Van Abbemuseum in 2019|thumb Het Van Abbemuseum is een museum voor moderne en hedendaagse kunst in het centrum van de Noord-Brabantse stad Eindhoven. Het museum werd in 1936 geopend. Het Van Abbemuseum is vernoemd naar zijn oprichter Henri van Abbe. Van Abbe was een liefhebber van moderne kunst en wilde Eindhoven daar van mee laten genieten. De collectie van het museum herbergt anno 2010 ruim 2700 kunstwerken, waarvan ongeveer 1000 werken op papier, 700 schilderijen en 1000 sculpturen, installaties en videowerken.
Het museum is in het bezit van een van de grootste collecties kunstwerken wereldwijd van de Rus El Lissitzky. Tevens beschikt het over werken van Pablo Picasso en Wassily Kandinsky.
Ontstaan thumb|een deel van de nieuwbouwvleugel Het Van Abbemuseum is gesticht door Henri van Abbe. Deze was sigarenfabrikant aan het eind van de 19e, begin 20e eeuw. In Eindhoven had hij enkele fabrieken. Tevens was hij een verwoed kunstverzamelaar, voornamelijk van moderne kunst.Abbe, Henri van In de jaren 1930 besloot hij een deel van zijn collectie tentoon te stellen, waarvoor hij het Van Abbemuseum liet bouwen. Het zou een plek worden waar de hele bevolking kennis kon maken met de geheimen van hedendaagse kunst en ervan kon genieten.Vrienden van Van Abbe De collectie bestond destijds nog voornamelijk uit kunstwerken die Henri van Abbe zelf had aangekocht en ter beschikking had gesteld. Voor de bouw van het zogenoemde 'Stedelijk Museum Van Abbe' schonk Henri van Abbe 150.000 gulden, en bovendien nog een bedrag van 35.000 gulden, 'voor den aankoop van nieuwe schilderijen'. Hiervoor stelde Van Abbe 26 schilderijen uit eigen collectie ter aankoop voor. Het duurste werk betrof 'liggend naakt' van Jan Sluijters, ter waarde van 3.500 gulden. De eerste portier van het Van Abbemuseum herinnerde zich in het Eindhovens Dagblad dat hij dit schilderij altijd moest verwijderen uit de tentoonstellingszaal als er kinderen kwamen: "Dat mochten ze niet zien."van Abbemuseum, eindhovenfotos.nl
Het gebouw kreeg een plaats aan de Dommel in het centrum van Eindhoven. Het gebouw is ontworpen door architect A.J. Kropholler in traditionalistische stijl. In het museum, dat in 1936 werd geopend, werd de Van Abbe Collectie tentoongesteld. In de tweede helft van de vorige eeuw maakte het museum ook een fikse groei door en aan het einde van het millennium bleek het museum volstrekt uit zijn jasje gegroeid. Het bestaande museumgebouw was te klein geworden en niet langer geschikt voor een eigentijds museumbeleid en een moderne bedrijfsvoering; museaal en technisch was het gebouw verouderd en moderne publieksvoorzieningen ontbraken. Tevens was het museum flink gegroeid op vele gebieden, zoals de collectie, de bibliotheek en het aantal medewerkers. Er werd besloten tot een grondige verbouwing waarbij het museum ongeveer vijf keer zo groot zou geworden. In 2003 is het hernieuwde Van Abbemuseum geopend. Het museum positioneert zich heden ten dage als een groot en publieksgericht museum op het gebied van moderne kunst.
Collectie thumb|Theo van Doesburg. Compositie XXII. 1922. De kunstverzameling is in 1909 gestart door Henri van Abbe. Hij kocht kunstwerken die voornamelijk bedoeld waren voor zijn eigen huis aan de Bilderdijklaan in het Eindhovense centrum. Samen met Carl Alandt, een Amsterdamse vriend uit de tabakshandel, bezocht hij tentoonstellingen. Daar maakte hij kennis met het werk van schilders als Jan Sluyters, Lizzy Ansingh en Carel Willink, van wie hij schilderijen kocht.Henri van Abbe (1880-1940), biografie op www. thuisinbrabant.nl, 21 aug 2008. Ook beschikte Van Abbe over werken van Isaac Israëls. Via het museum groeide zijn bezit langzamerhand uit tot de Van Abbe Collectie met anno 2008 bijna 3000 werken.
