miniatuur|Café de la Régence in 1874.Merk op de gaslampen, aangezien elektriciteit zijn intrede nog niet gedaan had. Het Café de la Régence (1688-1910) was een Parijs café dat een ruime eeuw het absolute centrum van het schaakspel in Frankrijk en Europa was.Metzner (1998) De meest getalenteerde en bekende schakers uit die periode hebben er gespeeld.
Behalve voor het schaken was dit café het ontmoetingspunt voor schrijvers, filosofen en kunstenaars. Het schaken vormde hierbij de belangrijkste vorm van recreatie, hoewel er ook gedamd, gebiljart en gedominood werd. De serieuze schakers speelden meestal in de Cercle des Échecs, een ruimte op de eerste verdieping van het café, alwaar ook de belangrijke schaakevenementen gehouden werden.
Café de la Régence was gelegen in het 1e arrondissement, een wijk met een druk uitgaansleven waar heden nog veel historische gebouwen, waaronder het Palais-Royal en cafés, met een lange geschiedenis staan.
Geschiedenis
17e eeuw In navolging van de recente Europese trend van 'cafés', toentertijd uitlaatpunten waar kopjes koffie geserveerd werden, opende ene Lefèvre in 1688 aan het voormalige plein van het Palais Royal het Café de la Place du Palais-Royal. Dit was de geboorte van wat uiteindelijk een van de oudste cafés van Parijs (zo niet het oudste) zou worden.Cornil (2017), p.6-7
18e eeuw De volgende eigenaar, Mw Leclerc, was een schone met een uitstekende reputatie. Men haastte zich naar haar café, dat een tijdlang ook nog eens een vrouwencafé was, mede om goede sier te maken met de mode van de dag. Ook Filips van Orléans, toen regent van Frankrijk, was bijzonder gecharmeerd van deze "belle cafetière". Uit wat hieruit volgde en de nabijheid van het Palais du Régent, zoals het Palais-Royal toentertijd in de volksmond genoemd werd, werd het café in 1718 omgedoopt tot Café de la Régence.
Rond 1740 werd Café de la Régence het adres voor serieuze schakers. Dezen waren weggevlucht van Café Procope in de rue de l'Ancienne-Comédie, dat het eerste schaakcentrum in Parijs was,Cornil (2017), p.11 maar waar het te druk werd omdat de literaire gemeenschap er te hoop liep om een glimp van de gevierde schrijvers en filosofen Voltaire en Rousseau op te vangen.Murray (1913), p.862
Philidor ontdekte het café in 1741 en met hem de Cercle des Echecs, die prompt de eerste verdieping voor de serieuze schakers opeiste.
De schrijver Alain-René Lesage was een klant van het eerste uur in Café de la Régence en hij beschreef in Valise Trouvée (1779) de sfeer in het café toen geroemde spelers het begonnen te bezoeken:
Diderot en Rousseau zouden echter vanaf 1742 ook Café de la Régence aandoen, waardoor de drukte daar ook uitbrak en de uitbater gedwongen was een agent bij de deur te zetten om de zaken in te tomen. Café de la Régence was sindsdien, een onderbreking gedurende de Eerste Revolutie daargelaten, het middelpunt van het Parijse schaakleven.
In 1769 nam Rey, een voormalig rechter, het café over, dat hij verwierf als deel van het volledige gebouw op de hoek van het Place du Palais-Royal en de Rue Saint-Honoré. In de periode van ca. 1790 tot 1795 werd hij opgevolgd door François Haquin.
miniatuur|Café de la Régence in de jaren van de Franse Revolutie. Van links naar rechts aan de voorste tafel: Bourrienne, Talma, Junot, Langlois, Bonaparte. In de jaren van de Franse Revolutie bezocht Maximilien de Robespierre het café met de Jacobijnen. Uit vrees voor Robespierre en de zijnen werd het café door schakers vermeden en weken ze uit naar Café Militaire. De enkeling die toch nog een partijtje tegen hem speelde verloor vaak uit angst voor de man, terwijl Robespierre niet bepaald als een sterke schaker te boek stond.
Het was in deze jaren sowieso geen plezier in Café de la Régence te spelen, omdat het aan de route lag waar de veroordeelden voor de guillotine van de Conciergerie naar de Place de la Concorde vervoerd werden.
