The Wrecking Crew was een los collectief van zo'n 60 voortdurend in groepssamenstelling roulerende sessiemuzikanten uit Los Angeles (Amerika) in de jaren 1960 en eerste helft jaren 1970. Het collectief, dat in die jaren geen formele naam had, vormde de basis voor vele duizenden studio-opnamen voor talloze bekende en onbekende muzikanten.

De meeste muzikanten van The Wrecking Crew hadden een achtergrond in de klassieke, maar vooral de jazzwereld. Later voegden zich ook virtuoze rock-'n-roll talenten bij de groep (o.a. Glen Campbell) omdat deze de gitaarintro's en solo's van de toenmalige tijd beter beheersten.

De medewerking van de muzikanten werd indertijd meestal niet vermeld op de platenhoezen. Tegenwoordig beschouwt men de groep als een van de vruchtbaarste sessiegroepen ooit, met een onschatbare waarde voor de popmuziek uit de periode 1960-1976.Interview Denny Tedesco over vader Tony Tedesco / "Wrecking Crew"

Ontstaan van de studioband 'The Wrecking Crew' Historische samenhang en muzikale achtergrond Eind jaren 1950, begin jaren 1960 waren vele sessiemuzikanten actief in studio's van o.a. New York, Nashville, Memphis, Detroit en Muscle Shoals, tot Los Angeles, waar de Wrecking Crew opereerde.Bron A: Bron B: Bron C: Elk plaatselijk circuit had zijn cirkel van 'A-lijst' sessiemuzikanten, zoals het Nashville A-Team dat in tal van country- en rockhits uit dit tijdperk meewerkte. Andere sessiegroepen vond men bijvoorbeeld in Memphis met twee muzikantengroepen, de Memphis Boys en de muzikanten die voor het label Stax/Volt werkten. Detroit had de Funk Brothers, voor talloze Motown-opnamen de dragende factor.

In de jaren 1960 had de meersporen-opnameapparatuur (multi-tracking) veel minder mogelijkheden dan tegenwoordig. De instrumentale backing-tracks (beginopnames voor een nummer, gewoonlijk bestaand uit ritmesectie met basgitaar, waaraan later de andere instrumenten worden toegevoegd) werden vaak 'hot' opgenomen met een groep muzikanten die live in de studio speelde. De muzikanten moesten op afroep beschikbaar zijn zodat producenten op het laatste moment nog aan-, in- of opvullingen konden toevoegen.

In de Verenigde Staten werd Los Angeles in deze tijd gezien als de plaats met de beste registratiemogelijkheden - bijgevolg werkten de studio's de klok rond waardoor sessietijd schaars en kostbaar was. Onder druk van deze en andere zaken was er bij producenten en platenbazen in Los Angeles weinig geduld met verloren tijd, dus 'verspilling' van geld. Daardoor was er grote behoefte aan betrouwbare stand-by muzikanten, die met minimale voorbereiding en binnen zo min mogelijk takes bereid en capabel waren om in verschillende stijlen hits op bestelling te leveren.

De leden van The Wrecking Crew waren in deze periode de absolute top van de sessiemuzikanten van Los Angeles. Alle muzikanten waren muzikaal veelzijdige professionals met een opleiding/achtergrond in de klassieke muziek of in de jazzwereld en konden daardoor uitstekend van blad lezen.Dit alles maakte hen muzikaal flexibeler en er was beduidend minder repetitietijd nodig. De veelzijdigheid van deze altijd oproepbare groep studiomuzikanten werd dan ook graag in bijna elke opnamestijl gebruikt, inclusief thema's voor televisieprogramma, film scores, advertentiejingles en alle genres uit de gangbare Amerikaanse populaire muziekcultuur van The Monkees tot Bing Crosby.

Vorming van de eerste muzikantenpool thumb|left|upright=0.8|Guitarist Barney Kessel was een vroeg lid van The Wrecking Crew Eind jaren 1950 ontstond een eerste begin van de groep met sessiemuzikanten als de drummers Earl Palmer, Hal Blaine , gitaristen Carol Kaye en Tommy Tedesco, en een groep waarnaar soms werd gerefereerd als "First Call Gang". De leider van deze groep was bassist Ray Pohlman.

Carol Kay meldt dat meedoen in deze pool een zeker inkomen betekende voor de deelnemende muzikanten. Keerzijde was dat ze vanaf dat moment geweerd werden als jazzmuzikant elders.

