De Sint Antoniuslaan is een straat of laan in het centrum van de Nederlandse stad Maastricht. De straat werd waarschijnlijk in het begin van de negentiende eeuw aangelegd als straatweg naar Meerssen, maar kreeg pas in de twintigste eeuw zijn bebouwing als onderdeel van de stadsuitbreiding op de oostelijke Maasoever. Aan de Sint Antoniuslaan liggen zes gemeentelijke monumenten.

Naamgeving De naam van de straat verwijst naar het Sint-Antoniuseiland, dat vlakbij in de Maas lag, ongeveer waar nu het Griendpark ligt. Dat eiland was eeuwenlang eigendom van de Maastrichtse antonieten en werd om die reden naar hun stichter genoemd, de heilige Antonius van Egypte (ca. 251-356), ook wel Antonius-Abt genoemd. De straat kreeg deze naam in 1911. In Maastricht is een tweede straat naar deze heilige genoemd, de Sint Teunisstraat in het Boschstraatkwartier, vlak bij het vroegere Antonietenklooster. Die straat heette vanouds Sint Antoniusstraat, maar kreeg na de sloop en herbouw van het Boschstraatkwartier in 1983 zijn nieuwe naam, waardoor het onderscheid met de Sint Antoniuslaan duidelijker is. In datzelfde Boschstraatkwartier ligt ook de Antonietenstraat. In de buurt Scharn ligt de Padualaan, voorheen Sint Antonius van Padualaan genoemd, naar de heilige Antonius van Padua (1195-1231). Deze naam werd aangepast na de annexatie van de gemeente Heer in 1970, eveneens om verwarring te voorkomen.Panhuysen/Dingemans/Minis/Sprenger (2013), p. 57: 'Antonietenstraat'; p. 59: 'Sint Teunisstraat'; p. 64: 'Sint Antoniuslaan'; p. 244: 'Padualaan'.

Ligging De Sint Antoniuslaan ligt op de rechter Maasoever in Sint Maartenspoort, een buurt in het noordoosten van het Maastrichtse stadscentrum. De ongeveer 230 m lange straat loopt min of meer van west naar oost tussen het Griendpark en het stationsemplacement. De straat telt aan de noordzijde drie zijstraten. Van west naar oost zijn dat: de Franciscus Romanusweg, de Gebroeders Hermansstraat en de Parallelweg. Aan de zuidzijde zijn er vier zijstraten: de Franciscus Romanusweg, de Membredestraat, de Tischbeinstraat en de Parallelweg.

Verkeer en inrichting In de hele straat is gemotoriseerd verkeer in twee richtingen toegestaan, maar sinds 2014 is er geen doorgaand verkeer meer. Nadat in dat jaar de aansluiting met de Parallelweg werd afgesloten voor auto's en motoren (de 'knip'), is het oostelijke deel van de straat doodlopend, behalve voor fietsers en voetgangers. De zijstraten zijn slechts opengesteld voor bestemmingsverkeer. Parkeren mag uitsluitend op de aangegeven plaatsen tegen betaling (bij parkeerautomaten).

De Sint Antoniuslaan heeft over bijna de hele lengte een circa twaalf meter breed profiel; in het oostelijk deel is dat plaatselijk iets meer omdat de nieuwbouw daar iets terugwijkt. De straat is ingericht met een geasfalteerde rijbaan die alleen in het oostelijk deel van fietsstroken is voorzien. Aan beide zijden zijn voetpaden en parkeerstroken voor langsparkeren; bij de nieuwbouw in het oostelijk deel voor haaks parkeren. Hoewel de straat formeel onderdeel is van het centrum van Maastricht (maar niet van het historische centrum), ontbreken de elders toegepaste kasseien hier, evenals de voor Maastricht typerende natuurstenen stoeptegels. Op foto's uit 1964 is te zien dat er toen wel kasseibestrating was. In plaats daarvan kent de straat een standaardinrichting met betontegels en betonklinkers. Door de relatief geringe breedte en het plaatselijk ontbreken van bomen, ontbeert de straat – ondanks de naam – het karakter van een laan. Waar wel bomen aanwezig zijn, staan die slechts aan één kant van de straat. Bij de nieuwbouw in het noordoostelijk deel bevindt zich een plantsoenstrook.

