thumb|Tigray-regio in Ethiopië. De Oorlog in Tigray begon op 4 november 2020 in de Tigray-regio van Ethiopië, tussen de troepen van de Tigray-regio (geleid door het Volksbevrijdingsfront van Tigray) en de Ethiopische Nationale Defensiemacht, in samenwerking met strijdkrachten van de Amhara-regio. De gevechten sloegen over naar het buurland Eritrea.

Tigray werd hierdoor tegelijkertijd geteisterd door een oorlog, de COVID-19-pandemie en een sprinkhanenplaag. Er werd enige tijd gevreesd voor een grote hongersnood.Opinie: België en de EU moeten dringend actieve diplomatie opstarten om crisis in Ethiopië te voorkomen VRT nieuws, 15 november 2020Ethiopia's Tigray region has seen famine before: why it could happen again The Conversation, 17 november 2020

Achtergrond Na het einde van de Ethiopische burgeroorlog in 1991 werd Ethiopië een dominante partijstaat onder de heerschappij van het Ethiopisch Revolutionair Democratisch Volksfront (EPRDF), een coalitie van etnische partijen waarvan de oprichtende en invloedrijkste het Volksbevrijdingsfront van Tigray (TPLF) was, met als voorzitter Meles Zenawi, premier van Ethiopië tot aan zijn dood in 2012. Na diens dood werd Haile Mariam Desalegne premier. Hij is een etnische Wolayta van de Zuid-Ethiopische Democratische Volksbeweging (SEPDM).

Het TPLF maakte vroeger deel uit van de Ethiopische regeringscoalitie, tot ze in 2019 weigerde om op te gaan in de nieuwe Welvaartspartij die premier Abiy Ahmed had opgericht. De spanningen tussen de regering en het TPLF escaleerden in de maanden vóór de militaire interventie in Tigray. Premier Abiy Ahmed beschuldigde de regionale autoriteiten van Tigray ervan zijn gezag te ondermijnen. De autoriteiten van Tigray zagen daarentegen de weigering om de verkiezingen van september 2020 voor het Tigray-parlement te erkennen als reden voor het uitbreken van het conflict. In september 2020 werden in de regio Tigray namelijk regionale parlementsverkiezingen gehouden omdat de regio de regering van premier Ahmed als illegaal beschouwde. Net zoals alle verkiezingen in Ethiopië was deze door de federale regering en de verkiezingsraad uitgesteld tot na het einde van de COVID-19-pandemie in Ethiopië. De opwarming van de betrekkingen tussen Abiy Ahmed en de Eritrese president Isaias Afwerki, die in Tigray slecht wordt gewaardeerd, zou ook de spanning hebben aangewakkerd.

De dag voorafgaand aan de aanval van de Tigray Defense Force, de militaire tak van het TPLF, op een militair kamp, had het federale parlement van Ethiopië voorgesteld om de TDF aan te merken als een terroristische organisatie. Terwijl de spanning bleef toenemen, werd een door Ahmed aangestelde generaal door de regering van Tigray verhinderd om zijn militaire post op zich te nemen.

Tijdlijn 2020 4 november

Op de ochtend van 4 november 2020 lanceerden de regionale veiligheidstroepen van Tigray, loyaal aan het heersende Volksbevrijdingsfront van Tigray (TPLF), een verrassingsaanval op het hoofdkwartier van het Northern Command van de Ethiopische Nationale Defensiemacht in Mek'ele, de hoofdstad van de Tigray-regio. Een hooggeplaatst lid van het centraal comité van TPLF, Sekuture Getachew, bevestigde dat een "preventieve aanval" was uitgevoerd uit "zelfverdediging". Tijdens de aanval zouden verschillende mensen zijn gedood, terwijl anderen gewond raakten, en volgens de Ethiopische regering werden lichte en zware vuurwapens geplunderd van de basis.

Vervolgens verklaarde Abiy Ahmed, de premier van Ethiopië, dat er een militair offensief zou worden gelanceerd om de rechtsstaat en de centrale overheid te herstellen. Na deze aanval werd in de regio de noodtoestand uitgeroepen voor de volgende zes maanden. De elektriciteits-, telefoon- en internetdiensten in Tigray werden door de federale autoriteiten stilgelegd. De regionale regering van Tigray dreigde wraak te nemen op elke vorm van aanval.

