Klimmateriaal is een verzamelnaam voor materiaal wat boulderaars, klimmers en alpinisten gebruiken om zich te zekeren of om hun doel te bereiken.
Er zijn honderden verschillende klimhulpstukken, deze lijst heeft dan ook niet de intentie om alle gebruikte klimmaterialen weer te geven, alleen de bijzonderste zijn vermeld.
Classificatie/gebruik Bestand:IC Boulder.jpg – Gebruik bij boulderen Bestand:IC Indoor.jpg – Gebruik bij indoorklimmen Bestand:IC Outdoor.jpg – Gebruik bij outdoorklimmen Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg – Gebruik in het hooggebergte, in sneeuw en ijs.
Abseilacht Bestand:IC Indoor.jpg Bestand:IC Outdoor.jpg Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg thumb|150px|Abseilacht Een abseilacht, ook gewoon een acht genoemd, is in wezen een afdaalapparaat maar kan ook gebruikt worden als zekeringsapparaat. Het dankt zijn naam aan zijn achtvorm. De werking geschiedt door het bij wrijving afremmen van het touw, de impact is duidelijk zichtbaar op de foto, een deel van het verfmateriaal is bij enkele weken gebruik door het touw weggeslepen. Het metaal kan wegslijten bij intensief gebruik, maar zelfs bij het halfdoorslijten van een acht kan hij nog gebruikt worden.
Omdat een acht een veel geringere remwerking heeft dan andere zekeringsapparaten, wordt zekeren met een acht niet meer als een veilige methode gezien.Harald Swen, Aanbeveling voor veilig zekeren bij het sportklimmen, NKBV-academie, 2016. Gearchiveerd op 12 september 2018.
Ook in canyoning is de acht achterhaald en vervangen door de pirana, omdat wanneer het touw bij het rapellen (afdalen) over de grote O overschuift, men in een ankersteek blokkeert en bijgevolg blijft hangen, wat in een waterval tot groot gevaar of verdrinking kan leiden. Met het juiste gebruik van de acht kan het "in de ankersteek schieten" voorkomen worden. Dit is in combinatie met het speed-rope inbinden net zo makkelijk en veilig als bijvoorbeeld de pirana.
Bandlus Bestand:IC Indoor.jpg Bestand:IC Outdoor.jpg Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg thumb|150px|Bandlussen Een bandlus (Duits: Bandschlinge) is een speciaal gemaakte lus van bandmateriaal. Ze worden veelzijdig toegepast, bijvoorbeeld als snel te plaatsen zekeringspunt rond een rotsblok, als verlenging van een zekeringspunt, of als hulpmateriaal voor het maken van een 'krachtendriekhoek' bij maken van standplaats of tussenzekering. Het platte materiaal heeft als voordeel ten opzichte van koord dat het beter bestand is tegen rotsranden, en eventueel ook makkelijker door een rotsspleet te werken is. Het feit dat het al een gesloten lus is geeft het juist z'n toepassingsmogelijkheden.
De betrouwbaarheid is letterlijk van levensbelang. Ze mogen dan ook alleen door speciale producenten gemaakt worden en moeten voldoen aan keuringseisen. De geteste breeksterkte is typisch zo'n 22 kN. Dit hangt zowel af van het gebruikte materiaal, als ook minstens zo belangrijk: van het dichtnaaien. Het volstaat niet om zelf wat te knutselen met een naaimachine.
De pioniers maakten gebruik van zelf geknoopte lussen, waarvoor zij het bandmateriaal per meter kochten en vervolgens op de gewenste lengte knoopten met een bandknoop. Deze knoop kan zich echter loswerken en is daardoor levensgevaarlijk. Sinds het bestaan van de kant en klare en sterktegenormeerde producten worden geknoopte lussen binnen het sportklimmen niet meer erkend als betrouwbaar en sterk afgeraden. In het alpiene klimmen kan men ze nog wel tegenkomen als abseilpunt vanwege bijvoorbeeld de extra benodigde lengte rond een rotsblok.
