thumb|250px|Het zegel van Seattle werd aangenomen in 1937. In het midden staat het hoofd van opperhoofd Seattle De geschiedenis van Seattle gaat terug tot 1851 toen de stad officieel werd gesticht door de Denny Party, maar het gebied werd hiervoor ook al bewoond door de indianen. Sindsdien hebben er aardbevingen, een goldrush, crisissen, een wereldtentoonstelling en een veldslag plaatsgevonden. Seattle is sinds de stichting ook flink gegroeid door zijn gunstige ligging aan de Puget Sound en de Elliott Bay. Tegenwoordig heeft Seattle meer dan 600.000 inwoners.

Vroege geschiedenis thumb|Grens van het landijs in het Weichselien; ten noorden van de zwarte lijn lag toen het landijs. De rode stip geeft de ligging van het huidige Seattle aan De grond waarop Seattle ligt bestond 50 miljoen jaar geleden nog niet. De westkust van de huidige staat Washington kwam steeds verder naar het westen te liggen. Deze nieuwe grond was de lava en het as van vulkanenaanuitbarstingen. Hiernaast kwam de kust ook steeds westelijker te liggen doordat er nieuwe terreinen zich aan Noord-Amerika aansloten. Tussen 14 miljoen jaar en 7 miljoen jaar geleden was er veel vulkanische activiteit en kwam er veel nieuw land bij. Vijf miljoen jaar geleden was het gebied rond Seattle geheel land.

Het landschap van Seattle is vooral gevormd tussen 18.000 en 13.000 jaar geleden, tijdens de laatste ijstijden. Zowel in de op een na laatste (Saalien) als in de laatste (Weichselien) ijstijd bereikte het landijs Seattle. De grens, waar het landijs eindigde, lag meestal iets minder dan honderd kilometer van de stad af. In de omgeving van Seattle werden veel stenen en grind gedropt. Na de ijstijden smolt het ijs en door erosie veranderde het landschap nog meer. Doordat Seattle onder het ijs lag tijdens de ijstijden is het gebied redelijk vlak.

Indianen thumb|Voorwerpen van de Duwamish (volk), gevonden bij de Duwamish (rivier) thumb|Een mand van de Duwamish Voordat de Europeanen Seattle stichtten, woonden er in de omgeving indianen. Er zijn plekken bekend die al meer dan 4.000 jaar worden bewoond.

Pka'dzELteu De nederzetting Pka'dzELteu (ook gespeld als Pka'dz Elue, Oka-dz-elt-cu, Per-co-dus-chule en Pka-dzEltcu) werd minstens 4.000 jaar geleden gesticht en lag bij het huidige West Point. Vanaf de stichting tot 3500 jaar geleden aten de bewoners vooral dieren, planten, vis en schelpdieren, maar later begonnen de bewoners zich steeds meer met zalm te voeden. Ook leerden de bewoners van Pka'dzELteu 3.000 jaar geleden om de schelpdieren te drogen, zodat ze langer konden worden bewaard. In de nederzetting werd ook gehandeld met onder andere Brits-Columbia en Oregon. Pka'dzELteu werd niet permanent bewoond.

Op de plaats van de nederzetting is ook oud gereedschap gevonden.

dzee-dzee-LAH-letch In de nederzetting dzee-dzee-LAH-letch leefden de Duwamish en het lag bij het huidige King Street Station. Dzee-dzee-LAH-letch lag aan een pad dat van de Elliott Bay naar een bijgelegen lagune liep. In de nederzetting stonden acht langhuizen met een lengte van 37 meter en een breedte van 18 meter. Ook stond er een gebouw, waarin potlatches werden gehouden. Rond 1800 was dzee-dzee-LAH-letch een van de belangrijkste nederzettingen van de omgeving en telde toen ongeveer 200 inwoners. De bewoners van de nederzetting aten vooral lokale bessen en vis.

tohl-AHL-too De nederzetting tohl-AHL-too (later hah-AH-poos) is meer dan 1.400 jaar geleden gesticht aan de westelijke oever van de Duwamish. In de nederzetting leefden mensen behorend tot de Duwamish en er stonden zeven langhuizen. Ook stond er een gebouw van 109 bij 18 meter, waarin potlatches werden gehouden. De bewoners van de nederzetting leefden vermoedelijk van zalm en andere vissen.

