De dolmens in Frankrijk zijn megalitische bouwwerken die worden toegeschreven aan verschillende culturen, zoals de Vérazacultuur en de Seine-Oise-Marnecultuur.
Théophile Corret de la Tour d'Auvergne introduceerde deze benaming in de archeologische wereld in zijn Origines gauloises (1796), het werd geschreven als dolmin. De Bretonse benaming is Taol-vaen; 'taol' betekent tafel en 'maen' of 'men' betekent steen.
De dolmens in Frankrijk hebben een andere vorm dan de hunebedden in Nederland, Duitsland en Denemarken. In het dagelijkse taalgebruik blijken de termen hunebed en dolmen grotendeels synoniem, en zijn voor Nederlanders de dolmens van Bretagne gewoon Franse hunebedden.
Types Er komen verschillende typen dolmen voor, zoals: allée couverte (overdekte gaanderij) rechthoekige dolmen met ingang aan de korte kant. dolmen à couloir een dolmen die is uitgebreid met een langwerpige ruimte, soms met zijkamer in de gang (deze kamer kan een brede uitloper van de gang zijn (V-vorm) of verbonden zijn met de kamer (P-vorm)). Komt vaak voor in Bretagne. dolmen à coudé variant van de dolmen à couloir, met een duidelijke knik in de gang. dolmen angevin of dolmen à portique georiënteerd op het oosten. dolmen angoumoisin met vierkante of rechthoekige kamer. dolmen languedocien op het westen of zuidwesten georiënteerd. dolmen à coin de hoekdolmen.
Voorkomen In Frankrijk zijn nog ongeveer 4500 dolmens te vinden. In Aveyron zijn zo'n 1000, in Quercy zo'n 800, in de Ardeche zo'n 800, in Poitou-Charentes en de Languedoc-Roussillon ten minste 700 en in de Provence zo'n 100 dolmens.
Pays de la Loire
De grootste dolmen van Frankrijk is de dolmen de Bagneux bij Saumur, ook wel bekend als La Grande Pierre Couverte. Deze dolmen is 23 meter lang en is zo'n 5 meter breed (en aan de binnenkant is de lengte zo'n 18 meter). De voorkamer is verstoord. Er zijn drie dekstenen en de grootste is 7,3 meter lang, het gewicht wordt geschat op 90 ton. In hoogte wordt deze dolmen alleen overtroffen door de Cueva de Menga op het Iberisch schiereiland. Tijdens het onderzoek in 1775 werden geen vondsten aangetroffen. In Bagneux ligt nog een kleinere dolmen, hoewel deze ook het overblijfsel van een oorspronkelijk veel grotere dolmen kan zijn.
Andere dolmens in Pays de la Loire zijn (onder andere) Dolmen de la Bajoulière, Pierre couverte de Beaupreau, Dolmen du Bois de la Pidoucière, Dolmen du Bois du Feu, Dolmen de Caillère, Dolmen du Champ-du-Ruisseau, Dolmen de l’Étiau, Dolmen de Fessine, Dolmen La Vacherie, Dolmen des Mollières, Dolmen de la Petifaie, Dolmen de Peyralade, Pierre aux Loups, Dolmen de la Pierre Cesée, Dolmen Pierre Couverte, Pierre couverte du Mousseau, Menhir et dolmen de l'Aurière, Pierre couverte d'Avort, Dolmen de la Boire de Champtocé, Dolmen du Bois-Briand, Dolmen de Chantepierre, Dolmen de Fessine, Dolmen de la Forêt, Pierre couverte de la Pagerie, Dolmen du Griffier, Dolmen de la Maison des Fées, Dolmen de Montsabert, Pierre-Couverte, La Pierrelée, Pierre Couverte de la Planche, Dolmen de la Romme, Dolmen de Charcé en Dolmen de la Pierre Folle, Pierre Couverte du château de la Ferrière (ook wel Dolmen de la Madeleine genoemd) in Maine-et-Loire.
Volgens de folklore is een afdruk van een hiel en een stok van een fee te zien op een deksteen van de Dolmen de la Pierre Cesée in Soucelles. Een ander verhaal vertelt dat de naam komt, doordat de steen is getroffen door bliksem en daardoor is gebroken (caesee). Weer een ander verhaal vertelt dat het een foute vertaling is van Caesar en dit verwijst ook naar de nabijgelegen menhir Doigt de César, vinger van Caesar.
