Weert (uitspraak: [ʋɪːrt]) (Limburgs: Wieërt [wiəʀt]) is een stad in de Nederlandse provincie Limburg en de stedelijke kern van de gelijknamige gemeente. De gemeente Weert grenst aan Noord-Brabant en België, ze vormt de westelijke entree van de provincie, reden waarom de stad zich promoot als 'de poort van Limburg'. Verder ligt Weert op een hogere plek omgeven door de Peel in het noordoosten, het Kempen~Broek in het zuidwesten en de Maasvallei in het oosten. Door de verhoogde ligging kreeg het gebied rondom de stad de bijnaam 'het eiland van Weert'. Daarnaast ligt de stad aan de Zuid-Willemsvaart. Weert kreeg marktrechten in 1414. Samen met de stad Roermond vormt Weert de ontwikkelas van de regio Midden-Limburg. Het aantal inwoners van de stad bedraagt 45.580. De hele gemeente telt 51.498 inwoners per 1 januari 2026 (bron: CBS). Daarmee is Weert qua inwonertal de 4e woonplaats van Limburg.

Geografie De stad Weert ligt in de gemeente Weert en is daar de hoofdplaats van.

Wijken De stad is als volgt ingedeeld: miniatuur|300x300px|Wijken en buurten in de gemeente Weert-Noord 01. Boshoven 0101 Boshoven-Vrakker 0102 Oud-Boshoven 0103 Centrum-Noord 0104 Boshoven buitengebied 0105 Industrieterrein Boshoverheide 02. Laarveld-Hushoven 0202 Hushoven 0204 Hushoven buitengebied 0205 Laarveld 03. Molenakker 0301 Molenakker 0302 Kampershoek 0303 Kampershoek-NoordWeert-Midden 11. Weert-Centrum 1101 Weert-Centrum 1102 Maaspoort 12. Biest 1201 Biest 13. Groenewoud 1301 Groenewoud-Noord 1302 Groenewoud-Zuid 14. Fatima 1401 Fatima 1402 Industrieterrein Fatima 24. Leuken 2401 Leuken 2402 Industrieterrein Leuken 2403 Leuken buitengebiedWeert-Zuid 21. Keent 2101 Keent 2102 Keent buitengebied 22. Moesel 2201 Moesel 2202 Moesel buitengebied 23. Graswinkel 2301 Graswinkel 25. Rond de Kazerne 2501 Kazernelaan: Altweert / Boshoverbeek 2502 Industrieterrein Boshoverbeek-Lozerweg

Geschiedenis

thumb|Sint-Martinuskerk

Samenvatting geschiedenis Naam en ontstaan De naam 'Weert' geeft reeds aan hoe de plaats is ontstaan. 'Weert' is identiek aan waard: een stuk land, gelegen bij of te midden van wateren en moerassen, m.a.w. een ingedijkt stuk land. Dat de plaats deze naam ontving is heel begrijpelijk wanneer men bedenkt dat destijds deze streek zowel in het noorden, oosten als in het zuiden omgeven was door uitgestrekte Peelplassen en moerassen, die vroeger een veel grotere oppervlakte bestreken dan tegenwoordig. Tussen deze onbewoonbare wildernissen lag een hoog en droog eiland en hierop is Weert ontstaan. Het hele gebied werd onderscheiden in twee gedeelten: het hoger gedeelte ‘Overweert’ (thans Weert) en het lagere gedeelte Nederweert. In de omgeving van Weert hebben al sinds de prehistorie mensen gewoond. Dat blijkt uit vondsten uit de steentijd en de aanwezigheid van de resten van een groot urnenveld uit de late bronstijd op de Boshoverheide. Door middel van een verhard voetpad is dit urnenveld toegankelijk gemaakt. Tevens zijn er bewoningssporen uit de ijzertijd en de Romeinse tijd gevonden.

De plaats is ontstaan aan een knooppunt van wegen in het heide- en veengebied op de grens van Brabant en Limburg aan de rand van de Peel.