Toen het schrikbewind van Robespierre in de zomer van 1794 viel, keerden de schakers terug en werd de schaakcultuur in café de la Régence hervat. Niet voor lang echter, omdat het café op verdenking van het herbergen van radicale elementen door het regime van het Directoire gesloten werd. Het werd weer heropend na de staatsgreep van Napoleon in 1799.
19e eeuw miniatuur|Café de la Régence in de 19e eeuw, voor de verbouwing. Onder Napoleon III werd Parijs halverwege de negentiende eeuw door Haussmann onder handen genomen. In het kader van deze grote stedenbouwkundige werken werd de rue de Rivoli uitgebreid en vernieuwd.De imposante voorgevel van 243 (Empire) rue Saint-Honoré die op de hoek van het plein stond, werd uitgevoerd door de stadsarchitect Gabriel Davioud. Hiertoe werden begin 1853 alle gebouwen aan de Place du Palais-Royal gesloopt. Was het niet voor Claude Vieille's passie voor het schaken, dan was daar het einde van Café de la Régence geweest. Dankzij zijn voortvarendheid werd het café van ondergang gered en tijdelijk overgebracht naar het Hotel Dodun, 21 rue de Richelieu. Onder de volgende eigenaar Gillet verhuisde het café in 1855 naar 161 rue Saint-Honoré,Nummering van 1855. Dit is 161 volgens huidige nummering. in het nieuwe blok dat tussen de rue de Rohan en de Rue de l'Échelle was gebouwd. miniatuur|Een gebruikelijke schaaktafereel in het café anno 1873.Er bevinden zich veel bekende gezichten onder de spelers. Zie: Van 1873 tot 1903 was La Régence eigendom van Joseph Kieffer.Joseph Kieffer (1847, Benfeld, Bas-Rhin -?) Hij liet door architect Édouard NiermansÉdouard Niermans was de architect van het Negresco Hotel in Nice. het interieur van het café overdoen. Onder Kieffer werd in 1892 ook de elektriciteit geïntroduceerd en behoorden onder meer de gaslampen tot de verleden tijd. miniatuur|Café de la Régence in 1906.Nu met elektrische lampen
20e eeuw Het belendende Café du Sport werd in 1903 door Café de la Régence opgenomen. Ook de eerste verdieping, die het Cercle d'Échecs huisvestte, werd overgenomen.
Café de la Régence werd in 1910 uitgebreid en omgebouwd tot café-restaurant; daarmee kwam zijn rol als middelpunt van de schaakgemeenschap tot een einde. Alleen het achterzaaltje werd exclusief aan de schakers toegewezen.
Aan het reguliere gebruik van het café door de schakers kwam in 1918 definitief een eind omdat de uitbater er geen heil meer in zag: de schakers leverden te weinig inkomsten op.
Anno 1925 werd opgemerkt dat het café tot een modieus restaurant verworden was met hoge toonbanken waarop het drankenassortiment stond opgesteld en waarachter de percolators rookten. Ook waren de meeste tafels waar vroeger de meesters van het schaakbord tegenover elkaar stonden vervangen en was er slechts een enkele muurschildering, gravure, en een schaaktafel, ter herinnering aan een roemruchtig verleden.
miniatuur|Café de la Régence nadat het tot een café-restaurant is omgebouwd (ca. 1915) Café de la Régence zou sindsdien slechts incidenteel als historische achtergrond voor belangrijke schaakevenementen worden gebruikt.
Desondanks genoot het zo'n bekendheid dat schaakliefhebbers uit de hele wereld die Parijs aandeden, niet konden nalaten het café een bezoek te brengen en er een paar partijen te spelen. Nostalgisch wordt hierover geschreven: "Klein heiligdom van het Schaakspel, zo rijk aan herinneringen, we zullen nooit geloven dat we de laatste bladzijde van uw geschiedenis hebben geschreven."
Nog enkele schaakevenementen zouden er plaatsvinden waarvan de laatste in 1933.
Daarna is van Café de la Régence niets meer vernomen en lijkt het na een roemruchtige historie een stille dood begaan te zijn. Het was definitief opgedoekt toen het pand in 1975 door het Nationaal Marokkaans Verkeersbureau overgenomen werd.
Schaakgeschiedenis van het café miniatuur|Schaaktafereel in het café anno 1792. Mogelijk zien we hier Philidor (links) die speelt met voorgift, terwijl Légal (rechts, in groene jas) toekijkt. Schilderij van Louis-Leopold Boilly.
