thumb|Tiger I in Rome, 1944 Op 13 mei 1943 hadden de Duits/Italiaanse troepen in Noord-Afrika (in Tunesië) zich overgegeven. De vraag aan Duitse zijde was waar de volgende slag zou vallen. Ook hield Duitsland rekening met een mogelijke Italiaanse overgave. Daarom stuurde Hitler in de begin-zomer van 1943 meerdere divisies naar Italië. Het gros hiervan waren pantser- of pantsergrenadierdivisies. En deze zouden gedurende de eerste maanden ook het leeuwendeel van de gevechten voor hun rekening nemen, op Sicilië (juli-augustus 1943) en bij Salerno (september) waren het zelfs exclusief deze divisies. De Duitse Panzer waren voor de geallieerden een geduchte tegenstander en bleven dat gedurende de rest van de campagne tot mei 1945. Tegen die tijd waren ze in aantal pantsereenheden en voertuigen duidelijk teruggelopen, maar werden telkens als “brandweer” ingezet op de gevaarlijkste plaatsen en bij geallieerde doorbraken. Zo bleven de Panzer tot de overgave een belangrijk instrument in de Duitse verdediging.
Sicilië thumb|Een Tiger I op Sicilië in augustus 1943 Kort voordat Tunesië in mei verloren ging, werden Duitse panzereenheden al naar Sicilië gedirigeerd om dit eiland tegen mogelijke geallieerde landingen te helpen beschermen.
Op 13 april werd Panzer-Abteilung 215 volgens bevel opgericht voor inzet op Sicilië. Deze Abteilung bestond uit drie compagnieën met PzKw IV tanks. Op 6 juli 1943 werd deze Abteilung onder bevel gesteld van de 15e Pantsergrenadierdivisie. Verder waren er een aantal Tiger I (PzKw VI) tanks aanwezig. Twee Tiger’s waren vervangingsvoertuigen voor de in Tunesië ingezette s.Pz.Abt. 501. Ook waren zes Tiger’s onderweg vanaf Pz.Ers.Abt 500. Deze 8 tanks kwamen door het verlies van Tunesië niet meer daarheen en bleven achter. Ook de 2./s.Pz.Abt. 504 was (met negen Tiger’s en zes PzKw III (lang)) daarheen op weg en strandde ook. Kort voor de geallieerde landingen werden alle Tiger’s samengevoegd onder 2./s.Pz.Abt. 504. In juni 1943 werd de Pantserdivisie Hermann Göring (kort: Pantserdivisie HG) naar Sicilië verplaatst. Direct voor de landingen werd 2./s.Pz.Abt. 504 onder bevel van deze divisie geplaatst.
Daarmee bestonden de Duitse tankeenheden in Italië op 10 juli 1943 uit de volgende eenheden/sterkte: Pantserdivisie Hermann Göring Panzerregiment Hermann Göring: I. en II. Abteilung met elk drie compagnieën 43 Pz III (lang), 3 Pz III (75), 32 Pz IV (lang), 7 PzBefWg III. Abteilung met drie batterijen 20 StuG en 9 StuH 2./s.Pz.Abt. 504 17 Pz VI 15e Pantsergrenadierdivisie Pz.Abt.215 met drie compagnieën 6 Pz III (lang), 46 Pz IV (lang), 1 PzBefWg
thumb|Uitgeschakelde PzKw III in Centuripe, augustus 1943 Op de dag van de landingen voerde de Pantserdivisie HG, met steun van Italiaanse eenheden en delen van de 15e Pantsergrenadierdivisie, een tegenaanval uit op de net gelande Amerikanen bij Gela en brachten de Amerikanen meteen in moeilijkheden. Eén Amerikaans bataljon werd omsingeld. Door stevige tegenstand en vuur van schepen voor de kust werd deze aanval echte afgeslagen. Al snel moesten beide Duitse divisies terugtrekken: Pantserdivisie HG langs de oostkust en de 15e Pantsergrenadierdivisie door het binnenland naar het noorden. Vanaf 18 juli 1943 werd de 29e Pantsergrenadierdivisie ook (grotendeels) naar Sicilië overgebracht vanuit Zuid-Italië. Deze divisie beschikte over de Panzer-Abteilung 129 met vier compagnieën, met 43 StuG en 3 PzBefWg. Ook deze divisie werd gebruikt om de opmars van de Amerikanen te vertragen. Echter, langzaam maar zeker werden de Duitsers teruggedreven richting Messina. Vandaar werden de divisies geëvacueerd. In de nacht van 10 en 11 augustus werden 34 Panzer en 44 Sturmgeschütze naar het Italiaanse vasteland overgevaren. De rest, de achterhoededekking, volgde op de morgen van 17 augustus 1943. Daarmee was de Duitse aanwezigheid op Sicilië beëindigd.