De collectie beschikt over een groot aantal werken van El Lissitzky, alsmede werken van Pablo Picasso, Georges Braque, Wassily Kandinsky, Marc Chagall, Fernand Léger, Theo van Doesburg en Piet Mondriaan. Ook zijn er werken van naoorlogse kunstenaars als Joseph Beuys, Marcel Broodthaers, Anselm Kiefer, Jannis Kounellis, Rebecca Horn, Hanne Darboven en Sigmar Polke.
Ook West-Europese kunstenaars van de jaren 1980-1990 zijn vertegenwoordigd, waaronder Jan Vercruysse, Jean-Marc Bustamante, Thomas Schütte, Juan Muñoz, René Daniëls, Marijke van Warmerdam, Douglas Gordon, Aernout Mik, Danny Matthys en Pierre Huyghe. Na 2004 is er meer focus op internationale ontwikkelingen. Kunstwerken van Dan Perjovschi, Wilhelm Sasnal, Nedko Solakov, Tintin Wulia, Akram Zaatari, Yael Bartana, Agung Kurniawan, Surasi Kusolwong en anderen zijn aangekocht voor de collectie.
Ook zijn er voorbeelden te zien van de Amerikaanse kunst na 1960 met Robert Morris, Donald Judd, Carl Andre, Sol LeWitt, Bruce Nauman en Lawrence Weiner en met de westcoastkunstenaars als John Baldessari en Ed Ruscha.
Belangrijke kunststromingen vertegenwoordigd in de collectie zijn onder meer het kubisme, De Stijl, het constructivisme, expressionisme, Nederlandse figuratieve kunst van het interbellum, Cobra, École de Paris, Zero, neoconstructivisme, de materieschilders, minimal art, conceptuele kunst, Duitse schilderkunst uit de jaren zeventig en tachtig en meer recent samengestelde gehelen van eigentijdse sculptuur, installaties en videokunst.
Enkele bekende schilderijen in het museum zijn onder meer Hommage à Apollinaire (1921) van Chagall en Die Macht der Musik (1918) van Oskar Kokoschka, maar ook recentere werken als Voglie vedere i miei montagne (Beuys, 1971), Tapis de Sable (Broodthaers, 1974) en de installatie Categorical Imperative and Morgue (1999) van Mike Kelley.persmap van Abbemuseum, bij Het collectieboek
Het gebouw Exterieur thumb|Nieuwbouw en oudbouw. Op de voorgrond het huisje van Körmeling Het Van Abbemuseum ligt aan de Dommel en de monumentale ingang is gericht op de villa's van de toenmalige buitenwijken van Den Elzent. Buiten voor het museum staat een kunstwerk van Rodin. Het gebouw zelf bestaat uit twee delen: een oud gedeelte dat in 1936 is opgeleverd en een nieuw gedeelte dat sinds 2003 bestaat. Kenmerkend voor het oude gedeelte is de sobere vormgeving, waarbij de toren boven de ingang het enig accent vormt en het gesloten uiterlijk, dat een contrast vormt met de zalen met bovenlichten. Zo moesten de bezoekers afgezonderd van het rumoer van de buitenwereld ongestoord van kunst kunnen genieten. Overeenkomstig de opvattingen van het traditionalisme, waarvan Kropholler een belangrijke exponent was, is gebruikgemaakt van typisch Nederlandse bouwmaterialen. Het torentje boven de ingang is kenmerkend voor die traditionele bouw. Lateien en andere bijzondere gevelelementen zijn van natuursteen gemaakt. De tentoonstellingszalen krijgen daglicht via daklichten. Kropholler liet zich bij het ontwerp van het Van Abbemuseum inspireren door de vormen van traditionele gebouwen. Dit is te zien aan de gesloten baksteengevels, de symmetrie van het gebouw en monumentale elementen als de klokkentoren en de trap met beeldhouwwerken.van Abbemuseum, architectenweb.nl Het gebouw is een Rijksmonument.Van Abbe Museum, architectuur.org Bij de trap voor de ingang staan twee beelden van paarden. Deze zijn gemaakt door John Rädecker.Bilderdijklaan 10, eindhoven.nl Het onderkomen werd eind 20e eeuw te klein, zodat werd besloten tot renovatie van het oude gebouw en de bouw van een geheel nieuwe vleugel. De oudbouw heeft tien zalen.
