Gerard Johannes de Groot (Rotterdam, 5 februari 1882 - Den Haag, 16 mei 1950) was een Nederlands bioloog en reserve-kolonel der infanterie. Tijdens de Duitse inval in mei 1940 was hij commandant van het Westfront van Vesting Holland en was hij betrokken bij de Slag om Den Haag.
Biografie Civiele loopbaan Gerard de Groot studeerde in 1900 af aan de Universiteit Leiden in de wiskunde en natuurkunde. Van 1902 tot 1906 werkte hij als 2e biologisch assistent bij de wetenschappelijke staf van de Internationale Raad voor het Onderzoek van de Zee (ICES). Omdat hij geen zekerheid van een vaste aanstelling kreeg en tevens een proefschift wilde schrijven, vertrok hij naar een baan in het onderwijs.Groot, S.J. de, Rijksinstituut voor Visserijonderzoek: Een eeuw visserijonderzoek in Nederland 1888-1988, Uitgeverij Rivo, IJmuiden, 1988, In 1907 promoveerde hij aan zijn alma mater tot doctor in de Plantkunde en Dierkunde, met als proefschrift “Aanteekeningen over de ontwikkeling van Scoloplos armiger”.Nieuws van den Dag: Schoolnieuws, 24-01-1907, pagina 6Rijksuniversiteit Leiden: Jaarboek, pagina 33, Leiden 1907. Gearchiveerd op 6 maart 2019. Hij werkte als leraar in de plant- en dierkunde op middelbare scholen in Den Haag en tussen 1908 en 1923 tevens als privaatdocent aan de Universiteit Leiden.Klaauw, C.J. van der: Het hooger onderwijs in de zoölogie en zijne hulpmiddelen te Leiden, pagina 125, Uitgeverij A.W. Sijthoff, Den Haag De Groot gaf in 1919 voor Maatschappij voor Natuurkunde “Diligentia” in Den Haag, waar hij lid van was, een voordracht met als titel “Fabre en zijn onderzoekingen over het leven der insecten”Haaxman Jr., P.H., Maatschappij Diligentia: “Natuurkundige voordrachten”, 47ste serie, 1918-1919, Uitgeverij W.P. van Stockum en Zoon, Den Haag 1919 en in 1920 een voordracht met als titel “De zintuigen in het dierenrijk”.Nieuwsblad voor den Boekhandel: Natuurkundige voordrachten, jaargang 87, no 81, 26-10-1920, pagina 983, Uitgeverij J.M. van 't Haaff, Amsterdam 1920 Daarnaast schreef De Groot aan het eind van de jaren twintig en begin jaren dertig van de twintigste eeuw verslagen van natuurkundige voordrachten door andere wetenschappers voor enkele jaarboeken van Diligentia.
Militaire loopbaan De Groot werd bij de mobilisatie van 1914 onder de wapenen geroepen waarna hij diende als 1ste reserve-luitenant bij de Infanterie van de Koninklijke Landmacht.Kooiman, J. en Snijders, C.J.: De Nederlandsche strijdmacht en hare mobilisatie in het jaar 1914, pagina 78, Uitgeverij Herman de Ruiter, Arnhem 1915 In 1917 werd De Groot bevorderd tot reserve-kapitein in het 15de Regiment Infanterie.De Soldatencourant ‘Orgaan voor Leger en Vloot’: Mutaties, 05-01-1917, pagina 4. Gearchiveerd op 6 maart 2019. Na de Eerste Wereldoorlog bleef De Groot actief in het leger. Als reservist zal hij regelmatig deel hebben genomen aan militaire oefeningen, waardoor hij verder in rang steeg. In 1938 werd De Groot bevorderd tot zijn hoogste behaalde rang; reserve-kolonel bij de Staf van het Wapen der Infanterie.Nederlandsche Staatscourant: Benoemingen, pagina 1, 02-08-1938 In mei 1940 was De Groot als gemobiliseerd reservist betrokken bij de Slag om Den Haag als Commandant Westfront van de Vesting Holland, als direct ondergeschikte van reserve-luitenant-generaal Jan van Andel. De Groot voerde het bevel over onder meer de Groepen Alkmaar, Haarlem, Leiden, ’s-Gravenhage en de Posities IJmuiden en Hoek van Holland. Zijn stafkwartier bevond zich te Leiden.
Rangen 1914: 1ste reserve-luitenant 1917: reserve-kapitein 1934: reserve-majoorMilitaire Spectator: Bevorderingen, jaargang 103, nr. 1, 01-01-1934, Uitgeverij Broese-Vrijens, Breda/Den Haag 1934, pagina 37 1938: reserve-kolonel
Onderscheidingen De Groot zou voor zijn inzet als reservist worden benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau met de zwaarden (1938).Nederlandsche Staatscourant: Onderscheidingen, pagina 2, 29-08-1939 Daarnaast ontving hij in 1946 de gouden medaille van de Gemeente Den Haag ter gelegenheid van zijn veertigjarig dienstverband.Vakblad voor biologen: VB., Volumes 26-27, Uitgeverij D.B. Centen, 1946
Publicaties 1907: “Aanteekeningen over de ontwikkeling van Scoloplos armiger”, Proefschrift van G.J. de Groot,Groot, Dr. G.J. de: Aanteekeningen over de ontwikkeling van Scoloplos armiger, Uitgeverij Bredée, Den Haag 1907 1909: “Schetsen uit Napels en Omgeving”, in: De Aarde en haar Volken, Uitgeverijen Kruseman & Tjeenk Willink, 1909Project Gutenberg: Schetsen uit Napels en Omgeving by G. J. de Groot, 1909. Gearchiveerd op 12 mei 2023. 1920: “De zintuigen in het dierenrijk”, cursus biologie, zes delen, Den Haag 1920Bom, G.Th.: Veilingcatalogus, boeken van H. C. Differee, pagina 29, Uitgeverij G. Th. Bom & Zn, Amsterdam 1937 1925: “Ons organisme, Leerboek ten dienste van Gymnasia, Hoogere Burgerscholen, Kweekscholen voor Onderwijzers en Normaallessen”, (co-auteur M.J. de Jongh)Willemse, P.: Practische natuurkunde, pagina 403, Uitgeverij Van Goor & Zonen, Gouda 1925
Naamgenoot Gerard Johannes de Groot kan worden verward met zijn naamgenoot dr. Gerard Johannes de Groot Jr., in 1912 geboren te Den Helder, waarvan geen onderlinge verwantschap bekend is, die in 1938 aan de Universiteit Utrecht promoveerde in de wiskunde en natuurkunde.Algemeen Handelsblad: Academische examens, 01-07-1938, pagina 10 De Groot Jr. was tijdens de Tweede Wereldoorlog actief als reserve 1ste luitenant bij het VIII Infanterie Bataljon van het KNIL en kwam om het leven in 1944 tijdens een krijgsgevangenen-transport in Nederlands-Indië.Nationaal Archief: Japanse Interneringskaarten (Stamboekgegevens KNIL-militairen), NL-HaNA, SAIP / Pensioenen KNIL, 2.10.50.03, inv.nr. 430
Categorie:Nederlands militair in de Tweede Wereldoorlog Categorie:Nederlands bioloog Categorie:Nederlands kolonel