Elsloo (Limburgs: Aelse) is een dorp aan de Maas en het Julianakanaal in de gemeente Stein, in het zuiden van de Nederlandse provincie Limburg. De dorpskern, die in de indeling van het CBS de buurt Elsloo vormt, telde op 1 januari 2025 6.905 inwoners. De grotere CBS-wijk Elsloo omvat daarnaast Meers en Catsop en telde 8.295 inwoners; de cijfers in de infobox hebben op deze wijk betrekking. Het gehucht Catsop en de buurtschap Terhagen worden vanouds tot Elsloo gerekend. De oude dorpskern en het kasteelpark vormen sinds 1971 een beschermd dorpsgezicht.

thumb|Het huidige gebouwencomplex van Kasteel Elsloo met de neogotische toren (1838)

Ligging en landschap

Elsloo ligt aan de oostelijke rand van het Maasdal, op de overgang naar het met löss bedekte Zuid-Limburgse plateau.Har van der Borgh, De 'stille getuigen' – De globale ruimtelijke geschiedenis van Stein, Erfgoedbeleid 2019, bijlage 2, Gemeente Stein, versie 2.0, 17 januari 2019, pp. 8–10. De historische kern ligt direct aan de markante steilrand van het Maasdal; vanaf de Maasberg loopt het terrein via Op de Berg en de Dorpsstraat op naar het hoger gelegen plateau. Het Julianakanaal en, westelijk daarvan, de Maas begrenzen de plaats aan de westzijde. Aan de overzijde van de Maas ligt het Belgische Kotem; nabijgelegen Nederlandse kernen zijn Stein, Geulle, Moorveld en Beek.

Ten zuiden van de oude kern gaat het park van Kasteel Elsloo over in het Elslooërbos en verder zuidwaarts in het Bunderbos. Deze beboste terrashelling vormt een van de belangrijkste landschappelijke structuren rond Elsloo en maakt deel uit van het Natura 2000-gebied Bunder- en Elslooërbos. Het gebied wordt gekenmerkt door steile hellingbossen, talrijke bronnen en bronbeken en voor Nederland zeldzame kalktufbronnen. Door het kasteelpark en de aangrenzende bossen stromen onder meer de Hemelbeek en de Slakbeek; laatstgenoemde voedt de historische Slakmolen.

Op het hoger gelegen plateau liggen verschillende droogdalen en terreinverheffingen. Tussen Elsloo en Stein ligt het ondiepe droogdal 't Meeldert of Meldert. In oudere bronnen komt ook de vorm Meerdel voor. Het dal had tevens betekenis als historische begrenzing: delen van de grens tussen Elsloo en Stein liepen eeuwenlang langs de randen ervan.Wim Hanssen, Deel 12: Van Scharberg tot Meldert, Elsloo.info, geraadpleegd 21 augustus 2026. De naam Meerdel leeft onder meer voort als straat- en gebiedsnaam.

Ten oosten van Catsop ligt het droogdal Siekendaal, vanouds een verbinding in de richting van Beek. Ten noorden daarvan ligt, aan de grens met Beek, de terreinverheffing die lokaal De Heuvel wordt genoemd. De Heuvel bereikt ongeveer 105 meter hoogte en vormde samen met het Siekendaal onderdeel van de historische routes tussen Elsloo en Catsop enerzijds en Beek anderzijds.Guus Peters, Deel 30: De Heuvel, Elsloo.info, geraadpleegd 21 augustus 2026.Guus Peters, Deel 34: Ut Sjèkkendaal, Elsloo.info, geraadpleegd 21 augustus 2026.

Geschiedenis Prehistorie en Romeinse tijd miniatuur|links|160px|Bandkeramiek uit Elsloo, in de collectie van het Rijksmuseum van Oudheden Het gebied van Elsloo is vooral bekend door de resten van nederzettingen van de Bandkeramische cultuur. Tussen ongeveer 5300 en 4900 v.Chr. leefden hier landbouwers die tot de vroegste permanente boerengemeenschappen in het huidige Nederland behoorden. Bij archeologisch onderzoek zijn ongeveer honderd huisplattegronden en een grafveld blootgelegd. Het omstreeks 5000 v.Chr. gebruikte grafveld geldt als het oudste bekende grafveld van Nederland. De in 1959 en 1960 opgegraven vondsten en sporen zijn in de 21e eeuw met nieuwe onderzoekstechnieken opnieuw geanalyseerd. De veelgebruikte aanduiding „oudste boerendorp van Nederland” verwijst naar deze bewoningssporen en niet naar een ononderbroken bestaan van het huidige dorp.