Geschiedenis Voorgeschiedenis Iets ten zuiden van de Sint Antoniuslaan, bij de Parallelweg en het Sterreplein, zijn diverse graven uit de Romeinse tijd (2e-3e eeuw na Chr.) aangetroffen.Panhuysen (1996), p. 239 en Kaart II (los bijvoegsel), nrs. 5 t/m 8. De vondsten kunnen erop wijzen dat hier de weg door het Geuldal naar Heerlen liep, onderdeel van de zogenaamde Via Belgica. Mogelijk door de uitbreiding van de vestingwerken van Maastricht is het tracé van de weg iets verschoven, waardoor in elk geval in 1842 de 'rijksweg' naar Meerssen samenviel met de huidige Sint Antoniuslaan.Zie interactieve kaart Maastricht op hisgis.nl (selecteer bij kaartlagen 'Kadaster 1842 percelen (rood, open)' en 'Luchtfoto'). Het is niet bekend of deze weg al geplaveid was.

De weg naar Meerssen liep door een relatief open gebied tussen de buitenwerken van Wyck, die hier in de loop van de zeventiende en achttiende eeuw waren aangelegd. In 1729 werd iets ten noorden van de Sint Antoniuslaan het bastion Hertell aangelegd, een vijfhoekig, bemuurd bastion met twee kruitmagazijnen in de kazematten onder de flanken.Morreau (1979), p. 277. Op de plek van het bastion ligt tegenwoordig het Hertellplein.

De gemeentegrens van Maastricht liep in de negentiende eeuw langs de rand van het glacis, de afgeschuinde aarden wal die rondom de gordel van vestingwerken lag. Het gebied daarbuiten behoorde tot de annexatie van 1920 bij de gemeente Meerssen.Jenniskens (1985), pp. 11-13. De gemeentegrens liep in de Sint Antoniuslaan ongeveer bij de huisnummers 37 en 54. Het deel van de straat ten westen daarvan lag op Maastrichts grondgebied; de rest behoorde bij Meerssen. Het Maastrichtse deel was grotendeels eigendom van het Departement van Oorlog. Aan het Meerssense deel van de straat grensden in 1842 zes percelen. Er mocht zo dicht bij de vestingwerken uiteraard niet gebouwd worden, hoewel een uitzondering werd gemaakt voor gebouwen die bij oorlogsdreiging binnen een dag afgebroken konden worden.

Planvorming en eerste bebouwing thumb|Emplacement van de Aken-Maastrichtsche Spoorweg-Maatschappij (Ph. van Gulpen, 1854). Links de in 1982 gesloopte rijtuigen-loods, rechts het in 1856 verplaatste station In 1853 kwam het eerste spoorwegstation van Maastricht, van de Aken-Maastrichtsche Spoorweg-Maatschappij, te liggen op grondgebied van de gemeente Meersen. Dit station, gebouwd in stijl- en regelwerk, zodat het snel afbreekbaar was, lag westelijk van het bastion Hertell, aan de noordzijde van de Sint Antoniuslaan. In 1856 werd de Akense spoorlijn verlengd met spoorlijn 20 naar Hasselt, waardoor het station verplaatst moest worden. Door het stijl- en regelwerk was dit niet al te moeilijk; het werd gedemonteerd en iets zuidelijker weer opgebouwd en uitgebreid. De rijtuigenloods bleef op de oorspronkelijke locatie achter en werd pas in 1982 afgebroken. In 1861 volgde de opening van spoorlijn 40 naar Luik, eigendom van de Belgische maatschappij Grand Central Belge, met een station dat oostelijk van de Coclersstraat lag, ten zuidoosten van de Sint Antoniuslaan. Pas in 1912 werd het huidige station gebouwd, aan het Stationsplein tegenover de 'Percée'.Jenniskens (1985), pp. 7-8, 21, 28, 31, 45-59.

thumb|left|225px|Detail stadsplattegrond, ca. 1861-65. Links het Sint-Antoniuseiland. Vanaf de Sint-Maartenspoort (midden onder) leiden 2 wegen naar het station: de kortere voor voetgangers; de langere (de Sint Antoniuslaan) voor rijtuigen Na de opheffing van de vesting in 1867 begon de ontmanteling van Wyck. Eerst werden de stadsmuur en de stadspoorten gesloopt; daarna volgde de slechting van de buitenwerken, het bastion Hertell pas in 1884.Morreau (1979), p. 281. Voor de voormalige vestingterreinen werden talloze plannen gemaakt voor de uitleg van de stad aan deze kant. De nadruk lag aanvankelijk op een goede bereikbaarheid van de stations. Tot circa 1885 hadden reizigers voor station Grand Central Belge de keuze tussen twee routes: een provisorisch aangelegd pad voor voetgangers, dat vanaf de Sint-Maartenspoort, na de slechting daarvan vanaf de Oeverwal via het nog niet bestaande Sterreplein naar het spoor liep. Rijtuigen konden gebruik maken van de bestaande weg naar Meerssen, gedeeltelijk samenvallend met de Sint Antoniuslaan. Daar lag ook de spoorwegovergang, net vóór de splitsing van de spoorlijnen naar Venlo en Aken. Deze bestaande weg werd verbonden met het iets zuidelijker gelegen stationsplein bij het Station Grand Central Belge, in feite het ontstaan van de Parallelweg. Door de uitbreiding van het stationsemplacement werd deze overweg opgeheven. De nieuwe overweg kwam in het verlengde van de geplande Percée te liggen, na 1912 bij de Scharnerweg en de Heerderweg. Na de overweg kon men dan linksaf slaan naar het noorden, via de huidige Meerssenerweg. De Sint Antoniuslaan was hierna geen doorgaande weg meer.Jenniskens (1985), pp. 31, 45-49.