De verliezen van de Duitsers m.b.t. Panzer en Sturmgeschütze op Sicilië waren: Eenheid Pz III Pz IV Pz VI PzBefWg StuG StuH Pz.Abt.215 5 31 - 1 - - Pz.Reg.HG 28 21 - 4 4 3 Pz.Abt.129 - - - - 5 - 2./s.Pz.Abt. 504 - - 16 - - - Daarmee waren 118 van de 217 ingezette Panzer en Sturmgeschütze verloren gegaan.
thumb|Evacuatie van de 90e Pantsergrenadierdivisie van Sardinië, september 1943 Op Sardinië was begin juli de 90e Pantsergrenadierdivisie opgericht uit Divisie Sardinien. De Panzer-Abteilung Sardinien werd daarop op 12 juli 1943 omgedoopt in Panzer-Abteilung 190. Na de Italiaanse wapenstilstand was de divisie op Sardinië in de minderheid en werd naar Corsica overgebracht tussen 8 en 16 september en vervolgens tot begin oktober terug naar het Italiaanse vasteland. Hier werd de divisie omgevormd op de stand van een Panzergrenadier-Division 43. De divisie bleef rond Pisa in de Toscane en vervolgens naar de Adriatische Kust bij Gatteo a Mare. Pas medio november werd de divisie naar het front vervoerd, achter de Gustav-linie.
Vanaf 29 juli 1943 werd de SS-Pantsergrenadierdivisie "Leibstandarte Adolf Hitler" vanaf het Oostfront naar Noord-Italië verplaatst. Hier werd de divisie ingezet tegen partizanen en vanaf 8 september ook voor het ontwapenen van het Italiaanse Leger (Fall Achse). De divisie vertrok vanaf eind oktober 1943 weer naar het Oostfront.
In augustus 1943 werd ook schwere Panzer Kompanie Meyer (Tigergruppe Meyer) met 8 PzKw VI naar Italië overgebracht. Deze compagnie werd gebruikt tijdens Fall Achse. Tussen augustus en november bleef deze compagnie in Noord-Italië en was toegevoegd aan Pz.Jäg.Abt 46 van de 44e Reichsgrenadierdivisie "Hoch- und Deutschmeister". In november kwam deze divisie, en daarmee de compagnie, naar het front.
Zuid-Italië thumb|Flammpanzer III in Italië Op 20 augustus 1943 bestonden de Duitse tankeenheden in Italië uit de volgende eenheden/sterkte: 16e Pantserdivisie Panzerregiment 2 met twee Abteilungen II. Abteilung met elk vier compagnieën III. Abteilung met vier batterijen Totaal: 92 Pz IV (lang), 7 PzBefWg, 7 Flammpz., 40 StuG III 24e Pantserdivisie Panzerregiment 24 met een Abteilung III. Abteilung met vier compagnieën + één separate Flammpanzer-compagnie Totaal: 49 Pz IV (lang), 9 PzBefWg, 14 Flammpz., 42 StuG III 26e Pantserdivisie Panzerregiment 26 met een Abteilung II. Abteilung met vier compagnieën Totaal: 16 Pz III (75), 17 Pz IV (kort), 36 Pz IV (lang), 9 PzBefWg, 14 Flammpz. Pantserdivisie Hermann Göring Panzerregiment Hermann Göring met twee Abteilungen I. en II. Abteilung met elk vier compagnieën 25 Pz III (lang), 3 Pz III (75), 31 Pz IV (lang), 3 PzBefWg III. Abteilung met drie batterijen 16 StuG en 6 StuH SS- Pantsergrenadierdivisie "LAH" I. en II. Abteilung met elk vier compagnieën Totaal: 4 Pz II, 1 Pz III (5-kort), 58 Pz IV (lang), 74 Pz V, 9 PzBefWg. schwere SS-Panzer-Abteilung General-Kommando (vanaf 22 oktober s.SS-Pz.Abt. 101) met 3 compagnieën 27 Pz VI 3e Pantsergrenadierdivisie Panzer-Abteilung 103 met drie batterijen 42 StuG III, 5 PzBefWg. 15e Pantsergrenadierdivisie Pz.Abt.215 met drie compagnieën 1 Pz III (lang), 15 Pz IV (lang) 29e Pantsergrenadierdivisie Pz.Abt.129 met drie batterijen 38 StuG III, 3 PzBefWg. 90e Pantsergrenadierdivisie Pz.Abt.190 met drie compagnieën 1 Pz III (5-kort), 20 Pz III (75), 37 Pz IV (lang) Dus op dat moment totaal 771 Panzer en Sturmgeschütze.
thumb|PzKw IV van de 16e Pantserdivisie bij Salerno, september 1943 Rond deze tijd lag 16e Pantserdivisie in de baai van Salerno, de Pantserdivisie HG rond Napels, de 15e Pantsergrenadierdivisie bij Gaeta, de 3e Pantsergrenadierdivisie ten zuiden van Rome en de 26e Pantserdivisie en 29e Pantsergrenadierdivisie in Calabrië. Op 3 september landde het 8e Britse Leger in de “teen” van Italië tijdens Operatie Baytown. Delen van de 26e Pantserdivisie en de 29e Pantsergrenadierdivisie verzorgden vertragende achterhoedegevechten, waardoor de Britten maar langzaam oprukten. Op 8 september gaf de Italiaanse regering zich over, maar de Duitse troepen hadden dit voorzien en startten Fall Achse, de militaire bezetting van Italië. De volgende dag landde het 5e Amerikaanse Leger bij Salerno (Operatie Avalanche). Al snel na de landingen organiseerden de Duitsers een reeks zware tegenaanvallen, met (delen) van drie pantser- (HG, 16e en 26e) en drie pantsergrenadierdivisies (3e, 15e en 29e), waardoor het geallieerde bruggenhoofd tijdelijk in gevaar kwam. Maar uiteindelijk werd de crisis bedwongen, het 8e Britse Leger sloot aan en de Duitse divisies trokken naar het noorden terug.