In Sarthe liggen (o.a) Dolmen de la Pierre couverte, Pierre couverte, Dolmen de Lhomme, Pierre couverte, Allée couverte du Colombier, Dolmen de Sougé-le-Ganelon, Dolmen d'Hunault, Palet de Gargantua, Dolmen de Torcé-en-Vallée en Dolmen d'Amenon.
In Mayenne (departement) liggen (onder andere) Dolmen des Îles, Allée couverte des Bonnes Dames (die goede vrouwen zijn feeën), Contrie du Rocher (ook wel Le Caveau du Diable genoemd), Allée couverte de la Hamelinière, La Hutte-aux-Gabelous, Allée couverte de Petit-Vieux-Sou, Dolmen La Table des Diables, Allée couverte de la Tardivière en Dolmen des Erves.
In Vendée zijn (onder andere) Dolmen des Petits-Fradets, Allée couverte de la Pierre-Folle, Dolmen de la Frébouchère, Dolmen de la Cour du Breuil, Dolmen du Grand Bouillac, Dolmen des Landes, La Pierre Levée de Soubise (ook wel Pierre du Diable genoemd), Dolmen de la Planche à Puare, Dolmen de Savatole, Pierre Folle des Cous, Ciste des Cous, Dolmen de la Cour-du-Breuil, Dolmen de la Frébouchère, Dolmen des Petits Fradets, Dolmen de la Pierre Folle du Plessis, Dolmen de la Sulette (ook wel Tressoisieres Dolmen genoemd) en de Dolmen de la Table.
In Loire-Atlantique zijn (onder andere) de volgende dolmens te vinden: Dolmen de la Barbière, Allée couverte de la Boutinardière, Allée couverte de Beauregard, Dolmen d'Avrillac, Dolmen de la Briordais, Dolmen de la Garenne, Dolmen de la Joselière, Dolmens de Kerbourg, Dolmen de la Pierre Couvretière, Dolmen du Pez, Dolmen du Pré d'Air, Dolmen du Riholo, Dolmen des Rossignols, Dolmen de la Salle aux Fées, Dolmen de Sandun, Dolmen de la Roche-à-la-Vache, Dolmen de la Roche-aux-Loups, Dolmen Butte Gorzeaux (I, II, III) en Dolmen des Trois Pierres.
De Dolmen de la Croix, Dolmen des Trois Squelettes en Dolmen Devant le Moulin zijn de nog zichtbare dolmens in de Tumulus du Moulin de la Motte, waarschijnlijk was deze tumulus in vroegere tijden onderdeel van een nog grotere tumulus waar ook de Tumulus des Mousseaux (met twee dolmens) onderdeel van was. De Tumulus de Dissignac bevat twee dolmens.
Bretagne
In Bretagne liggen in Morbihan Dolmen d'Ar Roc'h, Dolmen de Beaumer, Dolmen du Bünz, Dolmen de Coët-Courzo, Dolmen du Conguel, Dolmen du Crapaud, Dolmen de la Croix, Dolmen de Crucuno, Dolmen du Cruguellic, Dolmen de Cruz-Menquen, Dolmen d'Er Houel, Allée couverte d'Er-Roh, Dolmen d'Er-Roch-Vras, Dolmen des Follets, Dolmen de Goëren, Dolmen de Gornevèse, Allée couverte du Grand Village, Dolmen du Graniol, Dolmen de Guidfosse, Dolmen de Kerangré, Dolmen de Kercadoret, Dolmens de Kerdaniel, Allée couverte de Kergalan, Dolmen de Kerhenry, Dolmen de Kéric-la-Lande, Dolmen de Kerlescan, Dolmen de Kerlud, Dolmen de Kerlutu, Dolmen de Kermané, Dolmen de Kermario, Dolmen de Kermorvant, Dolmens à couloir de Kerroc'h, Dolmen de Kerveresse, Dolmen de Kervingu, Dolmen de Kluder-Yer, Allée couverte de Lann-et-Vein, Dolmen de la Loge-au-Loup, Dolmen de la Maison Trouvée, Tumulus du Mané-Lud, Dolmens de Mané-Bras, Dolmen de Mané-Groh, Dolmen de Mané-Kerioned, Dolmen du Mané-Rutual, Dolmens Men Cam et Men Yann, Allée couverte de Minguionnet, Dolmen de Nelhouët, Dolmen de Penhap, Les Pierres Plates, Allée couverte de la Pointe-de-Guéritte, Allée couverte du Prieuré, Dolmen de Roch-Feutet, Tablettes de Cournon, Dolmen de Tri-Men-de-Castello, Dolmen de Ty-er-Mané, Dolmen de Vagouar-Huen en Le tombeau des géants.