Bandlussen worden verkocht in diverse soorten en maten. Een overzicht: Materiaal: Oorspronkelijk werd nylon gebruikt. Tegenwoordig is dit steeds vaker Dyneema. Dit materiaal is sterker bij minder gebruikt materiaal, en is daardoor lichter en kompakter. De breedte van is daardoor afgenomen van zo'n 2 cm vroeger tot ongeveer een halve cm nu. Het is minder elastisch, wat zowel een voor- als nadeel kan zijn. Het is ook duurder. Lengte: De gebruikelijke standaardlengtes zijn 60 en 120 cm. Dit is eigenlijk de 'platte' lengte van de lus, de volledige omtrek is het dubbele. Deze lengtes zijn handig gebleken voor gebruik, maar ook om ze tussentijds om de schouders te kunnen slaan, respectievelijk enkel en dubbel. Kleur: Vroeger werd het bandmateriaal voorzien van lijnen langs de lengte als sterktecodering. Iedere lijn stelde een waarde voor van 5 kN (ongeveer 500 kilogram gewicht). Een band met 3 lijnen heeft dus een minimale sterkte van 15 kN. Een knoop veroorzaakt echter een verzwakking van ongeveer 50%, zodat er ruwweg 7,5 kN effectieve sterkte overblijft voor de band, en 15 kN voor de geknoopte lus. Momenteel dragen gecertificeerde bandlussen een CE-markering die een sterkte van 22 kN waarborgt. De kleuren van dienen nog slechts ter herkenning van maat en merk.
Crash pad Bestand:IC Boulder.jpg thumb|150px|Gebruik van bouldermat Een crash pad, ook bouldermat genoemd, is een kleine, draagbare valmat uit hoogwaardig schuim dat wordt gebruikt tijdens het boulderen. Crash pads zijn meestal zo ontworpen dat ze op de rug te dragen zijn, iets wat gezien hun omvang (gemiddelde oppervlakte 1,5 m²) niet onhandig is. Het gebruik van een crash pad maakt een spotter (iemand die de val breekt) niet onnodig, de klimmer zou immers naast de mat kunnen vallen.
Klemveerapparaten Bestand:IC Outdoor.jpg Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg thumb|150px|Enkele friends Een klemveerapparaat of klemveeranker is een toestel met doorgaans vier nokken bevestigd op 1 of 2 assen aan een staalkabel. Het wordt gebruikt als (tussen)zekering op onbehaakte routes. Met behulp van een handgreep worden via kabeltjes de nokken samengetrokken, waarna het toestel in een spleet kan worden gestoken. Door de handgreep los te laten zorgen veren ervoor dat de nokken uitzetten en zich vastklemmen in de spleet. Wanneer het apparaat belast wordt door het gewicht van een (vallende) klimmer, is de constructie zodanig dat de nokken juist verder uitzetten en vaster in de spleet geklemd worden. Het is een veilig zekeringsmiddel gebleken, mits het goed in de rots geplaatst wordt.
De apparaten hebben ieder een toepasbaar bereik, zodat voor een klimroute met diverse spleetbreedtes men diverse maten zal moeten meenemen, eventueel in meerdere exemplaren. Plaatsing vraagt inzicht en zorgvuldigheid. Plaatsing op een slechte manier kan gevaarlijk zijn. Plaatsing in een te smalle spleet kan tot gevolg hebben dat het apparaat niet meer te verwijderen is.
Het is in de moderne klimsport een geliefd zekeringsmiddel, veilig bij goed gebruik, snel te plaatsen en ook weer te verwijderen. Wel zijn ze vrij kostbaar, zodat het onderweg achterlaten om wat voor reden dan ook een financiële aderlating vormt.
Binnen de klemveerapparaten wordt volgende onderverdeling gemaakt: Friends: Een verzamelnaam die stamt van het oorspronkelijke model. Dit had in plaats van een kabel nog een stijve metalen staaf die kon breken over een rotsrand. Tegenwoordige modellen hebben een kabel. Er bestaat een heel skala van merken en modellen op basis van dit principe. Camalots: Een specifiek model gepatenteerd door het merk Black Diamond. Ze zijn voorzien van twee assen die het apparaat een grotere reikwijdte geven en ook de sterkte van het toestel doen toenemen. Nieuwere generaties van het model zijn steeds lichter geworden. Ze worden beschouwd als het meest universeel toepasbaar en zijn daardoor geliefd. Hun kostprijs is echter relatief hoog.
GriGri Bestand:IC Indoor.jpg Bestand:IC Outdoor.jpg thumb|150px|GriGri
Een GriGri is een door Petzl gepatenteerd halfautomatisch zekeringsapparaat. Een interne kam waar het touw rond loopt kantelt bij een plotselinge belasting (dit principe vindt men ook terug bij autogordels) en knelt aldus het touw af, wat ervoor zorgt dat het geblokkeerd wordt. Door middel van een hendel kan de GriGri weer gedeblokkeerd worden. Door deze simpele werking wordt de GriGri ook weleens gebruikt als afdaalapparaat, maar dit valt onder oneigenlijk gebruik.
De GriGri was in 1991 het eerste apparaat in zijn soort, inmiddels hebben ook andere fabrikanten dergelijke zekerapparaten in hun assortiment: de Eddy van Edelrid, de Camp van Matik en de Cinch van fabrikant Trango. De GriGri is enkele keren verbeterd, versie 2 is ongeveer een kwart kleiner en lichter dan zijn voorganger, de GriGri+ (versie 3) biedt onder andere een antipaniekfunctie.
Onder indoorklimmers is de GriGri een geliefd apparaat, doordat de zekeraar tijdens blocks (waarbij de klimmer gedurende enige tijd aan het touw hangt) het touw niet voortdurend stevig vast hoeft te houden. Omdat het slechts een halfautomaat is, moet het touw te allen tijde wel vast gehouden worden.
Haak Bestand:IC Outdoor.jpg Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg thumb|150px|Enkele klimhaken Eigenlijk geen haak, maar een oog aan stalen pen in de rots als zekeringspunt. Vroeger waren dit zogenaamde 'pitons' van divers model die in een spleet werden geslagen en vaak weer verwijderd. Tegenwoordig worden vaste klimroutes uitgerust met roestvrijstalen haken waarvoor gaten worden geboord, waarna de haken daarin worden bevestigd met lijm of een expansiebout.
In plaats van vaste haken wordt mobiel zekeringsmateriaal gebruikt, zoals 'nuts' (klemblokjes) en 'cams' (klemapparaten met nokken).
Helm Bestand:IC Outdoor.jpg Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg thumb|150px|Klimhelmen Een klimhelm is een onmisbare hoofdbescherming bij zowel het rots- als het ijsklimmen. Veel klimmers vinden een helm helaas overbodig, lastig of niet modieus genoeg. Het risico van kleine steenval, materiaalverlies van bovenklimmende klimmers en stoten van het hoofd bij een val of beweging van het hoofd is echter niet gering en de gevolgen zijn veelal ernstig.
IJsbijl Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg Bestand:IC Outdoor.jpg thumb|150px|IJsbijl
Een ijsbijl is een soort verkorte pickel voor de voortbeweging. Oorspronkelijk is de ijsbijl ontwikkeld voor ijs, maar het wordt tegenwoordig ook gebruikt voor drytoolen, ijsklimmen op een houten wand. Een ijsbijl heeft meestal een stevige polslus. De doorn is vaak vervaardigd van hoogwaardig staal en dient onder meer om zich in het ijs vast te kloppen. De steel van een ijsbijl vertoont een sterkere kromming dan die van een pikkel, hierdoor wordt het plaatsen van de doorn makkelijker en de handen van de klimmer komen minder in het gedrang bij het slaan. Een ijsbijl kan ook worden gebruikt om in spleten te verklemmen.
IJsschroef Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg thumb|150px|IJsboor of ijsvijs Een ijsschroef is een grote schroef die het mogelijk maakt om een zekeringspunt aan een ijswand te bevestigen. Tegenwoordig zijn ze hol sinds men ontdekt heeft dat dit bij het inschroeven het ijs veel minder beschadigt, doordat het ijs niet verdrongen wordt en versplintert, maar uitgeboord. Dit maakt het ook mogelijk met een lange ijsschroef 2 gaten schuin naar elkaar toe te boren waar men vervolgens een koordje doorheen kan knopen als zekerings- of abseilpunt.
Er zit een oog aan groot genoeg om een karabiner doorheen te halen. Aan het oog kan een draaiknopje zijn bevestigd dat indraaien sterk vergemakkelijkt.
De lengte kan variëren van zo'n 13 tot 22 cm. Deze moet zodanig zijn dat men ten minste met zijn gewicht aan het ijs kan hangen, nog groter als men ook een eventuele voorklimval voorziet aan touw dat via de ijsschroef loopt. De toepasbare lengte is echter ook afhankelijk van de dikte van het ijs. De uiteindelijke belastbaarheid van de schroef nog eens van de kwaliteit van het ijs.
Het materiaal is tegenwoordig meestal roestvrij staal, waardoor de schroeven vrij zwaar kunnen zijn. In het verleden is ook wel titanium gebruikt wat een enorme gewichtsvermindering gaf, maar veelal waren deze van dubieuze (Russische) herkomst. Tegenwoordig worden ook wel lichtere mengvormen van aluminium en roestvrij staal gebruikt.
Klimgordel Bestand:IC Indoor.jpg Bestand:IC Outdoor.jpg Bestand:ICOON MOUNTAIN40.jpg thumb|150px|Klimgordel