De muzikanten kwamen elkaar voortdurend tegen tijdens verschillende opnamen. De volgende meest bekende namen vormen de eerste harde kern:

Hal Blaine was oorspronkelijk jazzdrummer, speelde voor en maakte in januari 1959 deel uit van Tommy Sands' begeleidingsband The Sharks. Hierdoor drumde hij bij de opnamen van I Ain't Getting Rid of You. Blaine was de drummer op Baby Talk van het surfduo Jan & Dean (Mei 1959). Zelf matige instrumentalisten, riepen zij voor hun volgende singles opnieuw de hulp van sessiemuzikanten in. In 1961 werd Blaine bij Elvis Presley aanbevolen voor de opnamen van het album Blue Hawaii (21-23 maart 1961); hij speelde met drumkwasten de roffeltrom. Het was Blaine's eerste nummer 1-hit met Presleys Can't Help Falling in Love (maart 1961) uit dit album.

Ray Pohlman was arrangeur, gitarist, en speelde daarnaast zowel contrabas als basgitaar. Pohlman wordt algemeen gezien als de eerste bassist die midden jaren 1950 tijdens opnamen een elektrische basgitaar gebruikte. Vanaf eind jaren 1950 werd hij zeer frequent gevraagd bij rockopnamen, waarbij hij veelvuldig meespeelde op platen van Jan & Dean en The Beach Boys. Tommy Tedesco. Jazzgitarist- en multi-instrumentalist (ruim 20 snaarinstrumenten) Tommy Tedesco werkte in december 1960 mee bij de opnamen van The Great Impostor van The Piltdown Men, waar hij op een zessnarige basgitaar speelde. Ook hij was aanwezig bij opnamen van Jan & Dean, alsook bij The Everly Brothers. Zo werd ook hij onderdeel van de muzikantenpool. Volgens het Amerikaanse tijdschrift Guitar Player staat hij te boek als de gitarist met de meeste opnamen uit de geschiedenis. Hij speelde mee op duizenden platen, waarvan vele minstens de top 20 haalden. Carol Kaye, aanvankelijk jazzgitariste, startte met haar sessiewerk in 1957 via de Gold Star Studio's (Richie Valens-titels La Bamba en Now You're Gone, september 1958). Sinds 1963 speelde ze basgitaar met gedempte snaren en haar kenmerkende (hard-staccato) plectrumaanslag waarmee ze een van de meest gevraagde en invloedrijke bassisten uit die tijd werd. Zij speelde op ongeveer 10.000 opnamen mee. Earl Palmer was als sessiedrummer al gepokt en gemazeld in New Orleans, waar hij zijn kunnen verleende aan vele Crescent City rhythm-and-blues muzikanten als Fats Domino. In 1957 ging hij naar Los Angeles en speelde daar mee op hits van artiesten als Ike and Tina Turner, Glen Campbell, Jan & Dean, Righteous Brothers, the Beach Boys, The Ronettes, the Everly Brothers en Sonny & Cher.

Andere leden van het eerste uur waren o.a. Ernie Freeman (piano), René Hall (basgitaar), Buddy Clark (contrabas).

Studio's Opnamestudio's in L.A., waarin The Wrecking Crew studioband regelmatig (mee)werkte aan opnamen, waren de Gold Star Studios van United Western Recorders (opgericht door Bill Putnam), Aster Recorders, Radio Recorders, de Capitol Studios met studio's in de toren van de Capitol Records Building aan Vine Street, Columbia Records in het Los Angeles complex, en de RCA opname locatie, gehuisvest aan Sunset Boulevard nabij de Wallichs Music City. Dit was een enorme platenzaak annex muziekwinkel die veel muziekinstrumenten aan de L.A. sessiemuzikanten leverde.

Oorsprong van de naam 'Wrecking Crew' thumb|255px|right| Hal Blaine was de meest gevraagde drummer van de "Wrecking Crew" en populariseerde de naam. Met zijn memoires uit 1990, Hal Blaine and the Wrecking Crew, populariseerde Hal Blaine de naam the Wrecking Crew.