In Ille-et-Vilaine liggen Allée couverte de la Grotte des Fées de Tréal, Dolmen du Rocher Jacquot I & II, Four Sarrazin (ook wel Les Pierres Chevêches genoemd), Maison des Fées (ook wel La Maison des Feins), Pierre Courcoulée (ook wel Pierre des Huguenots, met de steenrij Cordon des Druides), Dolmen de la Pierre du Trésor, La Roche-aux-Fées, Allée couverte Four-ès-Feins, Château Bû (met een allée couverte, vier grote menhirs en een steenrij), Coffre de la Guette, La Croix Saint-Pierre, Graf van Merlijn en Huis van Viviane. De Tumuli de la Croix Saint-Pierre bevat stenen die van een allée couverte kunnen zijn.
Op een steen bij La Maison des Feins zijn twee paar borsten te zien, daaronder is een halsketting afgebeeld. Dit is een afbeelding van de Déesse des Morts ("godin van de dood", ook wel Déesse Mère "moedergodin" of "vruchtbaarheidsgodin"). Op een sluitsteen zijn ook borsten afgebeeld, deze zijn echter in 1960 aangebracht.
Feeën spelen een rol bij het bouwwerk La Roche-aux-Fées. Zij zouden de stenen getransporteerd hebben. Eén steen verloren ze op weg naar het bouwwerk, dit is de menhir van Runfort. Er is een bijgeloof rondom de stenen, het aantal hiervan zou continu variëren. Als een koppel afzonderlijk rond het bouwwerk loopt en ieder hetzelfde aantal stenen telt, zullen ze bij elkaar blijven. Degene die de dolmen zal vernietigen, zal binnen een jaar sterven.
In Finistère liggen Allée couverte de Castel-Ruffel, Dolmen de Boutouiller, Allée couverte de Kerantiec, Allée couverte de Kerbalannec, Allée couverte de Lesconil, Vestiges mégalithiques de Menez Goarem ar Feunteun, Menez Korriged, Allée couverte du Mougau-Bihan, Nécropole mégalithique de la Pointe du Souc'h (vijf dolmens en één megalitische tombe), Dolmen de la pointe de la Torche'''(met een dolmen en een allée couverte), Dolmen de Quélarn, Dolmens de Kervadol, Dolmen de Tronval, Allée couverte de Kermeur Bihan, Dolmen d'Argenton, Dolmen de Brucou, Dolmen de Créac’h-ar-Vren, Gouele Sant Yann, Mégalithes du Guilliguy, Allée couverte de Kergoustance, Dolmen de Keristin, Dolmen de Kerivoret, Allée couverte de Kermaout, Dolmen de Kerscao, Allée couverte de Kerugon, Dolmens de Kervadol, Dolmen de Kervignon, Dolmen de Lestriguiou, Dolmens de Luzuen, Allée couverte de Loch-ar-Ronfl, Dolmen de Mezou Poulyot, Allée couverte de Loc'h ar Pont, Ty ar c'horriged, Dolmen de Tronval, allée couverte de Pont-ar-Bleiz, Dolmen de Tréguelc'hier, Allée couverte de Run-Aour, Ti ar Boudiged, Dolmen et menhir de Kercordonner, Dolmen de Penker ar Bloaz, Allée couverte de Plouescat en Vestiges du cairn de Quélarn.
Een legende over de Dolmen de Quélarn vertelt dat deze dolmen is bezocht door kabouters, vandaar de bijnaam Garenne des Korrigans (Gwarenn ar Korriganed of Goarem ar C'Horriged in het Bretons). Dit kan komen doordat men kruipend door de lage gang moet; kabouters zijn klein.
Ook Ti ar C’horriged verwijst naar de Korrigan, de naam is Bretons voor "huis van de Korrigan".