Samuel Moolenaar (Haarlem, 9 augustus 1869 – Utrecht, 2 december 1925) was een Nederlands componist, organist en piano-onderwijzer.
Hij was zoon van kok Johannes Moolenaar en Sara Maria Vervooren. Hij was sinds 1901 getrouwd met Wilhelmina van der Vlerk. Hij werd begraven op Begraafplaats Soestbergen.
Hij kreeg zijn opleiding in zijn geboortestad van Leander Schlegel en studeerde verder in Utrecht bij Winand Oosterbaan, Carel Wirtz (piano), Johan Wagenaar (compositieleer en orgel).Winand Oosterbaan (1851 – 1920) was organist van de Sint-Augustinuskerk en leraar aan de muziekschool in Utrecht. In 1893 haalde hij zijn diploma. Hij werd organist in de Utrechtse Jacobikerk.
Hij schreef voornamelijk werken voor piano en liederen met pianobegeleiding. opus 1: Drie Klavierstukken; No. 1 Melodie, No. 2 Wiegeliedje, No. 3 Lentelied; J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 2: Aquarellen, Zes Klavierstukken; Opgedragen Aan den Heer Joh. Wagenaar; No. 1 Aquarellen, No. 2 Menuett, No. 3 Volkslied, No. 4 in C mineur, No. 5 in D majeur, No. 6 in C majeur; J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 3: Sarabande en gavotte voor strijkorkest opus 4: Bal-Reminiscenz. Fantasiestuk voor Klavier; Opgedragen Aan den Heer J. Seb. Boekelman; J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 5: Twee gemengde koren opus 6: Mädchenlied für eine Singstimme mit Begleitung des Pianoforte, Gedicht van Emanuel Geibel; J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 7: Wals voor Klavier; J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 8: Zwei Lieder für eine Singstimme mit Begleitung des Pianoforte; Fräulein Bertha Zegers Veeckens gewidmet; No. 1 Wohl waren es Tage der Sonne (Emanuel Geibel), No. 2 Wiegenlied; Gerrit Hilhorst, Utrecht. opus 9: Zes kleine Voordrachtstukke voor Klavier; No. 1 Herfstlied, No. 2 Gavotte, No. 3 Wiegeliedje, No. 4 Serenade, No. 5 Barcarolle, No. 6 Wals; J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 10: Uit de kinderwereld. Zes Gedichtjes van Joh. Wilh. Tadema, gecomponeerd vor eene Zangstem met Klavierbegeleiding; No. 1 Altijd blij, No. 2 Lief zusje, slaap zacht, No. 3 Madeliefjes, No. 4 In den Maneschijn, No. 5 Het treurende Muschje, No. 6 Zandtaartjes bakken; J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 11: Zwei zweistimmige Lieder mit Begleitung des Pianoforte; No. 1 Albumblatt (Karl Schäfer), No. 2 Wiegenlied (Hoffmann von Fallersleben); J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 12: Zeven Miniaturen voor klavier; opgedragen aan Hendrik C. van Oort ; No. 1 Lied, No. Wals, No. 3 Jachtlied, No. 4 Schommelliedje, No. 5 Dansstukje, No. 6 Menuett, No. 7 Tarantelle; J. A. H. Wagenaar, Utrecht. opus 13: ? opus 14: Zes nieuw Voordrachtstukken voor Piano; No. 1 Marsch, No. 2 Albumblad, No. 3 Gebed, No. 4 Lied, No. 5 Menuet, No. 6 Mazurka; H. Rahr, Utrecht, 1903. opus 15: Mijn lieveken Lied met klavierbegeleiding, Gedicht van J. D. C. van Dokkum; J. Vuylsteke, Gent, 1906. opus 16: Lenteliederen (liederen) opus 17: Lenteliederen (liederen) opus 18: Herfst Lied met klavierbegeleiding, Gedicht van François Bastiaanse; Gezusters Roels, Gent, 1910. Een aantal daarvan bereikte voor 1910 al een tweede druk maar in de tweede helft van de 20e eeuw was hij grotendeels vergeten.
Categorie:Nederlands componist Categorie:Nederlands organist