Het One World Trade Center (eerder bekend als Freedom Tower) is een wolkenkrabber in New York die met zijn hoogte van 541 meter het hoogste gebouw van het Noord-Amerikaanse continent is. Het in Lower Manhattan gesitueerde kantoorgebouw is het op zes na hoogste gebouw ter wereld en is onderdeel van het nieuwe World Trade Center.

De naam verwijst naar de wolkenkrabber One World Trade Center (ook wel North Tower genoemd) van het oorspronkelijke World Trade Center, dat verwoest werd tijdens de terroristische aanslagen op 11 september 2001. De bouw van het One World Trade Center startte op 27 april 2006 en de opening vond plaats op 3 november 2014 met het intrekken van de grootste huurder, uitgever Condé Nast. Het gebouw is ontwikkeld door de Port Authority of New York and New Jersey en wordt beheerd door The Durst Organization.

De hoogte van het One World Trade Center tot de top bedraagt 546 meter, maar de zogenaamde architectonische hoogte, waarbij wel de spits maar niet de zich daar nog boven bevindende bliksemafleider wordt meegerekend, bedraagt een symbolische 1776 voet of omgerekend 541 meter. Die hoogte verwijst naar het jaar 1776, waarin de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring werd ondertekend. De bovenste verdieping van het One World Trade Center heeft het nummer 104, maar in werkelijkheid zijn er 94 bovengrondse verdiepingen; in de nummering zijn namelijk tien cijfers overgeslagen. Naast 94 bovengrondse verdiepingen telt het One World Trade Center een vijftal ondergrondse verdiepingen.

De periode voorafgaand aan de bouw ging gepaard met getouwtrek over wat er met het terrein van de voormalige Twin Towers moest gebeuren, en nadat was besloten dat er een nieuwe wolkenkrabber moest komen, vonden er in het ontwerp enkele revisies plaats. Het uiteindelijke ontwerp kwam van het architectenbureau Skidmore, Owings & Merrill onder leiding van hoofdarchitect David Childs.

Geschiedenis Voorgeschiedenis In 1973 werd op de huidige locatie van het One World Trade Center het originele World Trade Center geopend, maar nog geen dertig jaar later, op 11 september 2001, werd dit gehele complex vernietigd door een terroristische aanslag, waarbij twee passagiersvliegtuigen de twee belangrijkste torens van het complex, bijgenaamd de Twin Towers, doorboorden. De huidige locatie van het One World Trade Center werd destijds ingenomen door het Six World Trade Center, dat werd gesloopt vanwege de grote schade die het tijdens de aanslagen had opgelopen. Minder dan twee maanden voor de vernietiging van het complex sloot vastgoedhandelaar Larry Silverstein een contract met de bezitter van de grond, de Port Authority of New York and New Jersey, om het complex voor een periode van 99 jaar te huren.

Hoewel het complex niet meer bestond moest Silverstein ook na de vernietiging van de gebouwen nog huur over de grond betalen. Silverstein gaf een week na de aanslagen aan dat hij graag nieuwe wolkenkrabbers op die grond zag. De bevolking van New York raakte echter sterk verdeeld over de toekomst van de plek; een deel vond dat er nieuwe al dan niet hogere gebouwen moesten komen en een ander deel zag het als gewijde grond en wilde dat er een sober gedenkteken zou komen. In november 2001 richtte Rudy Giuliani, de burgemeester van New York, samen met de gouverneur van de staat New York, George Pataki, de Lower Manhattan Development Corporation (LMDC) op. Dit overheidsorgaan moest samen met de Port Authority beslissen wat er met het terrein zou gebeuren. Tijdens het daaropvolgende proces ontving gouverneur Pataki veel kritiek omdat hij zowel in de LMDC als in de Port Authority een aandeel van 50% had. Volgens critici zou hij die macht voornamelijk hebben gebruikt voor zijn verkiezingscampagne. Ook de huurder van de grond, Silverstein, was belangrijk in het proces en ontving van zijn verzekeraars een uitbetaling van 3,5 miljard dollar voor de schade. Silverstein ging echter naar de rechter, omdat de verzekeraars de aanslagen zagen als één gebeurtenis terwijl hij van mening was dat het twee losstaande gebeurtenissen waren om zodoende zijn uitbetaling te verdubbelen. Toen eind 2001 de burgemeesterstermijn van Giuliani afliep, stelde hij in zijn afscheidsspeech dat hij zelf vond dat het terrein geen plaats van economische ontwikkeling mocht worden, maar dat het gehele terrein een gedenkteken zou moeten worden.