De Heren van Horne thumb|Weert wordt de 'van Hornestad' genoemd. Weert wordt voor het eerst vermeld in een oorkonde uit 1062. In 1306 droeg het kapittel van Sint-Servaas alle rechten die het in Weert bezat over aan de heren van Horne. Sindsdien oefenden dezen het gezag uit in het land van Weert, dat formeel nooit deel heeft uitgemaakt van de heerlijkheid (later graafschap) Horn, maar een buitenleen was van het hertogdom Gelre. Vanaf 1455 woonden de graven van Horne te Weert, waar graaf Jacob I van Horne een nieuw kasteel hadden laten bouwen, de Nijenborgh. Dit kasteel werd in 1702 tijdens de Spaanse Successieoorlog verwoest. De bekendste graaf van Horne is Filips van Montmorency, beter bekend als Filips van Horne, die in 1568 samen met graaf Lamoraal van Egmont in Brussel werd onthoofd. Zijn grafsteen is nog steeds te zien in de Martinuskerk in de binnenstad, hoewel uit onderzoek blijkt dat het niet zeker is of hij (behalve de tinnen bus met zijn hart) daar echt begraven ligt. In 2020 werd aan Kasteel De Aldenborgh een grafkelder gevonden waar Philips mogelijk werd begraven. Een plaatselijke scholengemeenschap en een straat dragen zijn naam. In 2018 werd in Weert een 'Graaf van Hornejaar'Officiële website Van Hornejaar georganiseerd om (samen met het 'Egmontjaar' in Zottegem, Oud-Beijerland en Egmond (Bergen)) de 450ste verjaardag van hun executie door Alva op de Brusselse Grote Markt te herdenken. Op 5 juni 2018 werden in Brussel en Weert herdenkingsplechtigheden gehouden en kransen neergelegd.Weert de gekste, 5 juni 2018 Er werd een nieuw logo ontworpen ('Weert Van Hornestad'), Graaf van Hornemagazine/Weertmagazine februari 2018 er werd een 'Graaf van Hornemusical' opgevoerdOfficiële website Graaf van Hornemusical, er werden Van Horne-muurschilderingen aangebracht en sinds 2022 staat er een ruiterstandbeeld van Philips van Horne in de voorhof van Kasteel Nijenborgh.

Economische ontwikkelingen Tussen 1450 en 1550 kwam door de bescherming van de Graaf van Horne Weert tot een economische bloei. Vooral de lakenindustrie was erg belangrijk voor de Weerter economie. In deze tijd werd ook de Sint-Martinuskerk gebouwd. Na de dood van Filips van Montmorency, als laatste graaf van Horn, viel de bescherming voor Weert door de heren van Horne weg. Hierdoor kwam de stad in verval. Pas na de aanleg van de Zuid-Willemsvaart in 1825 en de IJzeren Rijn in 1879 kwam de economie weer tot bloei. In de 19e eeuw werd om de wateroverlast in het gebied te beteugelen het waterschap Het Land van Weert opgericht. miniatuur|300x300px|Weert in de vroege 20e eeuw. De huidige Weerter wijken waren nog dorpen of weidevelden. Na de Eerste Wereldoorlog kwam de industrialisatie van de stad opgang. De industrie werd langzaam belangrijker dan de landbouw en zo werd Weert een industriestad. Heden ten dage is de stad gedeeltelijk nog steeds als dusdanig te kenmerken.

Tweede Wereldoorlog in Weert Weert maakte deel uit van de Peel-Raamstelling. De Peel-Raamstelling was een verdedigingslinie. Daarom werden er ook militairen naar Weert gestuurd. De Peel-Raamstelling was echter niet gebouwd om de Duitsers te verslaan, maar om de Duitsers zo lang tegen te houden dat de Franse troepen naar Nederland konden oprukken. Overal langs de Peel-Raamstelling werden mitrailleurs geplaatst en kazematten gebouwd. Dit waren de voornaamste verdedigingsmiddelen. In Weert stonden deze verdedigingsmiddelen vaak langs de Zuid-Willemsvaart (vooral bij bruggen). Deze stelling begon in het noorden bij het riviertje de Raam bij Grave. In het zuidelijke deel lag deze langs de Noordervaart en de Zuid-Willemsvaart. De stelling eindigde bij de zinkfabriek en het Ringselven in Budel-Dorplein. Dit betekent dat tussen de linie en de Belgische grens nog zo’n acht kilometer onverdedigd bleef. Het deel van Budel tot Sluis 13 werd het Vak Weert genoemd. Veel soldaten had deze linie niet. Slechts drie bataljons, enkele duizenden manschappen, verdedigden vanaf Dorplein tot aan Sluis 13 het Vak Weert. Van zuid naar noord zijn dat het 2de bataljon 41e Regiment Infanterie, het 4e grensbataljon en, bij Nederweert tot Sluis 13, het 1e bataljon 30e Regiment Infanterie. Hieruit kon worden opgemaakt dat er misschien een gevecht in Weert zou plaatsvinden. Vandaar dat Weert een grootschalige evacuatie had voorbereid. De voorbereidingen van de evacuatie waren zeer goed. Iedereen kreeg een evacuatieadres toegewezen. Men mocht er niet op eigen houtje heen gaan, maar men moest er in een groep naartoe, wat veiliger was. Om ervoor te zorgen dat binnen zo’n groep alles goed verliep, had men ook hoofd- en hulpgeleiders aangesteld. Ook kregen de inwoners van tevoren een boekje met voorschriften (regels), waarin duidelijk stond wat wel en niet mocht. Ook kregen de inwoners een soort identiteitsbewijs waarop stond tot welke groep ze behoorden. Er stond voorts op wat ze moesten meenemen aan spullen, zodat er niet te veel maar ook niet te weinig werd meegenomen. Om ervoor te zorgen dat het laadvermogen van vrachtwagens en auto’s goed benut werd, werden er auto’s en vrachtauto’s ingevorderd. Dit deed men ook omdat oudere mensen en zieken dan ook snel en goed geëvacueerd konden worden.

