De Eerste Kamerverkiezingen 1952 waren tussentijdse Nederlandse verkiezingen voor de Eerste Kamer der Staten-Generaal. Zij vonden plaats op 26 juni 1952.
De verkiezing was noodzakelijk geworden door de ontbinding van de Eerste Kamer, nadat een voorstel tot Grondwetsherziening in eerste lezing door Tweede Kamer en Eerste Kamer aangenomen was. Bij deze verkiezingen kozen de leden van Provinciale Staten - die op 26 april 1950 bij de Statenverkiezingen gekozen waren - in vier kiesgroepenZie Eerste Kamerverkiezingen voor een nadere toelichting. een geheel nieuwe Eerste Kamer.
De door de leden van Provinciale Staten uitgebrachte stemmen hadden niet alle dezelfde waarde; zij werden gewogen aan de hand van de bevolkingscijfers van de provincies.
De uitslag van de verkiezingen was als volgt: PartijZetels+/−Zetelverdeling naar kiesgroep 1951 1952 IUtrecht, Zeeland, Noord-Brabant, Limburg IIGroningen, Drenthe, Overijssel, Gelderland IIIFriesland, Noord-Holland IVZuid-Holland Katholieke Volkspartij 16 17 +1 9 3 3 (+1) 2 Partij van de Arbeid 14 14 0 2 4 4 4 Anti-Revolutionaire Partij 7 7 0 1 2 2 2 Christelijk-Historische Unie 6 6 0 1 2 1 2 Volkspartij voor Vrijheid en Democratie 4 4 0 0 2 1 1 Communistische Partij van Nederland 3 2 −1 0 0 1 (−1) 1 Totaal 50 50 0 13 13 12 12
Gekozenen miniatuur|rechts|De in 1952 gekozen leden van de Eerste Kamer.
Bij deze verkiezingen waren alle 50 leden aftredend, van wie 40 herkozen werden.
Onderstaand volgen enkele bijzonderheden:
Jaap Brandenburg werd gekozen op de lijst van de CPN in de kiesgroepen III en IV; hij gaf de voorkeur aan de benoeming in kiesgroep III. In kiesgroep IV werd vervolgens Cor Geugjes benoemd verklaard.
Piet Lieftinck, gekozen op de lijst van de PvdA in kiesgroep III, nam zijn benoeming niet aan vanwege zijn benoeming per 1 juli 1952 in een functie bij de Wereldbank. In zijn plaats werd Jan van Tilburg benoemd verklaard.
1952 Categorie:Nederlandse politiek in 1952 Nederland