Na het afsluiten van telefoon- en internetdiensten in Tigray drong Amnesty International er bij de Ethiopische autoriteiten op aan om de communicatie snel te herstellen om de rechten van mensen met betrekking tot de vrijheid van meningsuiting te respecteren. De VN drongen ook aan op een onmiddellijke de-escalatie van het groeiende conflict in de regio.

5 november Op 5 november 2020 stelde Debretsion Gebremichael, administrateur van de Tigray-regio, dat de troepen van Tigray de meeste wapens in beslag hadden genomen op het hoofdkwartier van het Noordelijk Commando van het Ethiopische leger. Debretsion verklaarde ook dat de soldaten van het Northern Command waren overgelopen naar de Tigray-zijde, hoewel deze claim door de Ethiopische regering werd afgewezen als "valse informatie". De Ethiopische luchtmacht bombardeerde gebieden nabij Mek'ele, de hoofdstad van Tigray.

6 november Op 6 november 2020 maakte Abiy Ahmed bekend dat zijn regering op verschillende locaties een luchtaanval had uitgevoerd tegen de troepen van de versterkte regio Tigray. Volgens de aankondiging van Ahmed waren raketten en andere wapens zwaar beschadigd, waardoor de Strijdkrachten van Tigray (TPLF) geen substantiële reactie meer konden uitvoeren. Premier Ahmed beschuldigde het Volksbevrijdingsfront van Tigray ook van "criminele hoogmoed en onverzettelijkheid" en beweerde dat ze de inspanningen van de federale regering tot "bemiddeling, verzoening, dialoog" verwierpen. Bovendien sloot Sudan zijn grenzen met Ethiopië en riepen de Verenigde Naties op tot onmiddellijke de-escalatie van de spanningen en een vreedzame oplossing van het conflict.

7 november Op 7 november 2020 stemde het Ethiopische parlement voor de oprichting van een interim-regering voor de noordelijke Tigray-regio, om het uitbreken van een burgeroorlog in het land te voorkomen, aangezien het conflict in de regio toenam. De regering van Tigray werd illegaal verklaard tijdens de noodsessie van het parlement. Afzonderlijk werden 10 stadsfunctionarissen in de hoofdstad vastgehouden wegens beschuldigingen van terrorisme, kondigde de burgemeester van Addis Abeba, Adanech Abebe, aan.

8 november Op 8 november 2020, toen het offensief van het Ethiopische leger in de noordelijke regio Tigray zijn vijfde dag inging, kondigde premier Ahmed de vervanging aan van verschillende hoge functionarissen binnen zijn regering. Het hoofd van de inlichtingendienst, een legerleider en de minister van Buitenlandse Zaken werden vervangen, terwijl het leger nieuwe luchtaanvallen hervatte. Vice-premier Demeke Mekonnen vervulde de functie van minister van Buitenlandse Zaken, terwijl plaatsvervangend legerleider Birhanu Jula werd gepromoveerd tot stafchef van het leger. De voormalige regionale leider van Amhara, Temesgen Tiruneh, werd aangesteld als het nieuwe hoofd van de inlichtingendienst. Ahmed heeft de beweegredenen voor de wijzigingen in het militaire en inlichtingenbureau van zijn regering niet onthuld.

9 november Op 9 november 2020 beweerde de leiding van Tigray dat er meer dan 10 luchtaanvallen tegen hen waren uitgevoerd door de Ethiopische federale overheid. Volgens bronnen van de overheid zouden honderden mensen zijn omgekomen in het conflict. Tegelijkertijd zou het Ethiopische leger honderden strijdkrachten hebben verloren in de oorspronkelijke slag in Dansha. Die nacht zouden ook tot 500 burgers zijn omgekomen bij een bloedbad in de stad Mai Kadra, waarvoor de overheid de schuld legt bij de TPLF-troepen. Er zijn aanwijzingen dat verschillende mensen zijn omgekomen als gevolg van aanvallen met machetes en messen, voegde Amnesty International eraan toe.

