Griekenland neemt sinds 1974 deel aan het Eurovisiesongfestival.

De balans thumb|350px|Sakis Rouvas vertegenwoordigde Griekenland in 2004 en 2009 en presenteerde het Eurovisiesongfestival van 2006. Griekenland heeft sinds 1974 in totaal 45 keer aan het Eurovisiesongfestival deelgenomen. 21 keer slaagde het land erin om bij de beste tien te eindigen. Vooral in de eerste drie decennia dat de Grieken aan het songfestival deelnamen (1974–1998) werden weinig spraakmakende resultaten geboekt. Gedurende deze periode, waarin veel minder landen deelnamen dan tegenwoordig, bereikten zij als hoogtepunt tweemaal een vijfde plaats (in 1977 en in 1992). Griekenland was hiermee een van de minder succesvolle songfestivallanden, maar na de millenniumwisseling veranderde dat totaal. In de jaren 2001–2013 werden grote successen gescoord en belandden de Grieken tien keer in de top 10, waarvan tussen 2004 en 2011 acht keer op rij. In deze periode eindigde het land drie keer op de derde plaats (in 2001, 2004 en 2008) en viel ook hun eerste en tot nog toe enige overwinning:

2005: Elena Paparizou - My number one

Griekenland eindigde nog nooit op de laatste plaats. In de halve finale, die in 2004 werd ingevoerd, werden de Grieken tot nog toe maar drie keer uitgeschakeld: in 2016, 2018 en 2023.

Het songfestival op Griekse bodem Het Eurovisiesongfestival heeft tot op heden eenmaal in Griekenland plaatsgevonden. Dat was in 2006, als gevolg van de Griekse overwinning een jaar eerder. Het festival werd op 18 en 20 mei 2006 georganiseerd in de O.A.C.A. Olympic Indoor Hall in de hoofdstad Athene. De presentatie lag in handen van Maria Menounos en Sakis Rouvas.

Songfestivals zonder Griekenland Nadat Griekenland in 1974 zijn debuut maakte, was het land nog zes keer afwezig op het Eurovisiesongfestival: 1975: Na de eerste deelname in 1974 trok Griekenland zich in 1975 meteen weer terug, uit onvrede over het debuut dat Turkije dat jaar maakte. De relatie tussen de twee landen was destijds bijzonder verhit wegens de Turkse invasie van Cyprus.

1982: Griekenland had in 1982 wel de intentie om deel te nemen en had zelfs al een inzending gekozen: Sarantapente kopelies van Themis Adamantidis. Dit lied werd echter door de EBU gediskwalificeerd nadat bleek dat het om een herschreven versie van een al eerder uitgebracht volksliedje ging. Dit was in strijd met de regel dat elke inzending volledig origineel moet zijn. De Grieken kregen een boete en moesten thuisblijven.

1984: Ook in 1984 waren de Grieken niet van de partij op het songfestival. De nationale omroep ERT besloot van deelname af te zien omdat men in de nationale voorrondes naar eigen zeggen geen geschikt en kwalitatief lied had kunnen vinden. De magere klassering die de Grieken een jaar eerder hadden behaald, zou bij deze beslissing ook een rol hebben gespeeld.

1986: Polina Misailidou zou voor Griekenland aantreden met het lied Wagon-lit, maar deze inzending werd door de ERT onverwacht teruggetrokken. De reden hiervoor was dat het festival dit jaar samen bleek te vallen met Stille Zaterdag, een belangrijke dag voor orthodoxen.

1999: In de jaren negentig had het Eurovisiesongfestival te kampen met plaatsgebrek na de intrede van veel nieuwe landen uit Oost-Europa en het voormalige Joegoslavië. Een roulatiesysteem werd ingevoerd, waarbij slecht scorende landen een jaar moesten overslaan. Vanwege de lage klassering van Griekenland in 1998 ging het festival van 1999 daarom noodgedwongen aan de Grieken voorbij.

2000: De laatste keer dat Griekenland niet aanwezig was op het Eurovisiesongfestival was in 2000, toen de ERT zich terugtrok wegens financiële problemen.

Taal Gedurende de jaren zeventig, tachtig en negentig werden de Griekse songfestivalinzendingen steevast vertolkt in het Grieks. Bij de eerste twee deelnames van Griekenland, in 1974 en 1976, was dit een bewuste keuze: er bestond destijds een vrije taalregel, waar door de Grieken geen gebruik van werd gemaakt. Vanaf 1977 werd het zingen in de eigen taal voor alle deelnemende landen een verplichting.

