Een aandeel is een waardepapier dat een aantal rechten met betrekking tot een vennootschap geeft. Zowel een besloten vennootschap als een naamloze vennootschap kan aandelen uitgeven.
In de Nederlandse wetten wordt bij een goed dat geen zaak is, het begrip eigendom meestal niet gebruikt,https://wetten.overheid.nl/BWBR0003045#Boek2_Titeldeel9_Afdeling5_Artikel381 is een uitzondering. maar in plaats daarvan het begrip vermogensrecht. Toch worden aandeelhouders van een vennootschap in het spraakgebruik soms aangeduid als de juridische eigenaren van de vennootschap. De onderneming is in bezit van de vennootschap.
Een aandeel geeft zeggenschapsrecht en winstrecht in de vorm van dividend. Niet alleen de aandelen van een naamloze vennootschap kunnen worden verhandeld via de effectenbeurs; sinds de introductie van de flex-BV wetgeving in 2012 zijn besloten vennootschappen niet meer verplicht om een statutaire blokkeringsregeling te hebben, zodat de aandelen op een effectenbeurs kunnen worden verhandeld. Daar wordt maar weinig gebruik van gemaakt. Het merendeel van de vennootschappen verhandelen hun aandelen dus onderhands.
Terminologie Het woord aandeel wordt zowel gebruikt voor een exemplaar als voor een aandelensoort (in de enge zin, waarbij alle exemplaren gelijkwaardig zijn), zoals Unilever. Vaak blijkt uit het verband wat wordt bedoeld, maar voor aandelensoort in de genoemde zin is er ook de term fonds (niet te verwarren met het begrip aandelenfonds). Dit komt terug in termen als hoofdfonds en fondscode.
Geschiedenis thumb|Het oudste aandeel van de VOC met dividendlijst
Reeds in de Romeinse tijd werden onderhands aandelen uitgegeven aan financiers. In de late middeleeuwen bestonden er aandelen in Italiaanse stadstaten. De Hollandse en Zeeuwse voorcompagnieën, de voorlopers van de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) rond 1600, kenden ook aandelen.Petram, Lodewijk O.; (2011) Treasury management: De Nederlandse wortels van de moderne aandelenhandel. In: MCA, nummer 6
De eerste officiële uitgifte van verhandelbare aandelen vond plaats in 1602 in Amsterdam. De VOC gaf aandelen uit om haar overzeese handelsactiviteiten te kunnen financieren. Met deze aandelenemissie ontstond de eerste effectenbeurs ter wereld. De aandelen werden toen in de kantoren van de VOC zelf verhandeld.
Van de allereerste aandelenuitgifte zijn nog maar weinig originele stukken bewaard gebleven. Tot voor kort gold een 'aandeel' van de VOC-kamer Amsterdam van 27 september 1606 als het oudste aandeel ter wereld. Dat document is in handen van een groep Duitse beleggers, die het voor een groot bedrag te koop aanbieden. Hoe dit exemplaar in Duitsland terecht is gekomen, blijft onduidelijk. Zeker is dat het omstreeks 1980 nog in het Stadsarchief Amsterdam berustte. Onlangs werd in het Westfries Archief te Hoorn een 'aandeel' ontdekt van 9 september 1606. Dat werd uitgegeven door de VOC-kamer Enkhuizen en staat op naam van ene Pieter Harmensz. Hij kreeg het aandeel als bewijs van zijn laatste termijnbetaling van zijn investering van 150 gulden. Deze werd bijgeschreven in het Grootboek van de VOC-kamer Enkhuizen. Deze oudste vorm van verhandelbare aandelen zijn eigenlijk een soort kwitanties.oudsteaandeel.nl. Gearchiveerd op 14 april 2021.worldsoldestshare.com. Gearchiveerd op 30 november 2020.
Het allereerste dividend werd niet uitgekeerd in geld, maar in natura uit de verscheepte goederen. Deze eerste aandelen van de VOC zijn voor historici erg interessant omdat er relatief veel documentatie beschikbaar is over onder meer de regelgeving met betrekking tot onder meer financiële derivaten, short posities en de effectenhandel. De grootste VOC-aandeelhouder van het eerste uur was Pieter Lintgens met een investering van 105.000 gulden, die hij uiteindelijk niet op tafel kon leggen. Isaac le Maire had 97.000 gulden ingelegd.