Winterlinie De Duitsers hadden intussen een reeks verdedigingslinies dwars over de Italiaanse “laars” opgericht. Eerst kwamen de geallieerden voor de Volturno-linie te staan, gevolgd door de Barbara-linie. Maar de echte krachtproef volgde bij de Winterlinie, met als hoofdlinie de Gustav-linie. Hier liepen de geallieerden stuk, met name rond Monte Cassino. De pantser- en pantsergrenadierdivisies droegen nu niet meer de hoofdlast, maar werden ingezet als reserve en om plaatselijke doorbraken af te grendelen. Ze bleven daarmee belangrijk.
De 16e Pantserdivisie werd in november 1943 uit Italië teruggetrokken om naar het Oostfront getransporteerd te worden.
Eind januari 1944 werden 25 PzKw IV als vervanging voor de Pantserdivisie HG en 26e Pantserdivisie toegevoerd naar Italië.
Pz.Abt 190 gaf zijn tanks vanaf 17 februari 1944 af aan andere eenheden in Italië en werd uitgerust met 42 StuG IV’s.
Landing bij Anzio thumb|PzKw V Panther van I./Pz.Reg 4, januari 1944 thumb|Een Brummbär en Tiger bij Anzio, maart 1944 thumb|Een Elefant met grenadiers bij Anzio, maart 1944 thumb|Tiger en Nashorn (M4 Sherman in het midden), april 1944
Sterkte van de ingezette panzereenheden op 21 januari 1944: Eenheid Pz III Pz IV Pz VI PzBefWg StuG 26. Pz.Div. 23 91 - - 14 Pz.Div.HG 35 27 - - 14 3. Pz.Gren.Div. - - - 4 44 15. Pz.Gren.Div. - 22 1 21 29. Pz.Gren.Div. - - - 4 41 90. Pz.Gren.Div. 16 26 - - 4 Tigergr. Meyer - - 8 - - 2e Pz.Sich.Kp 9 5 - - - 3e + 35e Pz.Sich.Kp 23 - - - - Totaal 106 171 8 6 138 Dus op dat moment totaal 429 Panzer en Sturmgeschütze.
Aangezien de geallieerden volledig vast waren gelopen in de Winterlinie, werden wegen gezocht om deze linie te omtrekken. Daartoe landden 22 januari 1944 bij Anzio geallieerde troepen (Operatie Shingle) en vormden snel een bruggenhoofd. Dit vormde voor de Duitsers een grote bedreiging in de rug van de Winterlinie, maar ook voor Rome. De 4e Parachutistendivisie en delen van Pantserdivisie HG kwamen meteen in actie en ook spoedden de 71e Infanteriedivisie en de rest van Pantserdivisie HG zich naar het bruggenhoofd. Het Duitse opperbevel reageerde bliksemsnel en verplaatste een aantal eenheden naar Italië om te proberen het bruggenhoofd te vernietigen. Het Panzerregiment 69 verplaatste zich naar Italië vanuit Frankrijk en kreeg I./Pz.Reg.4 (76 PzKw V), Sturm-Pz.Abt 216 (5 PzKw II, 57 Stupa), Panzer-Abteilung (Fkl) 301 (30 StuG + onbekend aantal SdKfz 301 (Borgward IV) – 108 stuks waren geautoriseerd) en s.Pz.Abt. 508 (45 PzKw VI) onder bevel voor de tegenaanvallen op het Anzio bruggenhoofd. Vanuit Wenen kwam de 1./s.Pz.Abt 653 met 11 Elefants ook naar het bruggenhoofd.
Op 4 februari 1944 werd de schwere Panzer Kompanie Meyer omgedoopt in Tigergruppe Schwebbach en toegevoegd aan het 76e Pantserkorps voor de tegenaanvallen rondom het bruggenhoofd Anzio. Op 3 maart 1944 werden alle 8 Tigers opgenomen in s.Pz.Abt. 508.
De Duitser lanceerden op 16 februari 1944 hun tegenoffensief, Operatie Fischfang. Totaal acht divisies namen deel, waaronder Pantserdivisie HG, 26e Pantserdivisie, 3e Pantsergrenadierdivisie en 29e Pantsergrenadierdivisie. Ondanks successen en het indeuken van het bruggenhoofd, waren de verliezen zwaar en op 20 februari gaven de Duitsers op. Vanaf dat moment tot mei 1944 was er een patstelling ontstaan en waren er alleen plaatselijke gevechten.
Begin mei 1944 vertrok de staf van Panzerregiment 69 naar Frankrijk.
Duitse terugtocht zomer 1944