Pieter de Ridder (Hulst, 7 juni 1835 - Woubrugge, 16 mei 1890) was een Nederlandse burgemeester.
Leven en werk De Ridder werd geboren als zoon van Pieter Hendrik de Ridder, deurwaarder bij de arrondissementsrechtbank Goes en bij het kantongerecht Hulst, en Catharina Francisca Cremer. Bij koninklijk besluit d.d. 11 augustus 1869 werd hij benoemd tot burgemeester van Woubrugge.Nederlandse Staatscourant d.d. 13 augustus 1869: benoeming Al zes jaar eerder, in 1863, was hij benoemd tot secretaris van deze gemeente. Beide functies combineerde hij tot 1888. In dat jaar werd hij op zijn verzoek, wegens ziekte, eervol ontslagen als burgemeester van Woubrugge.Het ontslag werd hem verleend vanwege "zielsgebreken" (Rotterdamsch Nieuwsblad d.d. 31 augustus 1888)
De Ridder trouwde op 29 oktober 1863 te Hulst met Cornelia Petronella de Bruijn.Hun zoon kreeg in 1887 een ongeval met een zogenaamde hoge bi. Zijn been werd geamputeerd en hij overleed in dat jaar aan de gevolgen van dit ongeluk ("Een blik in het volksleven te Woubrugge" in Jaarboekje Leiden, blz. 17 t/m 30, 1936. Hij overleed in mei 1890 op 54-jarige leeftijd in zijn woonplaats Woubrugge. Zijn broer Johannes Alexander was burgemeester van Zwammerdam.In 1882/1883 verving deze Johannes Alexander de Ridder zijn broer tijdens een periode van ziekte.
Categorie:Burgemeester van Woubrugge