Rendement op aandelen Aandelen geven geen recht op een vaste vergoeding voor het beschikbaar stellen van vermogen, zoals obligaties dit wel geven door middel van rente. Het rendement op aandelen bestaat uit twee onderdelen: Waardestijging van het aandeel en het uitgekeerde deel van de winst, beter bekend als het dividend. Intrinsieke waardestijging ontstaat wanneer de winst worden ingehouden. De aandeelhouders en/of het bestuur stellen daarom altijd vast hoeveel winst er wordt ingehouden en hoeveel er wordt uitgekeerd. Dividend wordt vaak jaarlijks uitgekeerd en vindt meestal in vrij consistente bedragen plaats. Het kan in economisch mindere tijden voorkomen dat de aandeelhouders niet overgaan tot uitkering om een grotere cashpositie te behouden, of omdat er geen winst is en de onderneming niet uit de reserves wenst te putten.
Ondernemingen streven er doorgaans naar om het dividend stabiel tot licht stijgend te houden. Uit onderzoek blijkt dat een groot deel van het rendement op aandelenbeleggingen door dividenduitkeringen behaald wordt. Aandelen waarop een relatief hoog dividend wordt uitgekeerd, noemt men dividendaandelen.
Over het langetermijnrendement van beursgenoteerde aandelen gecorrigeerd voor inflatie bestaat veel debat. De Amerikaanse econoom Jeremy Siegel schat het gemiddelde historisch rendement op aandelen over de afgelopen 200 jaar op ongeveer 6,5 tot 7 procent na correctie van de inflatie.Stocks for the Long Run, by Jeremy J. Siegel, McGraw-Hill Companies; 4nd edition (November 27, 2007, )
Handel in aandelen De aandelen van één vennootschap kunnen op meerdere beurzen tegelijk verhandeld worden. Voorbeeld hiervan is de Belgisch-Franse bankverzekeringsgroep Dexia, genoteerd op Euronext Parijs en Brussel, de Nederlandse bank ING, genoteerd in Amsterdam en in New York,ING Group Investor Relations - share information. Gearchiveerd op 13 november 2021. of het vroegere Petrofina, vroeger genoteerd te Brussel en te New York. Het aandeel Royal Dutch Shell is wel op 3 beurzen tegelijk verhandelbaar: de New York Stock Exchange, de London Stock Exchange en de Amsterdamse Euronext op Beursplein 5.
thumb|Aandeel in de Baltimore and Ohio Railroad Company (1827) Besloten vennootschappen kenden tot 01-10-2012 een verplichte blokkeringsregeling. Een aandeelhouder mocht hierdoor niet zomaar zijn aandelen aan derden overdragen en nieuwe aandelen mochten niet zomaar aan het publiek worden uitgegeven. Meestal hield de regeling in dat aandelen eerst aan medeaandeelhouders moesten worden aangeboden, of de bestaande aandeelhouders nieuwe aandeelhouders moesten goedkeuren.
Met de invoering van de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht is het voor een besloten vennootschap niet langer verplicht een dergelijke blokkeringsregeling in de statuten op te nemen. Er is sprake van een krachtens de wet geldende aanbiedingsregeling, waarvan bij de statuten afgeweken kan worden. Met andere woorden: maken de statuten geen melding over het al dan niet gebruiken van een blokkeringsregeling, dan is de aandeelhouder alsnog verplicht zijn aandelen eerst aan de medeaandeelhouders aan te bieden.
Het zelf inkopen van aandelen door de vennootschap is meestal niet toegestaan of slechts toegestaan onder zeer stringente voorwaarden. Omdat dit zou betekenen dat het bestuur zelf in de Algemene vergadering van aandeelhouders (AvA) mag stemmen en invloed op eigen benoeming en ontslag kan uitoefenen, mag in zo'n geval meestal met zelf ingekochte aandelen niet worden gestemd.
Waarde van een aandeel De waarde van een aandeel is afhankelijk van de onderliggende onderneming. Het geplaatste aandelenkapitaal plus eventuele agio vormen het beginvermogen, dat dan ook gelijk de intrinsieke waarde en het eigen vermogen van de onderneming is. Wanneer de onderneming winst maakt, neemt het eigen vermogen toe en dus de waarde van de aandelen. Wanneer de onderneming verlies lijdt, neemt het eigen vermogen af en dus de waarde van de aandelen. De post Geplaatst aandelenkapitaal verandert niet van waarde omdat de rekenheid voor deze post de Nominale waarde is. Er komt slechts een post bij van Winstreserve. De posten Maatschappelijk aandelenkapitaal, Agioreserve en Winstreserve vormen dan samen het eigen vermogen van de onderneming. Het eigen vermogen gedeeld door het aantal aandelen bepaalt de intrinsieke waarde.
