De boorkevers (Bostrichidae) vormen een familie van kevers binnen de superfamilie Bostrichoidea. In Europa komen 47 soorten en ondersoorten voor.Bostrichidae Fauna Europaea Ze lijken sterk op de schorskevers, maar er zijn verschillen in de antennes en de ogen.

Kenmerken Boorkevers worden 2 tot 20 millimeter lang en hebben een langgerekt cilindrisch en licht afgeplat lichaam en ovale ogen. De kop is iets naar voren gestrekt. Bij de onderfamilies Lyctinae en Polycaoninae is deze onbedekt, en bij de Dinoderinae en Bostrichinae bedekt door het halsschild. Sommige soorten hebben een dekschild dat niet het hele achterlijf bedekt.

De antennes hebben 9 tot 11 geledingen, waarbij de laatste twee of drie in de vorm van een knots verdikt zijn. Zowel het mannetje als het vrouwtje hebben op alle poten een tarsus met vijf geledingen. De tarsus is lang en wordt bij sommige soorten deels door de tibia overlapt.

Levenswijze Boorkevers danken hun naam aan het feit dat ze gangen in hout boren. Sommige soorten zijn behoorlijk schadelijk, omdat ze naast hout ook zaden en graan eten. Enkele boorkevers, zoals de kleine graanboorder (Rhyzopertha dominica) kunnen 60 jaar oud worden.

Indeling Onderfamilie Dysidinae Lesne, 1921 Onderfamilie Polycaoninae Lesne, 1896 Onderfamilie Bostrichinae Latreille, 1802 Tribus Apatini Billberg, 1820 Tribus Bostrichini Latreille, 1802 Tribus Dinapatini Lesne, 1910 Tribus Sinoxylini Marseul, 1857 Tribus Xyloperthini Lesne, 1921 Onderfamilie Psoinae Blanchard, 1851 Onderfamilie Dinoderinae Thomson, 1863 Onderfamilie Lyctinae Billberg, 1820 Tribus Lyctini Billberg, 1820 Tribus Trogoxylini Lesne, 1921 Onderfamilie Euderiinae Lesne, 1934