De Cap Arcona was een Duits passagiersschip uit 1927, dat op 3 mei 1945 zonk na te zijn gebombardeerd door de Royal Air Force.

thumb|left|Cap Arcona (1927) thumb|left|Luchtfoto van concentratiekamp Neuengamme, genomen door de Britse luchtmacht op 16 april 1945. thumb|left|Lübeckerbocht, drie kilometer voor Neustadt (linksboven): Zinkgebied van de Cap Arcona Die Cap-Arcona-Katastrophe thumb|left|De brandende Cap Arcona kort na de aanval.

Geschiedenis Het stoomschip Cap Arcona werd voor de Hamburg-Südamerikanische Dampfschifffahrts Gesellschaft gebouwd door Blohm & Voss en liep op 14 mei 1927 van stapel. Het schip werd genoemd naar Kaap Arkona op het eiland Rügen. Het was een van de grotere Duitse passagiersschepen (27.000 brt). Het chique schip voer op 19 november 1927 uit voor zijn eerste reis naar Argentinië en voer in de jaren erna een vaste route van Hamburg via Madeira en Rio de Janeiro naar Buenos Aires.

Inzet tijdens Tweede Wereldoorlog Vanaf 1940 werd het schip door de Kriegsmarine gebruikt als accommodatieschip op de Oostzee. In 1943 werd op de Cap Arcona het grootste deel van de Duitse film Titanic opgenomen. Het schip werd in 1944 ingezet om Duitsers uit Oost-Pruisen die op de vlucht waren voor het Rode Leger naar Duitsland te brengen.

Laatste oorlogsdagen Aan het eind van de oorlog lag de Cap Arcona in de Lübecker Bocht. In de week van 18 tot 26 april 1945 werden met het schip de Athen 5000 concentratiekampgevangenen uit Neuengamme door SS'ers aan boord gebracht. Hetzelfde gebeurde met het schip Thielbek (2800 gevangenen van Neuengamme) en het schip Deutschland IV.

Op 3 mei 1945 werden de schepen gebombardeerd door de Royal Air Force. De Thielbek, voorzien van witte vlaggen en zonder militaire taken, zonk in twintig minuten. De Cap Arcona zonk ook, waarbij 90% van de opvarenden omkwam, veelal door verbranding. Concentratiekampgevangenen die van de zinkende schepen wisten te ontsnappen werden doodgeschoten vanaf rondvarende schepen die SS'ers kwamen opvissen. Gevangenen die de oever wisten te bereiken werden door patrouilles van de SS doodgeschoten. In totaal zijn er ruim 7000 gevangenen om het leven gekomen. Ongeveer 350 mensen overleefden de ramp.

Overigens had de Zweedse regering de Britse regering gewaarschuwd dat er gevangenen aan boord van schepen werden gebracht. Ook moeten Britse verkenningsvliegtuigen de massale transporten van gevangenen hebben gezien. De Britse regering houdt de archieven over het bombardement op de drie schepen tot 2045 gesloten.

Nederlanders Slachtoffers Bij de ramp kwamen ruim 270 Nederlanders om het leven, voornamelijk verzetsmensen, maar ook een aantal uit Putten weggevoerde mannen. Bekende Nederlandse gevangenen die bij de ramp omkwamen, zijn de tennisser en verzetsman jhr. mr. Robert de Brauw, beeldhouwer en verzetsman Henk Henriët en de fractieleider van de CPN in de Tweede Kamer Louis de Visser. Ook de Nederlandse SS'er en Jodenjager Frankevoort kwam bij het bombardement om.

Dankzij de roman Sonny Boy van Annejet van der Zijl heeft ook de uit Paramaribo afkomstige boekhouder en pensionhouder Waldemar Nods (1908-1945) bekendheid gekregen als slachtoffer van de ramp.In het boek wordt beschreven hoe Nods het bombardement van de Cap Arcona overleeft, maar door kindsoldaten van de Hitlerjugend wordt doodgeschoten nadat hij zwemmend de kust heeft weten te bereiken. Waarschijnlijk kwam Nods echter aan boord om; zie Wereldoorlog in de West: Suriname, de Nederlandse Antillen en Aruba 1940-1945 door Liesbeth van der Horst.

Overlevenden In april 2011 presenteerde de stichting Vriendenkring Neuengamme het boek van S.P. Geertsema De Ramp in de Lübeckerbocht. Nederlanders bij het einde van Neuengamme., De Ramp in de Lübeckerbocht. Nederlanders bij het einde van Neuengamme, Uitgeverij Boom 2011. Gearchiveerd op 10 april 2023. Het gaat in op de toedracht en reconstrueert aan de hand van getuigenverklaringen, rapporten en andere bronnen wat er precies gebeurde op die namiddag van 3 mei 1945. Het bevat tevens een korte biografie van de Nederlandse omgekomenen en overlevenden.Begin april 2018, De laatste getuige. Biografie van een Amsterdammer, Wim Alosery, die als jongeman o.a. de concentratiekampen Neuengamme en Husum-Schwesing, en ook nog de scheepsramp van de Cap Arcona overleefde. Uitg. Achtbaan, 2018. kwam het boek De laatste getuige uit over Neuengammegevangene Wim Aloserij (1923-2018) die de ramp met de Cap Arcona overleefde. Aloserij gaf bij het uitkomen van het boek verschillende presentaties en interviews. Hij zou op 3 mei 2018 spreken bij de Cap Arcona-herdenking in de Lübecker bocht, maar overleed een dag eerder in Hamburg op 94-jarige leeftijd.

Categorie:Passagiersschip Categorie:Schip gebouwd in Duitsland Categorie:Duits marineschip in de Tweede Wereldoorlog Categorie:Schip op naam