thumb|Stratenplan Wycker stadsuitbreiding (Brender à Brandis, 1882). Geheel links de Sint Antoniuslaan ("Vervallen weg naar Meerssen"). De Alexander Battalaan was gepland tot aan de Sint Antoniuslaan In de plannen van stadsarchitect W.J. Brender à Brandis uit de jaren 1880 is te zien dat de hoofdstructuur van de wijk zou bestaan uit twee assen: de 'Stationsweg' (de verlengde Wycker Brugstraat en de Stationsstraat) en de 'Singelweg' (de Wilhelminasingel). Noordelijk van de Percée is een "Toegangsweg naar het Station" ingetekend, de huidige Sint Maartenslaan. Het Sterreplein is hier nog een rechthoekig plein met vijf radiaalstraten. Ten noorden daarvan ligt de Sint Antoniuslaan, op de plattegrond aangegeven als "Vervallen weg naar Meerssen". De Alexander Battalaan zou oorspronkelijk via het Sterreplein worden doorgetrokken tot aan de Sint Antoniuslaan.

Door vertraging van de zijde van het Domeinbestuur werden de vestinggronden pas in 1881 aan de gemeente overgedragen.Martin (2000), pp. 222-228. Daarna moest het gebied, dat deels in het winterbed van de Maas lag, nog worden opgehoogd. Een deel van de benodigde aarde was afkomstig van het Sint-Antoniuseiland, dat vanaf 1884 werd afgegraven, een proces dat pas in 1895 was voltooid.Martin (2000), pp. 140-141. Door de verschuiving van het stationsgebied naar het zuiden, werden de plannen voor het gebied ten noorden van de Sint Maartenslaan minder urgent; uiteindelijk werd hier vanaf circa 1910 een woonwijk gerealiseerd met arbeiderswoningen (Van den Berghstraat en omgeving, 'Roed Dörp'), afgewisseld met middenklassewoningen.Martin (2000), pp. 236-237.

Latere ontwikkelingen Omdat de Sint Antoniuslaan in het winterbed van de Maas lag, deden zich geregeld overstromingen voor, zoals op een foto uit 1926 is te zien. Door de kanalisatie van de rivier en de demping van de Oude Maasarm in het Wyckerveld gedurende de werkverschaffing in de jaren 1930, is de kans op hoogwater aanzienlijk afgenomen.Ubachs/Evers (2005), p. 585: 'winterbed'.

thumb|Luchtfoto Sterrepleinbuurt en "Roed Dörp" (1934). Links de nog braak liggende Griend. Tussen de gele pijlen: de Sint Antoniuslaan Op 18 augustus 1944 werd bij een geallieerde luchtaanval op de Spoorbrug Maastricht een groot deel van het naburige 'Roed Dörp' verwoest.Ubachs/Evers (2005), pp. 320-321: 'luchtbombardement'. Ook in de Sint Antoniuslaan was veel schade.'Het relaas van Karel L.E. Sondeijker' op zichtopmaastricht.nl.

In 1968 en 1983 werd de Sint Antoniuslaan, samen met de Parallelweg, heringericht. Waarschijnlijk verdween bij die eerste gelegenheid de kasseibestrating.Jaarboek Maastricht 1968, p. 10. In 1982 werd de rijtuigenloods gesloopt, waarmee het laatste overblijfsel van de Aken-Maastrichtse Spoorwegmaatschappij verdween. Op het bouwterrein werd een blindganger van het bombardement uit 1944 aangetroffen, die onschadelijk werd gemaakt.'Verdwenen zaken in Maastricht' op forum.mestreechonline.nl, 25 juli 2012. Aan de noordzijde van de Sint Antoniuslaan verrezen enkele appartementengebouwen en aan de Gebroeders Hermansstraat een complex met rijtjeshuizen.Jaarboek Maastricht 1982, p. 40.Jaarboek Maastricht 1983, p. 57.