Snel na de aanslag werd de bouw van het 7 World Trade Center gestart. Dit kon zo snel doordat alleen de Port Authority, de LMDC en Silverstein over de nieuwbouw konden beslissen. Over het herbouwen van de rest van het complex hadden echter naast de Port Authority, de LMDC en Silverstein ook elf lokale, vijf provinciale en negen federale organisaties inspraak. Uit vergaderingen tussen de organisaties bleek dat de meningen hopeloos verdeeld waren; sommige organisaties wilden nieuwe wolkenkrabbers, andere alleen een gedenkteken en weer andere een exacte herbouw van de originele Twin Towers. Ook de New Yorkse bevolking was nog steeds erg verdeeld over de kwestie. Om toch de ontwikkeling op gang te laten komen schakelde de LMDC het architectenbureau Beyer Blinder Belle in om de gebruiksmogelijkheden van de grond te onderzoeken. In juli 2002 werd er een vergadering met ruim 4500 New Yorkse burgers georganiseerd om te kijken wat zij van de gemaakte ontwerpen vonden. Veel mensen en organisaties vonden de ontwerpen niet voldoen, waarop de LMDC tijdens een spoedvergadering besloot om een wedstrijd voor architectenbureaus uit te schrijven. Er werden wel richtlijnen bepaald waaraan de ontwerpen dienden te voldoen; zo moest het gebouw of symbool bijvoorbeeld hoog genoeg zijn en de fundering van de originele Twin Towers moesten onbebouwd blijven.

In december 2002 werden de zeven finalisten van de wedstrijd aan het publiek gepresenteerd, waarbij het ontwerp van Daniel Libeskind en dat van een team bestaande uit onder anderen Rafael Viñoly het positiefst werden ontvangen. Het ontwerp van Libeskind omvatte een wolkenkrabber met een hoogte van 541 meter, enkele andere gebouwen en twee parken, het "park van helden" en de "wieg van licht". Het ontwerp van Viñoly was compleet anders en hield twee constructies bestaande uit balken in, die het ontbreken van de Twin Towers zouden benadrukken. Beide architecten voerden hard campagne en uiteindelijk koos de LMDC het ontwerp van het team van Viñoly. Gouverneur Pataki prefereerde echter het ontwerp van Libeskind. Hij legde de keuze van de LMDC naast zich neer en benoemde, tegen Silversteins wil in, Libeskind tot hoofdplanner.

Ontwerp door Libeskind en Childs Toen Libeskind als hoofdplanner was gekozen, wilde hij ook de ontwerper worden van het gebouw, maar volgens de LMDC was dat onverstandig aangezien hij geen ervaring had met het ontwerpen van wolkenkrabbers. Hij ging uiteindelijk samenwerken met de door Silverstein gekozen architect David Childs van het architectenbureau Skidmore, Owings & Merrill. Childs had wél eerder wolkenkrabbers ontworpen en had in opdracht van Silverstein al een ontwerp gemaakt. Op 19 december 2003 werd in de Federal Hall in Lower Manhattan een model van de "toekomstige" Freedom Tower onthuld. Het enige wat nog over was van Libeskinds oorspronkelijke ontwerp was de torenspits en de symbolische hoogte van 1776 voet. Ook werd bekendgemaakt dat het gebouw 70 verdiepingen zou gaan tellen en dat het gebouw in 2008 of 2009 zou worden geopend. Ruim een half jaar nadat het model werd getoond, werd op 4 juli 2004, Independence Day, de hoeksteen van de toekomstige Freedom Tower onthuld en geplaatst. Bij de plechtigheid waren naast de architecten ook Silverstein en Pataki aanwezig. Hoewel het de bedoeling was dat na de ceremonie de bouw van de toren definitief zou beginnen, was dat uiteindelijk niet het geval; het New York City Police Department stuurde een brief waarin stond dat het gebouw niet aan de veiligheidseisen voldeed. De Freedom Tower had volgens de politie namelijk een te hoog risico op aanslagen en door zijn ligging dicht bij een hoofdweg was er een groot risico op een autobom.

