Christiaan Frederik Boven (Zwolle, 17 januari 1922 - Ede, 5 juni 1966) was een Nederlandse verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog. Hij was actief voor de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers, eerst in Groningen en daarna vooral in Gelderland en Overijssel. In augustus 1944 werd hij opgepakt en bracht de rest van de oorlog door in Duitse concentratiekampen.

Levensloop Boven groeide op in Groningen en hielp vanaf oktober 1942 vrienden met onderduiken. Op 28 december 1942 komt hij in aanraking met Kornelis Kraal. Kraal werkte in Meppel en was actief voor de organisatie van ouderling Van Zanten, het pseudoniem van dominee Frits Slomp die aan de basis stond van de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO). Kraal zoekt na een kerstconcert in de Martinikerk, jongeren die voor Groningen een organisatie willen opzetten. Hij vindt in die dagen een groep van vijf jongemannen, waaronder Boven, die nog voor het einde van het jaar samen een structuur opzetten voor voor een LO-organisatie die de gehele provincie Groningen bestrijkt. Chris Boven vertelt zijn oudere broer Evert, die in Arnhem is ondergedoken en daar verzetswerk verricht, van zijn werk en LO-contacten, waarop Evert op 4 januari 1943 in Zwolle Frits Slomp en Kornelis Kraal ontmoet en zich verbindt met de oprichters van de LO.

Rond maart 1943 moet Boven onderduiken om te ontkomen aan de arbeitseinsatz in Duitsland. Hij gaat naar Oosterbeek, naar zijn oom Eef Zwarts, die samen met een zus het hersteloord 't Hemeldal in Oosterbeek runt. Zijn broer Evert heeft ondertussen daar een vaste verblijfplaats gevonden. Vanaf oktober 1943 is Evert Boven provinciaal leider van de LO in Gelderland en Overijssel. De broers Boven zorgden er voor dat er over de hele provincie Gelderland en in Twente LO-afdelingen werden opgericht. Zij zijn verantwoordelijk voor de aanvragen van bonkaarten, valse papieren, persoonsbewijzen, financiële samenwerking en de grote beleidslijnen. In juli 1944 werd het aantal onderduikers in hun gebied geschat op achttien- tot twintigduizend, die allemaal verzorgd moesten worden.

Op 11 mei 1944 is Boven betrokken bij de overval op de Koepelgevangenis in Arnhem, waarbij Frits Slomp samen met Henk Kruithof (LO leider Hengelo) worden bevrijd; welke beraamd en georganiseerd wordt vanuit 't Hemeldal. Boven helpt bij de voorbereidingen en brengt Slomp diezelfde avond vanuit 't Hemeldal achterop de fiets naar een veilige plaats. Kort daarvoor was Slomp gevangen genomen, maar nog niet herkend door zijn ondervragers. Door de overval kreeg de Sicherheitsdienst meer aandacht voor het verzet in Arnhem en omgeving. Via een onderduiker die in Friesland werd gepakt komt 't Hemeldal in het vizier. Er volgt een inval, maar de broers Boven slapen dan al elders. Eef Zwarts had zijn toevlucht gezocht bij een buurman, maar werd als gevolg van verraad alsnog gepakt. Het verzet besluit dat Zwarts bevrijd moet worden en na drie mislukte pogingen slaagt, naar een idee van Evert, een volgende poging op klaarlichte dag; op zondagmiddag 11 juni: Eef Zwarts wordt met een vijftigtal andere gevangenen bevrijd uit het Huis van Bewaring in Arnhem.

Boven zelf wordt op 9 augustus 1944 in Utrecht gearresteerd, tijdens een reguliere bijeenkomst van de koerierscentrale. Omdat hun vaste koerierster Zus van Roekel niet kon gaat hij in haar plaats. De Sicherheitsdienst was door het verraad van Miep Oranje op de hoogte van de vergadering. Hoewel het verzet dit weet en bezoekers ter plekke probeert te waarschuwen wordt Boven bij aankomst direct gearresteerd. De uitgezette posten herkennen Boven niet als vaste bezoeker en vinden zijn nieuwe fiets verdacht. Na eerst nog de Duitsers op een dwaalspoor te hebben gezet, geeft Boven na een week de plek prijs waar zijn broer Evert zit ondergedoken, in de veronderstelling dat deze inmiddels elders veilig onderdak heeft gevonden, zoals afgesproken. De boerderij de Noordberg in Heelsum waar Evert zat beschikte echter over een goed verborgen schuilplek waardoor deze zich veilig waande. Een landgenoot die werkt voor de SS houdt op afstand de boerderij in de gaten en zorgt dat Evert wordt gepakt zodra een mede onderduiker de schuilplaats vroegtijdig verlaat. Na een sadistisch spel, zware verhoren en martelingen door de SD wordt Evert samen met zijn broer naar kamp Vught vervoerd, en van daaruit naar concentratiekamp Neuengamme, waar hij in november 1944 omkomt door uitputting.

Chris Boven wordt vanuit Utrecht naar het hoofdkwartier van de SD aan de Euterpestraat in Amsterdam gebracht en daarna door de SD verhoord in Arnhem. Van daaruit komt hij via de Koepelgevangenis in Arnhem in Kamp Vught, waar hij op Dolle Dinsdag samen met zijn broer Evert op transport wordt gezet naar Duitsland. Hij komt terecht in concentratiekamp Sachsenhausen. Door ziekte en verblijf in het Krankenrevier van het kamp, nam hij medio april 1945 niet deel aan de beruchte dodenmarsen vanuit het kamp; met de achterblijvers beleeft hij op 23 april 1945 de bevrijding door de Russen. Door de geleden ontberingen was zijn gestel dermate ondermijnd dat hij nooit echt herstelde; in 1966 overlijdt hij op 44-jarige leeftijd.

Persoonlijk Chris Boven trouwde met Wilhelmina Kleefsman (1917-2007). Uit dit huwelijk werden zes kinderen geboren; het jongste kwam twee maanden na zijn overlijden ter wereld.

Na een periode van herstel en een verblijf in het Rode Kruis Sanatorium in Davos, kwam Boven te werken in commerciële functies voor grote landelijke handelsondernemingen; vanaf 1958 bij de Oosterbeekse ondernemer Geerlings. Hij verhuisde met zijn gezin in 1960 van Groningen naar Ede.

Categorie:Kampgevangene in Sachsenhausen Categorie:Kampgevangene in Vught Categorie:Nederlands verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog