Draeck of de Draeck is de naam van een Zuid-Nederlandse notabele en adellijke familie.
Geschiedenis In 1781 verleende keizer Jozef II de titel baron aan Frédéric-François de Draeck (1710-1794).
Genealogie Frédéric-François de Draeck (1710-1794), trouwde in 1786 met Marie-Lucie de Gage (1723-1792). Anne-Marie de Draeck (1747-1818), trouwde in 1764 in Gent met graaf Maximilien de Lalaing (1736-1789). Ze kregen drie zoons en een dochter, met afstammelingen tot heden. Ze waren de schoonouders van graaf Charles d'Andelot, kamerheer van koning Willem I, burgemeester van Cambron-Saint-Vincent en senator. Gaspar de Draeck (zie hierna) Louis de Draeck (zie hierna) Thérèse de Draeck (1765-1844), trouwde met Charles de Rodes (1758-1813). Ze kregen een zoon, markies Charles Rodriguez d'Evora y Vega (1790-1868), met afstammelingen tot heden.
Gaspard de Draeck Gaspard Bernard Ghislain Charles de Draeck (Gent, 12 februari 1758 - aldaar, 18 augustus 1831), licentiaat in de rechten, was onder het ancien régime heer van Ronsele. Hij speelde een belangrijke rol in de periode van de Brabantse Omwenteling. Hij behoorde in 1789 tot het 'Comiteyt Generael der Vereenigde Nederlanden', dat de onafhankelijkheid voorbereidde van de Oostenrijkse Nederlanden, die kort daarop tot stand kwam. Toen het met deze nieuwe staat verkeerd afliep, maakte de Draeck deel uit van het driemanschap dat door de Staten van Vlaanderen naar Den Haag werd gestuurd om er te onderhandelen met graaf Florimond de Mercy-Argenteau over de voorwaarden voor het herstel van de Oostenrijkse macht over de Zuidelijke Nederlanden. In 1793 was hij een van de gedeputeerden van de Staten van Vlaanderen, tijdens de korte periode van herstel (maart 1793-juni 1794) van het Oostenrijkse gezag.
Hij trouwde in 1797 in Brussel met de zestienjarige Marie-Pulchérie de Baudequin de Peuthy (1781-1864), burgerlijk op 6 november 1797 en 's anderendaags clandestien tijdens een kerkelijke ceremonie, die plaatsvond in het ouderlijk huis. Ze kregen zes dochters, onder wie vier adellijk trouwden. Zijn echtgenote was een dochter van baron Idesbalde de Baudequin de Peuthy. Hij was een schoonbroer van baron Théodore de Baudequin de Peuthy d'Huldenberghe, burgemeester van Huldenberg, lid van de Provinciale Staten van Zuid-Brabant en senator. Astérie de Draeck (1804-1882), trouwde in 1826 in Gent met François de Thiennes (1777-1855), kamerheer van koning Willem I. Ze kregen een dochter, met afstammelingen tot heden. Ze waren de schoonouders van graaf Thierry de Limburg Stirum, historicus en senator, en de grootouders van graaf Henri de Limburg Stirum, burgemeester van Rumbeke.
Hij werd in 1816, onder het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, erkend in de erfelijke adel met de titel baron overdraagbaar bij eerstgeboorte en benoemd in de Ridderschap van de provincie Oost-Vlaanderen. Hij werd kamerheer van koning Willem I.
Louis de Draeck Louis Frédéric Ghislain Hubert de Draeck (Gent, 4 mei 1762 - aldaar, 27 april 1838), broer van de hierboven gemelde, was hoogbaljuw van het Land en Markizaat van Rode. Hij trouwde in 1797 in Gent met Colette de Laurétan (1774-1844). Ze kregen een dochter. Félicité de Draeck (1798-1855), trouwde in 1817 in Gent met Frédéric d'Ennetières (1789-1875), burgemeester van Houtaing en senator. Ze kregen een zoon en een dochter, met afstammelingen tot heden. Ze waren de grootouders van graaf Adhémar d'Oultremont, diplomaat, burgemeester van Houtaing en senator.
Van 1811 tot 1817 was hij gemeenteraadslid van Gent. Hij werd in 1816, onder Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, erkend in de erfelijke adel en benoemd in de Ridderschap van de provincie Oost-Vlaanderen.
Bij gebrek aan mannelijke nazaten doofde de familie de Draeck in 1897 uit.
Literatuur 'Généalogie de Draeck', in Annuaire de la noblesse de Belgique Brussel, 1851. Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1988, Brussel, 1988 Guy SCHRANS, Vrijmetselaars te Gent in de XVIIIde eeuw, Gent, Liberaal Archief, 1997.
Categorie:Zuid-Nederlands adellijk huis (voor 1830)