Hoewel de studiogroep tijdens hun jarenlange activiteit geen officiële naam had, schrijft Blaine in zijn memoires (1990) dat de term Wrecking Crew in het begin van de jaren 1960 op soms minachtende toon werd gebruikt door leden van de oude garde studiomuzikanten uit de sector "coat and tie" (jasje met dasje) die vonden dat de jonge lichting gekleed in T-shirts en jeans tijdens sessies en hun passie voor rock en roll (ook al waren ze jazz muzikanten) de muziekindustrie met deze muziekstijl zouden 'verwoesten' (to 'wreck' the music).... and the reason they were called the wrecking crew- I suppose they said... the older guys said they'd go wreck the business playin' this rock and roll stuff..., aldus Tony TedescoNOWMAN Show: 2-2- Wrecking Crew- Denny Tedesco Part2 feat. Snuff Garrett & Mike Peake. Quote Tony Tedesco op 1min39sec. Geraadpleegd op 15 juni 2016, youtube.com. Deze bezorgdheid was niet geheel ten onrechte. De jonge ambitieuze studiomuzikanten waren buitengewoon efficiënt door hun eerder gememoreerde kwaliteiten die de oudjes misten: zij konden muziek lezen, waren beter in improviseren, waren muzikaal flexibeler en hadden beduidend minder repetities nodig. Dit alles maakte dat de geldverslindende muziekindustrie snel hoofdzakelijk koos voor deze jonge generatie.Hal Blaine met David Goggin, Hal Blaine and the Wrecking Crew, Hal Leonard Corp., Winona, 1990.

Volgens de biograaf Kent Hartman zouden enkele muzikanten zichzelf al rond 1963 de Wrecking Crew noemen, anderen zeggen dat dit pas later gebeurde. Weer anderen zeggen de naam zelfs nooit eerder gehoord te hebben, zoals gitariste en bassiste Carol Kaye, die Blaine ten stelligste tegenspreekt. 'We were never known as that. Sometimes we were called 'the Clique', but the Wrecking Crew is a Hal Blaine invented name for his own self-promotion in 1990''' (We stonden zo nooit bekend. Soms noemde men ons 'de Kliek', maar 'the Wrecking Crew' is een door Hal Blaine uitgevonden naam voor zijn eigen promotie in 1990). De site SongfactsSongfacts is een op muziek gerichte website met artikels over songs, waarin men de betekenis van de songtekst duidt, men uitlegt hoe en wanneer de song werd opgenomen en nog vele andere wetenswaardigheden. stelt dat er geen enkele verwijzing naar 'The Wrecking Crew' uit die tijd bekend is. Als repliek op Kaye's verklaring ontkende Blaine weer dat niemand ooit de naam 'The Clique' gebruikte.

Ondanks alle gekissebis was het verschijnen van Blaine's memoires en de daarop gegenereerde aandacht zeer belangrijk voor het besef van het enorme aandeel van the Wrecking Crew aan talloze fameus legendarische plaatopnamen. De aandacht werd nog versterkt met de publicatie (april 2008) van de bioscoop documentaire 'The Wrecking Crew' van documentairemaker Tony Tedesco. De film stelde het werk van de anonieme sessiemuzikanten voor de eerste keer voor aan een breder publiek. De film bevat 133 muziekfragmenten, die rond de 300.000 dollar aan royalty's kostten. Vanaf de première bleek dat de naam Wrecking Crew ook werkelijk beklijft.Tony is de zoon van de gitarist Tommy Tedesco. Documentaire The Wrecking Crew, 2008

Leden en laureaten (Bijgewerkt uit Engels/Amerikaanstalige Wikipedia. Bron: Kent Hartman (The Wrecking Crew) and Robert Lloyd "Time of the Session"; LA Weekly)Time of the Session | L.A. Weekly

Aanvankelijk bestond de studioband uit 12 tot 15 leden.Glen Campbell Biography Episode Complete 2000, youtube.com De meer dan 60 algemene leden van The Wrecking Crew werden elk naar behoefte uit een pool van beschikbare muzikanten samengesteld. De kern van de groep bestond uit het gouden trio Larry Knechtel (piano, keyboard), Joe Osborn (bas) en Hal Blaine (drums).Doordat de studio's vanuit de AMF (American Federation of Musicians - muzikantenvakbond) verplicht waren zgn. session paperwork bij te houden aan de locale AMF afdeling over te dragen, is tamelijk nauwkeurig vast te stellen wie meespeelde op welke nummers van iedere artiest.

Basgitaar: Max Bennett, Carol Kaye, Larry Knechtel, Joe Osborn, Leland Sklar, Bill Pitman, Ray Pohlman, Bob West Contrabas: Chuck Berghofer, Jimmy Bond, Red Callender, Lyle Ritz Drums: Hal Blaine, John Clauder, Emil Richards, Jim Gordon, Jim Keltner, Earl Palmer, Joe Porcaro