Na de bandkeramische periode ontbreken lange tijd duidelijke bewoningssporen op de onderzochte locatie. Uit de bronstijd, ijzertijd en Romeinse tijd zijn opnieuw bewoningssporen bekend. In Elsloo en Stein zijn onder meer Romeinse grafvelden aangetroffen; een veronderstelde lokale Romeinse weg langs de Maasdalrand is archeologisch niet aangetoond.

Middeleeuwen en heerlijkheid Elsloo is in oudere geschiedschrijving vereenzelvigd met de Karolingische verblijfplaats en het Vikingkamp Ascloha, van waaruit in 881 en 882 rooftochten in het Maas-Rijngebied werden ondernomen. In een deel van de moderne historische literatuur wordt Ascloha met het Midden-Limburgse Asselt verbonden.Arnoud-Jan Bijsterveld, 'Machts- en territoriumvorming: van Karolingische kernregio tot territoriale lappendeken, 900–1200', in: P. Tummers e.a. (red.), Limburg. Een geschiedenis, deel I, LGOG, Maastricht, 2015, p. 211, ISBN 9789081960229. De precieze lokalisatie is echter niet definitief vastgesteld. Zowel Asselt als Elsloo komen in recentere archeologische en historische publicaties nog als kandidaat voor; archeologisch onderzoek heeft de vroeger veronderstelde locatie bij de kerk van Asselt niet bevestigd.Har van der Borgh, De 'stille getuigen' – De globale ruimtelijke geschiedenis van Stein, Erfgoedbeleid 2019, bijlage 2, Gemeente Stein, versie 2.0, 17 januari 2019, pp. 23–24.Bart Van den Bossche, 'De zaak Hasloa: zoektocht naar een winterkamp van het Grote Leger', Archeologie in Limburg, nr. 125, 2022, pp. 4–5.

De plaatsnaam is vanaf het begin van de twaalfde eeuw met zekerheid overgeleverd: in 1108 wordt Arnulfus de Hesloes genoemd en in 1111 komt de vorm Eleslo voor. De naam wordt doorgaans verklaard als een samenstelling van het Oudnederlandse elis („els”) en lo („licht, open bos”), ongeveer „elzenbos”. Een vermelding als Elisla uit 1002 is wel met Elsloo in verband gebracht, maar die identificatie wordt betwijfeld: mogelijk moet de vorm als Elista worden gelezen en op Elst worden betrokken.

De middeleeuwse burcht van Elsloo lag bij de toenmalige Maasloop en maakte controle over de rivier en de tolheffing mogelijk. De oudste uitvoerige beschrijving van het complex dateert uit 1329. Door veranderingen in de rivierloop en afkalving verdwenen de burcht, de oude kerk en een deel van de nederzetting geleidelijk in de Maas. Omstreeks het midden van de vijftiende eeuw werden de kerk en bebouwing hoger op de Maasdalhelling herbouwd. Resten van de oude burcht liggen nog in de Maas en zijn in 2004 door onderwaterarcheologen onderzocht.

Elsloo vormde een heerlijkheid. Na het uitsterven van het geslacht Van Elsloo kwam zij achtereenvolgens in handen van onder meer de families Van Schoonvorst, Van Gaveren en D'Arberg-Valangin. De positie van Elsloo als vermeende „vrije rijksheerlijkheid” was omstreden: de heren onderhielden leenbanden met Gulik en later Valkenburg.

Rond de nederzetting en het bouwland lagen in de middeleeuwen afscheidingen van hagen, wallen en greppels. De buitenste landweer begrensde de akkers ten opzichte van de Graetheide en diende tevens om vee, groot wild en plunderaars te weren. Een grensbeschrijving uit 1462 noemt de landweer als „den Graef”. Ook bij de latere verbinding tussen Catsop en Beek zijn resten van oude begrenzingen en graften in het landschap beschreven, onder meer langs het Siekendaal en op De Heuvel. Het tracé liep vanaf de omgeving van de huidige spoorwegovergang Beek-Elsloo door het gebied dat later is bebouwd. Delen ervan bleven als veldweg herkenbaar, waaronder de Schutterskampweg; veel andere delen verdwenen bij de twintigste-eeuwse dorpsuitbreidingen.

In 1786 probeerde de rentmeester van Staats-Overmaas, Willem Hendrik van Panhuys (1734–1808), Elsloo namens de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden in bezit te nemen op grond van het Verdrag van Fontainebleau (1785). De heer van Elsloo, Nicolas Antoine van Arberg (1736–1813), bestreed de toepasselijkheid van het verdrag en beriep zich op de rijksvrije status van de heerlijkheid. Nadat juristen concludeerden dat Elsloo juridisch aan het Land van Valkenburg ondergeschikt was, probeerde Van Arberg de heerlijkheid aan de Republiek te verkopen. De kwestie bleef onopgelost tot de komst van de Franse troepen in 1794; door de inlijving bij de Eerste Franse Republiek verloor Van Arberg zijn heerlijke rechten. (2018): Charles Roemers (1748–1838). Een Maaslandse regent in roerige tijden (dissertatie), Maaslandse Monografieën 84, pp. 95–99. Verloren, Hilversum. (online tekst). Gearchiveerd op 30 november 2022.

