Stéphane Ladislas Pius Marie prins de Lobkowicz (Leuven, 29 juli 1957) is een voormalig Belgisch politicus.
Levensloop Van 1985 tot 2019 was de Lobkowicz, die na studies aan de Facultés Universitaires Saint-Louis in Brussel en aan de Université Catholique de Louvain een licentie in de rechten behaalde, advocaat aan de balie van Brussel en van 1984 tot 2017 was hij tevens reserveluitenant-kolonel bij het 1ste Regiment Lansiers in het Belgische leger. In 2019 richtte hij met zijn zoon Frédéric een vastgoedvennootschap op, die ondergebracht werd in het Kasteel van Dongelberg.Prins Stéphane de Lobkowicz herbergt Opus Dei kasteel van Dongelberg in vastgoedvennootschap, De Rijkste Belgen, 10 augustus 2019. Nadat het kasteel in 2020 werd getroffen door een zware brand, trokken Stéphane de Lobkowicz en zijn zoon zich terug uit deze vennootschap. Later dat jaar begon met zijn drie kinderen een bedrijf dat zich richtte op de productie van Pumpgin Princesse Vanmpire, een gin op basis van pompoenen uit zijn eigen tuin in Ukkel.Prince, député belge et avocat reconnu, il se lance dans la production de gin à la citrouille !, Gourmandiz, 20 oktober 2020.
Hij begon zijn politieke loopbaan bij de liberale PRL. In oktober 1982 werd de Lobkowicz verkozen tot gemeenteraadslid van Ukkel, hetgeen hij bleef tot in december 2012. Van oktober 1985 tot januari 2001 was hij schepen van de gemeente, onder andere bevoegd voor Jeugd, Burgerlijke Stand, Bevolking, Begraafplaatsen, Vreemdelingenzaken, Economaat, Verzekeringen en Geschillen. Na de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2000 ontspon zich binnen de lokale PRL van Ukkel een machtsstrijd over het burgemeesterschap. De Lobkowicz had meer voorkeurstemmen behaald dan lijsttrekker en kandidaat-burgemeester Eric André en eiste daarom het burgemeesterschap op, daarbij gesteund door 14 van de 26 PRL-verkozenen. Eric André hield echter vast aan zijn kandidatuur en kreeg daarbij de rugdekking van de nationale partijleiding van de PRL, die hem de toestemming gaf om met zijn kamp van 12 gemeenteraadsleden een bestuursakkoord te sluiten met Ecolo, PS en het FDF. André werd voorgedragen als burgemeester, maar de clan-de Lobkowicz wist de akte van benoeming van de burgemeester en schepenen te laten schorsen door de Raad van State, omdat niet alles volgens de regels was verlopen. In een poging de interne eenheid te herstellen, besloot PRL-voorzitter Daniel Ducarme met de steun van André het burgemeesterschap aan Claude Desmedt van het FDF te geven, die in mei 2001 werd geïnstalleerd. Claude Desmedt, nouveau maïeur ucclois, La Dernière Heure, 11 mei 2001. De Lobkowicz en zijn aanhangers weigerden zich echter neer te leggen bij dit verzoeningsvoorstel en werden daarom in maart 2001 door de lokale afdeling van Ukkel uit de partij gezet.De Lobkowicz exclu du PRL ucclois!, La Dernière Heure, 16 maart 2001. Bijna drie jaar later, in januari 2004, sloot hij zich aan bij de christendemocratische cdH.
Van juni 1989 tot juni 2009 zetelde de Lobkowicz eveneens in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement. Hij was er van 1989 tot 1999 ondervoorzitter en van 1999 tot 2001 lid van de commissie Binnenlandse Zaken en Lokale Besturen en van 1991 tot 2003 en van 2004 tot 2009 lid van de commissie Leefmilieu, Natuurbehoud en Waterbeleid.
Hij zetelde tevens van 1995 tot 2001 in de raden van bestuur van Interga en Interfin, intercommunales voor gas- en elektriciteitsdistributie, en was van 2013 tot 2014 bestuurder bij de Gewestelijke Investeringsmaatschappij voor Brussel (GIMB).Profiel Stéphane de Lobkowicz op LinkedIn.
Familie Hij behoort tot het adellijke huis Lobkowicz en is een kleinzoon van de 13e prins van Lobkowicz (1877-1953), die getrouwd was met de Belgische gravin Marie de Beaufort-Spontin (1885-1942). Zijn vader, prins Ladislas (1925-1985), die in Tsjechië was geboren en kamerheer van de Oostenrijkse keizer was, trouwde met de Belgische gravin Thérèse Cornet d'Elzius de Chenoy (1932-2022) en hij liet zich in 1958 inlijven in de Belgische adel met de titel van prins op allen en het predicaat Zijne Doorluchtige Hoogheid, eveneens overgaand op alle afstammelingen.Ook zijn vaders broer prins Christian (1924-2001) vestigde zich in België, waar zijn nageslacht ook woonachtig is, maar hij liet zich niet inlijven in de Belgische adel; zie: Genealogisches Handbuch des Adels 155 (2014), p. 177-178. Zoon Stéphane was gehuwd met Barbara d'Ursel de Lobkowicz (1957-2017), die van 2014 tot aan haar overlijden voor het FDF en daarna DéFI in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement zetelde.État présent de la noblesse belge (2009), p. 224-225.
Hun dochter Ariane de Lobkowicz-d'Ursel (1996) is sinds 2019 eveneens lid van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement voor DéFi.
Literair oeuvre Stéphane de Lobkowicz werd tevens actief als schrijver en schreef vier boeken: Baudouin (1994), een biografie over koning Boudewijn, La Belgique, Histoire de Belgique illustrée racontée aux enfants (1999), een boek over de geschiedenis van België gericht op kinderen, La reine Astrid n'est pas morte à Küssnacht (2011), een alternatief geschiedeniswerk waarbij niet koningin Astrid, maar haar echtgenoot koning Leopold III het leven liet bij hun auto-ongeval in Küssnacht, en de financiële thriller Les cigognes ne se trompent jamais d'adresse (2014).
Categorie:PRL-politicus Categorie:CdH-politicus Categorie:Brussels volksvertegenwoordiger Categorie:Schepen van Ukkel Lobkowicz Categorie:Belgisch advocaat