Overige nederzettingen Naast deze belangrijke nederzettingen hadden de Duwamish ook kleinere nederzettingen in het grondgebied van het huidige Seattle. Dit waren: De nederzetting SWAH-tsoo-gweel lag aan de Union Bay. In deze nederzetting stonden vijf langhuizen. De nederzetting hehs-KWEE-kweel lag bij het huidige Edgewater Park. Er stonden langhuizen, die misschien voor potlatches werden gebruikt. De nederzetting TLEHLS lag bij de Wolf Bay en er stond één langhuis. De nederzetting too-HOO-beed lag iets ten noorden van de monding van Thornton Creek. De nederzetting shill-SHOHL lag aan de noordoever van de Salmon Bay en werd vernield tijdens de aanleg van de Chittenden Locks aan het begin van de 20e eeuw. De nederzetting too-PAHLH-tehb lag bij de monding van het meest oostelijke estuarium van de Duwamish. De nederzetting yee-LEH-khood lag aan de westelijke oever van deze Duwamish. De nederzetting too-KWHEHL-teed lag aan de noordkant van het huidige Boeing Field.

Ook lagen er kleine nederzettingen in het huidige Rainier Beach, aan de Wetmore Slough en in het huidige Leschi Park.

Expedities thumb|George Vancouver De omgeving van het huidige Seattle werd als eerst bezocht door George Vancouver en zijn scheepslieden in mei 1792 tijdens een 4,5 jaar durende expeditie. Vancouver besloot toen zijn schip te ankeren tussen Bainbridge Island en Blake Island. Hij stuurde Peter Puget en Joseph Whidbey om het gebied gedetailleerd te verkennen. Puget en Whidbey begonnen hiermee op 20 mei 1792. Puget zat in een barkas, die werd getrokken door een kotter, waarin Whidbey zat. Puget en Whidbey gaven veel landschapselementen een naam, waaronder de Puget Sound en Mount Rainier. Zij maakten ook contact met de lokale bewoners. Vancouver was niet erg geïnteresseerd in het gebied, omdat hij zocht naar een watergang, die van de Grote Oceaan naar de Atlantische Oceaan liep.

Lange tijd waren de wateren rond Seattle rustig tot de bouw van Fort Nisqually in april 1833 bij het huidige DuPont. Na de bouw van dit fort voeren er regelmatig schepen langs Seattle. Op 11 mei 1841 ankerde Charles Wilkes in het zuidelijke deel van de Puget Sound zijn schepen, Vincennes en Porpoise. Zijn bemanningsleden kregen de opdracht om het gebied in kaart te brengen en de landschapselementen namen te geven. Onder andere de Elliott Bay kreeg tijdens deze expeditie zijn naam.

Naast Vancouver en Wilkes probeerde ook Isaac Ebey het gebied in kaart te brengen. Hij werd rondgevaren in een kano door indianen en gaf net als de andere twee ontdekkinsreizigers landschapselementen namen. Deze namen werden echter niet allemaal behouden. Zo gaf hij een meer de naam "Lake Geneva", maar dit meer staat nu bekend als Lake Washington. Ook John Holgate verkende de Puget Sound met een kano. Hij vertrok net als Ebey vanaf Olympia en ontdekte onder andere de Duwamish. Holgate overwoog om zich te vestigen aan deze rivier, maar besloot dit uiteindelijk niet te doen.

Stichting Denny Party Seattle is officieel gesticht op 15 februari 1852, doordat drie families bij het huidige Pioneer Square stukken land claimden en hier gingen wonen. Deze drie families waren onderdeel van de Denny Party.

Op 10 april 1851 vertrokken 15 mensen onder leiding van Arthur Denny vanuit Cherry Grove met vier karren. Ze volgden de Oregon Trail, die naar Willamette Valley liep. In de huidige staat Idaho ontmoette de Denny Party John Low en zijn familie. Uiteindelijk sloten Low en zijn familie zich aan bij de Denny Party. Toen ze bij Burnt River aankwamen, ontmoetten ze een man tegen genaamd Brock. Hij vertelde over hoe het gebied rond de Puget Sound was. Op 22 augustus 1851 kwamen ze aan in Portland.

