Pieter Adriaan Aart Boeser (Schellinkhout, 26 juli 1858 – Leiden, 25 februari 1935) was een Nederlandse egyptoloog; de eerste met een aanstelling aan een universiteit in Nederland.
Leven en werk Boeser studeerde egyptologie in Berlijn bij Adolf Erman en in Leipzig bij Georg Steindorff. Hij behaalde zijn doctoraat in 1889 met een proefschrift over het leven en de werken van Margaretha Jacoba de Neufville.
Vanaf 1892 was hij onderdirecteur van het Rijksmuseum van Oudheden en conservator van de Egyptische collectie als opvolger van Willem Pleyte. In 1902 werd Boeser privaatdocent in de egyptologie aan de Rijksuniversiteit Leiden. In 1910 werd zijn aanstelling omgezet in een lectoraat, de eerste leerstoel in de egyptologie in Nederland. Hij werkte samen met Willem Pleyte aan een catalogus over Koptische manuscripten in het RMO (Manuscrits coptes du Musée d'Antiquités des Pays-Bas à Leide, Leiden, 1897).
Bibliografie (keuze) Leven en werken van Margaretha Jacoba de Neufville (proefschrift; Leiden, 1889) Manuscrits coptes du Musée d'Antiquités des Pays-Bas à Leide (Leiden, 1897) Beschrijving van de Egyptische verzameling in het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden. De monumenten van het Nieuwe Rijk. Derde afdeeling: Stèles ('s Gravenhage, 1912) Decoratieve Egyptische mummiekisten ('s Gravenhage, 1917) Transkription und Übersetzung des Papyrus Insinger (Leiden, 1922) Beschreibung der aegyptischen Sammlung des niederländischen Reichsmuseums der Altertümer in Leiden. Band 12: Statuetten (Leiden, 1925)
Categorie:Nederlands egyptoloog Categorie:Hoogleraar aan de Universiteit Leiden Categorie:Nederlands hoogleraar Categorie:Rijksmuseum van Oudheden