Auke (Fokkes) de Jong (Akkrum, 11 juni 1933 − Utrecht, 11 oktober 2018) was een hoogleraar godsdienstfilosofie aan de Universiteit van Amsterdam.
Achtergrond Hij was zoon van het Utinger echtpaar Hijlkjen de Vries (uit Terhorne) en veehouder Fokke de Jong (uit (Nes), wonende in Akkrum C35 (gemeente Utingeradeel had toen nog geen straatnaam voor dat gebouw). Hijzelf was vanaf 1960 getrouwd met de Amsterdamse Bertha (Bep) Bijlsma, dochter van Bertha Hertog (1903-1976) en Jan Bijlsma (overleden 1943), maar sinds 1954 getrouwd was met Jacques Presser (1899-1970). Het De Jong-Bijlsma kreeg enkele kinderen.[https://archief.amsterdam/indexen/deeds/985333f6-e432-56a3-e053-b784100ade19 Stadsarchief Amsterdam, Archiefkaart van student Auke de Jong)Stadsarchief Amsterdam: Archiefkaart Bertha Bijlsma
Vader zag dat deze zoon niet geschikt was voor opvolging in het boerenbedrijf en zag er wel wat in dat deze zoon huisarts zou worden. Hij volgde daarop de middelbare school aan de Hogereburgerschool (HBS) in Leeuwarden.
Theologie Van daaruit begon hij rond 1953 aan een studie theologie aan de genoemde universiteit (hij kwam toen in Amsterdam te wonen). In 1961 slaagde hij voor zijn doctoraalexamen en werd daar aansluitend assistent van die faculteit en assistent aan het theologisch instituut in Amsterdam. In 1966 werd hij voor drie jaar doopsgezind predikant in Surhuisterveen, iets waarvan men later zei dat hij daarvoor niet echt geschikt was. Hij promoveerde op 1 november 1966 cum laude aan genoemde universiteit op Een wijsbegeerte van het woord: een godsdienstwijsgerige studie over de taalbeschouwing van Martin Heidegger; zijn promotor was prof. dr. Johannes Arnoldus Oosterbaan (1910-1998). Bij het emeritaat van zijn promotor in 1977, redigeerde hij mede de bundel De geest in het geding. Opstellen aangeboden aan J.A. Oosterbaan ter gelegenheid van zijn afscheid als hoogleraar. Per 1 december 1980 werd hij zelf benoemd tot gewoon hoogleraar wijsbegeerte van de godsdienst en zedekunde te Amsterdam, als opvolger van zijn promotor; zijn oratie, Lossen en binden, sprak hij uit op 30 november 1981. Deze leerstoel werd traditiegetrouw door een doopsgezinde vervuld. Ten gevolge van een reorganisatie aan de universiteit werd per 1 januari 1992 deze leerstoel opgeheven, en werd De Jong op wachtgeld gesteld. De Algemene Doopsgezinde Sociëteit wilde zich daar niet bij neerleggen; zij stelde voor om een bijzondere leerstoel, om te beginnen voor De Jong, in te stellen waarbij de kosten deels door de sociëteit zouden worden gedragen en diens pensioen tot een volledig hoogleraarssalaris zou worden aangevuld. Per 30 juli 1993 werd hij vervolgens benoemd tot bijzonder hoogleraar godsdienstwijsbegeerte en wijsgerige ethiek in relatie tot de Doopsgezinde geloofs- en zedenleer, vanwege de sociëteit. Gedurende zijn gehele loopbaan bleef hij zich bezighouden met Heidegger, Martin Buber, Aristoteles en Emmanuel Levinas. Hij hield zich tevens bezig met de verhouding christendom-jodendom. Tot zijn promovendi behoorde Dirk Boer. Hij was tevens enige tijd faculteitsvoorzitter. In 1998 ging hij met emeritaat en hij hield zijn afscheidsrede op 18 maart 1999 onder de titel Perikelen in de ruimte tussen het goede en het zijn: over de verhouding van Levinas tot Heidegger. Bij zijn afscheid werd hem de bundel aangeboden met de titel De reikwijdte van het geduld. Wijsgerige en theologische opstellen.
De laatste jaren woonde het paar De Jong-Bijlsma in Driebergen van waaruit hij de privé-erfenis van Presser bijheerde.
Prof. dr. A. de Jong overleed in oktober 2018 op 85-jarige leeftijd.
Bibliografie Een wijsbegeerte van het woord: een godsdienstwijsgerige studie over de taalbeschouwing van Martin Heidegger. Amsterdam, 1966. Lossen en binden. Beschouwing over een gebruikswijze van de term 'absoluut' in het werk van Louis Althusser en Emmanuel Levinas. [Z.p., 1988] (inaugurele rede). Perikelen in de ruimte tussen het goede en het zijn: over de verhouding van Levinas tot Heidegger. Amsterdam, 2000 (afscheidsrede).
Categorie:Nederlands theoloog Categorie:Nederlands filosoof Categorie:Hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam