miniatuur| Karel van Mander, naamgever van de prijs
De Karel van Manderprijs wordt sinds 1958 uitgereikt door de Vereniging van Nederlandse Kunsthistorici (VNK). De prijs is voor een publicatie van een Nederlandse of in Nederland werkende kunst- of architectuurhistoricus. Het doel van de prijs is om kunst- en architectuurhistorisch onderzoek in Nederland te stimuleren en te waarderen.
Sinds 2004 wordt de prijs jaarlijks toegekend aan een laureaat uit een ander deelgebied. De vijf geselecteerde deelgebieden komen elk om de vijf jaar aan bod. De deelgebieden zijn: beeldende kunst en kunstnijverheid tot 1550; beeldende kunst en kunstnijverheid 1550-1700; beeldende kunst en kunstnijverheid 1700-1850; beeldende kunst en kunstnijverheid 1850-heden; architectuur, stedenbouw en ruimtelijke ordening, tuin- en landschapsarchitectuur, monumentenzorg en bouwhistorie door de eeuwen heen.
'Long list' is de in het jaar voor de prijsuitreiking verschenen bibliografie van de Vereniging van Nederlandse Kunsthistorici die een bepaalde periode in de kunstgeschiedenis beslaat en die publicaties over de laatste vijf jaar bevat. Dit betekent dat de Karel van Manderprijs jaarlijks in een ander deelgebied wordt uitgereikt en dat een deelgebied om de vijf jaar aan de beurt is. De juryleden kunnen indien belanghebbende publicaties in de bibliografie ontbreken deze eveneens voordragen.
Geschiedenis In 1957 richtte professor Jan Gerrit van Gelder het 'Fonds Carel van Mander' op tijdens de viering van het vijftigjarig bestaan van het kunsthistorisch onderzoek in Nederland. Dit fonds was vernoemd naar Karel van Mander (1548 - 1606), de auteur van Schilder-boeck (1604), waarin Van Mander leven en werk beschrijft van een groot aantal schilders, zowel uit het verleden als uit zijn eigen tijd.
Het eerste bestuur van de stichting bestond uit de initiatiefnemers Jan Gerrit van Gelder (voorzitter) en Pieter Singelenberg (secretaris-penningmeester), beide werkzaam op het Kunsthistorisch Instituut te Utrecht, collega-professoren Josua Bruyn, hoogleraar kunstgeschiedenis te Amsterdam, de Delftse hoogleraar architectuurgeschiedenis Jacobus Terwen en Simon Levie op dat moment werkzaam als conservator bij het Centraal Museum in Utrecht. Zij stelden twee prijzen in welke jaarlijks zouden worden uitgereikt: de Carel van Manderprijs, bestaande uit een bedrag in geld en, vanaf 1964, een penning voor kunsthistorisch onderzoek van jonge (onder de 40 jaar) in Nederland werkzame kunsthistorici; en de Bucheliusprijs bestaande uit een bedrag in geld, voor documentair-kunsthistorisch onderzoek door in Nederland werkzame onderzoekers.
De uitreiking van de prijzen kreeg een vaste plek tijdens de Kunsthistorische Dag van de Vereniging van Nederlandse Kunsthistorici naast de jaarrede, de algemene ledenvergadering en de overige lezingen die werden georganiseerd. De jury, gevormd door het convent van hoogleraren in de kunsthistorische vakken aan Nederlandse universiteiten, beoordeelde publicaties die in het voorafgaande jaar waren verschenen. Deze kwamen in aanmerking als zij 'aan algemeen geldende wetenschappelijke eisen voldeden en getuigden van oorspronkelijkheid'.
Vanaf 1987 overwoog Singelenberg, inmiddels het enige bestuurslid van de stichting, deze onder te brengen bij de VNK. Deze overweging werd bezegeld bij de herziening van de statuten in 1989. Naast een naamswijziging naar Stichting Karel van Mander kregen de twee prijzen een nieuwe indeling en werd er gekozen voor een andere termijn van uitreiking. De Bucheliusprijs werd bij de statutenwijziging opgeheven.
De al vanaf 1985 door de VNK op voorstel van professor Anton Boschloo in het leven geroepen Jan van Gelderprijs zou in het vervolg worden uitgereikt aan een jonge Nederlandse of in Nederland werkzame onderzoeker. De leeftijdsgrens werd verlaagd van 41 naar 30 jaar, maar is in het laatste decennium vastgesteld op 35 jaar.A. de Vries (e.a.), Onder Kunsthistorici, De Vereniging van Nederlandse Kunsthistorici 1939-2014, Zwolle 2014, pp. 52-57.
Ontwerp trofee In 1964 besloot het bestuur om naast een geldbedrag ook een trofee uit te reiken. Er werd gekozen voor een penning die met terugwerkende kracht aan de voorgaande winnaars werd uitgereikt. Vanaf 1994 ontving ook de winnaar van de Jan van Gelderprijs een trofee. In de loop der jaren heeft de prijs een flink aantal gedaantewisselingen ondergaan: van penning tot vaas en het meest recente ontwerp als wand- of tafelstuk.Ibid, pp. 54-55.
1964: Ontwerp van beeldhouwster Loekie Metz naar idee van William Heckscher. Op de voorzijde van de penning het portret van Karel van Mander en op de achterzijde een gevleugeld oog met Van Manders motto: EEN IS NODIGH.
1994: Ontwerp van Carel Blotkamp, uitvoering Van Tetterode Glasateliers. Blotkamp, kunstenaar en tussen 1982 en 2007 hoogleraar moderne kunst aan de Vrije Universiteit Amsterdam, ontwierp een presse-papier voor de Karel van Manderprijs, maar voor het eerst ook voor de Jan van Gelderprijs.
2003: Ontwerp en uitvoering kunstenares Manita Kieft. In 2003 kreeg de prijs een nieuwe vorm: een vaas van keramiek speciaal ontworpen voor de Karel van Manderprijs en een voor de Jan van Gelderprijs.
2013: Ontwerp en uitvoering Daphna Laurens. Dit vormgeversduo, bestaande uit Daphna Isaacs Burggraaf en Laurens Manders, ontwierp een wand- en tafelstuk waarin de begrippen vorm, tijd en context worden gesymboliseerd, de pijlers van het kunsthistorische vak.
Winnaars Carel van Manderprijs 1958 - R. MeischkeVNK - prijsuitreikingen"Carel van Mander-fonds reikt prijzen uit". "De Volkskrant". 's-Hertogenbosch, 1958/12/24 00:00:00, Geraadpleegd op Delpher op 24-11-2020, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ABCDDD:010876051:mpeg21:p004 1959 - Katharine Fremantle, The Baroque Townhall of Amsterdam 1960 - Sturla Jonasson Gudlaugsson, Gerard TerborchJaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1972 1961 - Emil Reznicek 1962 - Horst Gerson 1963 - Coenraad Temminck Groll, Middeleeuwse stenen huizen te Utrecht en hun relatie met die van andere noordwesteuropese stedenArchitectuur.nl, 10-09-2008. Gearchiveerd op 27 november 2022. 1963 - Hans van Straten, Hendrik Nicolaas Werkman. De drukker van het paradijs 1964 - Robert W. Scheller 1965 - Jan Emmens, Rembrandt en de regels van de kunstG.J. van Bork: Schrijvers en dichters (dbnl biografieënproject I) 1966 - A. W. Reinink, K. P. C. de Bazel - architect 1966 - C. A. van Swigchem, Afbraak of restauratie: monumentenzorg in Nederland 1967 - niet uitgereiktLeidse Courant, 18 december 1967 1968 - niet uitgereikt 1969 - Henk van Os, Iconologische problemen in de Sienese schilderkunst tussen 1300 en 1450 1969 - C. J. A. C. Peeters, De Liturgische dispositie van het vroegchristelijk kerkgebouw 1975 - Willemijn Fock, Jaques Bylivelt aan het Hof van Florence. Goudsmeden en steensnijders in dienst van de eerste groothertogen van ToscaneNieuwsarchief Universiteit Leiden, 12 juni 2007 1976 - Marjon van der Meulen-Schregardus, Petrus Paulus Rubens Antiquarius, Collector and Copyist of Antique Gems (proefschrift, Utrecht) 1977 - Ilja M. Veldman 1978 - Ed Taverne 1979 - Jan Piet Filedt Kok 1981 - Carel Blotkamp 1983 - Manfred Bock 1984 - Bob Haak 1985 - A.M. Koldewey, Reindert Falkenburg 1986 - E.S. de Jongh 1987 - Sible de Blaauw, Auke van der Woud