De brief betekende dat het gehele gebouw moest worden herontworpen aangezien het niet simpelweg kon worden verplaatst. De architecten begonnen nadat het project een tijdlang had stilgelegen in mei 2005 weer van begin af aan om het gebouw zo te ontwerpen dat het ook aan de veiligheidseisen voldeed, maar ditmaal was Libeskind echter helemaal niet meer bij het ontwerp betrokken. Om het ontwerp wél aan de veiligheidseisen te laten voldoen werd onder andere het onderste deel van het gebouw veranderd, zodat het van beton werd en daardoor bestendiger tegen explosies en inslagen. Tijdens de ontwerpfase had de rechter uitspraak gedaan over de na de aanslagen gestarte rechtszaak van Silverstein tegen een aantal verzekeraars. Hij wilde dat de aanslagen als twee losstaande gebeurtenissen werden beschouwd om zo tweemaal zoveel verzekeringsgeld te kunnen innen. Hoewel de rechter Silverstein in het gelijk stelde, ontving hij uiteindelijk 4,5 miljard dollar van de verzekeraars, in plaats van de beoogde 7 miljard. Ook had zich een andere cruciale verandering tijdens de ontwerpfase voorgedaan; de Port Authority werd de nieuwe ontwikkelaar van de Freedom Tower. De Port Authority wilde namelijk volledige zeggenschap over de bouwgrond en was bereid om de huur van Silverstein daarvoor te verlagen. Gouverneur Pataki had 14 maart 2006 als deadline gesteld voor die deal, maar de deadline werd niet gehaald. Uiteindelijk stuurde de Port Authority Silverstein een voorstel en Silverstein stemde daarmee in. Het voorstel hield in dat de Port Authority de enige ontwikkelaar werd van het One World Trade Center en het Five World Trade Center en dat Silverstein aan de andere kant aandelen ontving om de andere drie toekomstige gebouwen gedeeltelijk mee te bekostigen.

Bouw thumb|Fundering van One World Trade Center (december 2009). De foto is genomen voordat het exterieur met beton werd verstevigd. thumb|One World Trade Center (maart 2012), toen het hoogste punt nog niet was bereikt thumb|De top van de spits werd op zijn plaats gezet op 10 mei 2013. Foto genomen vanaf het dak van het One World Trade Center. Door de deal raakte het proces in een stroomversnelling, omdat de Port Authority nu kon doen wat zij wilde. De bouw van de definitieve Freedom Tower, later hernoemd tot One World Trade Center, begon uiteindelijk op 27 april 2006 met een ceremonie, waar onder anderen gouverneur Pataki bij aanwezig was. De hoeksteen die zich door de verplaatsing op een geheel nutteloze plaats bevond werd op 23 juni 2006 onaangekondigd verwijderd om zo geen media-aandacht te trekken. De hoeksteen is uiteindelijk verplaatst naar het hoofdkantoor van de maker. Op 28 juni, twee maanden na de start van de bouw, werd een model van het uiteindelijk ontwerp onthuld door hoofdarchitect David Childs. Steven Plate kreeg de leiding over de bouw. In het begin van juli lag de bouw voor vier dagen stil door een staking van de bestuurders van de kranen. De regionale staking had volgens toezichthouder Angelo Sisco een kleiner effect doordat één dag een feestdag was waarop de arbeiders sowieso vrij zouden hebben gehad en het een andere dag stormde waardoor de werkzaamheden anders ook al zouden zijn stopgezet. Tijdens graafwerkzaamheden voor de fundering stuitte het bouwteam op een 17e-eeuws schip dat uiteindelijk werd weggehaald en overgebracht naar een museum.