Lijst van heren en vrouwen van Elsloo De volgende lijst geeft de in de gebruikte bronnen genoemde bezitters en vertegenwoordigers van de heerlijkheid weer; de vroegste opvolging is niet volledig bekend.

Heer / vrouwe Periode / vermelding Huis / geslacht Toelichting Huis van Elsloo en verwanten Arnold van Elsloo vermeld 1202, 1206 en 1215–1217 Van Elsloo Herman van Elsloo vermeld 1202–1222 Van Elsloo Broer van Arnold van Elsloo. Arnold van Elsloo vermeld 1248–1250 Van Elsloo In leenverband met Valkenburg. Goswin van Born / van Elsloo vermeld 1296 en 1302 Van Born / Van Elsloo Verkreeg Elsloo via Margaretha, dochter van Arnold. Oyst / Otto van Born-Elsloo vermeld 1329 en 1361 Van Born / Van Elsloo In leenverband met Gulik; betrokken bij de opvolging richting Schoonvorst. Huis van Schoonvorst Coenraad I van Schoonvorst na 1361; vermeld 1399 Van Schoonvorst Halfbroer van Otto/Oyst van Born-Elsloo. Coenraad II van Schoonvorst vermeld 1452 Van Schoonvorst Verhief Elsloo tot leen van Valkenburg. Maria van Schoonvorst midden 15e eeuw Van Schoonvorst Huwde met Johan van Gaveren. Huis van Gaveren Johan van Gaveren midden 15e eeuw Van Gaveren Gehuwd met Maria van Schoonvorst. Adriaen I van Gaveren late 15e eeuw Van Gaveren Jongere zoon van Johan van Gaveren en Maria van Schoonvorst; erfde Elsloo en Diepenbeek. Conrard I van Gaveren vermeld 1515–1570; overleden 1570 Van Gaveren Derde zoon van Adriaen II van Gaveren; heer van Elsloo en van 1516 tot 1527 schout van Maastricht. Nicolaas van Gaveren vóór 1589 Van Gaveren Henrica van Renesse vermeld 1589 Van Renesse Weduwe van Nicolaas van Gaveren. Conrard II van Gaveren 1585–1602 Van Gaveren Huis van Gaveren-Fresin Charles van Gaveren, graaf van Fresin vanaf 1591/1593; erfde in 1602 Van Gaveren-Fresin Ontving de bezittingen van Conrard II bij leven en werd in 1593 met Elsloo beleend. Jean Charles van Gaveren tot 1629 Van Gaveren-Fresin Zoon van Charles. Pierre Ernest van Gaveren vermeld 1631–1637 Van Gaveren-Fresin Erfgenaam van Jean Charles. Dominique François van Gaveren kort na 1637 Van Gaveren-Fresin Erfgenaam van Pierre Ernest; overleed kort daarna. Olympe van Gaveren vanaf 1637/1641 Van Gaveren-Fresin Erfde Elsloo na het overlijden van haar broer Dominique François; de heerlijkheid werd in 1641 namens haar echtgenoot verheven. Huis D'Arberg-Valangin Nicolas de Valangin d'Arberg vanaf 1641 D'Arberg-Valangin Echtgenoot van Olympe van Gaveren. Leden van het huis D'Arberg-Valangin tweede helft 17e eeuw – 18e eeuw D'Arberg-Valangin Nicolas Antoine d'Arberg vermeld 1786–1789 D'Arberg-Valangin Laatste heer van Elsloo; verloor zijn heerlijke rechten in de Franse tijd.

Kerken en parochies Elsloo vormde van oudsher de rooms-katholieke Sint-Augustinusparochie. Ook het grootste deel van Meers behoorde tot deze parochie. In 1932 werd in Meers de zelfstandige Sint-Jozefparochie opgericht, waarmee deze van de parochie van Elsloo werd afgesplitst.

De parochies van Elsloo en Meers werkten later samen en werden op 1 januari 2024 samengevoegd tot de R.-K. parochie H. Augustinus, Elsloo. De Sint-Augustinuskerk werd daarbij aangewezen als parochiekerk; de Mariakerk in Elsloo en de Sint-Jozefkerk in Meers bleven als hulpkerken in gebruik. De parochie behoort tot het dekenaat Sittard van het bisdom Roermond.

Maasvaart, spoorlijn, mijnbouw en Julianakanaal