Pieter Franciscus Peters (gedoopt Nijmegen, 27 november 1787 – aldaar, januari 1867) was een Nederlandse schilder en glazenier. Hij wordt ook vermeld als Peter Francis Peters.Onder andere in: Hoet, Cornelis Jzn ten (1826) Het Geldersch lustoord, of Beschrijving van de stad Nijmegen en derzelver omstreken, met geschied- en oudheidkundige bijzonderheden. Nijmegen: wed. J.C. Vieweg en zoon.

Leven en werk Peters werd gedoopt bij de Statie van de Minderbroeders te Nijmegen als Petrus Franciscus, zoon van Willem Peters en Joanna Joosten. Hij wordt later vermeld als Peter, Petrus en Pieter. Peters werd opgeleid in het schildersvak door bloemschilder Piet Lamers en werkte vervolgens als huis- en rijtuigschilder in Nijmegen.Scheen, P.A. (1969) Lexicon Nederlandse Beeldende Kunstenaars 1750-1950. 's-Gravenhage: Kunsthandel Pieter A. Scheen N.V. Volume 2, p. 168. Hij schilderde en tekende landschappen en stadsgezichten. Hij exposeerde onder meer twee landschappen tijdens een tentoonstelling van Levende Meesters in 1843 in Nijmegen. Peters gaf schilderles aan zijn zoon Pieter Franciscus Peters jr.

Peters meldde aan Immerzeel dat hij zich op het glasschilderen ging richten nadat hij in het bezit kwam van 'boekwerken' over dat onderwerp.Immerzeel, Johannes (1842) De Levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters van het begin der 15de tot op de helft der 19de eeuw. Amsterdam: J.C. van Kesteren. p. 301-302. Volgens Hoogveld was hij rond 1817 de eerste in Nederland die zich daar weer mee bezighield.Hoogveld, Carine (hoofdred.) (1989) Glas in lood in Nederland 1817-1968. 's-Gravenhage: Sdu Uitgeverij. . Peters experimenteerde met brandschilderen en kleurstoffen. In 1821 ontving hij een premie van de Nederlandsche Huishoudelijke Maatschappij voor zijn uitvindingen op dat gebied en in 1826 een toekenning van koning Willem I "tot aanmoediging en voortzetting van zijnen arbeid in het glasschilderen".

In 1827 kreeg Peters de opdracht om vier portretten uit het Koninklijk Kabinet op glas te schilderen. Hij schilderde de portretten van Willem I, Maurits, Frederik Hendrik en Willem II van Oranje vergezeld van een tafereel uit hun geschiedenis. Het werk was bestemd voor Paleis Noordeinde. De lokale krant roemde "de kracht en juistheid der geschilderde portretten, de schoonheid en den gloed der kleuren, de smaakvolle ornamenten en inzonderheid de genievolle, door den kunstenaar grootstendeels zelven ontworpene, geschiedkundige tafereelen"."Nijmegen, den 15. Januarij", Nijmeegsche Courant, 15 januari 1828. Toen Peters het eerste raam had gemaakt was opperintendant W.F. graaf van Reede echter niet tevreden met het resultaat en hij wilde de rest van de opdracht intrekken. De koning liet de opdracht doorgaan en de ramen werden geplaatst in de rode zaal van het paleis. Het is niet bekend waar ze tegenwoordig verblijven.Heuven-van Nes, Emerentia van (2015) Nassau en Oranje in gebrandschilderd glas 1503-2005. Hilversum: Verloren. . Verder is behalve twee glas-in-loodfragmenten geen ander uitgevoerd werk van Peters bekend. Wel zijn er diverse ontwerpen van hem bewaard gebleven, onder meer voor glas-in-loodramen in de Nijmeegse Stevenskerk.

Peters verliet in de nacht van 9 op 10 januari 1867 zijn huis en is vermoedelijk in de Waal gevallen en verdronken. In mei 1867 werd zijn lichaam in de rijswaard tegenover Druten op de oever gevonden. Hij werd 80 jaar.

Afbeeldingen

Categorie:Nederlands glazenier Categorie:Nederlands kunstschilder