De inwoners van Weert werden goed geïnformeerd over de evacuatie en de oorlog die zou komen. Dat deed men door middel van aanplakbiljetten en brieven door heel Weert te verspreiden. Hierdoor was iedereen op de hoogte van de komende evacuatie.

Toen om 3 uur ’s nachts van 9 op 10 mei 1940 Duitse vliegtuigen overvlogen, wist men dat de oorlog heel dichtbij was. Toen Fortanier (commandant Vak Weert) hoorde dat de Maaslinie (dicht bij Roermond) was opgeheven, liet hij de bruggen van Weert opblazen. De evacuatie was op dit moment nog niet begonnen. Hierdoor konden mensen niet meer over de bruggen naar hun evacuatiebestemming. Daarom gingen veel mensen op eigen houtje naar vooral Altweerterheide en Tungelroy. Toen het in Altweerterheide door kanonnen echter ook gevaarlijk werd, vertrokken velen weer naar Tungelroy. In totaal kwamen er 7 burgers om, doordat ze zich te ver het oorlogsgebied in waagden.

Wapen van Weert

Weert beschikt over een gemeentelijk wapen. Dit wapen is goedgekeurd bij het Koninklijk Besluit van 16 november 1977. De officiële beschrijving luidt:

"In zilver een keper van azuur; een schildhoofd van goud, beladen met drie hoorns van keel (rood), beslagen van zilver. Het schild gedekt met een gouden kroon van drie bladeren en twee parels".

Dit wapen was ontleend aan een zestiende-eeuwse schepenzegel van de stad. De keper, de omgekeerde V, is een weefselpatroon. Ze houdt vermoedelijk verband met het vroegere bloeiende lakenambacht, dat lakens naar West-Europa uitvoerde. Voor de zestiende eeuw was een schepenzegel in gebruik, waarin de drie hoorntjes waren verwerkt van het wapen van de graven van Horn. Deze graven waren tevens heren van Weert. Het wapenschild kan gedekt worden door een schildkroon. De kroon van Weert, drie bladeren en twee parelbanken, staat symbool voor een graaf: de graaf van Horne.

(Bron: Gemeentearchief Weert)

Bezienswaardigheden thumb|150px|Venster in Museum Jacob van Horne

Door grondige saneringen in de decennia na de Tweede Wereldoorlog is in de oude stadskern veel verdwenen. Toch is er in Weert voldoende bewaard gebleven: Kerken: De Sint-Martinuskerk, die voorkomt in de top 100 van belangrijkste monumenten in Nederland. Bethelkerk, een protestantse kerk uit 1912. Sint-Jozefkerk, uit 1939. Sint-Hiëronymus en Sint-Antoniuskerk, te Laar, uit 1949. Fatimakerk, een moderne kerk in de wijk Fatima, uit 1955. Sint-Matthiaskerk te Leuken, uit 1955. Sint-Odakerk te Boshoven, uit 1956. Sint-Franciscuskerk, uit 1962. Goede Herderkerk, uit 1967. Verrezen Christuskerk, uit 1972. Kloosters: Het Birgittinessenklooster in de Maasstraat. Het Minderbroedersklooster met de Paterskerk. Kloosterkapel van de Spiritijnen, tegenwoordig Turkse moskee. Ursulinenklooster, voormalig klooster uit 1876. Kapellen: Mariakapel, aan de Ursulinenhof Mariakapel, op het complex Lichtenberg Sint-Rumolduskapel, nabij Molenpoort 27, uit omstreeks 1775. Moeselkapel, aan Irenelaan 93, uit 1912. Sint-Antoniuskapel te Altweert Sint-Odakapel te Boshoven Sint-Donatuskapel te Hushoven Sint-Sebastiaankapel te Laar Windmolens: Wilhelmus-Hubertus Sint Anna Sint-Antonius in Laar Sint Oda in Boshoven Boonesmolen, een molenrestant aan Julianalaan 24 Het Muntgebouw, de plaats waar de Heren van Weert hun geld sloegen. De Kleipijpenoven, de enige bewaard gebleven kleipijpenoven in West-Europa. Kasteel Nijenborgh Prehistorische grafheuvels op de Boshoverheide

N.B. Voor foto's van de bovengenoemde bezienswaardigheden zie de fotogalerij onderaan deze pagina.

Monumenten Lijst van rijksmonumenten in Weert (gemeente)