Nieuwbouw Het ontwerp van de nieuwbouw is van architect Abel Cahen. Zijn eerste ontwerp werd afgekeurd. Cahen maakte een ontwerp waarbij de uitbreiding boven op het oude gebouw zou komen te staan, wat woedende reacties uitlokte. Toen werd in 1993 de Henri van Abbe Stichting opgericht, omdat het gemeentebestuur van plan was het oude Van Abbemuseum te laten verdwijnen in de geplande nieuwbouw. Dat hebben de initiatiefnemers van de stichting met behulp van de gemobiliseerde Eindhovense bevolking weten te voorkomen. Hierop zijn er nieuwe ontwerpen gemaakt, onder meer door Cahen, waarbij het nieuwe ontwerp wel de goedkeuring had. Het resultaat is een nieuw museum dat een combinatie vormt van moderne en jarendertigarchitectuur, waarbij een herkenbaar gebouw in het stadsbeeld behouden is gebleven.Henri van Abbe Stichting Cahen maakte daarna een nieuw ontwerp waarbij de uitbreiding achter het oude gebouw kwam te staan. De nieuwbouw is vier keer zo groot als de oudbouw en vormt een bijzondere aanvulling op de Nederlandse museumarchitectuur. De nieuwbouw is bekleed met grijze leisteen en heeft een 26 meter hoge grijze toren van vijf verdiepingen. De naastgelegen rivier de Dommel is verbreed, zodat delen van het museum aan een binnenmeer liggen.van Abbemuseum, galeries.nl De vloeroppervlakte is 9.825 m² en het volume: 7.150 m³ Deze aanbouw is op 17 januari 2003 geopend door koningin Beatrix.
Interieur thumb|Doorkijk van vijf verdiepingen in de nieuwbouw Binnen het museum zijn vele (nieuwe) faciliteiten ontworpen door de Belgische vormgever Maarten van Severen.Van Abbemuseum, standaard.be Er is een auditorium gebouwd dat onder meer ruimte biedt voor de educatieve begeleiding van de tentoonstellingen en collectiepresentaties, maar dat ook wordt gebruikt voor autonome aulaprogramma’s zoals lezingen, filmvoorstellingen, cursussen en seminars; allen gericht op kunstthema’s. Het auditorium heeft de naam van de schenkers ervan, Jan en Jeroen van Abbe, en is door Philips voorzien van alle moderne multimediamogelijkheden. Van Severen heeft ervoor speciale theaterstoelen ontworpen. Het auditorium biedt plaats aan 115 personen.
Daarnaast is de bibliotheek vernieuwd, die behoort tot de betere kenniscentra voor beeldende kunst in Nederland. De bibliotheek beschikt over meer dan 120.000 titels op het gebied van tentoonstellings- en collectiecatalogi, boeken, tijdschriften, maar ook niet-boekmaterialen als cd-roms, cd's, video's en dvd’s behoren tot de bibliotheek. De bibliotheek beschikt behalve over een leeszaal, inclusief faciliteiten, over een studiebioscoop. Naast een wisselend programma van kunstenaarsfilms en video's uit de collectie zijn in de studiebioscoop ook films op aanvraag te zien. De bibliotheek beheert ook de archieven van het museum. Tevens is er een museumcafé/restaurant, met een terras gelegen aan de Dommel. Verder beschikt het museum over een museumwinkel. Het museum heeft naast de hoofdingang een ingang aan de nieuwbouwkant, waar het mogelijk is om via het restaurant en langs de hal alvast sfeer te proeven, zonder direct toegang tot het museum te hoeven betalen. Die toegang gaat via het huisje van Körmeling. Hierdoor kent het een apart geheel dat ook buiten openingstijden van het museum dienstdoet voor evenementen en feesten. Deze interieurinrichtingen, met name de bibliotheek, museumshop, kassa/informatiebalie en cafetaria zijn ontworpen door Van Severen. Daglicht is het belangrijkste thema binnen het nieuwe ontwerp. De verschillende ruimten zijn zo in elkaar geschoven, dat de marge die overblijft als lichtdoorlaat dient voor de verdieping eronder. De gevel van het Van Abbemuseum gebouw functioneert als een grote lichtvanger. 's Nachts verandert het museum in een lichtbaken van de stad Eindhoven. Ook in de ingesloten binnenruimte, die een patio en beeldentuin bevat, komt het thema licht naar voren.
thumb|Beeld van John Rädecker voor de ingang
Rondom het museum In de museumtuin, een ontwerp van tuinarchitect Piet Oudolf, staat het kunstwerk Balzac door Auguste Rodin; andere gietingen van dit kunstwerk staan bijvoorbeeld in Parijs en in New York. Aan weerszijden van de trappartij naar de hoofdingang staan de paarden van de beeldhouwer John Rädecker, die ook beeldhouwwerk vervaardigde voor het Nationaal Monument op de Dam.