Sinds de vrije taalregel in 1999 heringevoerd werd, heeft Griekenland voornamelijk Engelstalige liedjes naar het songfestival gestuurd, soms echter wel in combinatie met het Grieks. Sindsdien kwam het nog maar twee keer voor (in 2010 en 2018) dat de Griekse inzending volledig in de eigen taal gezongen werd. In 2013 was dit, op het refrein na, eveneens het geval. In 2016 bevatte de Griekse inzending deels een tekst in het Pontisch.

Nationale selectie De selectie om te bepalen welke artiest voor Griekenland naar het Eurovisiesongfestival gaat, geschiedde in de loop der jaren op verschillende manieren. De eerste vier inzendingen werden door de ERT intern geselecteerd, maar in 1979 kwam er voor het eerst een nationale voorronde waaraan verschillende artiesten deelnamen. Beide selectievormen werden naderhand met onregelmatige periodes afgewisseld. Interne keuzes werden nadien nog gemaakt in 1981, 1985, de periode 1992-1997, 2004, 2016 en de periode 2019-2021. In overige jaren was er sprake van een nationale finale, die van oorsprong de naam Ellinikós Telikós draagt en tussen 2013 en 2015 Eurosong heette. Ook kwam het enkele malen voor dat de artiest intern werd gekozen, maar het lied via een openbare voorronde geselecteerd werd. Dit gebeurde in 2005, 2006, 2009 en 2017.

Een opmerkelijke gang van zaken deed zich voor in 2004, toen onder de titel Eurostar een uitgebreide talentenjacht werd georganiseerd om de Griekse vertegenwoordiger voor het songfestival van dat jaar aan te wijzen. Van de 36 kandidaten bleven in de finale drie over, waarvan Apostolos Psichramis de uiteindelijke winnaar werd. Zijn lied zou vervolgens in een extra show worden uitgekozen, maar voordat deze plaats kon vinden werd Psichramis door de ERT gepasseerd. De omroep had te weinig vertrouwen in zijn kansen en besloot daarom in allerijl alsnog een artiest intern aan te duiden: Sakis Rouvas. Psichramis mocht Rouvas, samen met de twee andere finalisten van Eurostar, wel vergezellen als achtergrondzanger.

In 2018 verliep de nationale voorronde evenmin zoals gepland. Twee van de vijf deelnemers werden toen al op voorhand gediskwalificeerd omdat hun bijdragen volgens de ERT geen correcte afspiegeling waren van de Griekse muziektraditie. Een week voor de show trokken ook twee andere deelnemers zich terug, toen hun platenmaatschappijen weigerden om voor de kosten van een eventuele songfestivaldeelname (€20.000) op te draaien. De voorronde werd zodoende geschrapt en de enige overgebleven kandidaat, Gianna Terzi, werd automatisch uitgeroepen tot winnaar.

Driemaal kwam het voor dat de Grieken wel een inzending selecteerden, maar uiteindelijk toch niet meededen aan het Eurovisiesongfestival. Dit gebeurde in 1982, 1986 en 2020. In het laatste geval was de Griekse inzending intern gekozen, maar werd het Eurovisiesongfestival geannuleerd.

Financiële problemen De Griekse deelname aan het Eurovisiesongfestival wordt van oudsher verzorgd door de openbare omroep ERT. In 2010 kwam de omroep, als gevolg van de Griekse staatsschuldencrisis, echter in de financiële problemen, waarna men op zoek moest naar een nieuwe constructie om deelname aan het songfestival te kunnen voortzetten. De ERT ging (zoals in de jaren erna gebruikelijk zou worden) een samenwerking aan met privésponsors en platenmaatschappijen, die de kosten van de Griekse deelname deels of vrijwel geheel op zich namen. In 2013 bood ook dit echter geen uitkomst meer en droeg de ERT de productie van de nationale voorronde voor het eerst over aan een andere omroep, in dit geval het kleine muziekkanaal MAD TV.

