij bood Rode Ster ruim een half miljoen dollar, in die tijd een gigantisch bedrag voor een voetbalspeler. De club ging akkoord met de transfersom, maar de overgang werd vervolgens tegengehouden door de regering van het streng communistische land. Volgens minister van Binnenlandse Zaken Aleksandar Ranković was Šeki in het land nodig om "de arbeidersklasse te vermaken".Veliki Pele u senci malog Šekularca Politika, 24 juli 2010
Deze omstandigheden zorgden er wel voor dat de selectie van Rode Ster Belgrado voor het volgende seizoen (1959/60) intact bleef. Van de vaste spelers vertrok alleen Stevan Balov, naar Radnicki Nis. Verder zorgde de komst van Branko Zebec van FK Partizan voor meer opties op de linkerflank. Rode Ster had inmiddels een exceptioneel goed team. Met sterren als doelman Vladimir Beara, verdediger Vladimir Durković en topschutter Bora Kostić, wist de Joegoslavische club wederom kampioen te worden. Het betekende voor Šekularac en zijn ploeggenoten de vierde landstitel in vijf jaar tijd.Rode Ster kampioen De Volkskrant, 20 juni 1960. Gearchiveerd op 24 juni 2023.
Zilver in Parijs Šekularac speelde in 1958 met het Joegoslavisch voetbalelftal zijn eerste WK. Hierin werd de ploeg uitgeschakeld in de kwartfinale door West-Duitsland. Twee jaar later vond in Parijs de allereerste editie van het Europees kampioenschap voetbal plaats. Tijdens de kwalificatie voor het toernooi hadden de Oost-Europeanen eerst redelijk makkelijk afgerekend met Bulgarije, waarna Portugal de laatste horde was om kwalificatie voor het eindtoernooi te bewerkstelligen. De eerste wedstrijd werd in Portugal met 2-1 verloren, waarna twee weken later in het JNA Stadium de return plaats vond. De 43.000 aanwezige toeschouwers werden al snel op hun wenken bediend toen Šekularac binnen tien minuten de 1-0 maakte. Na een 2-1 ruststand werd het in de tweede helft een walk-over. Door twee treffers van Bora Kostić en een van Milan Galić werd het over twee wedstrijden 6-3 en mochten de Joegoslaven zich opmaken voor de trip naar Parijs.
300px|thumb|left|In het Parc des Princes, verloor Šekularac in 1960 andermaal een finale van de Sovjet-Unie. Naast het Joegoslavisch voetbalelftal namen er drie anderen landen deel, namelijk gastland Frankrijk, Tsjecho-Slowakije en de Sovjet-Unie. Na een bijzondere overwinning op Frankrijk (5-4) werd de finale bereikt, waar de Sovjet-Unie de tegenstander was. Het was een herhaling van de finale die twee jaar geleden was gespeeld en de Joegoslaven waren erop gebrand om ditmaal wel te winnen. Met Šekularac in de basis begonnen de Joegoslaven sterk. Echter had de Sovjet-Unie destijds Lev Jasjin, een van de beste keepers destijds, onder de lat staan en hij wist zijn doel schoon te houden met enkele goede reddingen. Het goede spel werd vlak voor rust dan toch beloond toen Milan Galić de openingstreffer maakte. Vlak na rust bracht Slava Metreveli de ploegen echter op gelijke hoogte. Het duel liep uit op verlenging, waarin de Sovjet-Unie uiteindelijk de 2-1 scoorde. Het betekende voor het Joegoslavisch voetbalelftal wederom een tweede plek. Later zei Šekularac het volgende over de wedstrijden tegen Frankrijk en de Sovjet-Unie:
Na afloop van het toernooi werd Šekularac dankzij zijn rol door de UEFA opgenomen in het team van het toernooi, evenals landgenoten Vladimir Durković, Bora Kostić en Milan Galić.
Uitblinker in Chili