10 november Op 10 november bezetten de Ethiopische strijdkrachten delen van het westen van Tigray, waaronder de luchthaven van Humera, die zo'n 65 km ten zuidoosten van de gelijknamige stad ligt. Troepen van Tigray zouden zich tijdens de overname van de luchthaven hebben overgegeven aan het Ethiopische leger. De president van de regio Tigray, Debretsion Gebremichael, meldde dat het Eritrese leger aanvallen had uitgevoerd op de noordgrens, hetgeen door generaal-majoor Mohammed Tessema als "valse informatie" werd bestempeld. Ten minste 2500 Ethiopiërs waren naar verluidt uit het noorden van Tigray gevlucht naar het naburige Soedan. Volgens Alsir Khaled, het hoofd van de vluchtelingenorganisatie van Soedan in het oosten van de stad Kassala, behoorden veel Ethiopische soldaten tot de vluchtelingen die naar Soedan vluchtten.

11 november Het aantal vluchtelingen dat naar Soedan vluchtten, nam aanzienlijk toe op 11 november 2020, met ongeveer 10.000 vluchtelingen die de grens zijn overgestoken sinds het begin van de vijandelijkheden. Er werd die dag geen verder nieuws over enige militaire vooruitgang gemeld door beide zijden.

12 november Amnesty International maakte melding van bloedbaden in Tigray. Het rapport van Amnesty kon de daders van de bloedbaden niet definitief identificeren, maar getuigen gaven het Volksbevrijdingsfront van Tigray de schuld van de "gruwelijke tragedie" die plaatsvond terwijl luchtaanvallen de regio bleven treffen nadat premier Ahmed de politieke groep de schuld had gegeven van het plegen van oorlogsmisdaden. Van een groep onderzoekers die door de Ethiopische mensenrechtencommissie was gestuurd, werd verwacht dat ze de stad Mai Kadra in Tigray zouden bezoeken om de gerapporteerde massamoorden te onderzoeken.

13 november Op 13 november benoemde het Ethiopische parlement de minister van Onderwijs Mulu Nega om Debretsion Gebremichael te vervangen als president van de regio Tigray, een man die totaal onbekend is in Tigray.

Pro-TPLF-media verspreidden een claim van Debretsion dat de Ethiopische regering de Tekeze-dam had gebombardeerd, waardoor de elektriciteit naar de regio was afgesneden. Dit werd ontkend door de regering, die zei dat de vloedgolf uit het reservoir catastrofaal en onmiddellijk merkbaar zou zijn geweest. Uiteindelijk bleek het te gaan om een bombardement op de elektriciteitsinstallaties bij de dam.

Het aantal Ethiopiërs dat naar Soedan vluchtte, zou meer dan 14.500 hebben bereikt, aldus de VN-vluchtelingenorganisatie.

14 november VN-secretaris-generaal António Guterres waarschuwde dat het Tigray-conflict de hele Hoorn van Afrika zou kunnen destabiliseren. 's Nachts werden raketaanvallen gemeld op de luchthaven Gondar, die licht beschadigd was, en op de luchthavens van Bahir Dar, waarbij de TPLF de verantwoordelijkheid opeiste. Getachew Reda, de woordvoerder van de TPLF, beweerde dat de rebellenregering binnenkort "raketaanvallen zou uitvoeren om militaire bewegingen in Massawa en Asmara te dwarsbomen". De federale regering beweerde dat de aanslagen "indicatief zijn voor TPLF's laatste redmiddel om de controle te behouden". Ook voegde de regering eraan toe dat de aanval op de luchthaven van Bahir Dar is mislukt, omdat het doelwit werd gemist.

Later op de dag waren er meldingen van raketaanvallen in Asmara, de hoofdstad van Eritrea, waarbij het ministerie van Informatie en de internationale luchthaven van Asmara werden getroffen, en meldingen van een stroomstoring, waarbij enkele mensen de stad ontvluchtten. De TPLF verwijt de Eritrese regering dat ze ENDF-troepen toelaten om Tigray vanop hun grondgebied aan te vallen.

15 november De volgende dag bevestigde Debretsion dat de TPLF de luchthaven van Asmara in Eritrea had gebombardeerd en dat zijn troepen de afgelopen dagen 'op verschillende fronten' tegen Eritrese troepen hadden gevochten.

25.000 vluchtelingen vluchtten van Tigray naar Soedan.

16-30 november Op 16 november zou de stad Alamata in handen van regeringstroepen gevallen zijn, en op 18-19 november de steden Shire en Aksum.

De eindstrijd rond de regionale hoofdstad Mek'ele begon op 17 november, met bombardementen en explosies. Op 28 november volgde een finale aanval van de regeringstroepen, en werd de inname van de stad bekendgemaakt.

December 2020