Arthur Denny dacht aan het verhaal van Brock over de Puget Sound en besloot dat hij zich daar wilde vestigen. Uiteindelijk vertrokken John Low en David Denny op 25 september 1851 naar de Puget Sound om het gebied te verkennen. Toen ze bij Olympia aankwamen kwam Lee Terry bij de groep. De drie gingen met kapitein Robert C. Fay met een boot de Puget Sound verkennen. Ze bouwden op 25 september 1851 een kamp bij de uitmonding van Duwamish en ontmoetten in een nabijgelegen nederzetting van de indianen hun opperhoofd Seattle. Ook kwamen ze de Collins Party tegen, die zich al eerder aan de Duwamish had gevestigd. Op 28 september 1851 claimden de families Low en Terry stukken land bij Alki Point.

Na het claimen van deze stukken land begonnen David Denny en Lee Terry een hut te bouwen, terwijl John Low terugging naar Portland om de rest van de Denny Party te halen. John Low zeilde met de andere 21 leden van de Denny Party met de schoener Exact naar Alki Point. Ze kwamen daar aan op 13 november 1851 en troffen daar de hut aan, die toen nog niet af was, en David Denny, die toen ziek was. Lee Terry was op dat moment weg om gereedschap te zoeken. Op 9 december 1851 begon de Denny Party te handelen met bedrijven uit San Francisco met de stoomboot Leonesa.

De leden van Denny Party vonden Alki Point een redelijk goede haven, omdat het makkelijk bereikbaar was voor schepen, maar bij Alki Point waaide het soms heel hard. Mede hierom besloten de families Denny, Bell en Boren een andere plek te zoeken. Ze zochten het laagste punt en die vonden ze aan de oostelijke kust van Elliott Bay. De drie families claimden op 15 februari 1852 daar stukken grond bij het huidige Pioneer Square en noemden de nederzetting "Duwamps" naar de Duwamish. Dit wordt gezien als de stichting van het huidige Seattle, aangezien uit deze nederzetting de stad Seattle is uitgegroeid. De families Terry en Low bleven achter bij Alki Point en kregen zware tijden. De bewoners van de nederzetting bij Alki Point noemden hun nederzetting "New York", omdat Charles en Lee Terry daar waren geboren. In de zomer van 1852 werd op suggestie van David Maynard, een vriend van opperhoofd Seattle, de naam "Duwamps" in "Seattle" veranderd. Maynard was op 31 maart 1852 naar Alki Point gekomen met een kano. Deze kano werd bestuurd door Chief Seattle. Op 22 augustus gaf bisschop Modeste Demers de eerste christelijke ceremonie in Seattle. Hij deed dit op uitnodiging van Arthur Denny ondanks dat er in de nederzetting geen gelovigen woonden. Een maand later op 12 oktober 1852 werd het eerste postkantoor van Seattle geopend. Arthur Denny was van dit postkantoor de eerste postmeester. King County werd op 22 december van dat jaar gesticht en had Seattle als hoofdplaats. De eerste leiders van de county waren Arthur Dennis en Luther Collins.

In 1853 vertrok de familie Low naar Olympia en even later vertrok Lee Terry terug naar New York. Charles Terry had spijt van zijn beslissing om bij Alki Point te blijven en begon te handelen met Doc Maynard. Terry verkocht uiteindelijk zijn grond aan Doc Maynard en kocht land van de familie Boren. Hij werd later een van de rijkste mensen van Seattle.

Collins Party Eerder dan de Denny Party stichtte de Collins Party een nederzetting in het huidige grondgebied van Seattle aan de Duwamish.

In juni 1851 werd een klein goudzoekersbedrijf in Californië opgeheven. Bij dit bedrijf werkte onder andere Luther Collins. Hij had grond aan de Puget Sound en wilde daarheen gaan. De meesten van zijn andere collega's wilden naar hun familie terug, maar hij overtuigde een aantal collega's om met hem mee te gaan. Onder deze collega's vielen Henry van Asselt, Jacob Maple en zijn zoon Samule Maple, John Thornton, Charles Hendricks en mr. Balland. Van Asselt vertelde Collins dat hij in een al bevolkt gebied wilde wonen. Collins had een gebied in gedachten en in september van dat jaar vertrokken ze. Alleen Samuel Maple vertrok uiteindelijk niet door een snee in zijn voet. Onderweg kwamen ze langs een gebied dat Van Asselt zo mooi vond, dat hij er wilde wonen als er ook een ander lid van de Collins Party zou gaan wonen. Collins wilde ook wel in dat gebied wonen, maar hij wilde eerst zijn grond verkopen. Op Vashon Island verkocht Collins zijn grond uiteindelijk aan Balland.