Bucheliusprijs 1958 - Isabella Henriette van Eeghen"Buchelius-prijs voor mej. dr. I. H. van Eeghen". "Algemeen Handelsblad". Amsterdam, 1958/12/23 00:00:00, Geraadpleegd op Delpher op 24-11-2020, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=KBNRC01:000037380:mpeg21:p011 1959 - L.J. Bol, directeur Dordrechts Museum"KUNST EN LETTEREN". "Het vaderland". 's-Gravenhage, 1959/12/30 00:00:00, Geraadpleegd op Delpher op 24-11-2020, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKB19:000866049:mpeg21:p00005 1960 - H.F. Wijnman 1961 - C. Bille 1962 - Theodoor Herman Lunsingh Scheurleer 1963 - Jan Martinet, kunsthandelaar en conservator 1964 - J. Verbeek, P.J.J. van Thiel 1965 - E.J. Haslinghuis 1966 - 1967 - B.J.A. Renckens, J.L. Locher 1968 - H. Hoetink, C. van Hasselt 1969 - J.V.C. Hefting, Th.A.G. Wilberg Vignan-Schuurman 1970 - Pieter A. Scheen 1971 - L. Frerichs 1972 - J.H. Leopold, J. Joosten 1973 - H. Miedema 1974 - S.W.A. Drossaers, Dolf van Asperen de Boer 1975 - Hugo Anthonius van Oerle 1976 - B. Dubbe 1977 - J.M. Baart 1978 - W.E.S.L. Keyser-Schuurman, M.C.M. Wishaupt 1979 - H. Hagens 1980 - Th. Laurentius 1981 - Wim Vroom 1982 - Josua Bruyn, Bob Haak, Simon Levie, P.J.J. van Thiel, Ernst van de Wetering 1983 - S. Segal 1984 - J.R. ter Molen 1985 - Peter Schatborn 1986 - W. Th. Kloek, J.P. Filedt Kok, W. Halsema-Kubes 1987 -
Karel van Manderprijs 1991 - Hendrik Willem van Os, Koen Ottenheym 1994 - Dolf van Asperen de Boer 1997 - Bernadette van Hellenberg HubarCuypersbulletin, Jaargang 3, Nummer 4, December 1997 (gearchiveerd) 2005 - Camiel van Winkel, Moderne leegte. Over kunst en openbaarheidCAMIEL VAN WINKEL. Gearchiveerd op 5 juni 2023. 2006 - Jeroen Goudeau 2007 - Justin Kroesen en Regnerus Steensma, Het Middeleeuwse dorpskerkinterieurRijksuniversiteit Groningen, 11 november 2008 2008 - niet uitgereikt 2009 - Everhard Korthals Altes, De verovering van de internationale kunstmarkt door de zeventiende-eeuwse schilderkunst. Enkele studies over de verspreiding van Hollandse schilderijen in de eerste helft van de achttiende eeuwVNK nieuws, 20 november 2009 2009 - Robert Verhoogt, Art in Reproduction. Nineteenth-Century Prints after Lawrence Alma-Tadema, Jozef Israëls and Ary Scheffer 2010 - Erik Hinterding, Rembrandt as an etcher: the practice of production and distributionVNK nieuws, 25 november 2010 2011 - Caroline Roodenburg, Expressie en ordening. Het verzamelbeleid van Willem Sandberg voor het Stedelijk Museum, 1945-1962Stedelijk Museum Amsterdam, 8 december 2011 (gearchiveerd) 2012 - Coert Peter Krabbe, Droomreis op papier. De Prix de Rome en de architectuur in Nederland (1808-1851)Gemeente Amsterdam, 23 november 2012 2013 (inhalen 2008) - Matthijs Ilsink, Bosch en Breugel als BoschVNK nieuws, 22 november 2013 (gearchiveerd) 2013 - Eveline Koolhaas-Grosfeld, De ontdekking van de Nederlander: in boeken en prenten rond 1800VNK nieuws, 5 december 2013 (gearchiveerd) 2014 - Zsuzsanna van Ruyven-Zeman, Stained glass in the Netherlands before 1795 2015 - Ad Stijnman, Engraving and etching 1400-2000: A history of the development of manual intaglio printmaking processes . 2016 - Merlijn Hurx, Architect en aannemer. De opkomst van de bouwmarkt in de Nederlanden 1350-1530.Karel van Manderprijs voor Merlijn Hurx www.vantilt.nl 2017 - George Sanders, Het present van Staat; de gouden ketens, kettingen en medailles verleend door de Staten-Generaal, 1588-1795.1Juryrapport Karel van Manderprijs 2017 kunsthistorici.nl. Gearchiveerd op 30 november 2020. 2018 - Matthias Ubl Der Braunschweiger Monogrammist: Wegbereiter der niederländischen Genremalerei vor Bruegel 2019 – Edwin Buijsen, De schilderijenproductie van Adriaen Pietersz. van de Venne (1589-1662) 2020 – Sandra Kisters, The lure of the biographical: on the (self-)representation of modern artists 2021 – David Keuning en Anne Mieke Backers, Bouwkunst en de nieuwe orde. Collaboratie en berechting van Nederlandse architecten 1940-1950 en Er stond een vrouw in de tuin 2022 - Eveline Deneer, Une autre histoire: Imaginaires historiques privés dans la peinture européenne au début du XIXe siècle, entre passé national et histoire partagée 2025 - Caro Verbeek
Externe link Pagina over de prijs op de website van de Vereniging van Nederlandse Kunsthistorici
Categorie:Kunstprijs in Nederland