18e eeuw Diderot geeft een beschrijving van Café de la Régence in zijn roman Le Neveu de Rameau, en beschrijft er in het bijzonder de partijen tussen Philidor en Légal.Diderot (1773) Kermur van Légal was de leermeester van Philidor, maar in 1755 hadden zij een match waarin Légal definitief zijn meerdere in zijn leerling moest erkennen. Philidor, die 1747 nog de match tegen Stamma met 8-2 gewonnen had, bevestigde hiermee in La Régence toen onbetwist de sterkste schaker in de wereld te zijn. Dit markeerde tevens het begin van Café de la Régences hoogtijdagen als schaakcentrum van de wereld.
19e eeuw La Bourdonnais versloeg in 1834 de Britse Alexander McDonnell, in twee matches van in totaal 84 partijen, gehouden in Café de la Régence. La Bourdonnais bevestigde hiermee zijn positie als sterkste speler ter wereld.
In 1839 bezocht Kieseritzky voor het eerst de "Schaaktempel", ofwel het toen beroemde Café de la Régence. Hij kreeg er de kans om met de officieuze wereldkampioen La Bourdonnais te spelen maar verloor de eerste partijen van de zenuwen, ondanks dat La Bourdonnais hem stukken voorgaf. Maar spoedig zou hij zich in de absolute top van het café nestelen.
La Bourdonnais' overlijden in 1840 was het begin van het einde van Café de la Régence's centrale rol in de internationale schaakwereld. De spelers van het café, grotendeels afkomstig uit de bourgeoisie en nobele kringen, leunden nog altijd op Philidor en La Bourdonnais geïnspireerde 'ridderlijke' spel gepropageerd in hun beroemde maar inmiddels verouderde boeken: deze waren achterhaald door de Engelsen die zich baseerden op de wetenschappelijkere benadering in Stauntons Chess-Player’s Handbook (1847) en de Duitsers, die het Handbuch der Schachspiel (1843) van Bilguer en Von der Lasa hadden. miniatuur|De schaakpartij: 19e partij van de wedstrijd tussen Howard Staunton en Pierre Saint-Amant, op 16 december 1843 in de Cercle des Echecs. Door Jean-Henri Marlet.Alle personen in dit schilderij zijn geïdentificeerd in Cournil (2013), p.32-38 In de herfst van 1843 was het café nog getuige van het duel tussen de twee beste spelers van die tijd, Pierre de Saint-Amant en Howard Staunton, in de Cercle des Echecs aldaar. Staunton won met 11 overwinningen, 6 verliespartijen en vier remises. (1849), Merkwaardige schaakstrijd te Parijs in november en december 1843 tusschen de H.H. Staunton en St. Amant, Wijk bij Duurstede: Stramrood.
Saint-Amant en Kieseritzky waren de sterkste spelers in Café de la Régence in de periode van 1841 tot 1852. Beiden hadden een grote invloed op het Franse schaakleven. Terwijl Saint-Amant dat had via de publicatie van het schaaktijdschrift Le Palamède, was Kiéséritzky vooral een sterk schaker die klaarstond te spelen met eenieder die hem uitdaagde. Hij gaf ook schaakles en speelde partijen voor 5 frank per uur. Hij was bekend om het verslaan van zwakkere spelers ondanks zichzelf zwaar te handicappen.
De Italiaanse meester Dubois speelde in de periode van 1855-56 in het café. Ondanks dat destijds de schaakregels in Italië afweken van die in Frankrijk, kreeg hij het voor elkaar om met name de Franse schaakmeester Arnous de Rivière te verslaan.Rehder (2018) miniatuur|Morphy en Rivière spelen met een typische Régence schaakset (1858). Tijdens zijn reis naar Europa in 1858-1859 was de Amerikaanse kampioen Paul Morphy ook een frequent bezoeker aan het café. Hij versloeg er Daniel Harrwitz in een match met 5,5-2,5. Hij speelde er ook geblindeerd simultaanschaak tegen acht borden, hetgeen toentertijd ongekend was. Met 6 partijen winst en 2 remises brak het record uit 1783, toen Philidor tegen drie borden blindsimultaan schaakte.
Dit was echter de zwanenzang in de schaakgeschiedenis van het café en het einde van de Franse suprematie in de schaakwereld. Het middelpunt van de internationale schaakwereld was definitief verschoven naar het Engelse Simpson's-in-the-Strand.