In juni 2013 besliste de Griekse regering om de ERT in het kader van het Europese besparingsprogramma op te doeken. Aangezien de ERT het enige Griekse lid van de EBU was, werd verdere deelname aan het Eurovisiesongfestival voor de Grieken de facto onmogelijk. Een oplossing kwam er eind dat jaar evenwel met de oprichting van een nieuwe staatsomroep, NERIT, die ter vervanging van de ERT diende en het EBU-lidmaatschap zou overnemen. Problematisch was echter dat deze omroep pas in maart 2014 effectief zou beginnen met uitzenden, ruim na de deadline voor inschrijving voor het Eurovisiesongfestival. Een akkoord tussen de EBU enerzijds en NERIT en de Griekse overheid anderzijds zorgde er uiteindelijk voor dat een deelname van Griekenland aan het Eurovisiesongfestival van 2014 via een speciale regeling toch mogelijk werd. De Griekse nationale voorronde voor de editie van 2014 werd uitgezonden door de tijdelijke zender DT. Sinds NERIT in juni 2015 weer werd opgeheven en de ERT opnieuw in de ether kwam, is laatstgenoemde opnieuw verantwoordelijk voor de Griekse songfestivalinzendingen.

Geschiedenis Het debuut van Griekenland op het Eurovisiesongfestival kwam relatief laat: pas tijdens de 19de editie in 1974 maakte het land voor het eerst zijn opwachting. Hoewel de Griekse omroep ERT al in 1950 lid was geworden van de EBU en de show vanaf 1970 jaarlijks uitzond, was Griekenland jarenlang van deelname uitgesloten vanwege de militaire junta die er aan de macht was. thumb|Mariza Koch op het festival van 1976 in Den Haag. Ondanks dat Griekenland tot 1974 zelf niet aanwezig was, waren toch ook voor die tijd al verschillende Griekse artiesten op het songfestival te horen en te zien geweest. In 1972 was de liedjeswedstrijd zelfs al eens gewonnen door een Griekse, toen Vicky Leandros uitkwam voor Luxemburg en zegevierde met Après toi. Leandros had eerder in 1967 ook al eens voor Luxemburg deelgenomen, terwijl haar (oorspronkelijke) landgenoten Jimmy Makulis (in 1961 voor Oostenrijk), Nana Mouskouri (in 1963 voor Luxemburg) en Yovanna (in 1965 voor Zwitserland) eveneens voor andere landen op het songfestivalpodium stonden.

Toen het Griekse Kolonelsregime in 1974 op zijn einde liep en het herstel van de democratie in zicht was, was de weg vrij voor Griekenland om voor het eerst aan het songfestival deel te nemen.

Beginjaren (1974–1979) Zangeres Marinella kreeg in 1974 de eer om Griekenland als eerste te vertegenwoordigen en werd naar Brighton gestuurd met het nummer Krasi, thalassa ke t'agori mou. Ze was aangeduid nadat de oorspronkelijk beoogde inzending, de rockband Nostradamus, verwikkeld raakte in een seksschandaal en aan de kant geschoven werd. Marinella, die op het podium stond met een bouzoukispeler en een vierkoppig koortje, leidde de Grieken naar een onopvallend resultaat: ze werd elfde en kreeg zeven punten, waaronder vier uit Nederland.

De tweede Griekse deelname kwam er op het festival van 1976 in Den Haag, nadat de Grieken een jaar eerder waren thuisgebleven uit onvrede met het debuut van Turkije. De inzending van dat jaar, Panaghia mou, Panaghia mou van Mariza Koch, zorgde voor een hoop controverse aangezien het feitelijk een politiek gekleurde klaagzang was over de Turkse invasie van Cyprus. Als protestreactie trokken de Turken zich voor deze editie terug. Zij zonden de show wel uit, maar censureerden het Griekse optreden en vertoonden in plaats daarvan een Turks-nationalistisch lied. Koch eindigde met 20 punten op de 13de plaats.

In 1977 scoorde Griekenland voor het eerst een groot succes toen het vertegenwoordigd werd door een gelegenheidskwartet, bestaande uit Pascalis Arbanitides, Marianna Tolli, Robert Williams en Bessy Argiraki. Hun nummer Mathema solfege kreeg vrijwel van ieder land punten, waaronder de volle 12 van Spanje. De behaalde vijfde plaats bleef vervolgens bijna een kwart eeuw in de boeken staan als de beste Griekse klassering.

Zowel in 1978 als in 1979 belandde Griekenland op de achtste plaats, respectievelijk met Charlie Chaplin van Tania Tsanaklidou en Sokrati van Elpida.

thumb|left|Anna Vissi & Epikouri tijdens een fotosessie voor het festival van 1980. De jaren 80 en 90