Jan Hendrik Troost van Groenendoelen (ca. 1722 - begraven Amsterdam, 5 mei 1794) was een Nederlands schilder, tekenaar, behangselfabrikant.

Leven en werk Troost was een zoon van de schilders Willem Troost (1684-1752) en Jacoba Maria van Nickelen (1680-1749), en een volle neef van de schilder Cornelis Troost. Waar hij werd geboren, is niet duidelijk. Waarschijnlijk in Duitsland, waar zijn vader als hofschilder van keurvorst Johan Willem van de Palts werkte en zijn vrouw had leren kennen op het atelier van Herman van der Mijn in Düsseldorf.Margreet van der Hut, "Nickelen, Jacoba Maria van (1680-1749)", in Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland. Gearchiveerd op 9 juli 2023. Vanwege Troosts toevoeging "Van Groenendoelen" wordt ook Groenendael bij Brussel als mogelijke geboorteplaats genoemd.P.M.J.E. Jacobs (2000) Beeldend Benelux : biografisch handboek. Tilburg: Stichting Studiecentrum voor Beeldende Kunst. Vol. 6, p. 31.Volgens de ondertrouwinschrijving in 1758 van zijn in Düsseldorf geboren zus, voerde zij ook de naam Troost van Groenendoelen. Gearchiveerd op 14 augustus 2023. Het gezin Troost-van Nickelen reisde langs een aantal plaatsen in Duitsland tot het zich in 1735 in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden vestigde, eerst in Haarlem, in 1745 in Amsterdam. Troost zal de beginselen van de schilderkunst thuis hebben opgedaan, waarschijnlijk is hij verder opgeleid aan de Stadstekenacademie. In 1748 wordt hij vermeld als onderdeel van een groep 'voorstanders en beminnaars der tekenkunst' bij de academie, die een verbintenis aangingen om met een aantal 'oeffenaren der Tekenkonst' een half jaar lang, tweemaal per week "na het naakte mans leeven te studeeren".Stadsarchief Amsterdam: 265 Inventaris van het Archief van het Bestuur der Stadstekenacademie, toegang 12 Verbintenis der voorstanders en beminnaars der tekenkunst 'om 2 maal per week na het naekte leeven te tekenen en te contribueeren in de daaroplopende costen'. Gedaan te Amsterdam in de Witte Molen N.B. Met dito verbintenissen d.d. 28 sept. 1747; 24 sept. 1748 en 6 aug. 1749, 1743. Gearchiveerd op 14 augustus 2023. Troost schilderde en tekende landschappen, genrestukken, bloemen en chinoiserie.

Troost trouwde in 1754 met Meesje Maria Schutter (1737-1760), een domineesdochter, en richtte kort daarna een behangselfabriek op aan de Overtoomse weg in Amsterdam. In augustus 1756 adverteerde hij in de Amsterdamsche Courant: "J.H. Troost van Groenendoelen, Konst Schilder en Patronist van Zyde Stoffen (...) zyn nieuwe geschilderde Behangsels; den zelve maekt ook soorten die tegen vogtige muuren kunnen gebruykt worden" en dat alles tegen civiele prijzen."J.H. Troost van Groenendoelen", Amsterdamse Courant, 19 augustus 1756. Twee jaar later vloog kruitmolen De Sollenburg bij de Pestbrug in de lucht. De kruitmolen mocht niet worden herbouwd, waarna de grond werd verkocht. Dit terrein lag dichter bij de stad, Troost kocht twee percelen en verhuisde zijn fabriek in 1760 daarnaartoe. In 1761 werd hij poorter van Amsterdam en lid van het Sint-Lucasgilde.S.A.C. Dudok van Heel, Jacob Cats e.a. als behangselschilders in de fabriek van Jan Hendrik Troost van Groenendoelen", Amstelodamum, p. 151-163.

De behangselfabriek had in de loop der jaren meerdere schilders en tekenaars in dienst, die vaak een contract voor meerdere jaren aangingen. Troost verlangde exclusiviteit, ze mochten niet voor anderen werken of patronen van de fabriek aan anderen geven. Een van zijn werknemers was Jacob Cats, die in 1759 als knecht in dienst kwam en na verloop van tijd een contract voor tien jaar kreeg aangeboden. Cats verliet in mei 1762 de fabriek omdat hij zich haast alleen maar bezighield met het plamuren en schilderen van bloem- en ander bijwerk, terwijl hij liever landschappen tekende. Tot de werknemers die bij Troost in dienst zijn geweest behoren verder Hendrik Willem Caspari, Rutger Camerling, Noël Challe, Matthijs Coster, Pieter van Loo, Hendrik Mooij, Jan Evert Morel (I), Johan Christoffel Schultsz en Jacob Xavery. Amsterdam kende in de 18e eeuw meerdere behangelsfabrieken, die van Troost was de grootste.Laurien van der Werff, "Behangselschilders Jacob Cats, Rutger Camerling en Hendrik Mooij in het Oude Hof", Alle Amsterdamse Akten, 22 oktober 2020. Zij verzorgde onder meer het behang voor een zaal in Het Oude Hof (1760), de Chinese kamer van Huis Verwolde (1776)"Chinese Kamer", Huis Verwolde. Gearchiveerd op 29 januari 2022. en de salon van Huis Zypendaal (1776-1778). In 1763 ging hij een compagnieschap aan met Jacques en Alexandre Verdon en Louis Reij voor een katoendrukkerij. Naast de fabriek Sollenburg werd een werkplaats geopend in de Kerkstraat bij de Reguliersgracht (1768) en werden vanaf 1770 behangsels verkocht in een winkel in de Kalverstraat.

Jan Hendrik Troost van Groenendoelen overleed op ongeveer 72-jarige leeftijd en werd begraven op het Westerkerkhof. Hij was in 1771 hertrouwd met Maria Winsser (1746-1806), die de behangselfabriek voortzette. In 1799 werd zij echter insolvent verklaard.

Categorie:Nederlands kunstschilder Categorie:Persoon in de Nederlanden in de 18e eeuw