Wanneer het aandeel beursgenoteerd is, komt de prijs tot stand op basis van vraag en aanbod. De koers van het aandeel, geeft du niet (noodzakelijk) de intrinsieke waarde van een bedrijf weer. Gepubliceerde jaarcijfers, dividenduitkeringen, toekomstverwachtingen en berichtgeving over de onderneming kunnen de koers sterk beïnvloeden. Het is dus goed mogelijk dat de waarde van het aandeel door een negatief of positief sentiment wordt beïnvloed en hierdoor over- of ondergewaardeerd wordt door de markt, los van de daadwerkelijke prestaties van de onderneming.
Een hoge koers is in een beursonderneming in het belang van de directie, omdat ze hierop worden beoordeeld. De beurs geeft hun als het ware publiekelijk een rapportcijfer voor het functioneren. Bovendien krijgen zij meestal callopties op de aandelen als een deel van hun beloning, die uiteraard waardevoller worden bij een stijgende koers. Een lage koers is voor de directie ook ongunstig omdat het een onderneming aantrekkelijk maakt voor overname. Meestal zal de overnemende partij het management dan vervangen.
De uitgifte van aandelen Met de uitgifte van aandelen krijgt de vennootschap als rechtspersoon haar vermogen. Nieuwe aandeelhouders kunnen zich hierop inschrijven. Aandelen worden altijd uitgegeven tegen de nominale waarde. De nominale waarde heeft slechts de functie van rekeneenheid, zodat niet gerekend hoeft te worden met intrinsieke waarde of beurskoers. Een vennootschap heeft altijd een maatschappelijk aandelenkapitaal. Dit is het totaal aantal aandelen die een vennootschap kan uitgeven vermenigvuldigd met hun nominale waarde. De vennootschap geeft niet altijd alles uit en 'plaatst' maar een deel van haar maatschappelijk kapitaal, simpelweg het geplaatst aandelenkapitaal genoemd. Zodra een vennootschap aandelen plaatst haalt het geld op en hier kan zij een onderneming mee drijven. Wanneer aandelen worden uitgegeven kan de uitgifteprijs verschillen met de nominale waarde. Een aandeel dat uitgegeven wordt tegen de nominale waarde geschiedt 'a pari'. Een uitgifteprijs onder de nominale waarde heet 'onder pari', en een uitgifteprijs boven de nominale waarde heet 'boven pari'. Wanneer de aandelen boven pari worden uitgegeven haalt de vennootschap meer op dan het nominale bedrag op de balans. Het extra vermogen noemt men 'agio'. De vennootschap noteert dan op haar balans naast de post 'geplaatst aandelenkapitaal' de post 'agioreserve'. De agioreserve vormt mede het eigen vermogen van een vennootschap. Als aandeelhouders een aandeel tegen een bepaalde uitgifteprijs kopen, hoeven zij niet altijd het hele bedrag over te maken naar de vennootschap. Dit overmaken noemt men 'storten'. Voor besloten vennootschappen kan de stortingsplicht in de statuten worden weggeschreven. Aandelen van naamloze vennootschappen, die het kenmerk hebben vrij verhandelbaar te zijn, moeten wel altijd volgestort worden.
De uitgifte van (nieuwe) aandelen heeft een aantal formaliteiten. De meeste rechtssystemen verlangen tussenkomst van de notaris, bijvoorbeeld bij de oprichting van een rechtspersoon of bij verhoging van het Maatschappelijke kapitaal. Bij notering of publieke uitgifte wordt vaak een emissieprospectus geschreven, dat in veel gevallen eveneens aan de Wet op het financieel toezicht en de regels van de effectenbeurs moet voldoen. Bij de publieke uitgifte, ook wel IPO genaamd, is altijd een investeringsbank betrokken om de aandelen verhandelbaar te maken. Een aantal landen verlangt bovendien een kapitaalbelasting van enkele basispunten van het bijeengebrachte kapitaal.
Rechten verbonden aan aandelen